Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2017:3012

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
09-03-2017
Datum publicatie
09-05-2017
Zaaknummer
13/654243-13, 23/002945-14
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

verlenging maatrege TBS met twee jaren

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Parketnummer: 13/654243-13, 23/002945-14

BESCHIKKING

op de op 20 januari 2017 ter griffie van deze rechtbank ingekomen vordering van de officier van justitie in het arrondissement Amsterdam van 20 januari 2017 in de zaak tegen:

[terbeschikkinggestelde] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1975,

thans verpleegd in [naam instelling] te [plaats] ,

die bij arrest van het gerechtshof Amsterdam van 10 februari 2015 ter beschikking gesteld werd, teneinde van overheidswege te worden verpleegd.

De inhoud van de vordering

De vordering van de officier van justitie strekt tot het verlengen van de termijn van genoemde terbeschikkingstelling met 2 (twee) jaren.

De procesgang

De rechtbank heeft kennis genomen van de stukken in de zaak met bovenvermeld parketnummer, waaronder:

- het op 5 december 2016 op grond van artikel 509o, tweede lid van het Wetboek van Strafvordering uitgebrachte advies, strekkende tot verlenging van deze terbeschikkingstelling met twee jaren, alsmede de daarbij overgelegde aantekeningen.

De rechtbank heeft op 9 maart 2017 de officier van justitie mr. J. Ang, de terbeschikkinggestelde en diens raadsman mr. T.H.L. Kneepkens, advocaat te Amsterdam, alsmede de deskundigen [psycholoog] (psycholoog) en [psychiater] (psychiater), in openbare raadkamer gehoord. Hiervan is afzonderlijk proces-verbaal opgemaakt.

De beoordeling

Aan genoemd advies van [naam instelling] van 5 december 2016 wordt het volgende ontleend, zakelijk weergegeven:

Kernproblematiek

Betrokkene ontwikkelde rond de leeftijd van 23 jaar psychiatrische klachten en werd later gediagnosticeerd met schizofrenie van het paranoïde type. Psychotische klachten uiten zich in visuele en tactiele hallucinaties, angst, sterke achterdocht en zich bedreigd voelen. Daarnaast is er sprake van negatieve symptomen: vlakke mimiek en initiatiefloosheid. Betrokkene heeft in 2013 in een psychose een hem onbekende man met een stanleymes in het gezicht gesneden vanuit de paranoïde waan dat deze man het op hem had gemunt. Begin 2016 is duidelijk geworden dat betrokkene onderliggend nog altijd wanen had. Hij is sinds april 2016 ingesteld op Clozapine en sindsdien is de psychose in remissie.

Betrokkene is bekend met een verslaving aan alcohol, cannabis, cocaïne en xtc.

Behandelverloop huidige FPK

Betrokkene is vrij spoedig geassimileerd in de kliniek, waarbij hij geen actief of verbaal verzet toonde rond de hem opgelegde tbs-maatregel. Betrokkene heeft zich goed gevoegd in de dagelijkse gang van zaken en deed al snel mee met de kookbeurten en schoonmaak-corveediensten. Hij stelde (en stelt) zich sociaal op jegens de medecliënten, biedt hulp en is belangstellend. Daarnaast houdt betrokkene er een betrekkelijk solitaire leefstijl op na.

Betrokkene neemt deel aan de voor hem geïndiceerde behandelingsmodules en is optimaal aanwezig en geïnteresseerd. Ook doet hij verschillende blokken van werkprojecten binnen de kliniek. Betrokkene is gestart met een delict-scenarioprocedure die specifiek gericht is op het voorkomen van recidive op grond van de factoren die ook bij het indexdelict een rol hebben gespeeld. Ook zal aandacht worden besteed aan de verslavingsproblematiek middels een herhaling van een Libermantraining en Neurofeedback (staat hiervoor op de wachtlijst). Betrokkene werkt aan zijn frustratietolerantie middels psychomotore therapie, hetgeen een positief effect op hem lijkt te hebben. Sinds de verandering van medicatie is geleidelijk remissie van de psychose opgetreden. Vanaf eind maart 2016 is hij begonnen met het opbouwen van verlof.

Recidiverisico

De periode van psychiatrische stabiliteit is thans nog maar (relatief) kort te nomen, en er is nog onvoldoende zicht op hoe betrokkene zich op eigen kracht staande zal weten te houden buiten de structuur en veiligheid van de kliniek, omdat hij dit nog niet heeft kunnen uitproberen in het kader van onbegeleid verlof. Als risicofactor wordt ten eerste aangemerkt dat nu nog sprake is van onvoldoende mate van maatschappelijke inbedding van betrokkene. Verwerving daarvan kost (veel) tijd, en betekent in de regel een periode van onzekerheid, succes en tegenslag. De (langdurige) spanningen die dit kan brengen betekenen voor betrokkene, in combinatie met kwetsbaarheden in zijn persoonlijkheid een risico op terugval in de oude levensstijl van druggebruik.

Koers en prognose

Voor de lange termijn wordt koers gezet naar de ingeschatte maximaal te bereiken zelfstandigheid voor betrokkene. Betrokkene zal bij voorkeur via een HAT-eenheid van [naam instelling] uitstromen naar een RIBW buiten de stad met begeleiding door een forensisch ACT of FACT team. Idealiter verricht hij betaald werk in bijvoorbeeld de catering. Vooralsnog verloopt de behandeling van betrokkene in een relatief vlot tempo. Dit is voor een belangrijk deel te danken aan de inzet en motivatie van betrokkene zelf. Indien deze trend zich voortzet, zal er waarschijnlijk binnen één tot twee jaar kunnen worden toegewerkt naar transmuraal verlof.

Advies

Geadviseerd wordt de tbs-maatregel met dwangverpleging te verlengen voor een periode van twee jaar.

De deskundigen hebben dit advies ter zitting bevestigd en daar waar nodig aangevuld.

Gelet op voormeld advies, het verhandelde in raadkamer en artikel 38d van het Wetboek van Strafrecht, is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen eist dat de termijn van de terbeschikkingstelling met 2 (twee) jaren wordt verlengd.

Beslissing

De rechtbank wijst de vordering van de officier van justitie toe en verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling van [terbeschikkinggestelde] voornoemd met 2 (twee) jaren.

Deze beschikking is gegeven in openbare raadkamer van deze rechtbank door

mr. W.M.C. van den Berg, voorzitter,

mrs. M.E. Leijten en M.A.E. Somsen, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. E. Bouwhuis, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 9 maart 2017.