Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2017:1561

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
24-02-2017
Datum publicatie
23-03-2017
Zaaknummer
13/703309-15
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Bezwaarschrift omzetting taakstraf gegrond verklaard.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Parketnummer: 13/703309-15

BESLISSING

op het d.d. 23 januari 2017 op de griffie van deze rechtbank ingediende bezwaarschrift ex artikel 22g, lid 3 van het Wetboek van Strafrecht van:

[veroordeelde] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971,

ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres [adres] , [plaats] .

1 Inleiding

Op 2 juni 2016 is [veroordeelde] door de meervoudige strafkamer te Amsterdam veroordeeld tot het verrichten van een taakstraf. Deze taakstraf bestaat uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van tachtig (80) uren. De meervoudige strafkamer heeft bevolen dat voor het geval de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van veertig (40) dagen. Daarnaast heeft de meervoudige strafkamer bij voornoemd vonnis de vordering tot tenuitvoerlegging van een eerder voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf van één (1) maand toegewezen en in plaats daarvan gelast een taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van zestig (60) uren, met bevel dat voor het geval veroordeelde de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van dertig (30) dagen.

Het Openbaar Ministerie heeft op 1 december 2016 de tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis bevolen en hiervan aan [veroordeelde] kennis gegeven. De kennisgeving van dit bevel tot tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis is op 30 december 2016 aan [veroordeelde] betekend.

2 Inhoud van het bezwaarschrift

Het bezwaarschrift richt zich tegen het door het Openbaar Ministerie gegeven bevel tot tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis en strekt tot ongedaanmaking daarvan. Een kopie van het bezwaarschrift is aan deze beschikking gehecht. De inhoud van het bezwaarschrift geldt als hier ingevoegd.

3 Procesgang

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken in de zaak onder bovenvermeld parketnummer, waaronder:

  • -

    voormeld vonnis;

  • -

    een rapport van de Reclassering Nederland d.d. 7 november 2016, waarin de werkstraf als mislukt aan het Openbaar Ministerie wordt geretourneerd en waaruit blijkt dat [veroordeelde] 0 van de 140 uur heeft gewerkt;

  • -

    voormelde kennisgeving van het bevel tot tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis;

  • -

    voormeld bezwaarschrift van [veroordeelde] .

De rechtbank heeft op 24 februari 2017 ter openbare terechtzitting gehoord de officier van justitie, mr. S.M. van der Veen, veroordeelde [veroordeelde] en diens raadsvrouw,
mr. F. Bogaerts, advocaat te Amsterdam.

[veroordeelde] heeft ter terechtzitting verklaard dat hij door een samenloop van omstandigheden de werkstraf niet heeft uitgevoerd. Zo zat hij psychisch in een dip, moet hij dagelijks medicijnen nemen en heeft hij geen geld voor vervoer naar het werkstrafproject. Inmiddels gaat het beter met hem en is hij gemotiveerd om alsnog de werkstraf uit te voeren.

De raadsvrouw van [veroordeelde] heeft ter terechtzitting aangevoerd dat er zwaarwegende belangen zijn om de taakstraf niet om te zetten in hechtenis. [veroordeelde] is medicatietrouw, hij heeft dagbesteding, zorg en begeleiding, een uitkering en er zijn geen contacten meer geweest met politie en/of justitie. Door een detentie van 70 dagen zou dit alles worden doorkruist. Dit is onwenselijk en daarom moet [veroordeelde] een tweede kans krijgen om de werkstraf uit te voeren, aldus de raadsvrouw.

De officier van justitie heeft ter terechtzitting gevorderd, gelet op voornoemde persoonlijke belangen, het bezwaarschrift gegrond te verklaren.

4 Beoordeling

Het bezwaarschrift is ontvankelijk.

Op grond van de hierboven genoemde stukken en de behandeling ter openbare terechtzitting is de rechtbank van oordeel dat, hoewel [veroordeelde] niet met de bij bovengenoemd vonnis opgelegde taakstraf is aangevangen, aannemelijk geworden is dat hij alsnog de opgelegde taakstraf naar behoren zal verrichten binnen de daarvoor bepaalde termijn. Gelet op de hiervoor genoemde persoonlijke belangen is de rechtbank van oordeel dat aan [veroordeelde] opnieuw een kans moet worden geboden om de taakstraf te verrichten.

Op grond hiervan dient het bezwaarschrift gegrond te worden verklaard met dien verstande dat het bevel tenuitvoerlegging vervangende hechtenis ongedaan gemaakt wordt en dat de veroordeelde zijn bij voornoemd vonnis opgelegde taakstraf kan uitvoeren.

Gezien artikel 22h van het Wetboek van Strafrecht.

5 Beslissing

De rechtbank verklaart het bezwaarschrift gegrond.

De rechtbank bepaalt het aantal uren taakstraf dat moet worden verricht op HONDERDVEERTIG (140) uren.

De rechtbank beveelt dat voor het geval de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van zeventig (70) dagen.

De rechtbank bepaalt dat de taakstraf binnen twaalf (12) maanden moet worden voltooid.

Deze beslissing is genomen door:

mr. M.F. Ferdinandusse, voorzitter,

mrs. F.W. Pieters en J.M. Hoogveld, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. D.C. Wagter, griffier

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 24 februari 2017.

mr. J.M. Hoogveld is buiten staat

deze beslissing mede te ondertekenen.