Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2016:7465

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
11-11-2016
Datum publicatie
17-11-2016
Zaaknummer
13/751505-16
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Rekestprocedure
Inhoudsindicatie

Overlevering, schorsing overleveringsdetentie gelet op arrest Hof van Justitie van de EU

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

BEVEL SCHORSING VAN DE OVERLEVERINGSDETENTIE

Parketnummer: 13.751.505-16

RK nummer: 16/4560

In de zaak van de opgeëiste persoon:

[opgeëiste persoon] ,

geboren te [geboorteplaats] (Litouwen) op [geboortedag] 1974,

zonder vaste woon of verblijfplaats in Nederland,

thans gedetineerd in het [HvB te plaats] ,

ziet de rechtbank aanleiding de schorsing van de overleveringsdetentie van de opgeëiste persoon te bevelen, gelet op het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 10 november 2016 (C-477/16 PPU).

Bijlage: motivering van de beslissing (wordt nagezonden)

BESLISSING:

BEVEELT de schorsing van de overleveringsdetentie van [opgeëiste persoon] voornoemd met ingang van 11 november 2016, doch niet eerder dan nadat hij elk op zijn naam gesteld reisdocument heeft ingeleverd bij de officier van justitie, onder de navolgende voorwaarden:

1. de opgeëiste persoon zal zich niet aan de tenuitvoerlegging van de overleveringsdetentie onttrekken, als het bevel tot schorsing wordt opgeheven;

2. de opgeëiste persoon zal zonder nadere oproeping verschijnen op de uitspraak van deze rechtbank op het overleveringsverzoek;

3. de opgeëiste persoon zal aan iedere oproeping in deze zaak van de kant van justitie of politie gevolg geven;

4. de opgeëiste persoon zal binnen vijf dagen na de schorsing een verblijfadres opgeven aan de officier van justitie en op dat adres verblijven en bereikbaar zijn;

5. de opgeëiste persoon zal de rechtbank en de officier van justitie schriftelijk van iedere adreswijziging op de hoogte stellen;

6. de opgeëiste persoon zal ieder te zijnen naam gesteld reisdocument inleveren bij de officier van justitie;

7. de opgeëiste persoon zal zich eenmaal per week melden op een door de officier van justitie aan te wijzen politiebureau op een door de officier van justitie te bepalen dag en tijdstip;

8. de opgeëiste persoon zal Nederland niet verlaten.

Deze beslissing is genomen op 11 november 2016 door:

mr. H.P. Kijlstra, voorzitter,

mrs. C. Klomp en W.A.J.P. van den Reek, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. Y.M.E. Jurgens, griffier,

en ondertekend door de voorzitter en de griffier.

BIJLAGE bij het bevel schorsing van de overleveringsdetentie, van 11 november 2016, in de zaak van de opgeëiste persoon [opgeëiste persoon]

Motivering van de beslissing:

Op 10 november 2016 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie arrest gewezen op het verzoek van de rechtbank Amsterdam om een prejudiciële beslissing in de zaak van de opgeëiste persoon (C-477/16 PPU).

Gelet op de beantwoording van de prejudiciële vragen, kan het voorliggende EAB dat is uitgevaardigd door het Litouwse Ministerie van Justitie naar verwachting niet tot overlevering van de opgeëiste persoon leiden. De rechtbank ziet daarnaast geen ruimte voor een herstel op korte termijn van dit gebrek.

Om die reden is de rechtbank van oordeel dat, mede gelet op artikel 6 van het Handvest, aanleiding bestaat om tot de zitting van 1 december 2016, waarop de verdere inhoudelijke behandeling van het EAB zal plaatsvinden, de overleveringsdetentie te schorsen.