Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2016:6282

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
06-10-2016
Datum publicatie
07-10-2016
Zaaknummer
C/13/615296 / KG ZA 16-1100 en C/13/615380 kg za 16-1106
Rechtsgebieden
Civiel recht
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Onrechtmatige publicatie; beschuldigingen van zware misdrijven aan het adres van twee mannen, gedaan op een misdaadblog. De belangenafweging valt in het voordeel van de blogger uit. Wel moet hij foto’s van de twee mannen van zijn blog verwijderen en mag hij de volledige namen van de mannen niet noemen. De publicatie van die persoonsgegevens levert een disproportionele inbreuk op hun privacy op.

Wetsverwijzingen
Burgerlijk Wetboek Boek 6
Burgerlijk Wetboek Boek 6 162
Auteurswet
Auteurswet 21
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JBP 2016/90
Onder redactie van mr. M. van der Linden en mr. C.C.M. Kroeks – de Raaij annotatie in IR 2016/183, UDH:IR/13858

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel

Vonnis in kort geding van 6 oktober 2016

in de zaak met zaaknummer / rolnummer:

C/13/615296 / KG ZA 16-1100 CB/EvB van

[eiser 1] ,

domicilie gekozen hebbende te Rotterdam,

eiser bij dagvaarding op verkorte termijn van 15 september 2016,

advocaat mr. I.N. Weski te Rotterdam,

tegen

[gedaagde] ,

wonende te [woonplaats] ,

gedaagde,

advocaat mr. R. van Veen te Utrecht,

en de gezamenlijk behandelde zaak met zaaknummer / rolnummer:

C/13/615380 / KG ZA 16-1106 CB/EvB van

[eiser 2] ,

domicilie gekozen hebbende te Rotterdam,

eiser bij dagvaarding op verkorte termijn van 16 september 2016,

advocaat mr. I.N. Weski te Rotterdam,

tegen

[gedaagde] ,

wonende te [woonplaats] ,

gedaagde,

advocaat mr. R. van Veen te Utrecht.

1 De procedure

Ter terechtzitting van 22 september 2016, waar beide zaken gelijktijdig zijn behandeld, hebben eisers (hierna te noemen: [eiser 1] en [eiser 2] ) gesteld en gevorderd overeenkomstig de in fotokopie aan dit vonnis gehechte dagvaardingen en akten houdende eisvermeerdering. Gedaagde (hierna te noemen: [gedaagde] ) heeft verweer gevoerd met conclusie tot weigering van de gevraagde voorzieningen. Alle partijen hebben producties in het geding gebracht en het woord gevoerd aan de hand van pleitaantekeningen. Na verder debat hebben partijen verzocht vonnis te wijzen.

Ter zitting was namens [eiser 1] en [eiser 2] mr. Weski aanwezig. [gedaagde] was aanwezig met mr. Van Veen.

2 De feiten

2.1.

[gedaagde] houdt op de website vlinderscrime.nl een veelbezochte misdaadblog bij.

2.2.

Op 29 juni 2016 is in de het tijdschrift Panorama een artikel verschenen onder de kop “Wie praat die gaat”, over de getuigen die zijn geliquideerd tijdens het strafrechtelijke onderzoek genaamd “26Koper” naar een Utrechtse liquidatiegroep. In dat artikel is een apart kader gewijd aan de vraag “Wie is [eiser 2] .?” Daarin is het volgende te lezen:

“Boven de zaak 26Koper hangt de schaduw van een aantal gekende figuren uit het criminele milieu. Een van hen is [eiser 2] . uit Vianen. Hij wordt door [naam 1] . genoemd als opdrachtgever van de moord op [naam 2] in 2013 in het Zuid-Spaanse Fuengirola. (…)”

2.3.

Op 5 september 2016 heeft [gedaagde] op vlinderscrime.nl een bericht gepost over de aankomende 26Koper rechtszaak. Daarin staat onder meer een foto van [gedaagde] achter een groot kanon en daarboven de woorden “Heer [eiser 2] ”.

2.4.

Op 9 september 2016 is op internet een artikel in de Telegraaf verschenen van de hand van misdaadverslaggevers John van den Heuvel en Mick van Wely. Daarin staat onder meer het volgende:

“In de rechtbank van Amsterdam dient vandaag een voorbereidende zitting rond de ‘moordservice’ uit Utrecht en omgeving. Negen verdachten die volgens het OM koelbloedig afrekeningen voorbereidden en mogelijk zelfs uitvoerden. Maar de grote vraag is: wie is de leider van dit uitzendbureau van de onderwereld? De gevreesde [eiser 2] ., een man die net als [naam 3] ‘ [alias] ’ wordt genoemd, zou dit moordcommando leiden.

Doodsbang zit de 46-jarige, wat kalende man van Marokkaanse afkomst op 27 juni 2015 in een verhoorkamer van de Landelijke Eenheid van de politie in Driebergen. De man is [naam 1] . (46). Een bekende crimineel uit het Utrechtse milieu. (…) [naam 1] . denkt echter dat (…) hijzelf juist hij het doelwit was. Want hij werd zelf gevolgd in België. Daarom praat hij nu met de politie over de man die hem volgde. ‘Deze negroïde man werkt voor [eiser 2] . Met werken bedoel ik mensen omleggen’. (…)

De kleine man vertelt dan over [eiser 2] ., die opgroeide in een stad in Midden-Nederland. “Die woont half in Nederland, half in Dubai. Dat is de opdrachtgever. Honderd procent.” Met opdrachtgever bedoelt [naam 1] . dat [eiser 2] . de man is die de ‘moordservice’ aanstuurt.

Volgens de man uit Driebergen is [eiser 2] . een levensgevaarlijke, doorgedraaide crimineel die eerder mensen uit de weg liet ruimen. Zo zou hij de opdracht hebben gegeven voor een moord in Spanje op zijn eigen zwager in Fuengirola. Om het verhaal van [naam 1] . te checken informeert de recherche in Spanje. Er blijkt inderdaad een Marokkaan te zijn vermoord op 31 oktober 2013; [naam 4] . En er is een connectie: volgens de liason-officier van de politie in Spanje is het slachtoffer een familielid van [eiser 2] . (…)

De familievete die ten grondslag zou liggen aan deze moord, draait om drugssmokkel vanuit Marokko. [eiser 2] . zou enkele jaren geleden speedboten vol hasj vanuit Marokko naar Spanje hebben gestuurd. Daarbij zou [eiser 2] . vuil spel hebben gespeeld. De smokkelwaar bestond namelijk niet uit hasj, maar uit ‘blokken’ cocaïne, zo vertelt [naam 1] . De smokkelaars voelden zich belazerd. Ze kregen een vergoeding voor het vervoeren van hasj – zo’n 150 euro per kilo –, terwijl het tarief voor Coke duizenden euro’s per kilo bedraagt.

Wanneer het bedrog uitkomt, weigert [eiser 2] .’s zwager om de coke terug te geven aan [eiser 2] . (…) Daarom is hij vermoord”. (…)

[naam 1] . vertelt meer over de mysterieuze [eiser 2] . en diens vermeende cokehandel. (…) Volgens [naam 1] . zit [eiser 2] . ook nog in de hasj. Hij zegt dat [eiser 2] . recent nog 18 ton hasj naar Nederland haalde en noemt zelfs het soort stempel dat op de blokken softdrugs zou zijn geperst: ‘Top03’.

Ook die informatie blijkt geen lariekoek. De recherche vindt bij één van de verdachten uit 26Koper een boekje, waarin staat hoeveel geld werd verdiend en uitgegeven. In nog geen twee jaar tijd bedroeg de omzet een duizelingwekkende 19 miljoen euro. De hasj die werd verkocht had verschillende stempels. Top03 was er eentje van. (…)

[naam 1] . gaat verder. Volgens hem smokkelt [eiser 2] . duizend kilo coke per maand via Marokko en Spanje naar Nederland. Ook komt er coke binnen via de haven van Antwerpen.

(…)

[naam 1] . schetst het beeld van een crimineel die Nederland overspoelt met drugs en die iedereen die hem niet zint uit de weg laat ruimen. In de Utrechtse en Amsterdamse onderwereld wordt met ontzag gepraat over [eiser 2] . Hij zou bevriend zijn geweest met de in 2014 doodgeschoten topcrimineel [naam 5] . Ook zou hij zaken hebben gedaan met de eveneens dat jaar geliquideerde topcrimineel [naam 6] . Interessant is dat zowel [naam 5] als [naam 6] door de politie in verband zijn gebracht met grootschalige invoer van coke via Spanje en Antwerpen naar Nederland. Opponenten van [eiser 2] . zouden inmiddels tien miljoen euro op het hoofd van [eiser 2] . hebben gezet. Daarom wordt hij de ‘man van tien miljoen genoemd’ (…)

De verklaringen van [naam 1] . zijn spraakmakend en uitgebreid. Maar hij is de enige die zo expliciet [eiser 2] . aanwijst als de aap op de rots. (…) “Deze man staat niet terecht in dit onderzoek”, is het enige dat justitiewoordvoerder Wim de Bruin van het Landelijk Parket over [eiser 2] . wil zeggen. Naar verluidt loopt er een internationaal opsporingsbevel tegen [eiser 2] . op verzoek van Spanje. (…)”

2.5.

Op 9 september 2016 om 08.54 uur heeft [gedaagde] onder de kop “Moordservice 26 koper voor de rechter” een bericht gepost waarin onder meer het volgende te lezen is:
“Wie is de leider van de Utrechtse moordservice ja dat de heer [eiser 2] alias [alias 1] alias [alias] (…) De telegraaf kwam vandaag met dat nieuws vandaag. Voor de rest kwam ik al veel eerder met dat nieuws met alles wat daar in stond dus niks nieuws onder de zon voor mij. We dat die getuigen [naam 1] volop heeft verklaard tegen [eiser 2] was nieuw de telegraaf komt dus met die verklaringen als eerst.

Wel dat ze deze [eiser 2] nu ook internationaal zoeken o.a. in Spanje was weer nieuws. Maar dat ie zijn zwager had laten vermoorden in Fuengirola in Spanje daar kwam ik toch wel als eerst mee (…) En dat [eiser 2] goed bevriend is met [naam 7] en dat ze als een soort wraak actie iedereen die hun niet zint uit de weg laten ruimen en daar een lange moord lijst op na houden was ook al bekend. (…) Deze [eiser 2] is dus de nieuwe [naam 3] stapel gek (…) Maar vooral nog is hij onvindbaar voor justitie en word hij gezien als de man achter al die moorden. (…) [eiser 2] is geen verdachten in deze zaak en staat dus ook niet terecht in deze zaak (…).”

2.6.

Op 12 september 2016 om 16.50 uur heeft [gedaagde] een bericht op vlinderscrime.nl gepost met de titel “Morgen het verhaal achter 26 koper met Foto’s [eiser 2] ”. Dit bericht bevat onder meer de volgende passages:

“(…)

‘De baas van de Marokkaanse onderwereld’

Volgens bronnen in Dubai het echte verhaal achter 26 koper. Morgen het verhaal achter alle huurmoorden alle ins en outs rechtstreeks uit de onderwereld. De rechter hand van [eiser 2] alias [alias] ja dat wisten jullie al uit m eerder verhalen dat is [eiser 1] alias [alias 2] (…). (…)

[alias 3]

Als eerst brengt Vlinderscrime een foto van deze man op de markt deze man is zo schuw als wat omdat hij zelf ook op meerder dodenlijsten zou staan en er staat zelf een prijs op zijn hoofd van 10 miljoen euro. Niemand durft zijn naam ook naar te noemen wat voor je het weet leg je onder de grond met ene paar kogel of bom onder je auto en leg je op het kerkhof.

Maar Vlinderscrime zou Vlindercrime niet zijn als wij als eerst niet de volledige naam van deze super Gangster die volgens de laatste Marokkaanse getuigen de baas zou zijn achter alle moorden van af gelopen jaar naar de link naar 26 koper.

Bij dit bericht is een jeugdfoto van [eiser 2] afgebeeld.

2.7.

Op 12 september 2016 heeft mr. Weski [gedaagde] namens [eiser 2] gesommeerd het onder 2.6 genoemde bericht te verwijderen, inclusief de foto, en om geen verdere kennelijk onware en lasterlijke informatie over hem te publiceren. [gedaagde] heeft deze sommatie nog diezelfde dag om 22.02 uur integraal op Vlinderscrime.nl geplaatst onder de kop “Mr Inez Weski reageert als gebeten hond op foto [eiser 2] ”. Ook bij dit bericht is de jeugdfoto van [eiser 2] geplaatst.

2.8.

Op 12 september 2016 om 22.49 uur is op vlinderscrime.nl een bericht verschenen onder de naam “ [eiser 2] ‘baas 26 Koper’”. In dit bericht staat onder meer het volgende:

[eiser 2] alias [alias] uit Tétouan Marokko volgens bronnen zo gek als een deur. Hij begon zijn criminelen leventje in Utrecht (…). Deze [eiser 2] zou de man zijn die vroeger met Speedboten tonnen Hasj naar Spanje hebben laten vervoeren.In de bergen kosten een kilo zeepjes 90 euro per kilo en hij rekende 160 euro voor het transport. En hij liet Marokkaanse gasten die maar wat graag naar Europa wilde in plaats van ze dit te betalen ze de heen reis met zijn speedboten naar de overkant mochten met latingen voor hasj. En waar ik eerder schreef over een zwager waar van hij de dood op zijn geweten zou hebben met dat toch de neef zijn die om het leven is gekomen en waar voor Spanje hem nog graag wil spreken want daar wordt [eiser 2] voor gezocht. (…)

Ook schijnt hij 10 jaar geleden een agent van interpol te hebben neer gestoken die hem op de korrel hadden bij het Ibis Hotel in Alicante in Spanje (…). (…)

En ook de geliquideerd [naam 8] werkt samen met hem. (…) En ja ook achter deze Liquidatie verdenkt mijn bron deze man die [eiser 2] persoonlijk jaren lang ken als zijn broekzak. En nu laat hij iedereen op ruimen die ooit hem heeft bedonderd en met zijn handel er vandoor is gegaan. En als je het moordlijstje van 26 koper ziet zijn dat allemaal bekendstaande rippers. (…)

Ook om het minste geringste laat [eiser 2] je uit de weg ruimen en deze sluwe vos weet iedereen in te pakken. later vandaag het stuk waar iedereen naar uit kijkt.”

Bij dit bericht is de jeugdfoto van [eiser 2] geplaatst, alsmede een foto van [eiser 1] .

2.9.

Op 13 september 2016 om 08.58 uur heeft [gedaagde] op vlinderscrime.nl een “Open brief naar Mr Inez Weski” geplaatst, waarin onder meer het volgende staat:

“(…) En ik haal ook niet weg over de vermeende [alias 3] [eiser 2] die volgens mijn bronnen de man is achter vele misdrijven samen met zijn rechterhand [eiser 1] alias [alias 2] (…). (…) Lees straks maar weer even deel 2 van [eiser 2] op me site. (…)”

2.10.

Op 13 september 2016 om 12.05 heeft [gedaagde] op vlinderscrime.nl een artikel gepubliceerd onder de kop “De mannen achter de moordservice op wielen 26koper”. In dit artikel worden [eiser 1] en [eiser 2] in verband gebracht met een reeks liquidaties in de onderwereld. In het artikel staan onder meer de volgende passages, weergegeven in de vorm van een vraaggesprek tussen [gedaagde] en zijn informant (“Mijn man uit Dubai”):

“(…)

Mijn man uit Dubai legt het even haar fijn uit waar volgens hem de mannen van worden verdacht want deze staan weer erg dicht bij zo dicht bij dat het er griezelig van word. (…)

Wie zit er achter de Liquidatie volgens jou achter de liquidatie op [naam 9] dat is in opdracht van (…) en [alias 2] ( [eiser 1] , vzr.) gebeurt (…)

Wie zit er achter de mislukte liquidatie op [naam 10] .? dat is ook (…) + [alias 2] geweest en dat geld ook voor [naam 11] dat was in opdracht van (…) + [alias 2] + (…)

[naam 5] is in opdracht geweest van (…), [alias 2] En (…). (…)

Ook [naam 12] in Diemen daar zit deze groep achter want zij hebben zaken gedaan met elkaar wat mis is gelopen vertelde hij met een zekerheid op zijn gezicht van heb ik jou daar deze man wist zo veel te vellen dat ik niet alles zo snel kon opschrijven en ik weet dat dit de bron in die zelf ook tot zijn nek in deze wereld zit. (…)

De Neef is Spanje van [eiser 2] is ook in opdracht van deze [eiser 2] gedaan en die twee oudjes bij het van AC de valk hotel ook door hun want [eiser 2] dacht dat het twee informanten zouden zijn. En [naam 13] ook in opdracht van (…), de moordmakelaar zou wederom [alias 2] zijn (…)

Voor als nog zijn deze mannen niet verdachten in enige strafzaak (…)

Mr. Inez Weski staat te trappelen on een kort geding te beginnen om deze informatie zo snel mogelijk van het internet te krijgen.”

Bij dit artikel is wederom de jeugdfoto van [eiser 2] geplaatst. Van [eiser 1] zijn twee portretfoto’s geplaatst, één met een balkje voor zijn ogen en één zonder.

2.11. (

De raadsvrouw van) [eiser 1] heeft (de raadsman van) [gedaagde] op 13 september 2016 gesommeerd de berichten over hem van Vlinderscrime.nl te verwijderen, maar [gedaagde] heeft aan die sommatie geen gevolg gegeven.

2.12.

In een bericht van 15 september 2016 heeft [gedaagde] op Vlinderscrime.nl over [eiser 1] geschreven:

“Met een vuistslag sloeg ik die dikke Marokkaans flikker neer.”

Ook bij deze tekst heeft [gedaagde] een portretfoto van [eiser 1] geplaatst, met over zijn voorhoofd een balkje.

2.13.

Op 17 september 2016 heeft [gedaagde] het volgende bericht op vlinderscrime.nl gepost:

“We hebben het er maar druk mee bij Vlinderscrime. Donderdag 22 september om 11 uur is er weer een kort geding tegen Vlnderscrime. Dat van [eiser 1] alias [alias 2] was al bekend maar nu heeft zijn ‘zakenpartner’ [eiser 2] zich ook bij het kortgeding aan gesloten wat gelijktijdig wordt behandeld. (…)”

Ook bij dit bericht zijn foto’s van [eiser 2] en [eiser 1] geplaatst.

3 Het geschil

3.1.

[eiser 1] en [eiser 2] vorderen na vermeerdering van eis, kort gezegd:

  1. [gedaagde] te gebieden het artikel “De mannen achter de moordservice op wielen 26koper” te verwijderen en verwijderd te houden van onder andere de website vlinderscrime.nl;

  2. [gedaagde] te gebieden alle berichten over en beeldmateriaal van [eiser 1] en [eiser 2] op de website vlinderscrime.nl te verwijderen voor zover zij beschuldigd worden van betrokkenheid bij moord of anderszins worden belasterd of ten onrechte beschuldigd van bijvoorbeeld drugshandel;

  3. [gedaagde] te gebieden alle foto’s en afbeeldingen van [eiser 1] en [eiser 2] te verwijderen van de website vlinderscrime.nl;

  4. [gedaagde] te bevelen op de website vlinderscrime.nl rectificaties te plaatsen conform de voorstellen in de petita van de dagvaardingen en aan andere media die aandacht hebben besteed aan de artikelen op vlinderscrime.nl te verzoeken die rectificaties eveneens te plaatsen;

  5. [gedaagde] te verbieden in de toekomst opnieuw onware en lasterlijke informatie over [eiser 1] en [eiser 2] te publiceren;

  6. al het voorgaande op straffe van dwangsommen;

  7. [gedaagde] te veroordelen om bij wijze van voorschot op schadevergoeding aan [eiser 1] en [eiser 2] elk € 10.000,00 te betalen;

  8. [gedaagde] te veroordelen in de proceskosten.

3.2.

[gedaagde] voert verweer.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

Uitgangspunt is dat de toewijzing van de vorderingen van [eiser 2] en [eiser 1] in beginsel een beperking inhoudt van het in artikel 10 lid 1 van het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM) neergelegde grondrecht van [gedaagde] op vrijheid van meningsuiting. Een dergelijk recht kan slechts worden beperkt indien dit bij de wet is voorzien en noodzakelijk is in een democratische samenleving bijvoorbeeld ter bescherming van de goede naam en de rechten van anderen (artikel 10 lid 2 EVRM). Van een beperking die bij de wet is voorzien is sprake, wanneer de uitlatingen van [gedaagde] onrechtmatig zijn in de zin van artikel 6:162 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Voor het antwoord op de vraag welk recht – het recht op vrije meningsuiting of het recht ter bescherming van eer of goede naam – in dit geval zwaarder weegt, moeten de wederzijdse belangen worden afgewogen.

4.2.

Het belang van [gedaagde] is dat hij zich in het openbaar kritisch, informerend, opiniërend en waarschuwend moet kunnen uitlaten over misstanden die de samenleving raken. Het belang van [eiser 2] en [eiser 1] is erin gelegen dat hun persoon niet lichtvaardig wordt blootgesteld aan voor hen lichtvaardige verdachtmakingen of ongewenste publiciteit omtrent zijn privé-gegevens en privé-situatie. Welk van deze belangen, die in beginsel gelijkwaardig zijn, de doorslag behoort te geven, hangt af van de omstandigheden van het geval.

4.3.

Niet in geschil is dat het mogelijk bestaan van een ‘moordservice op wielen’ net als drugscriminaliteit een ernstige misstand is die de samenleving raakt en waarover [gedaagde] mag berichten. De vraag die partijen verdeeld houdt is of [gedaagde] bij zijn berichtgeving over die misstanden onrechtmatig heeft gehandeld door [eiser 2] en [eiser 1] , onder vermelding van hun volledige namen en met publicatie van hun portretfoto’s, in het openbaar te beschuldigen van betrokkenheid bij verschillende, concrete strafbare feiten.

4.4.

Het betoog van [gedaagde] , dat hij moet worden gelijkgesteld aan een columnist of recensent en dat hij daarom een grote vrijheid heeft om zonder toepassing van hoor en wederhoor en met gebruikmaking van overdrijving en eenzijdige belichting zijn mening te geven over gebeurtenissen en personen, gaat niet op. Weliswaar heeft de website vlinderscrime.nl een heel eigen stijl – volgens [gedaagde] zelf een kruising tussen Peter R. de Vries en Geenstijl – en daardoor een hoger sensatiegehalte dan de misdaadverslaggeving van de serieuzere media, maar dat maakt [gedaagde] nog niet tot een columnist. Hij opinieert niet, maar hij wrijft [eiser 2] en [eiser 1] strafbare feiten aan. Die beschuldigingen kun je – anders dan [gedaagde] suggereert – moeilijk met een korrel zout nemen. Bovendien strookt dit betoog van [gedaagde] niet met zijn eigen standpunt dat de waarheid over [eiser 2] en [eiser 1] maar eens boven tafel moet komen. Bij de beoordeling van dit geschil dient dan ook het toetsingskader voor een journalist te worden toegepast.

4.5.

[gedaagde] wijst [eiser 2] en [eiser 1] aan als opdrachtgevers van verschillende liquidaties in de onderwereld. Voor [eiser 2] komt daar nog een beschuldiging van grootschalige drugssmokkel en -handel bij. Het gaat dus voor beiden om verdenkingen van buitengewoon ernstige feiten. In beginsel is voor het uiten van dergelijke zware verdenkingen een solide basis in het ten tijde van de publicatie beschikbare feitenmateriaal vereist.

4.6.

[gedaagde] stelt zijn berichtgeving te baseren op vijf verschillende, betrouwbare bronnen en niet slechts op – zoals de publicaties doen vermoeden – één enkele bron (“Mijn man in Dubai”). Tevens baseert [gedaagde] zich op de bij de feiten genoemde publicaties in de Telegraaf en de Panorama. Zonder nadere informatie, die ontbreekt, bieden de publicaties in de Telegraaf en de Panorama op zichzelf genomen onvoldoende steun aan de stellingen van [gedaagde] . Onduidelijk is immers op welke bronnen de desbetreffende verslaggevers hun berichtgeving hebben gebaseerd. Resteren de vijf anonieme bronnen. Volgens [gedaagde] willen zij hun identiteit niet prijsgeven uit angst voor represailles. De uitlatingen van [gedaagde] zijn dus niet, althans in ieder geval niet voor de voorzieningenrechter, te verifiëren en moeten vooralsnog worden aangemerkt als onbevestigde geruchten.

4.7.

Een journalist mag onbevestigde geruchten publiceren, als het in de praktijk onmogelijk blijkt om gedetailleerde feiten te vergaren, zolang hij daarbij zorgvuldig (professioneel en te goeder trouw) te werk gaat. [gedaagde] stelt maanden aan de zaak te hebben gewerkt. Of dat zo is, kan ook niet goed worden beoordeeld, mede gelet op hetgeen hierna onder 4.8 aan de orde komt, maar dat [gedaagde] enig onderzoek heeft verricht is wel aannemelijk, gelet op de mededeling van [gedaagde] dat [eiser 2] en [eiser 1] niet als verdachte zijn aangemerkt in de zaak 26Koper.

4.8.

Dat [gedaagde] zijn uitlatingen niet met feiten heeft gestaafd, bevreemdt niet indien er veronderstellenderwijs van wordt uitgegaan dat juist is wat [gedaagde] schrijft. In dat geval is goed te begrijpen dat getuigen niet in de openbaarheid willen treden; drie getuigen in de zaak 26Koper zijn immers vermoord, waarschijnlijk om hen het zwijgen op te leggen. Als de bronnen van [gedaagde] de waarheid vertellen, lopen zij een reëel en groot gevaar als hun identiteit bekend wordt. Het overleggen van details van het beweerdelijk verrichte onderzoek zou kunnen bijdragen aan het bekend worden van hun identiteit. Indien de uitlatingen van [gedaagde] op waarheid berusten, bevreemdt het evenmin dat [gedaagde] geen andere bewijsmiddelen heeft overgelegd. Zelfs voor politie en justitie is het met alle hen ter beschikking staande opsporingsmiddelen vaak geen eenvoudige opgave om een strafzaak rond te krijgen. Niet aannemelijk is dat politie en justitie onder normale omstandigheden de door hen vergaarde informatie over strafbare feiten zullen delen met journalisten ten behoeve van publicaties over die strafbare feiten.

4.9.

Het gebrek aan verificatiemogelijkheden in dit soort gevallen zou betekenen dat het voor een journalist een bijna onmogelijke opgave is om te publiceren over misdrijven in de zware criminaliteit voordat het OM haar opsporingsresultaten bekend maakt in een strafrechtelijke procedure. Dat zou een te vergaande beperking opleveren van de vrijheid en de taak van de journalist om het publiek te informeren over misstanden van de meest ernstige aard die de samenleving raken.

4.10.

Erkend is dat [eiser 1] momenteel in Ierland is gedetineerd na aldaar te zijn aangehouden in het bezit van veel contant geld, dure horloges en valse identiteitsbewijzen in een huis dat volgens de Ierse justitie wordt gebruikt door het zogenoemde Costa Kartel. Verder is niet betwist dat [eiser 2] door de Spaanse justitie wordt gezocht in verband met de moord op [naam 4] . Voorshands is hiermee voldoende aannemelijk dat [eiser 2] en [eiser 1] in het criminele milieu actief zijn. Van belang is verder dat [gedaagde] inmiddels contact heeft met het Openbaar Ministerie en dat hij inmiddels door justitie wordt beschermd. Dat vormt een aanwijzing dat de informatie van [gedaagde] in elk geval een risico voor hem vormt. Dat de uitlatingen van [gedaagde] risicovol voor hem zijn wanneer die uit de lucht gegrepen zijn, is niet evident. Voorshands kan dan ook niet worden gezegd dat de door [gedaagde] op zijn website geplaatste beschuldigingen iedere grond ontberen. In dit verband is van belang dat [eiser 2] en [eiser 1] het slechts hebben gelaten bij de stelling dat de uitlatingen van [gedaagde] lasterlijk en onwaar zijn en dat ze niet als verdachten in de strafzaak 26Koper zijn aangemerkt. Zij hebben niets gesteld over hun persoonlijke omstandigheden; waar ze wonen, welk werk ze doen en dergelijke. Dat had in de gegeven omstandigheden wel van hen mogen worden verwacht, teneinde de geuite beschuldigingen te ontkrachten.

4.11.

Door de wijze van formuleren van [gedaagde] en de vele spelfouten zijn de berichten op vlinderscrime.nl niet altijd eenvoudig leesbaar, maar nauwkeurige bestudering leert dat [gedaagde] voldoende duidelijk maakt dat hij zich bij zijn berichtgeving over [eiser 2] en [eiser 1] baseert op anonieme bronnen en geruchten, door het gebruik van de woorden zoals “volgens bronnen”, “schijnt” en “zou zijn”. In één van de publicaties (“Moordservice 26 koper voor de rechter”) verwijst hij expliciet naar het eerder die dag verschenen artikel in de Telegraaf. Hoewel de berichtgeving op dit punt nauwkeuriger zou kunnen, laat [gedaagde] de lezer voldoende ruimte om zijn eigen conclusies te trekken.

4.12.

Niet goed te beoordelen is of [eiser 2] en [eiser 1] gevaar lopen door de publicatie, zoals zij stellen. Voor zover daarvan sprake is wordt voldoende aan hun belangen tegemoet gekomen door de hierna onder 4.18 uit te spreken veroordelingen.

4.13.

In de huidige situatie, waarin – zoals vooralsnog wordt aangenomen – [eiser 2] voortvluchtig is en [eiser 1] gedetineerd is (onduidelijk is of hem beperkingen zijn opgelegd in zijn contact met de buitenwereld), was het voor [gedaagde] niet goed mogelijk hen te vragen om een reactie op zijn voorgenomen publicaties. Wel heeft [gedaagde] de door mr. Weski verzonden sommatie inzake [eiser 2] direct na ontvangst daarvan integraal op zijn website geplaatst. Uit de tekst van die sommatie blijkt dat [eiser 2] zich niet kan vinden in de uiting van de beschuldigingen. De sommatie namens [eiser 1] staat niet op de website, maar [gedaagde] refereert in verschillende berichten (zie onder 2.9, 2.10 en 2.13) aan het standpunt van mr. Weski dat de berichten over [eiser 2] en [eiser 1] van de site moeten worden verwijderd. Door de sommatie inzake [eiser 2] op zijn site te publiceren en herhaaldelijk te berichten dat mr. Weski zich namens [eiser 2] en [eiser 1] verzet tegen de publicaties, heeft [gedaagde] in voldoende mate voldaan aan de mogelijkheid tot het geven van een weerwoord.

4.14.

Al het voorgaande overziend, wegen de belangen van [gedaagde] bij publicatie van de beschuldigingen in beginsel en met inachtneming van hetgeen hierna zal worden overwogen over de publicatie van de foto’s en het noemen van de volledige namen, zwaarder dan de belangen van [eiser 2] en [eiser 1] bij de verwijdering daarvan. De omstandigheid dat het OM desgevraagd aan mr. Weski heeft bericht dat [eiser 2] en [eiser 1] momenteel geen verdachten zijn in het 26Koper-onderzoek maakt dat niet anders. Voor zover de vorderingen strekken tot verwijdering van de berichten op vlinderscrime.nl waarin [eiser 2] en [eiser 1] worden beschuldigd van strafbare feiten, zijn zij dan ook niet toewijsbaar. De vorderingen tot rectificatie zijn evenmin toewijsbaar. Hetzelfde geldt voor het gevorderde verbod op toekomstige publicaties over [eiser 2] en [eiser 1] – met uitzondering van hetgeen hierna onder 4.18 zal worden overwogen. Een dergelijk verbod is in zijn algemeenheid te verstrekkend om te kunnen worden toegewezen.

4.15.

[eiser 2] en [eiser 1] maken tevens bezwaar tegen de publicatie van hun volledige namen en portretfoto’s in de verschillende publicaties op vlinderscrime.nl. Zij beroepen zich daarbij op hun portretrecht en op hun recht tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

4.16.

Artikel 21 van de Auteurswet beschermt de geportretteerde door via een wettelijke zorgvuldigheidsnorm een vergaande aanspraak te geven tegen publicatie. In beginsel is sprake van een redelijk belang van de geportretteerde om zich tegen de openbaarmaking van zijn portret te verzetten, indien deze openbaarmaking inbreuk maakt op zijn recht op privacy. Of van een dergelijke inbreuk sprake is, hangt af van de omstandigheden van het geval, met name van de wijze waarop en de mate van intimiteit waarin de geportretteerde is afgebeeld, terwijl ook het karakter van de foto en de context van de publicatie van belang kunnen zijn.

4.17.

Verder geldt dat in de Nederlandse pers terughoudendheid wordt betracht bij de publicatie van namen en portretten van verdachten en veroordeelden, vanwege hun algemeen aangenomen belang om niet met portret en al in de publiciteit te komen. Een en ander is in lijn met de richtlijnen van de Raad voor de Journalistiek. Dat stemmen opgaan om de mogelijkheid tot het noemen van volledige persoonsgegevens te verruimen, zoals [gedaagde] heeft aangevoerd, neemt niet weg dat terughoudendheid nog steeds de gangbare praktijk is. Voor [eiser 2] en [eiser 1] , die zoals gezegd (vooralsnog) niet als verdachten in beeld zijn in de zaak 26Koper, geldt te meer dat terughoudendheid geboden is bij de openbaarmaking van hun portret en volledige naam.

4.18.

Het gaat hier om een uiterst negatieve publicatie over [eiser 2] en [eiser 1] . Voor het bereiken van het doel van [gedaagde] – het ontmaskeren van [eiser 2] en [eiser 1] als de verantwoordelijken voor een groot aantal liquidaties – is het niet nodig hun portretfoto’s of volledige namen te publiceren. [eiser 2] en [eiser 1] zijn geen publieke figuren en zij hebben niet zelf de publiciteit gezocht. Publicatie van de foto’s van [eiser 2] en [eiser 1] en vermelding van hun volledige namen levert in de gegeven omstandigheden een disproportionele inbreuk op hun persoonlijke levenssfeer op. Dat foto’s van [eiser 1] al op internet circuleren, zoals [gedaagde] stelt, ontneemt [eiser 1] niet zijn belang bij verwijdering van zijn portretfoto’s van vlinderscrime.nl. [gedaagde] zal de foto’s van [eiser 2] en [eiser 1] dan ook moeten verwijderen van zijn website. Deze voorziening kan worden aangemerkt als het mindere van het onder 3.1 (i) en (ii) gevorderde. Ook zal [gedaagde] de (bestaande en toekomstige) berichten op vlinderscrime.nl moeten aanpassen in die zin dat dat hij [eiser 2] en [eiser 1] uitsluitend mag noemen bij hun achterletter, hooguit in combinatie met hun voorletter of voornaam (dus voor [eiser 2] : [eiser 2] ., [eiser 2] . of [eiser 2] . en voor [eiser 1] : [eiser 1] ., [eiser 1] of [eiser 1] .). Deze voorziening kan worden aangemerkt als het mindere van het onder 3.1 (i), (ii) en (v) gevorderde. De uit te spreken veroordelingen zullen gelden totdat een rechter anders beslist. Voor de volledigheid wordt nog opgemerkt dat publicatie van dit vonnis door [gedaagde] slechts is geoorloofd als hij de namen van [eiser 2] en [eiser 1] daarin aanpast als hiervoor bedoeld.

4.19.

Uit hetgeen hiervoor 4.1 tot en met 4.18 is overwogen volgt dat de op te leggen beperkingen van de uitingsvrijheid van [gedaagde] noodzakelijk zijn in een democratische samenleving.

4.20.

De gevorderde voorschotten op schadevergoeding zullen worden afgewezen nu die vorderingen onvoldoende zijn onderbouwd en ook niet is aangevoerd welk spoedeisend belang [eiser 2] en [eiser 1] hebben bij die vorderingen.

4.21.

Aan de uit te spreken veroordelingen zal een dwangsom worden verbonden, die zal worden gemaximeerd als in de beslissing vermeld.

4.22.

Nu partijen in beide zaken over en weer op enig punt in het ongelijk zijn gesteld, zullen de proceskosten tussen hen in beide zaken worden gecompenseerd als na te melden.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

in de zaak met zaaknummer / rolnummer: C/13/615296 / KG ZA 16-1100:

5.1.

beveelt [gedaagde] om de foto’s van [eiser 1] binnen 24 uur na betekening van dit vonnis te verwijderen van de website vlinderscrime.nl,

5.2.

beveelt [gedaagde] om binnen 24 uur na betekening van dit vonnis in de reeds gepubliceerde berichten op vlinderscrime.nl de naam van [eiser 1] te wijzigen van zijn volledige naam (alleen achternaam of zowel voor- als achternaam) in [eiser 1] ., N. F . of [eiser 1] .,

5.3.

verbiedt [gedaagde] om, totdat een rechter anders beslist, foto’s van [eiser 1] op vlinderscrime.nl te plaatsen en [eiser 1] in zijn berichtgeving (inclusief eventuele publicatie van dit vonnis) anders aan te duiden dan als [eiser 1] ., [eiser 1] . of [eiser 1] .,

5.4.

veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser 1] een dwangsom te betalen van € 15.000,00 voor iedere dag dat hij niet voldoet aan een of meer van de onder 5.1 tot en met 5.3 uitgesproken veroordelingen, tot een maximum van € 150.000,00 is bereikt,

5.5.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.6.

compenseert de proceskosten tussen partijen, in die zin dat iedere partij de proceskosten draagt,

5.7.

wijst het meer of anders gevorderde af,

in de zaak met zaaknummer / rolnummer: C/13/615380 / KG ZA 16-1106:

5.8.

beveelt [gedaagde] om de foto’s van [eiser 2] binnen 24 uur na betekening van dit vonnis te verwijderen van de website vlinderscrime.nl,

5.9.

beveelt [gedaagde] om binnen 24 uur na betekening van dit vonnis in de reeds gepubliceerde berichten op vlinderscrime.nl de naam van [eiser 2] te wijzigen van zijn volledige naam (alleen achternaam of zowel voor- als achternaam) in [eiser 2] ., [eiser 2] . of [eiser 2] .,

5.10.

verbiedt [gedaagde] om, totdat een rechter anders beslist, foto’s van [eiser 2] op vlinderscrime.nl te plaatsen en [eiser 2] in zijn berichtgeving (inclusief eventuele publicatie van dit vonnis) anders aan te duiden dan met [eiser 2] ., [eiser 2] . of [eiser 2] .,

5.11.

veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser 2] een dwangsom te betalen van € 15.000,00 voor iedere dag dat hij niet voldoet aan een of meer van de onder 5.8 tot en met 5.10 uitgesproken veroordelingen, tot een maximum van € 150.000,00 is bereikt,

5.12.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.13.

compenseert de proceskosten tussen partijen, in die zin dat iedere partij de proceskosten draagt,

5.14.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. C.M. Berkhout, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E. van Bennekom, griffier, en in het openbaar uitgesproken op

6 oktober 2016.1

1 type: eB coll: mb