Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2016:5655

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
02-08-2016
Datum publicatie
06-09-2016
Zaaknummer
EA VERZ 16-586
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

OR-lid stuurt adviesaanvraag die zij onder embargo heeft ontvangen door naar mede-vakbondsbestuurder. Dit levert geen dringende reden op voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Wel verwijtbaar handelen, maar dat is niet van dien aard dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden verwacht de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Afwijzing

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2016-0978
AR 2016/2580

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht

Clusternummer: 104071

zaaknummer: 5099711 EA VERZ 16-586 en 5099787 EA VERZ 16-587

beschikking van: 2 augustus 2016

func.: 854

beschikking van de kantonrechter

I n z a k e

de stichting Nationale Stichting tot Exploitatie van Casinospelen in Nederland

gevestigd te 's Gravenhage

verzoekster

nader te noemen: Holland Casino

gemachtigde: mr. L. van der Zwet

t e g e n

[verweerster]

wonende te [woonplaats]

verweerster

nader te noemen: [verweerster]

gemachtigde: mr. S.J.W.M. Vonken

VERLOOP VAN DE PROCEDURE

Holland Casino heeft op 24 mei 2016 een verzoek ingediend dat strekt tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst met [verweerster] en tot het verstrekken van afschriften van bescheiden.

[verweerster] heeft een verweerschrift ingediend.

Het verzoek is mondeling behandeld ter terechtzitting van 12 juli 2016. Holland Casino is verschenen bij [naam 1] , en [naam 2] , bijgestaan door de gemachtigde en prof. mr. S.F. Sagel. [verweerster] is in persoon verschenen, bijgestaan door de gemachtigde en mr. B. van Meurs. Holland Casino heeft op voorhand nieuwe producties ingediend. Partijen hebben ter zitting hun standpunten aan de hand van een pleitnota toegelicht. Na verder debat is een datum voor beschikking bepaald.

GRONDEN VAN DE BESLISSING

Uitgangspunten

1. Uitgegaan wordt van het volgende.

1.1.

[verweerster] , geboren op [geboortedatum] , is sedert [datum] in dienst van Holland Casino en is laatstelijk 38 uur per week werkzaam in de functie van [functie] . Het bruto salaris op basis van een werkweek van 40 uren bedraagt € 4.174,91 bruto per maand exclusief emolumenten.

1.2.

Op de arbeidsovereenkomst is de CAO Holland Casino van toepassing.

1.3.

In artikel 10 van de arbeidsovereenkomst met [verweerster] staat dat het de werknemer verboden is enige mededeling tegenover derden te doen aangaande de werkgever.

1.4.

In artikel 3 sub 6 van het voor de medewerkers van Holland Casino geldende Computerreglement staat dat het de medewerker niet is toegestaan om informatie van Holland Casino door te sturen aan en/of op te slaan bij derden.

1.5.

In de personeelsgids van Holland Casino staat onder paragraaf 2.7 dat de medewerker gevoelige informatie van het casino nooit bespreekt met derden en dat deze alle interne aangelegenheden c.q. bedrijfsinformatie geheim houdt.

1.6.

[verweerster] is sinds 2006 lid van de Ondernemingsraad (hierna: OR) van Holland Casino. Daarnaast is zij sinds 2000 [functie] van de Onderdeelcommissie van Holland Casino voor de vestiging in [locatie] en was zij van 1999 tot september 2015 vertrouwenspersoon in die vestiging.

1.7.

Sinds 2002 is [verweerster] bestuurslid en vanaf voorjaar 2014 [functie] van de Algemene Bond van Casinopersoneel (hierna: Vakbond ABC). Op 21 december 2015 is zij ontslagen als [functie] . [verweerster] heeft zich niet neergelegd bij dit ontslag. De zaak is thans nog onder de rechter.

1.8.

In december 2015 heeft Holland Casino aan Bedrijfsrecherche Hoffmann (hierna: Hoffmann) opdracht gegeven onderzoek te doen naar het doorsturen van vertrouwelijke OR informatie naar derden. Van dit onderzoek is op 14 april 2016 een rapport verschenen. In het rapport staat onder samenvatting en conclusie:

(…) Het onderzoek heeft aangetoond dat mevrouw [verweerster] , vertrouwelijke OR informatie doorstuurde naar de vakbondsbestuurder ABC, overige leden van de vakbond ABC en aan haar echtgenoot (…). Mevrouw [verweerster] stuurde vertrouwelijke OR informatie eerst naar haar eigen privé e-mail account en vervolgens door naar derden.(…)

1.9.

De afdeling Security van Holland Casino heeft een onderzoek verricht naar misbruik van faciliteiten en declaratiegedrag. Het relaas van bevindingen is verschenen op 6 april 2016. De conclusie hierin luidt:

Onderzoek heeft uitgewezen dat [verweerster] (…) in overleg met het dagelijks bestuur van de vakbond ABC (intern) afspraken heeft gemaakt met betrekking tot reisdeclaraties. Er worden fictieve reizen gedeclareerd. Deze reizen zijn nimmer gemaakt, maar gelden als financiële compensatie voor de gemaakte (werk)uren voor de vakbond. Door [verweerster] (…) is op 22 september 2015, een dienstreis naar HC Eindhoven dubbel gedeclareerd. [verweerster] (…) heeft ten onrechte een uitbetaling van deze reis ontvangen en niet terugbetaald. Daarnaast heeft [verweerster] (…) diverse reisdeclaraties ingediend bij Holland Casino. Veel van deze declaraties zijn onjuist, dubbel of verkeerd ingevuld.(…)

1.10.

Op 29 februari 2016 heeft [naam 3] van Vakbond ABC aangifte gedaan tegen [verweerster] van valsheid in geschrifte en verduistering. In de aangifte is opgenomen dat [verweerster] opzettelijk valse declaraties heeft ingediend bij en uitgekeerd heeft gekregen van Vakbond ABC.

1.11.

Op 6 mei 2016 heeft Holland Casino met [verweerster] gesproken over het Rapport Hoffmann en is afgesproken dat zij tot 11 mei 2016 schriftelijk daarop zou kunnen reageren.

1.12.

Nadat Holland Casino op 9 mei 2016 vernam dat [verweerster] niet bereid was om haar werkzaamheden voorlopig neer te leggen, heeft zij [verweerster] op 10 mei 2016, hangende het onderzoek, geschorst.

Verzoek

2. Holland Casino verzoekt (i) om [verweerster] te gebieden afschriften van alle bescheiden die zij in haar bezit heeft aan Holland Casino te verstrekken en (ii) de arbeidsovereenkomst met [verweerster] te ontbinden (primair) op grond van artikel 7:671b lid 1 jo. artikel 7:678 BW, (subsidiair) op grond van artikel 7:671b jo. artikel 7:669 lid 3 sub e BW en (meer subsidiair) op grond van wanprestatie als bedoeld in artikel 7:686 BW met veroordeling tot terugbetaling van het loon vanaf 19 januari 2014. Ter zitting heeft Holland Casino de rechtsgronden aangevuld met artikel 7:671b jo. artikel 7:669 lid 3 sub g BW.

3. Holland Casino voert daartoe aan dat sprake is van – kort gezegd – een dringende reden dan wel (ernstig) verwijtbaar handelen, nu [verweerster] stelselmatig vertrouwelijke informatie heeft gelekt naar derden en valsheid in geschrifte c.q. verduistering heeft gepleegd. Ter onderbouwing van het ontbindingsverzoek heeft Holland Casino verwezen naar het rapport van Hoffmann en van de afdeling Security van Holland Casino. [verweerster] heeft gehandeld in strijd met het beleid van Holland Casino betreffende geheimhouding, zoals vastgelegd in het Computerreglement en de personeelsgids, met artikel 10 van de arbeidsovereenkomst, met de wettelijke geheimhoudingsplicht als vastgelegd in artikel 20 WOR en met haar verplichting om op grond van artikel 7:611 BW als goed werknemer discretie te betrachten ten aanzien van vertrouwelijke informatie. [verweerster] heeft voorts onzorgvuldig dan wel onrechtmatig gedeclareerd. Holland Casino verwijst naar de aangifte van Vakbond ABC en stelt dat [verweerster] zich schuldig heeft gemaakt aan valsheid in geschrifte c.q. verduistering. Hieruit blijkt een gebrek aan normbesef. Dit maakt dat [verweerster] ongeschikt is voor de uitoefening van haar functie, omdat zij daarvoor ‘onkreukbaar’ moet zijn. De verhoudingen zijn bovendien verstoord door het gedrag van [verweerster] , aldus steeds Holland Casino.

4. Ter onderbouwing van het verzoek tot afgifte van bescheiden op grond van artikel 843 a Rv heeft Holland Casino aangevoerd dat op grond van het rapport van Hoffmann vaststaat dat [verweerster] nog meer informatie heeft doorgestuurd dan thans reeds vaststaat. Die informatie is van belang voor de beoordeling van het onderhavige geschil. Het is nodig om het eerste moment van de wanprestatie te kunnen vaststellen, in verband met de beperking van de schade en om [verweerster] te kunnen aanspreken tot vergoeding van de schade, door middel van terugbetaling van loon.

Verweer

5. [verweerster] verweert zich tegen het verzoek tot ontbinding. Zij voert daartoe – samengevat – het volgende aan. Er is sprake van een opzegverbod als bedoeld in artikel 7:670 lid 4 en 5 BW. Bovendien geniet zij de beschermende werking van artikel 6 lid 4 ESH. Verder is geen sprake van een dringende reden, verwijtbaar handelen of wanprestatie. Zij is gebrouilleerd geraakt met kaderleden van Vakbond ABC, met name met [naam 3] en [naam 4] , waarna er een coup tegen haar als vakbondsvoorzitter is gepleegd. Holland Casino wordt nu door deze heren gevoed met allerhande informatie om tegen haar te gebruiken. Het rapport Hoffmann is verregaand geanonimiseerd, zodat [verweerster] zich niet afdoende hier tegen kan verweren. Het kan daarom niet als bewijs dienen. [verweerster] heeft gehandeld als OR-lid en niet als werknemer. De verplichtingen tot geheimhouding waarnaar Holland Casino verwijst zijn daarom niet van toepassing. De enkele mededeling ‘onder embargo’ zonder toelichting, betekent geen actieve geheimhoudingsplicht als bedoeld in artikel 20 lid 1 WOR. Ook de passieve geheimhoudingsplicht is niet geschonden. Binnen Holland Casino heerste een ‘mededeelcultuur’, waarin het heel gebruikelijk was dat informatie over Holland Casino werd gedeeld met derden. Het onzorgvuldig declaratiegedrag bij Holland Casino had betrekking op slechts één dubbel gedeclareerd bedrag van € 56,10, dat is ingehouden op haar loon van april 2016. Er is dan ook geen sprake van een dringende reden, verwijtbaar handelen of wanprestatie. Als dat wel zo zou zijn, rechtvaardigen haar persoonlijke omstandigheden geen ontbinding, aldus [verweerster] .

6. [verweerster] verweert zich tevens tegen het verzoek tot afgifte van bescheiden. Holland Casino heeft geen rechtmatig belang hierbij, want de bescheiden zijn niet relevant voor de beoordeling van het onderhavige geschil. Bovendien zijn de bescheiden onvoldoende bepaald. Ten slotte betwist [verweerster] de gestelde rechtsbetrekking, nu zij heeft gehandeld als OR-lid/OC-lid en als vakbonds(bestuurs)lid.

Beoordeling

Verzoek ex artikel 843a Rv

7. Holland Casino heeft verzocht om [verweerster] te gebieden “afschriften van alle bescheiden die zij in haar bezit heeft aan Holland Casino te verstrekken”. Dit verzoek wordt afgewezen, nu dit te onbepaald is. Weliswaar heeft Holland Casino in haar verzoekschrift nader omschreven op welke bescheiden zij het oog heeft, maar ook die beschrijving is te onbepaald. Het gaat haar immers om ‘alle correspondentie en documentatie (zowel in schriftelijke als in digitale vorm) die [verweerster] in haar hoedanigheid als OR-lid of in haar hoedanigheid als werkneemster van Holland Casino heeft verkregen en die zij aan derden, waaronder in ieder geval begrepen (maar niet beperkt tot) haar echtgenoot en vakbondsbestuurders en leden van de vakbond ABC, heeft doorgestuurd, daaronder in ieder geval begrepen (maar niet beperkt tot) alle e-mailcorrespondentie die [verweerster] met betrekking tot het voorgaande met derden heeft gevoerd via zowel het zakelijke als het privé email-account van [verweerster] ”. Dat is feitelijk alle correspondentie die [verweerster] als werkneemster van Holland Casino, tevens OR-lid heeft ontvangen en verstuurd. Holland Casino wil onderzoeken of [verweerster] op nog ruimere schaal dan in het Rapport Hoffmann is vastgesteld vertrouwelijke informatie heeft “gelekt”. Dit is echter een ‘fishing expedition’, waarvoor artikel 843a Rv niet is bedoeld. Daar komt bij dat thans in de hoofdzaak een eindbeslissing zal worden genomen en Holland Casino niet heeft verzocht om die beslissing aan te houden in afwachting van eventuele nieuwe feiten zoals die uit de verzochte afschriften van bescheiden mogelijk naar voren zouden kunnen komen. Voor de beoordeling van het onderhavige geschil zijn de verzochte bescheiden dan ook niet meer relevant.

Ontbindingsverzoek

8. Ter beoordeling ligt een ontbindingsverzoek van Holland Casino voor. De kantonrechter stelt voorop dat uit artikel 7:669 lid 1 BW volgt dat de arbeidsovereenkomst alleen kan worden ontbonden indien daar een redelijke grond voor is en herplaatsing van werknemer binnen een redelijke termijn niet mogelijk is of niet in de rede ligt.

9. De kantonrechter dient zich ervan te vergewissen of het verzoek tot ontbinding verband houdt met het bestaan van een opzegverbod.

10. [verweerster] heeft een beroep gedaan op het opzegverbod voor OR- en vakbondsleden. De ratio van de ontslagbescherming in artikel 7:670 lid 4 en lid 5 BW is gelegen in de bescherming van de betrokken werknemers tegen benadeling als gevolg van hun activiteiten in het kader van de medezeggenschap. Daarnaast wordt met de regeling beoogd de onafhankelijke positie van OR-leden te waarborgen die voor de uitoefening van hun taken nodig is. Met het ontslagverbod wordt niet beoogd elk gedrag van vakbondsleden en ondernemingsraadsleden te beschermen.

11. Eerst zal worden beoordeeld of in dit geval sprake is van een redelijke grond voor ontbinding.

Doorsturen van vertrouwelijke informatie

12. [verweerster] is als werknemer van Holland Casino gehouden aan de bepalingen in de arbeidsovereenkomst, het Computerreglement en de personeelsgids. Dat zij ook OR-lid en vakbondslid is, maakt dit niet anders. Voor haar als OR-lid is bovendien de bepaling in artikel 20 Wet op de Ondernemingsraden (WOR) van toepassing, waarin de geheimhoudingsplicht voor OR-leden is omschreven.

13. In het Rapport Hoffmann wordt verwezen naar 7 emailberichten die [verweerster] heeft verstuurd in de periode van januari 2014 tot en met december 2015, die als bijlagen bij het Rapport zijn gevoegd. Hoewel [verweerster] stelt dat zij zich onvoldoende kan verweren tegen het rapport, omdat vele passages zwart zijn gemaakt, gaat de kantonrechter aan dit bezwaar voorbij. [verweerster] heeft immers niet ontkend dat zij informatie, waarover zij als OR-lid beschikte, heeft doorgestuurd aan derden. Zij gaat ook in haar verweer in op de specifieke emailberichten waarnaar wordt verwezen. Volgens haar betrof het informatie die in het geheel niet of niet meer vertrouwelijk was. [verweerster] heeft onvoldoende duidelijk gemaakt in welk opzicht zij concreet wordt gehinderd in het voeren van verweer.

14. De kantonrechter stelt vast dat [verweerster] de informatie heeft ontvangen en verzonden in het kader van haar werk als OR-lid dan wel vakbonds(bestuurs)lid en niet in haar functie als [functie]. Van de overgelegde e-mailberichten met bijlagen die [verweerster] aan derden heeft verzonden – op één na, waarop hierna nader zal worden ingegaan - kan niet zonder meer worden aangenomen dat ze vertrouwelijke informatie van Holland Casino bevatten. Alle e-mailberichten bevatten informatie die door Holland Casino aan [verweerster] als OR-lid is gestuurd en waar zij in het kader van deze functie ook iets mee zou moeten doen. Dat zij zelf de berichten – bij doorzending - voorzag van de mededeling ‘vertrouwelijk’ maakt nog niet dat het om vertrouwelijke informatie van Holland Casino ging. De berichten en de informatie zijn niet voorzien van een mededeling omtrent een geheimhoudingsplicht. Holland Casino heeft aangevoerd dat aan [verweerster] niet expliciete geheimhouding was opgelegd aangaande de daarin genoemde onderwerpen, maar dat [verweerster] zich het vertrouwelijke karakter van de informatie wel had moeten realiseren. De kantonrechter acht de inhoud van de berichten echter niet van dien aard, dat voor [verweerster] het vertrouwelijke karakter daarvan redelijkerwijs duidelijk had moeten zijn. Een dagvaarding die [verweerster] in het kader van een kort geding van FNV Bondgenoten tegen de OR van Holland Casino heeft ontvangen, kan zonder enige toelichting – die ontbreekt - niet als een vertrouwelijk stuk van Holland Casino worden aangemerkt, waarover ze Vakbond ABC niet zou mogen informeren. Dat geldt ook voor mededelingen die betrekking hebben op niet-inhoudelijke zaken, zoals de agendapunten van een overleg en de hervatting van een CAO-overleg. De e-mailberichten aan haar echtgenoot hadden slechts tot doel om de documenten te laten printen, omdat haar printer kapot was, zo heeft [verweerster] verduidelijkt. De kantonrechter acht dit een aannemelijke verklaring. Niet is gebleken dat de echtgenoot van [verweerster] een functie bekleedt waarvoor hij in contact staat met personen voor wie de gestuurde informatie van enige betekenis is.

15. Anders ligt het voor het e-mailbericht met bijlagen dat [verweerster] op 19 januari 2014 om 14:08 uur zond aan [naam 4] , vakbondsbestuurder Vakbond ABC. Dit betrof een adviesaanvraag aan de OR met doorrekeningen, die ‘onder embargo’ aan de OR-leden was gestuurd. Het embargo gold tot 20 januari 2014 om 17:00 uur. Van dit stuk neemt de kantonrechter aan dat het niet bedoeld was om te delen met personen buiten Holland Casino zolang het embargo gold. Wel kan worden vastgesteld dat de informatie al in bredere kring – breder dan alleen de OR – bekend was, zo blijkt uit door [verweerster] overgelegde e-mails. Ter beoordeling is of het doorsturen van dit bericht een dringende reden dan wel verwijtbaar handelen van [verweerster] oplevert.

16. Uit de rechtspraak volgt dat de vraag of er daadwerkelijk sprake is van een dringende reden afhangt van de aard en de ernst van de reden, van de feiten en van de overige omstandigheden van het geval. Ook de aard en de duur van de dienstbetrekking, de wijze waarop de werknemer de dienstbetrekking vervult en zijn persoonlijke omstandigheden, waaronder zijn leeftijd en de gevolgen van het ontslag, kunnen daarbij worden meegewogen.

17. Er bestaat per definitie een zeker spanningsveld tussen de rol van [verweerster] als werknemer, als OR-lid en als vakbondsbestuurder. Het lijkt erop dat [verweerster] het onderscheid tussen de verschillende functies die zij uitoefent en de verschillende petten die zij draagt onvoldoende heeft bewaakt. In dit geval gaat het niet om het doorsturen van zaken- en bedrijfsgeheimen of concurrentiegevoelige informatie, maar om een onder embargo ontvangen OR adviesaanvraag met bijlagen die is doorgestuurd aan een collega vakbondsbestuurder. Desgevraagd heeft Holland Casino verklaard, dat zij geen schade heeft geleden doordat derden van die informatie voortijdig kennis hebben genomen. Mede gezien de leeftijd van [verweerster] (zij is [leeftijd] jaar oud) en de lengte van het dienstverband (zij is 27 jaar bij Holland Casino in dienst) heeft een ontbinding op grond van een dringende reden zeer ingrijpende gevolgen voor [verweerster] . Alles afwegend komt de kantonrechter tot het oordeel dat het doorsturen van de genoemde informatie door [verweerster] geen dringende reden voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst oplevert.

18. Het doorsturen van de onder embargo verstrekte adviesaanvraag met bijlagen levert wel verwijtbaar handelen op, maar dat handelen is niet van dien aard dat van Holland Casino in redelijkheid niet kan worden verwacht de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Stelselmatig lekken van vertrouwelijke informatie door [verweerster] , zoals Holland Casino stelt, is niet vast komen te staan. Voorop staat – van het tegendeel is niet gebleken en daarover heeft Holland Casino ook niets naar voren gebracht – dat [verweerster] steeds als OR-lid en als vakbondsbestuurder heeft gehandeld in het belang van de werknemers voor wier belangen zij opkomt. Voorts heeft te gelden dat [verweerster] een langdurig dienstverband met Holland Casino heeft, waarbij niet is gebleken van eerder verwijtbaar gedrag. Tevens weegt mee dat Holland Casino geen schade heeft geleden als gevolg van de verweten gedraging. [verweerster] is inmiddels geen vakbondsbestuurder en OR-lid meer, zodat een vermenging van de verschillende rollen zich niet meer zal voordoen. Ten slotte wordt betekenis gehecht aan de leeftijd van [verweerster] , die met zich brengt dat haar kansen op de arbeidsmarkt na ontbinding zeer klein zijn. De gevolgen van een ontbinding zijn voor [verweerster] daarmee vele malen groter en ingrijpender dan dat de gevolgen van haar gedrag voor Holland Casino zijn.

Valsheid in geschrifte/verduistering

19. Holland Casino heeft voorts aangevoerd, onder verwijzing naar de aangifte, dat [verweerster] zich schuldig heeft gemaakt aan het declareren van niet gemaakte reiskosten bij Vakbond ABC. In het verzoekschrift heeft zij ook nog gewezen op onjuist en dubbel declareren door [verweerster] bij Holland Casino, maar dit verwijt heeft zij – na gemotiveerde betwisting daarvan door [verweerster] – niet nader onderbouwd.

20. Ter zitting heeft [verweerster] verklaard dat zij inderdaad kosten heeft gedeclareerd aan Vakbond ABC, die zij niet heeft gemaakt. Volgens haar was dit zo afgesproken met het dagelijks bestuur van Vakbond ABC en dienden de fictieve reiskosten als financiële compensatie voor de door haar gemaakte uren. Daarom is volgens [verweerster] geen sprake van valsheid in geschrifte en/of van verduistering. Vakbond ABC is ook niet benadeeld. Zij heeft de door haar ontvangen bedragen in de belastingaangifte opgenomen, aldus [verweerster] .

21. Voor de beoordeling of het declaratiegedrag van [verweerster] een dringende reden dan wel verwijtbaar handelen jegens Holland Casino oplevert, zoals door Holland Casino is betoogd, is het volgende van belang. Van een strafrechtelijke veroordeling van [verweerster] is geen sprake. [verweerster] wordt zelfs (nog) niet strafrechtelijk vervolgd. Een verband tussen haar werkzaamheden voor Holland Casino en het mogelijk strafbaar handelen is niet direct aanwezig, zodat haar arbeidsrechtelijk geen verwijt valt te maken. Wel is denkbaar dat een eventuele strafrechtelijke veroordeling haar ongeschikt maakt voor de functie als [functie] . Daarvan is op dit moment echter nog geen sprake. Ongeschiktheid voor de functie is bovendien niet als grondslag aangevoerd voor de verzochte ontbinding.

Verstoorde arbeidsverhouding

22. Ten slotte heeft Holland Casino nog aangevoerd dat de arbeidsverhouding met [verweerster] inmiddels onherstelbaar is verstoord en er bij Holland Casino geen enkel vertrouwen meer bestaat in een vruchtbare continuering van het dienstverband. Holland Casino heeft deze rechtsgrond niet onderbouwd, ook niet na gemotiveerde betwisting door [verweerster] , die stelt steunbetuigingen te hebben ontvangen van tal van collega’s. Deze grond kan reeds daarom niet tot ontbinding leiden. Als de arbeidsverhouding al onder druk is komen te staan, is dit bovendien veeleer het gevolg van de wijze waarop Holland Casino met de belangen van [verweerster] is omgesprongen, in het bijzonder door haar te schorsen, zodat zij al sinds 10 mei 2016 haar werkzaamheden niet meer heeft kunnen verrichten.

Wanprestatie

23. Aan de verzochte ontbinding wegens wanprestatie heeft Holland Casino dezelfde feiten en omstandigheden ten grondslag gelegd. Onder verwijzing naar het hiervoor overwogene, oordeelt de kantonrechter dat, voor zover [verweerster] kan worden verweten dat zij een onder embargo ontvangen adviesaanvraag aan de OR heeft doorgestuurd aan derden, deze tekortkoming niet van dien aard is, dat dit een ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens wanprestatie rechtvaardigt. Ook deze grond leidt niet tot toewijzing van het verzoek. Het verzoek om [verweerster] te veroordelen tot terugbetaling van loon behoeft daarmee geen bespreking meer.

Slotsom

24. Alle door Holland Casino naar voren gebrachte feiten en omstandigheden, die in het voorgaande zijn beoordeeld, leveren naar het oordeel van de kantonrechter geen redelijke grond op voor ontbinding wegens een dringende reden, verwijtbaar handelen of een verstoorde arbeidsverhouding. Evenmin is er grond voor een ontbinding wegens wanprestatie. Het verzoek tot ontbinding zal daarom worden afgewezen. Het door [verweerster] gedane beroep op het opzegverbod behoeft daarmee geen bespreking meer.

25. Nu de arbeidsrechtelijke relatie tussen partijen zal worden voortgezet, bestaat er aanleiding de proceskosten te compenseren in die zin, dat iedere partij de eigen kosten draagt.

BESLISSING

De kantonrechter:

wijst de verzoeken af;

bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.

Aldus gegeven door mr. I.H.J. Konings, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 augustus 2016 in tegenwoordigheid van de griffier.