Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2016:4369

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
13-07-2016
Datum publicatie
15-07-2016
Zaaknummer
5165123 KK EXPL 16-798
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Voldoende aannemelijk dat bepaling in arbeidsovereenkomst met acteurs, dat bij het stopzetten van de voorstelling de arbeidsovereenkomst eindigt, in dit geval niet strijdig is met de strekking van de regels met betrekking tot beëindiging van arbeidsovereenkomsten. Afwijzing vorderingen werknemers.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2016/2080
Prg. 2016/219
AR-Updates.nl 2016-0792
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht

zaaknummer: 5165123 KK EXPL 16-798

vonnis van: 13 juli 2016

func.: 717

vonnis van de kantonrechterkort geding

I n z a k e

1. [eiser 1]

2. [eiser 2]

3. [eiser 3]

4. [eiser 4]

5. [eiser 5]

allen wonende te [woonplaats]

6. [eiser 6]

wonende te [woonplaats]

7. [eiser 7]

wonende te [woonplaats]

8. [eiser 8]

wonende te [woonplaats]

9. [eiser 9]

wonende te [woonplaats]

eisers

gezamenlijk nader te noemen: werknemers

gemachtigde: mr. S.I. Janssen

t e g e n

SKY Netherlands B.V.

gevestigd te Amsterdam

nader te noemen: Sky

gemachtigde: mr. H.M.J. Bogaard

VERLOOP VAN DE PROCEDURE

Bij dagvaarding van 23 juni 2016, met producties, hebben werknemers een voorziening gevorderd.

Ter terechtzitting van 5 juli 2016 heeft de mondelinge behandeling plaatsgevonden. Werknemers 1, 3, 4, 5 en 8 zijn in persoon verschenen en, namens werkneemster 2 is de heer [naam] verschenen, vergezeld door hun gemachtigde. Sky is verschenen bij de heren [naam 1] en [naam 2] en mevrouw [naam 3] , vergezeld door de gemachtigde en haar kantoorgenote mr. Peels. Partijen hebben op voorhand stukken in het geding gebracht. Partijen hebben ter zitting hun standpunten toegelicht aan de hand van pleitnotities. Na verder debat is vonnis gevraagd en is een datum voor vonnis bepaald.

GRONDEN VAN DE BESLISSING

Uitgangspunten

1. Als uitgangspunt geldt het volgende.

1.1.

Sky is volgens een KVK-uittreksel van 13 juni 2016 opgericht op 18 september 2015 en heeft als activiteiten: producenten van podiumkunst, dienstverlening voor uitvoerende kunst, financiële holdings. Enig aandeelhouder en bestuurder van Sky is AFM Worldwide BV

1.2.

Werknemers zijn per 25 januari 2016 in dienst getreden bij Sky in de functie van acteur in de (musical)productie Sky (nader te noemen de productie). De productie is in april 2016 in première gegaan in Amsterdam.

1.3.

In de arbeidsovereenkomst tussen eiseres 1 en Sky staat in artikel 2 ondermeer dat de arbeidsovereenkomst is aangegaan voor bepaalde tijd, tot en met 30 september 2016. Voorts staat in artikel 2:

“Deze arbeidsovereenkomst is echter een “productie-gebonden” overeenkomst, wat betekent dat deze arbeidsovereenkomst ook eerder dan voornoemde einddatum van rechtswege zal kunnen eindigen indien en zodra de Productie stopt, namelijk op de eerste dag na de laatste voorstelling van de Productie”.

1.4.

In de arbeidsovereenkomsten tussen eisers 2 tot en met 9 en Sky staat in artikel 2 ondermeer dat de arbeidsovereenkomst is aangegaan voor bepaalde tijd, tot en met 29 januari 2017 en dat Sky uiterlijk 8 weken voor die datum schriftelijk laat weten of de productie wordt verlengd. Voorts staat in artikel 2:

“Deze arbeidsovereenkomst is echter een “productie-gebonden” overeenkomst, wat betekent dat deze arbeidsovereenkomst ook eerder dan voornoemde einddatum van rechtswege zal kunnen eindigen indien en zodra de Productie stopt, namelijk op de eerste dag na de laatste voorstelling van de Productie.”

1.5.

Bij eisers 2 en 4 tot en met 9 staat in artikel 2 van de arbeidsovereenkomst ook nog het volgende:

“Wanneer de laatste voorstelling plaatsvindt is afhankelijk van diverse externe factoren”.

1.6.

Bij mail van 31 mei 2016 heeft [naam 3] , executive producer bij Sky, aan alle werknemers van Sky bericht dat de productie op 30 juni 2016 zal eindigen en dat dit voor de werknemer als Sky-medewerker betekent dat het contract met Sky op 30 juni 2016 zal eindigen.

1.7.

De manager van eiseres 1 heeft op 1 juni 2016 aan Sky onder meer gemaild - zakelijk weergegeven - dat aangezien Sky, als werkgever, de stekker uit de productie heeft getrokken, een ontbindende voorwaarde als in de arbeidsovereenkomst opgenomen, in strijd is met het gesloten ontslagstelsel zodat hij er van uitgaat dat het salaris van eiseres 1 wordt doorbetaald tot 1 oktober 2016. Op deze mail is een mailcorrespondentie tussen de manager van eiseres 1 en Sky gevolgd.

Vordering en verweer

2. Werknemers vorderen - zakelijk weergegeven - dat Sky bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, veroordeeld zal worden om:

2.1.

uiterlijk 31 juli 2016 tot betaling over te gaan aan werknemers van het bruto salaris conform de recente salarisstrook over de maand juli 2016;

2.2.

uiterlijk op de laatste dag van elke maand tot betaling over te gaan aan eiseres 1 van het bruto maandsalaris conform de recente loonstrook over de maanden augustus en september 2016;

2.3.

uiterlijk op de laatste dag van elke maand tot betaling over te gaan aan eisers 2 tot en met 9 van het bruto maandsalaris conform de recente loonstrook over de maanden augustus 2016 tot en met januari 2017;

2.4.

tot betaling aan eiseres 1 uiterlijk in de maand oktober 2016, respectievelijk aan eisers 2 tot en met 9 uiterlijk in de maand januari 2017, van de pro rata over 1 juli tot en met 30 september 2016 respectievelijk 29 januari 2017 opgebouwde vakantietoeslag;

2.5.

tot betaling aan eiseres 1 uiterlijk in de maand oktober 2016, respectievelijk aan eisers 2 tot en met 9 uiterlijk in de maand januari 2017, van de over 1 juli tot en met 30 september 2016 respectievelijk 29 januari 2017 opgebouwde vakantiedagen;

2.6.

uiterlijk in oktober 2016 voor eiseres 1 en in februari 2016 voor eisers 2 tot en met 9 over te gaan tot afgifte van een correcte eindafrekening op schrift;

2.7.

tot betaling van de wettelijke verhoging over de hiervoor onder 2.1 tot en met 2.4 genoemde looncomponenten;

2.8.

tot betaling van de wettelijke rente over 2.1 tot en met 2.4 en 2.7;

2.9.

tot betaling van buitengerechtelijke incassokosten tot een bedrag van € 875,00;

2.10.

tot betaling van de reële proceskosten;

2.11.

subsidiair, een voorziening te treffen, zoveel mogelijk in lijn met en in strekking van de hiervoor gevorderde voorlopige voorzieningen.

3. Werknemers stellen hiertoe dat de projectclausule nietig is c.q. dat hun contracten tot 1 oktober 2016 respectievelijk 30 januari 2017 dienen door te lopen omdat geen sprake is van een objectief bepaalbare, zuivere projectclausule, welke de arbeidsovereenkomsten rechtsgeldig doet eindigen zonder dat enige opzegging is vereist. Volgens werknemers is het een besluit van Sky geweest om de productie om financiële redenen per 1 juli 2016 te stoppen. Er waren ook kaarten verkocht voor voorstellingen na 1 juli 2016. Dit plotsklapse einde en de einddatum waren voor werknemer onvoorzienbaar en het stoppen van de productie is volledig afhankelijk van de wil en het besluit van Sky. Sky had ook voor “ bij” financiering of een faillissement kunnen kiezen. De projectclausule is aan te merken als een ontbindende voorwaarde in de zin van artikel 3:38 BW maar ook als het geen ontbindende voorwaarde is geldt dat de einddatum onvoldoende objectief bepaalbaar is. Voor een arbeidsovereenkomst voor de duur van een project is vereist dat sprake is van een voldoende duidelijk omschreven einddatum. Echter, in de arbeidsovereenkomsten van Sky met werknemers staat nergens vermeld bij welk aantal kaarten sprake is van een ondergrens c.q. einddatum van de productie. Gewezen wordt op de jurisprudentie waarin is overwogen dat een ontbindende voorwaarde, die redelijkerwijs niet te verenigen is met het gesloten stelsel van het ontslagrecht, niet tot beëindiging van rechtswege van de arbeidsovereenkomst kan leiden. Er is geen sprake van een objectief bepaalbare rechtsgeldige projectclausule. Werknemers zijn niet te vergelijken met seizoenarbeiders. de productie stond gepland tot en met januari 2017. Er is in deze zaak sprake van een eigen, subjectieve waardering van de omstandigheden door Sky, hetgeen volgens de Hoge Raad in eerdere uitspraken redelijkerwijs niet te verenigen is met het gesloten stelsel van het ontslagrecht. Het tegenvallen van de kaartverkoop is een ondernemersrisico dat niet op de werknemers mag worden afgewenteld. Zij delen immers ook niet in het ondernemerssucces. Of werknemers een uitkering van het UWV krijgen is onzeker en bovendien is het niet de bedoeling dat ondernemingsrisico’s afgewenteld worden op de belastingbetalers via de sociale fondsen. Werknemers zijn bij een faillissement beter af aangezien zij dan nog enige tijd 100% van hun salaris vanuit het UWV krijgen doorbetaald en een aantal van hen (nog) geen WW-rechten heeft opgebouwd.

4. Sky verzoekt de vorderingen af te wijzen en voert daartoe het volgende aan. Volgens Sky is de projectclausule in artikel 2 van de arbeidsovereenkomsten met werknemers niet aan te merken als een ontbindende voorwaarde maar als een projectbepaling in de zin van artikel 7:667 lid 1 BW, welke zeer gebruikelijk is in de theaterbranche. Zowel bij een overeenkomst voor bepaalde tijd als bij een ontbindende voorwaarde dient het einde van het project objectief bepaalbaar te zijn. Volgens Sky is het einde van de arbeidsovereenkomst objectief bepaalbaar en niet van de wil van Sky afhankelijk. Het project is voldoende duidelijk omschreven, te weten de musical Sky. Over de vraag of de musical Sky gestopt is kan geen discussie bestaan: er worden voorstellingen gegeven of er worden geen voorstellingen gegeven.

De reden waarom de productie stopt is omdat het geld op is. Sky zit in de rode cijfers, de externe financiers hebben aan hun contractuele verplichtingen voldaan en zelfs in mei 2016 vier ton bijgestort opdat Sky ook in de maand juni aan haar financiële verplichtingen kan voldoen. Bij voortduren van de productie is bij het aantal kaarten dat verkocht is een negatieve kasstroom van € 60.000,00. Volgens marktonderzoek zal de (tegenvallende) kaartverkoop nog verder dalen in de maanden na 1 juli 2016. Sky heeft noodgedwongen moeten besluiten tot het stopzetten van de productie. Hoewel de directie van Sky het besluit heeft genomen dat de productie per 30 juni 2016 stopt zijn de aan dat besluit ten grondslag liggende factoren zodanig dat de directie feitelijk geen keus had.

Dat de theaterbranche een eigen karakter heeft wordt ook onderschreven doordat de artistieke functies in die branche zijn opgenomen in de ministeriële regeling bij artikel 7:668a BW. Daardoor kan voor de branche in een CAO een uitzondering worden gemaakt ten aanzien van de ketenregeling.

Werknemers hebben de arbeidsovereenkomsten met de projectbepaling getekend, terwijl zij veelal werden bijgestaan door agenten in de contractonderhandelingen met Sky. Partijen wisten dat bedoeling van de projectbepaling was dat de arbeidsovereenkomst bij einde van de productie zou eindigen. De tekst van de projectbepaling is kristalhelder, aldus Sky.

De omstandigheid dat de arbeidsovereenkomsten tussen Sky en werknemers inhoudsloos wordt als de productie stopt kan van invloed zijn op de geldigheid van een ontbindende tijdsbepaling.

Sky wijst er op dat ze, hoewel een arbeidsovereenkomst voor betrekkelijk bepaalde tijd eindigt zonder voorafgaande opzegging, op 31 mei 2016 aan werknemers heeft aangezegd dat de arbeidsovereenkomst eindigt per 1 juli 2016.

Het is niet juist dat werknemers niet in aanmerking komen voor een uitkering van het UWV; er zijn al uitkeringen toegekend aan werknemers van Sky met een projectbepaling in hun contract waarop een beroep is gedaan na het stoppen van de productie. Er is bij het einde van de arbeidsovereenkomst door het moeten inroepen van de projectbepaling geen sprake van verwijtbare werkloosheid.

Het is onjuist dat een faillissement beter is. Een faillissement brengt immers vertrekkende gevolgen met zich.

Sky verzoekt subsidiair om de vorderingen van werknemers te matigen omdat sprake is van een inhoudsloze arbeidsovereenkomst en het toewijzen van de integrale loonvorderingen leidt tot een onaanvaardbaar resultaat. Ook zou bij toewijzing van de loonvorderingen een wanverhouding ontstaan tussen het tijdvak waarover loon wordt betaald en het tijdvak dat werknemers daadwerkelijk hebben gewerkt, aldus Sky.

5. Ter zitting hebben werknemers in reactie op het standpunt van Sky nog het volgende aangevoerd. In het arbeidsrecht is de contractsvrijheid ingeperkt als een ongelijkheidscompensatie voor de zwakkere partij. Ook als er sprake is van een traditie in de theaterbranche om de arbeidsovereenkomsten te stoppen op het moment dat de productie stopt dan is die traditie in strijd met het gesloten systeem van het arbeidsrecht; een gesloten systeem van beëindigingswijzen. In de arbeidsovereenkomsten staat niet concreet benoemd bij verkoop van welk aantal kaarten een ondergrens is bereikt en de musical stopt. Ook zijn er wel een aantal kaarten verkocht na 1 juli 2016 dus de einddatum had ook heel goed op een andere datum dan 30 juni kunnen worden geprikt zodat reeds daarom geen sprake is van een objectief bepaalbare einddatum. Dat 30 juni 2016 de einddatum is is dus geheel subjectief. Door haar handelswijze heeft Sky wel de plussen maar niet de minnen doordat de werknemers op grond van een langlopend bepaalde tijdcontract zonder tussentijdse opzegmogelijkheid gebonden zijn aan Sky terwijl Sky hen midden in de zomer zonder kans op werk op straat kan zetten. Sky wil haar ondernemersrisico op deze manier afwentelen op werknemers. Sky heeft juist niet gekozen voor een opeenvolgende reeks bepaalde tijd contracten maar voor een langer contract zonder tussentijdse opzegmogelijkheid en een projectclausule. Voor werknemers geldt dat wanneer zij al per 1 juli 2016 een uitkering aan moeten vragen de WW-uitkering veel lager zal zijn dan het loon of een overgenomen betaling bij faillissement. De speciale WW-regeling voor artiesten is per 1 juni 2013 afgeschaft zodat het voor veel artiesten onmogelijk is een werkloosheiduitkering te krijgen omdat ze niet lang genoeg onafgebroken hebben gewerkt. Toelaatbaar verklaren van de project-clausule betekent een aardverschuiving in het arbeidsrecht. Tot slot verzoeken werknemers om een reële proceskostenveroordeling.

6. Sky heeft ter zitting aangevoerd dat het een principiële en belangrijke kwestie betreft. Volgens Sky geeft de bepaling in de arbeidsovereenkomst duidelijk aan dat de arbeidsovereenkomst voor een bepaalde duur wordt aangegaan en per die datum eindigt of zoveel eerder als de musical eindigt. Volgens Sky getuigt het niet van goed werknemerschap om enerzijds de zekerheid te genieten van een bepaalde tijd contract en anderzijds als het tegenzit de rechtmatigheid van de projectbepaling in twijfel te trekken. Ook in andere open-einde producties wordt gebruik gemaakt van projectbepalingen en het UWV is, blijkens de toekenning van een uitkering aan twee Sky-werknemers, kennelijk van mening dat het inroepen van een projectclausule tot een geldige beëindiging van de arbeidsovereenkomsten heeft geleid. Gelet op de verknochtheid van de arbeidsovereenkomst en de aard van de werkzaamheden met de productie maakt het stopzetten van de productie dat de arbeidsovereenkomst inhoudsloos is geworden. De productiekosten bedroegen 3,2 miljoen euro. Door de extra investering van 4 ton in mei 2016 om alles goed af te ronden en het moeten afboeken van 0,55 miljoen op niet door Sky aan hen betaalde kosten en royalty’s zal de productie de diverse stakeholders/investeerders meer dan 4 miljoen kosten. Meegaan met de stelling van werknemers zou beteken dat bij elke musical die noodgedwongen moet stoppen de onderneming failliet moet gaan.

Sky heeft zich als een goede werkgever opgesteld door niet al in mei de productie te stoppen, hetgeen goedkoper zou zijn geweest maar een additioneel verlies van 4 ton te nemen om alle crediteuren waaronder de acteurs te voldoen. Het was geen keus van Sky, de tegenvallende kaartverkoop maakte dat Sky de beslissing moest nemen de productie te stoppen.

Beoordeling

7. In dit kort geding dient te worden beoordeeld of de in deze zaak aannemelijk te achten omstandigheden een ordemaatregel vereisen dan wel of de vordering van werknemers in een bodemprocedure een zodanige kans van slagen heeft dat het gerechtvaardigd is op de toewijzing daarvan vooruit te lopen door het treffen van een voorziening zoals gevorderd. Het navolgende behelst dan ook niet meer dan een voorlopig oordeel over het geschil tussen partijen.

8. Aan de orde is de vraag of redelijkerwijs met de strekking van de regels met betrekking tot beëindiging van arbeidsovereenkomsten is te verenigen dat in de arbeidsovereenkomsten tussen Sky en werknemers een bepaling staat dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege eindigt wanneer de productie stopt.

9. In de jurisprudentie en ook door de wetgever bij de invoering van de WWZ wordt er van uitgegaan dat het mogelijk is dat een arbeidsovereenkomst wordt gesloten voor de duur van een project. Daarbij kan de einddatum van dat project op het moment van sluiten van de overeenkomst niet op een kalendertijdstip worden vastgesteld omdat nog niet bekend is wanneer het project eindigt. Een open einde-productie, waaronder moet worden verstaan een productie waarvan niet op voorhand vast staat hoe lang zij zal lopen zoals de musical Sky, is aan te merken als een project. De bepaling in de arbeidsovereenkomsten van werknemers dat hun arbeidsovereenkomst van rechtswege eindigt als de productie stopt is op grond van het voorgaande niet zonder meer in strijd met het systeem van het ontslagstelsel. Daarbij speelt ook een rol dat de theaterbranche een uniek karakter heeft, alleen al door het feit dat het opzetten van een theaterproductie zeer risicovol is omdat meteen met een volledige cast moet worden gestart terwijl er (nog) geen zekerheid is over de omvang van de kaartverkoop. Uit de overgelegde stukken blijkt dat ook de huidige minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (S&W) het bijzonder karakter van de theaterbranche heeft onderkend en heeft willen faciliteren. Dat de huidige minister van S&W de theaterbranche met name heeft willen faciliteren door een uitzondering op de ketenregeling toe te staan bij CAO doet aan het voorgaande niet af. Op dit moment is er geen CAO. Wanneer die CAO er wel is ligt het in de rede dat gekozen zal worden voor meerdere opeenvolgende bepaalde tijd contracten met een (kalender)einddatum in plaats van een projectbepaling. Werkgevers en werknemers weten dan immers waar ze aan toe zijn en er ontstaat geen onzekerheid over de vraag hoe het besluit een productie te stoppen in het licht van de strekking van de ontslagregels en het goed werkgeverschap zal worden beoordeeld. In de wetsgeschiedenis van de WWZ zijn echter geen aanwijzingen te vinden dat de Minister van S&W uitsloot dat voor een culturele productie gebruik werd gemaakt van een projectbepaling.

10. Het project, de opvoering van de musical Sky, is voldoende duidelijk omschreven. De einddatum is objectief bepaalbaar. Dat is het moment waarop de laatste voorstelling van de musical Sky is opgevoerd. De laatste voorstelling was op 30 juni 2016 zodat op grond van de bepaling in de arbeidsovereenkomsten met werknemers de einddatum is gelegen op de eerste dag na die laatste voorstelling. Ook als het project voldoende duidelijk is omschreven en de einddatum objectief bepaalbaar is kan het inroepen van de projectbepaling in strijd zijn met de strekking van de regels met betrekking tot beëindiging van arbeidsovereenkomsten. Of dat het geval is dient te worden beoordeeld aan de hand van alle omstandigheden van het geval.

11. Volgens werknemers dient voor een rechtsgeldige projectbepaling de einddatum van het project objectief te kunnen worden vastgesteld zonder een eigen, subjectieve waardering van de omstandigheden door Sky als werkgever. Aan werknemers kan worden toegegeven dat in dit geval een besluit door de directie van Sky is genomen de productie te stoppen. Wanneer echter vast kan worden gesteld dat een redelijk handelend werkgever geen andere keus had dan de productie te stoppen dan is het feit dat het formele besluit door Sky zelf is genomen niet zonder meer een belemmering voor het inroepen van de projectbepaling.

12. Sky heeft voldoende aangetoond dat de kaartverkoop gedurende de eerste maanden van de productie zo tegen is gevallen dat er nimmer quitte gedraaid werd en er zelfs wekelijks € 60.000,00 bij moest worden gefinancierd. Sky heeft onbetwist aangevoerd dat, nadat in mei werd geconstateerd dat de kaartverkoop achter bleef bij de verwachtingen, er met behulp van een samenwerking met Sanoma en SBS en het inkopen van televisiereclames is geprobeerd de kaartverkoop op gang te brengen. Kort nadat de commercials waren uitgezonden was er een geringe toename van de kaartverkoop maar in de loop van mei 2016 liep de kaartverkoop weer terug. Vanaf eind juni 2016 waren er nog minder kaarten verkocht. Omdat er geen uitzicht was op verbetering van de kaartverkoop en de externe geldschieters niet langer bereid waren wekelijks € 60.000,00 bij te storten had Sky in feite nog maar twee keuzes: het inroepen van de projectbepaling of een faillissement aanvragen. Sky is als zelfstandige productiebedrijf niet zonder meer te vereenzelvigen met haar externe financiers. Werknemers hebben geen feiten of omstandigheden gesteld die in dit geval maken dat vereenzelviging wel op zijn plaats is zodat de door werknemers genoemde derde optie “bij-financiering” niet in de invloedssfeer van Sky zelf lag. Sky had immers maar één product; een musical productie waarvan de kaartverkoop achterbleef, hetgeen een externe financieringsronde in feite illusoir maakte. Wat van Sky als werkgever in het kader van goed werkgeverschap kan worden gevergd gaat niet zo ver dat bewust op faillissement moet worden aangestuurd. Ook als de positie van werknemers met een faillissement beter is dan zonder faillissement kunnen zij er geen aanspraak op maken dat Sky doelbewust op een situatie aanstuurt dat zij niet in staat is haar crediteuren, waaronder werknemers zelf, te betalen. Gelet op alle omstandigheden van het geval acht de voorzieningenrechter aannemelijk dat de bodemrechter zal oordelen dat Sky geen andere optie had dan om de productie te stoppen, waarmee de beslissing in feite gelijk te stellen is met de situatie dat de oorzaak van het moeten inroepen van zo’n projectbepaling geheel buiten de invloedsfeer van werkgever ligt.

13. Voorts is voor de beoordeling in deze zaak nog relevant dat door het stoppen van de productie er geen werk meer voor werknemers is, waardoor het belangrijkste kenmerk voor de definitie van een arbeidsovereenkomst is komen te vervallen en de arbeidsovereenkomsten in feite geheel inhoudsloos zijn geworden. Sky heeft ook geen andere activiteiten dan de productie van de muscial Sky. Aan Sky kan in het kader van goed werkgeverschap wel worden tegengeworpen dat zij werknemers bepaalde tijd contracten (voor maximaal maanden) heeft aangeboden zonder mogelijkheid van tussentijdse opzegging. Sky geniet daardoor in deze zaak wel erg veel voordelen ten koste van werknemers; zij kan het contract beëindigen wanneer de productie eindigt of de overeengekomen kalenderdatum is bereikt terwijl werknemers geen contractuele aanspraak hebben op tussentijdse beëindiging en Sky dus in beginsel op hen kan rekenen tot einde contract. Dat Sky stelt altijd bereid te zijn in gesprek te gaan over eerdere beëindiging doet niet af aan het feit dat werknemers geen contractuele aanspraak op tussentijdse beëindiging hebben.

In het voordeel van Sky zal echter worden meegenomen dat Sky, doordat de productie niet per direct maar pas na een maand is gestopt, in feite een aanzeg- of opzegtermijn in acht heeft genomen van een maand. Sky heeft onbetwist aangevoerd dat stoppen per 31 mei 2016 goedkoper was geweest dan door te gaan met de productie in de maand juni 2016. Voor het laten voortduren van de productie gedurende de maand juni heeft Sky van haar externe financiers, die daartoe niet gehouden waren, 4 ton extra ontvangen. Door die extra maand hebben werknemers in ieder geval enig respijt gehad tussen het moment dat zij hebben gehoord dat de productie zou stoppen en het moment dat de loonbetaling stopt.

14. Gelet op alle feiten en omstandigheden is voldoende aannemelijk dat de bodemrechter zal oordelen dat Sky rechtsgeldig een beroep kan doen op de projectbepaling omdat deze niet strijdig is met de strekking van de regels over beëindiging van arbeidsovereenkomsten. In deze procedure wordt er daarom vanuit gegaan dat de arbeidsovereenkomsten tussen Sky en werknemers per 1 juli zijn geëindigd. De vorderingen van werknemers zullen om die reden worden afgewezen.

15. Mede gelet op het feit dat ook Sky als werkgever heeft onderkend dat werknemers een principiële en belanghebbende zaak hadden zullen de proceskosten worden gecompenseerd in de zin dat partijen hun eigen proceskosten dragen.

BESLISSING

De kantonrechter:

wijst de vorderingen af;

compenseert de proceskosten aldus dat partijen hun eigen proceskosten dragen.

Aldus gewezen door mr. H.M. Patijn, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 13 juli 2016 in tegenwoordigheid van de griffier.