Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2015:9802

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
31-12-2015
Datum publicatie
12-02-2016
Zaaknummer
HA RK 15-339
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Benoeming vereffenaar nalatenschap Rywa Leja Press.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht

zaaknummer / rekestnummer: C/13/596918 / HA RK 15-339

Beschikking van 31 december 2015

in de zaak van

GEERT DAVID HAGEMAN,

wonende te Haarlem,

verzoeker,

advocaat mr. M. Heikens te Amsterdam.

Verzoeker zal hierna Hageman worden genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 11 november 2015;

  • -

    het e-mailbericht, met bijlagen van mr. Heikens van 19 november 2015.

1.2.

De beschikking is bepaald op heden. Verzoeker is door de rechtbank van de beschikkingsdatum op de hoogte gesteld.

2 De feiten

2.1.

Bij beschikking van 10 juni 2013 heeft de kantonrechter van de rechtbank te Amsterdam Stichting CAV te Amsterdam benoemd tot bewindvoerder van alle goederen die (zullen) toebehoren aan Rywa Leja Press (hierna: erflaatster).

2.2.

Op 1 juni 2015 is erflaatster, geboren te ‘s-Gravenhage op 12 juli 1946, te Amsterdam overleden. De laatste woonplaats van erflaatster was Amsterdam. Erflaatster was ten tijde van haar overlijden ongehuwd en niet als partner geregistreerd.

2.3.

Blijkens een brief van 20 juli 2015 van het Centraal Testamentenregister te Den Haag heeft erflaatster laatstelijk op 31 oktober 2005 een testament doen opmaken. Dat testament luidt (voor zover van belang):

“(…)

HOOFDSTUK 3. ERFSTELLING

Ik benoem tot mijn enige erfgenaam de Heer Anthonius Hendrikus Maria Hameeteman, wonende te 3255 AB Oude Tonge, Jozefdreef 8, geboren te Oostflakkee op negen januari negentienhonderd drieënzeventig.

Ik verklaar de regels van plaatsvervulling van toepassing.

(…)”

Blijkens dit testament is de heer A.H.M. Hameeteman derhalve de erfgenaam van erflaatster (hierna: de erfgenaam)

2.4.

De erfgenaam (alsmede zijn kinderen) hebben de nalatenschap verworpen.

2.5.

In aanvulling op het verzoekschrift van 11 november 2015 heeft mr. M. Heikens bij email van 19 november 2015, voor zover van belang, het volgende verklaard:

“(…)

Geachte mevrouw Huisman,

Bijgaand in attachment het GBA-uittreksel en het berichtenverkeer hieronder waaruit blijkt dat CAV de opdracht heeft verstrekt aan de notaris.

(…)”

2.6.

In aanvulling op het verzoekschrift van 11 november 2015 heeft mr. M. Heikens bij email van 19 november 2015, voor zover van belang, het navolgende emailbericht van stichting CAV als bijlage meegezonden:

“(…)

Hoi Saskia,

Op 2-6-2015 is mijn cliënt, mevrouw Press, overleden.

Er schijnt een testament te zijn waarin een notaris is benoemt tot executeur, echter deze aanvaard de benoeming niet vanwege de vele schulden.

Wel geeft deze aan een mail te hebben gestuurd aan de erfgenaam welke ook in het testament staat. Deze heeft tot op heden niet gereageerd.

Er zijn veel schulden en er is altijd netjes boedelbijdrage in het WSNP traject overgemaakt. Het saldo op de beheerrekening bedraagt nu ongeveer € 2600,-.

Omdat ik graag van dit dossier af wil en er niemand is dit deze nalatenschap wilt afwikkelen wil ik graag weten of jullie dit kunnen / willen afwikkelen.

(…)”

3 Het verzoek

3.1.

Het verzoek strekt tot het benoemen van een vereffenaar van de nalatenschap van erflaatster als bedoeld in artikel 4:204 lid 1 sub a van het Burgerlijk Wetboek (BW).

3.2.

Verzoeker legt aan zijn verzoek het navolgende ten grondslag. Erflaatster heeft, volgens de opgaaf van de bewindvoerder, een vermogen van circa € 2.645,69 achtergelaten en er is een aanzienlijk bedrag aan openstaande schulden niet voldaan. Op de overlijdensdatum van erflaatster bedroegen de schulden in totaal € 32.224,90.

Nu de nalatenschap van erflaatster negatief is, dient deze vereffend te worden volgens de wet, aangezien thans (1) geen erfgenamen bekend zijn, (2) mogelijke erfgenamen opgespoord dienen te worden, (3) de nalatenschap onbeheerd is gebleven en (4) er schulden dienen te worden voldaan. Verzoeker wenst dan ook mr. P.A. Hilbers als vereffenaar te benoemen.

3.3.

Tevens verzoekt verzoeker te bepalen dat: (1) vrijstelling wordt verleend voor betaling van het griffierecht ter zake van het verzoekschrift, (2) om de aan het verzoekschrift verbonden kosten, waaronder het griffierecht en de kosten van de advocaat, als vereffeningskosten ten laste van de nalatenschap te mogen brengen, (3) de vereffenaar, uit kostenoverwegingen, vrijstelling te verlenen van de verplichting tot publicatie ex artikel 4:206 lid 6 BW in een nieuwsblad waarvoor kosten gemaakt dienen te worden.

4. De beoordeling

4.1.

Op grond van artikel 4:204 lid 1 sub a BW kan de rechtbank, wanneer een nalatenschap niet beneficiair is aanvaard, op verzoek van een belanghebbende een vereffenaar benoemen als niet bekend is of er erfgenamen zijn of als de nalatenschap niet door een executeur wordt beheerd en de erfgenamen die bekend zijn haar geheel of ten dele onbeheerd laten.

4.2.

Uit de email van mr. M. Heikens van 19 november 2015 lijdt de rechtbank af dat Stichting CAV aan het notariskantoor waar verzoeker thans werkzaam is de opdracht heeft verleend om de nalatenschap van erflaatster af te wikkelen. Gelet hierop kan, naar het oordeel van de rechtbank, verzoeker kan als belanghebbende worden aangemerkt.

4.3.

Nu de bekende erfgenaam alsmede zijn kinderen de nalatenschap van erflaatster heeft hebben verworpen, stelt de rechtbank vast dat de nalatenschap van erflaatster niet beneficiair is aanvaard. Uit de processtukken maakt de rechtbank voorts op dat de nalatenschap niet door een executeur wordt beheerd en dat de bekende erfgenaam haar onbeheerd laat. Dit betekent dat aan de vereisten van artikel 4:204 lid 1 sub a BW is voldaan en het van belang is dat een vereffenaar wordt benoemd ter afwikkeling van de nalatenschap.

4.4.

De rechtbank constateert gelet op het voorgaande dat verzoeker een belang heeft bij het verzoek en dat er geen bezwaren bestaan tegen het benoemen van een vereffenaar in de nalatenschap van erflaatster en dat ook overigens aan de wettelijke vereisten is voldaan. Het verzoek is hiermee op de wet gegrond en zal worden toegewezen.

4.5.

Mr. P.A. Hilbers heeft aangegeven bereid te zijn de benoeming tot vereffenaar te aanvaarden.

4.6.

Ten aanzien van het verzoek tot het verlenen van vrijstelling voor de betaling van het griffierecht overweegt de rechtbank het navolgende. De wetgever heeft expliciet overwogen dat voor de indiening van een verzoekschrift of een verweerschrift griffierecht wordt geheven, voor zover bij of krachtens de wet niet anders is bepaald (artikel 3 lid 2 Wet griffierechten burgerlijke zaken). Nu verzoeker in de onderhavige procedure een verzoekschrift heeft ingediend is hij derhalve verplicht de geheven griffierechten te betalen. Gesteld noch gebleken is dat verzoeker valt onder een bij wet bepaalde uitzonderingssituatie, zodat het verzoek om vrijstelling te verlenen voor betaling van het griffierecht ter zake van het onderhavige verzoekschrift zal worden afgewezen.

4.7.

Aangezien uit het verzoekschrift blijkt dat de schulden van de nalatenschap groter zijn dan de baten, wordt naar het oordeel van de rechtbank geen redelijk belang gediend wanneer de (kostbare) wettelijk voorgeschreven wijze van bekendmaking in een landelijk verspreid dagblad zoals vermeld in artikel 4:206 lid 6 BW wordt gevolgd. De personen die belang hebben bij het bekend worden met de inhoud van deze beschikking kunnen namelijk ook op een andere manier worden geïnformeerd. De rechtbank is van mening dat bekendmaking op het internet een even goede, misschien zelfs betere mogelijkheid, geeft aan iedere belanghebbende om op de hoogte te komen van de financiële situatie van de nalatenschap. Dit brengt ook geen nieuwe kosten met zich mee. De bekendmaking van de beschikking zal plaatsvinden op www.rechtspraak.nl/uitspraken. Ten aanzien van de bekendmaking in de Staatscourant zal geen ontheffing van de publicatieplicht worden verleend, aangezien het plaatsen van de bekendmaking in de Staatscourant geen kosten met zich meebrengt.

4.8.

Ten aanzien van het verzoek te bepalen dat de kosten voorafgaand aan de vereffening vereffeningskosten zijn, verklaart de rechtbank zich onbevoegd om van dit verzoek kennis te nemen nu dit ingevolge artikel 4:206 lid 3 BW j° artikel 4:209 lid 1 BW tot de competentie van de kantonrechter behoort.

4.9.

De rechtbank ziet aanleiding om deze beschikking op de voet van artikel 288 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

5 De beslissing

De rechtbank

5.1.

benoemt mr. P.A. Hilbers, notaris,

kantoorhoudende te Haarlem, aan de Kleverparkweg 55 (2023 CB),

ten kantore van De Haan & Hilbers Notarissen,

tot vereffenaar van de nalatenschap van:

Rywa Leja Press,

geboren te ‘s-Gravenhage op 12 juli 1946,

laatstelijk wonende te Amsterdam,

overleden op 1 juni 2015 te Amsterdam,

5.2.

draagt de griffier op de benoeming van deze vereffenaar onverwijld in het boedelregister in te schrijven,

5.3.

ontheft de vereffenaar van de verplichting tot bekendmaking van de benoeming van de vereffenaar in een landelijk verspreid dagblad ingevolge het bepaalde in artikel 4:206 lid 6 BW,

5.4.

bepaalt dat deze beschikking bekend zal worden gemaakt door plaatsing op het internet (www.rechtspraak.nl/uitspraken),

5.5.

draagt de vereffenaar op de benoeming bekend te maken in de Staatscourant,

5.6.

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.7.

wijst af dan wel verklaart zich onbevoegd ten aanzien van het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. L. Biller en in het openbaar uitgesproken op 31 december 2015.