Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2015:5740

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
16-09-2015
Datum publicatie
21-09-2015
Zaaknummer
C/13/574721 / HA ZA 14-1029 evs
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Vordering aandeelhouder tot vernietiging aandeelhoudersbesluit wegens gebrekkige oproeping voor AVA. In de gegeven omstandigheden geen belang van de aandeelhouder in de zin van artikel 2:15 lid 3 sub a

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2015/1745
NTHR 2015, afl. 6, p. 313
OR-Updates.nl 2015-0342
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht

zaaknummer / rolnummer: C/13/574721 / HA ZA 14-1029

Vonnis van 16 september 2015

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

THIJSIUS HOLDING B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

eiseres,

advocaat mr. J. Wind te Rotterdam,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

CONEW B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

gedaagde,

advocaat mr. H.L. Thiescheffer te Leeuwarden.

Partijen zullen hierna Thijsius en Conew genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding van 29 januari 2014, met producties,

  • -

    de conclusie van antwoord, met producties,

  • -

    het tussenvonnis van 1 april 2015, waarin een comparitie van partijen is gelast,

  • -

    het proces-verbaal van comparitie van 15 juli 2015 alsmede de daarin vermelde proceshandelingen en/of processtukken.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Conew is opgericht bij akte van 18 september 1998. Haar statutaire doel is onder meer het oprichten en verwerven van, het deelnemen in, het samenwerken met, het voeren van de directie over en het doen financieren van andere ondernemingen, in welke rechtsvorm dan ook.

2.2.

Tot 19 maart 2009 hield Conew indirect aandelen in bART Internet Services B.V. Na verkoop en overdracht van die aandelen hield Conew zich uitsluitend nog bezig met het beheren van de gelden die zij door de verkoop van genoemde aandelen had of nog zou ontvangen.

2.3.

De huidige aandeelhoudersverhoudingen in Conew zijn als volgt:

- Thijsius heeft 4000 gewone aandelen,

- de erven [naam 1] hebben 1/3 prioriteitsaandeel (P2),

- de erven [naam 2] hebben 24.594 cumulatief preferente aandelen en 1/3 prioriteitsaandeel (P2),

- [naam 3] heeft 24.594 cumulatief preferente aandelen en 1/3 prioriteitsaandeel (P2).

Het eveneens bestaande prioriteitsaandeel P1 wordt door niemand meer gehouden.

2.4.

[naam 4] (hierna: [naam 4] ) is vanaf de oprichting [functie] van Conew. Tot 7 april 2009 was er nog een tweede bestuurder.

2.5.

[naam 5] (hierna: [naam 5] ) is [functie] van Thijsius.

2.6.

De statuten van Conew zijn laatstelijk gewijzigd op 23 november 1998. De statuten houden, voor zover hier van belang, het volgende in:

[…]

Oproeping

Artikel 23

[…]

2. De oproeping van aandeelhouders en certificaathouders tot een algemene vergadering geschiedt schriftelijk op een termijn van ten minste veertien dagen, de dag van de oproeping en de dag van de vergadering niet medegerekend. De oproepingen worden verzonden aan de in het aandeelhoudersregister vermelde adressen van aandeelhouders en certificaathouders.

3. De oproepingsbrieven vermelden de te behandelen onderwerpen […].

4. Is de oproeping niet in acht genomen of heeft geen oproeping plaats gehad, dan kunnen geen wettige besluiten worden genomen, tenzij met algemene stemmen in een vergadering, waarin alle aandeelhouders en certificaathouders aanwezig of vertegenwoordig zijn.

[…]

Besluitvorming

Artikel 25

[…]

2. De besluiten van de algemene vergadering worden, behalve in de gevallen waarin bij deze statuten een grotere meerderheid is voorgeschreven, genomen bij volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen.

2.7.

In een arrest van 26 juni 2008 heeft de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam Conew bevolen om de jaarrekening 2001, die in een algemene vergadering van aandeelhouders van 16 december 2004 was vastgesteld, opnieuw in te richten en op te maken met inachtneming van in dat arrest nader genoemde aanwijzingen. Bij arrest van 16 april 2010 heeft de Hoge Raad het door Thijsius daartegen ingestelde cassatieberoep verworpen.

2.8.

Een brief van 2 augustus 2010 van Conew aan Thijsius houdt, voor zover hier van belang, het volgende in:

Geachte [naam 5] ,

Hierbij roepen wij u op om aanwezig te zijn op de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op donderdag 17 augustus 2010 om 14:00 uur. […]

De ter vergadering te behandelen jaarrekeningen liggen ter inzage ten kantore van Conew BV en zullen ter vergadering beschikbaar zijn. Voor het inzien van de stukken kan telefonisch een afspraak worden gemaakt met de directie.

Bijgaand treft u de agenda aan van deze vergadering.[…]

2.9.

Een brief van 4 augustus 2010 van Conew aan Thijsius, ten aanzien van [naam 5] , houdt, voor zover hier van belang, het volgende in:

Geachte [naam 5] ,

Abusievelijk wordt in de uitnodiging van 2 augustus 2010 van de aandeelhoudersvergadering van Conew b.v. d.d. 17 augustus 2010 om 14:00 uur vermeld dat deze zou plaatsvinden op een donderdag. Hier had moeten staan dinsdag 17 augustus 2010 om 14:00 uur. Mocht u verhinderd zijn vernemen wij dit graag van u.[…]

2.10.

Op 17 augustus 2010 om 13.35 uur heeft [naam 5] een mail met de volgende inhoud aan [naam 4] gestuurd:

[…]

Onder verwijzing naar de oproeping voor de AVA van vanmiddag uw aandacht voor het volgende.

Hierbij mijn commentaar op de eerdere AVA van 18 maart 2010 en de geplande AVA die ik verzoek in te voegen bij de op te maken notulen.

Op de AVA kan ik niet aanwezig zijn.

[…]

Bij de e-mail zat als bijlage een brief van zes bladzijdes (met wederom bijlagen), waarin [naam 5] namens Thijsius zijn commentaar heeft verwoord op een op 18 maart 2010 reeds gehouden vergadering van aandeelhouders en de nog te houden vergadering van 17 augustus 2010. De brief bevat de volgende paragrafen:

1. Algemene opmerkingen

2. Decharge van het bestuur van Conew

3.Niet intrekking van preferente aandelen

4. Dividend uitkering

5. Kosten boekhouding en opstellen jaarrekeningen

6.Verstrekken leningen

7. Beslissing ondernemingskamer

8. Onafhankelijkheid van de accountant

9.Jaarstukken 2001 - 2009

10. Directie

2.11.

In concept-notulen van een vergadering van aandeelhouders van 17 augustus 2010 staat dat op die dag een aandeelhoudersvergadering van Conew heeft plaatsgevonden (hierna: de vergadering 2010). In de concept-notulen staat voorts dat op die vergadering 92,48 % van de stemgerechtigde aandelen waren vertegenwoordigd. De concept-notulen maken voorts uitgebreid melding van de ontvangst van de brief van Thijsius van 17 augustus 2010, van het feit dat er een leespauze is ingelast om de brief te lezen en van het feit dat de vergadering, in afwijking van de agenda, is ingegaan op de door Thijsius met haar brief ingebrachte stukken. In de concept-notulen staat ten slotte dat onder meer unaniem besluiten zijn genomen tot vaststelling van de “gecorrigeerde jaarrekening 2001” (en de daaropvolgende jaarrekeningen 2002 tot en met 2008) en tot het verlenen van decharge aan het bestuur voor het gevoerde beleid over 2001 (en over de daaropvolgende jaren 2002 tot en met 2008).

2.12.

[naam 4] heeft per mail van 30 januari 2013 aan Thijsius de concept-notulen van de vergadering 2010 toegezonden.

2.13.

Op 19 maart 2015 heeft een vergadering van aandeelhouders van Conew plaatsgevonden. De agenda die bij de oproepingsbrief van 3 maart 2015 voor die vergadering was gevoegd bevat als agendapunten onder meer de vaststelling van de gecorrigeerde jaarrekening 2001 en de jaarrekeningen 2002 tot en met 2013 alsmede het verlenen van decharge van de directie voor het gevoerde beleid over 2001 tot en met 2013. Over die agendapunten zijn geen besluiten genomen.

3 Het geschil

3.1.

Thijsius vordert samengevat – dat de rechtbank alle besluiten die op de vergadering 2010 zijn genomen vernietigt, waaronder het besluit tot vaststelling van de gecorrigeerde jaarrekening 2001 en het besluit tot het verlenen van decharge van de directie van Conew voor het beleid over 2001.

3.2.

Thijsius stelt daartoe dat zij niet overeenkomstig artikel 23 van de statuten van Conew is opgeroepen voor de vergadering 2010, waardoor alle op die vergadering genomen besluiten op de voet van artikel 2:15 lid 1 aanhef en onder a en lid 3 aanhef en onder a Burgerlijk Wetboek (BW) voor vernietiging in aanmerking komen. Thijsius heeft als aandeelhoudster belang bij naleving van de oproepingsformaliteiten. Besluitvorming is voor een aandeelhouder zo relevant dat hij er recht op heeft om tijdig, dat wil zegen conform de statutaire regeling, te worden opgeroepen, onder opgave van de onderwerpen waarover moet worden besloten. Thijsius heeft ook een belang bij haar vordering omdat op grond van een koopovereenkomst uit 2000 met betrekking tot aandelen in Conew tussen de (rechtsvoorganger van) Thijsius en de overige aandeelhouders, de definitieve koopprijs wordt bepaald aan de hand van de intrinsieke waarde van Conew per eind 2001. Thijsius verwacht dat zij bij een definitieve vaststelling van de jaarrekening 2001 van Conew nog een (terugbetalings)vordering zal hebben op de overige aandeelhouders met betrekking tot de reeds door haar betaalde koopprijs, aldus steeds Thijsius.

3.3.

Conew voert verweer.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

Thijsius heeft betwist dat zij de oproepingsbrief van 2 augustus 2010 heeft ontvangen. Aangezien Conew de ontvangst van die brief niet kan aantonen, is niet komen vast te staan dat Thijsius per brief van 2 augustus 2010 is opgeroepen.

4.2.

Thijsius heeft erkend de “correctiebrief” van 4 augustus 2010 te hebben ontvangen. Deze brief voldoet echter niet aan de eisen van artikel 23 lid 2 van de statuten ten aanzien van de oproeping. Hij is te laat en hij bevat geen agenda. Die brief kan daarom niet worden gezien als een rechtsgeldige oproeping zoals verwoord in de statuten.

4.3.

Het voorgaande betekent dat de oproeping niet is gebeurd in overeenstemming met artikel 23 lid 2 van de statuten en de vraag aan de orde komt of op de vergadering 2010 geldige besluiten zijn genomen. Artikel 23 lid 4 van de statuten moet daarbij – mede gelet op artikel 2:225 BW in de versie van vóór 1 oktober 2012 – zo worden uitgelegd dat besluiten die niet aan de vereisten van artikel 23 lid 2 en 3 van de statuten voldoen, niet nietig zijn maar mogelijkerwijs vernietigbaar op de voet van artikel 2:15 lid 1 aanhef en onder a BW. Immers, artikel 23 lid 2 van de statuten over de oproeping is een bepaling die de totstandkoming van besluiten regelt; kleeft aan de oproeping een gebrek, dan is het vervolgens genomen besluit niet nietig maar mogelijk vernietigbaar.

4.4.

Voor de vernietiging op basis van artikel 2:15 BW van de besluiten die op de vergadering 2010 zijn genomen is vereist dat Thijsius een redelijk belang heeft bij de naleving van de verplichting die niet is nagekomen, te weten de deugdelijke oproeping. Daarover wordt als volgt overwogen.

4.5.

Vast staat dat Thijsius voorafgaand aan de vergadering 2010 bij brief/e-mail van 17 augustus 2010 gemotiveerd haar bezwaren tegen het vaststellen van (onder meer) de jaarrekening 2001 en het verlenen van decharge kenbaar heeft gemaakt. Dit waren bezwaren die Thijsius al eerder naar voren heeft gebracht (onder meer in de procedure bij de Ondernemingskamer) en die bij de overige aandeelhouders bekend waren. Uit de betreffende brief blijkt ook dat de bezwaren van Thijsius zagen op alle voorgenomen agendapunten en dat [naam 5] ervan uitging dat de vergadering ook zonder hem zou doorgaan (“Hierbij mijn commentaar op de eerdere AVA van 18 maart en de geplande AVA die ik verzoek in te voegen bij de op te maken notulen.”). Blijkens de concept-notulen van de vergadering 2010 is de inhoud van brief van Thijsius in de vergadering voorafgaand aan de besluitvorming aan de orde geweest. Dit houdt in dat het standpunt van Thijsius in de vergadering 2010 bekend was en is meegewogen bij de besluitvorming.

Verder staat vast dat de besluiten op de vergadering 2010 met een zeer grote meerderheid van 92,48 % zijn genomen. Bij een dergelijke meerderheid moet het onaannemelijk worden geacht dat de besluiten niet tot stand waren gekomen als de oproepingstermijn wel in acht was genomen. Daarbij is wederom van belang dat de bezwaren van Thijsius niet nieuw waren maar al vele jaren bij de andere aandeelhouders bekend waren en daarover deels al gerechtelijke procedures waren gevoerd.

Ten slotte heeft Conew ter zitting erkend dat de besluitvorming over de jaarrekening 2001 (en ten gevolge daarvan ook over de opvolgende jaarrekeningen) nog een keer moet worden overgedaan omdat op de vergadering 2010 niet over de juiste aangepaste jaarrekening 2001 is gestemd. Het is volgens Conew alleen een kwestie van tijd voordat de jaarrekening 2001 en alle daaropvolgende jaarrekeningen opnieuw worden vastgesteld. De eerstvolgende vergadering is gepland omstreeks september 2015, waarbij partijen ter zitting bindende afspraken hebben gemaakt over de oproeping van Thijsius en het vooraf verstrekken van informatie.

4.6.

De ratio van een tijdige oproeping voor een vergadering van aandeelhouders onder vermelding van de agenda is dat de aandeelhouder zijn bevoegdheden naar behoren kan uitoefenen, waaronder het zich voorbereiden op en het deelnemen aan het debat op de vergadering. In de onderhavige situatie echter, waar Thijsius als aandeelhoudster haar standpunten naar voren heeft gebracht, waar deze standpunten zijn gehoord, waar het aannemelijk is dat op dezelfde manier was besloten als Thijsius op de vergadering aanwezig was geweest en waarin bovendien nog een keer zal worden besloten over de onderwerpen waar het Thijsius om te doen is, moet worden geoordeeld dat Thijsius in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs onvoldoende belang heeft in de zin van artikel 2:15 lid 3 aanhef en onder a BW bij het naleven van de oproeping overeenkomstig artikel 23 van de statuten van Conew. De gevorderde vernietiging van alle op de vergadering 2010 genomen aandeelhoudersbesluiten is dan ook niet toewijsbaar.

4.7.

Thijsius zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Conew worden begroot op:

- griffierecht € 608,00

- salaris advocaat 904,00 (2,0 punten × tarief € 452,00)

Totaal € 1.512,00

5 De beslissing

De rechtbank

5.1.

wijst de vorderingen af,

5.2.

veroordeelt Thijsius in de proceskosten, aan de zijde van Conew tot op heden begroot op € 1.512,00.

Dit vonnis is gewezen door mr. L. Biller en in het openbaar uitgesproken op 16 september 2015.1

1 type: coll: *