Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2015:5168

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
10-08-2015
Datum publicatie
12-08-2015
Zaaknummer
4323834 EA VERZ 15-820
Rechtsgebieden
Arbeidsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

WWZ – verzoek en verweer ex 671b BW, waarbij partijen een regeling hebben getroffen.

Wetsverwijzingen
Burgerlijk Wetboek Boek 7
Burgerlijk Wetboek Boek 7 669
Burgerlijk Wetboek Boek 7 671b
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2015-0751
JAR 2015/213
AR 2015/1495
JAR 2015/213
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht – team kanton

zaaknummer: 4323834 EA VERZ 15-820

beschikking van: 10 augustus 2015

func.: 364

beschikking van de kantonrechter

I n z a k e

de stichting Stichting Altra

gevestigd te Amsterdam

verzoekster, nader te noemen: Altra

gemachtigde: mr. M. Stiebner Bergman

t e g e n

[verweerder]

wonende te [woonplaats]

verweerder, nader te noemen: [verweerder]

gemachtigde: mr. M. Leniger.

VERLOOP VAN DE PROCEDURE

Altra heeft op 27 juli 2015 een verzoek ingediend dat strekt tot ontbinding van de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst. Naderhand heeft Altra het verzoek aangevuld. [verweerder] heeft een verweerschrift ingediend.

Beschikking is bepaald op heden.

BEOORDELING VAN HET VERZOEK

  1. [verweerder] , geboren op [geboortedatum] 1982, is sedert 1 augustus 2012 in dienst van Altra als leraar. Het salaris bedraagt € 2.739,02 bruto per maand, exclusief vakantietoeslag.

  2. Altra verzoekt om ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van artikel
    7: 671b lid 1 sub a BW. Altra stelt dat daarvoor een redelijke grond aanwezig is, als bedoeld in artikel 7: 669 lid 3, onderdeel g BW, waarbij herplaatsing van [verweerder] binnen een redelijke termijn niet tot de mogelijkheden behoort of in de rede ligt.

  3. Altra heeft haar verzoek onderbouwd door er op te wijzen dat sprake is van:
    - een verstoorde arbeidsverhouding, zodanig dat van Altra in redelijkheid niet gevergd kan worden de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. [verweerder] kan hiervan geen verwijt worden gemaakt.

  4. [verweerder] erkent dat sprake is van een verstoorde arbeidsverhouding. Pogingen om het probleem op te lossen hebben niet het gewenste resultaat opgeleverd. [verweerder] kan daarom niet anders dan zich refereren aan het oordeel van de kantonrechter.

  5. Als eerste heeft de kantonrechter zich ervan vergewist dat het verzoek geen verband houdt met omstandigheden waarop de opzegverboden betrekking hebben.

  6. Naar aanleiding van hetgeen over en weer is aangevoerd, is de kantonrechter van oordeel dat sprake is van een redelijke grond, waarbij herplaatsing van [verweerder] binnen een redelijke termijn niet tot de mogelijkheden behoort of in de rede ligt. De arbeidsovereenkomst zal derhalve worden ontbonden.

  7. Overeenkomstig artikel 7:671b lid 8 BW bepaalt de kantonrechter het einde van de arbeidsovereenkomst op de datum waarop de arbeidsovereenkomst bij regelmatige opzegging zou zijn geëindigd, verminderd met de duur van deze procedure.
    Nu de door partijen voorgestelde datum van 1 oktober 2015 daarmee overeenstemt, kan de ontbinding tegen de verzochte datum worden toegewezen.

  8. Altra heeft [verweerder] aangeboden de kosten voor een outplacementtraject, welke reeds is aangevangen, te vergoeden tot een bedrag van maximaal € 6.000,00 (inclusief btw). Daarnaast is [verweerder] tot 1 oktober 2015 vrijgesteld van werkzaamheden.

  9. Los hiervan heeft [verweerder] (mogelijk) aanspraak op een bovenwettelijke werkloos-heidsuitkering uit hoofde van de WOPO. Partijen zijn het erover eens dat Altra aan [verweerder] als gevolg van het voorgaande geen transitievergoeding is verschuldigd.

  10. Er zijn termen de proceskosten te compenseren.


BESLISSING

De kantonrechter:

ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 1 oktober 2015;

bepaalt dat elk der partijen de eigen proceskosten draagt;

wijst het meer of anders verzochte af.

Aldus gegeven door mr. M.V. Ulrici, kantonrechter en in het openbaar uitgesproken op
10 augustus 2015 in aanwezigheid van de griffier.

De griffier

De kantonrechter