Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2014:2750

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
17-04-2014
Datum publicatie
16-05-2014
Zaaknummer
C/13/386330 / HA RK 07-745
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Verzoek op grond van artikel 205 lid 2 Rv; vaststelling en veroordeling van een der partijen tot voldoening van de kosten van de deskundige.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht

zaaknummer / rekestnummer: C/13/386330 / HA RK 07-745

Beschikking van 17 april 2014 op grond van artikel 205 lid 2 Rv

in de zaak van

[verzoekster],

wonende te [woonplaats],

verzoekster,

advocaat mr. M.F. Hartman te Amsterdam,

tegen

1 [verweerder 1],

praktijkhoudende te [plaats],

2. [verweerder 2],

praktijkhoudende te [plaats],

3. de stichting

STICHTING VU MEDISCH CENTRUM,

gevestigd te Amsterdam,

verweerders,

advocaat mr. J. Meyst-Michels te Utrecht.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit de beschikkingen van deze rechtbank van 11 september 2008, 15 april 2010, 17 februari 2011 en 11 juli 2013, waarbij (uiteindelijk) dr. D.C. van der Zee en prof. dr. G. Sinnema tot deskundigen zijn benoemd.

1.2.

De deskundigen hebben ieder een (voorlopig) deskundigenbericht uitgebracht.

1.3.

Bij brief van 7 februari 2014 heeft de griffier partijen verzocht de rechtbank mede te delen of tussen partijen inmiddels een geding aanhangig is, zodat de rechtbank indien nodig een beschikking kan geven als bedoeld in artikel 205 lid 2 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv). Partijen hebben aan de rechtbank medegedeeld dat geen bodemprocedure aanhangig is.

2 De beoordeling

2.1.

Omdat het loon van de deskundigen op grond van artikel 199 lid 3 Rv door de griffier ten laste van ’s Rijks kas is gebracht, dient op grond van artikel 205 lid 2 Rv te worden vastgesteld welk deel van het loon van de deskundigen door elk van de partijen dient te worden gedragen. Het loon van de deskundigen bedraagt € 9.000,00 (deskundige Van der Zee) en € 2.100,00 (deskundige Sinnema), in totaal derhalve € 11.100,00.

2.2.

In hun brieven van 6 maart 2014 respectievelijk 1 april 2014 hebben partijen hun standpunt kenbaar gemaakt.

2.2.1.

Mr. Hartman heeft namens [verzoekster] zich – gemotiveerd – op het standpunt gesteld dat het loon van de deskundigen ten laste van verweerders moet worden gebracht. [verzoekster] voert daartoe, kort gezegd, aan dat uit de deskundigenberichten (althans uit het deskundigenbericht van deskundige Van der Zee) is af te leiden dat verweerders (in ieder geval [verweerder 1]) verwijtbaar onzorgvuldig handelen kan worden verweten. [verzoekster] heeft er ook op gewezen dat Centramed, de aansprakelijkheidsverzekeraar van verweerders (althans in ieder geval Stichting VU Medisch Centrum), heeft medegedeeld de kosten van het deskundigenonderzoek te willen dragen. [verzoekster] heeft daartoe een brief van Centramed van 21 november 2005 overgelegd.

2.2.2.

Mr. Meyst-Michels heeft de rechtbank bericht dat verweerders zich ten aanzien van de kostenveroordeling refereren aan het oordeel van de rechtbank, waarbij zij wel aantekent dat deze referte niet impliceert dat daarmee enige aansprakelijkheid wordt erkend.

2.3.

Artikel 205 lid 2 Rv beantwoordt niet de vraag wie de meest gerede partij is om in de kosten van een deskundigenbericht te worden veroordeeld en ook de parlementaire geschiedenis biedt hierover geen duidelijkheid. Tijdens de parlementaire behandeling heeft de minister wel aangegeven geen inbreuk te willen plegen op het beginsel dat de verliezende partij de kosten draagt, maar als geen bodemprocedure volgt of aansprakelijkheid buiten rechte wordt erkend, blijft onduidelijk wie de “verliezende partij” is. Het past de rechtbank in beginsel ook niet om zich, in het kader van de beslissing die op grond van artikel 205 lid 2 Rv over de kosten moet worden genomen, uit te laten over de mogelijke aansprakelijkheid, nu het debat daarover nog helemaal niet is gevoerd en partijen dat – kennelijk – ook (nog) niet ten overstaan van de rechter wensen te voeren. Over de (mogelijke) aansprakelijkheid van verweerders zal de rechtbank dan ook geen uitspraak doen. De rechtbank ziet in dit geval – andere – aanknopingspunten om de kosten van de deskundigenberichten ten laste van verweerders te brengen. In dit verband vindt zij vooral van belang dat de aansprakelijkheidsverzekeraar van verweerders heeft toegezegd bereid te zijn de kosten voor haar rekening te nemen (hetgeen door verweerders niet is weersproken). Daarnaast is van belang dat verweerders zich niet hebben verzet tegen het standpunt van mr. Hartman dat verweerders de kosten moeten dragen. De rechtbank zal dan ook overeenkomstig het verzoek van [verzoekster] bepalen dat verweerders de kosten van de deskundigen aan de griffier moeten voldoen.

3 De beslissing

De rechtbank

3.1.

veroordeelt [verweerder 1], [verweerder 2] en Stichting VU Medisch Centrum tot betaling van € 11.100,00, te voldoen aan de griffier door overmaking op rekeningnummer IBAN NL09RBOS0569990491 ten name van MVJ Arrondissement Amsterdam, onder vermelding van "kosten deskundigen" en het zaak- en rekestnummer.

Deze beschikking is gegeven door mr. R.A. Dudok van Heel en in het openbaar uitgesproken op 17 april 2014.