Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2013:BY8381

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
02-01-2013
Datum publicatie
14-01-2013
Zaaknummer
1361953 - HA EXPL 12-218
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Bodemzaak
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Autopech voor gezin op terugweg van vakantie. Wegenwacht Europa Service. Toerekenbare tekortkoming ANWB doordat aan het gezin na het aflopen van de reparatietermijn geen vervangend vervoer is aangeboden. Aansprakelijkheid extra verblijf- en telefoonkosten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht

Zaak- en rolnummer: 1361953 \ HA EXPL 12-218

Uitspraak: 2 januari 2013

Vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Amsterdam

in de zaak van:

1. [A],

2. [B],

beiden wonende te --,

eisers,

hierna te noemen [A en B],

gemachtigde mr. P.N. Meijer,

t e g e n

ANWB B.V.,

gevestigd te Den Haag,

gedaagde,

hierna te noemen de ANWB,

gemachtigde mr. J.P. Rijnveld.

VERLOOP VAN DE PROCEDURE

In de dagvaarding van 25 juni 2012, met vijf bijlagen, hebben [A en B] hun vorderingen ingesteld.

In de conclusie van antwoord van 8 augustus 2012, met veertien bijlagen, heeft de ANWB op deze dagvaarding gereageerd.

In het vonnis van 22 augustus 2012 is een verschijning van partijen op de zitting bevolen.

Van deze zitting, gehouden op 23 november 2012, is proces-verbaal opgemaakt. Op deze zitting is bepaald dat de brief van 19 november 2012, met twee bijlagen, van de zijde van [A en B] tot het procesdossier behoort.

Ten slotte is vonnis bepaald.

GRONDEN VAN DE BESLISSING

Feiten en omstandigheden

1. Als enerzijds gesteld en anderzijds niet of onvoldoende weersproken staan de volgende feiten en omstandigheden in deze procedure tussen partijen vast.

2. [A en B] hebben met de ANWB een overeenkomst gesloten voor voertuighulpverlening in Nederland en Europa. Op deze overeenkomst zijn algemene en speciale voorwaarden van de ANWB van toepassing. Deze voorwaarden luiden, voor zover hier relevant, als volgt.

“Wegenwacht algemeen

Algemene voorwaarden Wegenwacht® Woonplaats Service, Wegenwacht® Nederland Service en Wegenwacht® Europa Service

(…)

11 Aansprakelijkheid

De ANWB stelt alles in het werk om de service van de Wegenwacht zo goed mogelijk te verlenen. De ANWB heeft hier een inspanningsverbintenis en geen resultaatsverbintenis. De maatschappij en/of de ANWB zijn, tenzij er sprake is van een toerekenbare tekortkoming, niet aansprakelijk voor:

• schade die voortvloeit uit gebreken in onderdelen, noch voor toezending van niet passende onderdelen, tenzij de maatschappij of de ANWB kan worden toegerekend dat verkeerde onderdelen zijn besteld;

• schade voortvloeiend uit de keuze van een garage en de uitvoering van werkzaamheden door een na bemiddeling van de ANWB ingeschakelde garage of derde;

(…)

• gevolgschade, bijzondere schade dan wel indirecte schade van welke aard ook zoals, maar niet beperkt tot, gederfde winst of gederfde inkomsten.

(…)

Wegenwacht Europa

Speciale voorwaarden Wegenwacht® Europa Service

(…)

7.1 Wegenhulp

De kosten van noodhulp langs de kant van de weg (dus niet in of bij een garage) of van een lidmaatschap van een plaatselijke toeristen- of automobielclub als dat nodig is voor wegenhulp, worden vergoed. De aanschafkosten van onderdelen worden niet vergoed.

7.2 Sleephulp

De kosten van berging of vervoer naar de dichtstbijzijnde garage waar reparatie mogelijk is, worden vergoed.

7.3 Hulp bij het vinden van een garage

De ANWB helpt zo nodig bij het vinden van de dichtstbijzijnde garage, maar verstrekt de reparatieopdracht niet. De reparatie geschiedt geheel in opdracht van en voor rekening en risico van de rechthebbende en wordt dus op geen enkele wijze vergoed door de ANWB.

7.4 Technische diagnose

Voordat de ANWB overgaat tot onderstaande hulpverlening dient een in het land van de gebeurtenis gevestigde garage aan de ANWB een technische diagnose af te geven met betrekking tot het betreffende voertuig.

(…)

7.6.1 Repatriëring per transportmiddel wegens schade aan het voertuig

Het voertuig wordt (…) gerepatrieerd (…) indien:

(…)

• bij terugreis het voertuig ten gevolge van een ongeval of mechanische schade dusdanig is beschadigd dat het niet binnen 48 uur na melding aan de ANWB door (provisorische) reparatie geschikt gemaakt kan worden voor een veilige reis;

(…)

Wegenwacht extra services

Voorwaarden extra services van de Wegenwacht®

(…)

3 Vervangende Auto Service Buitenland

(…)

3.1 Wanneer heb ik recht op een vervangend vervoermiddel?

Recht op een vervangend vervoermiddel bestaat alleen voor rechthebbenden:

(…)

• Indien (…) de reparatie voor een veilige reis niet binnen 48 uur kan plaatsvinden”

3. [A en B] komen met hun twee kinderen op 15 augustus 2011 tijdens de terugreis van hun vakantie in Spanje vlak voor de grens met Frankrijk met pech aan hun auto, een Saab, langs de weg te staan. Zij melden dit tussen 10.39 en 10.47 uur bij de ANWB.

4. In Spanje is 15 augustus 2011 een nationale feestdag.

5. De ANWB laat de auto met caravan op 15 augustus 2011 wegslepen naar een tijdelijke locatie om de volgende dag naar een garage te worden gesleept. Dit deelt zij om 13.19 uur aan [A en B] mee. [A en B] boeken vervolgens een hotelovernachting.

6. Op 16 augustus 2011 om 10.39 uur bellen [A en B] met de ANWB. De ANWB deelt hen in dit gesprek mee dat zij wacht op de technische diagnose van de garage, waarna zij contact op zal nemen met hen. Om 17.35 uur bellen [A en B] weer met de ANWB. De ANWB deelt hen in dat gesprek hetzelfde mee. [A en B] boeken vervolgens een tweede hotelovernachting. Om 20.17 uur deelt de ANWB aan [A en B] mee dat hun auto een kapotte radiatorslang heeft.

7. Op 17 augustus 2011 om 12.28 uur bellen [A en B] met de ANWB. De ANWB deelt hen in dit gesprek mee dat hun auto wordt gerepareerd en dat ze contact opneemt zodra ze meer informatie heeft over de voortgang daarvan. De ANWB deelt [A en B] om 14.15 uur per sms mee dat zij de garage na de siësta zal bellen om te vragen wanneer hun auto gerepareerd is en dat zij contact opneemt als zij meer informatie heeft. Om 15.15 uur heeft de ANWB contact met de garage en de garage deelt mee dat zij wacht op een radiatorslang en dat die elk moment binnen kan komen. De ANWB deelt hierbij aan de garage mee dat er haast is geboden, omdat haar klanten weer terug naar Nederland moeten. De ANWB en de garage spreken af dat zij een uur later weer contact zullen hebben. Om 16.15 uur heeft de ANWB contact met de garage. De garage deelt mee dat ook de geleverde radiatorslang kapot is en dat zij op zoek is naar een andere slang. De ANWB geeft de garage nog twee uur de tijd voor een reparatie. In de notitie van dit telefoongesprek vermeldt de ANWB dat als de auto dan niet gereed is, vervangend vervoer en repatriëring van de auto zal worden aangeboden aan [A en B].

8. Op 17 augustus 2011 om 17.15 uur deelt de garage aan de ANWB mee dat de auto gerepareerd is en kan worden afgehaald. Hierbij deelt de garage mee dat de bestelling van een radiatorslang via Saab te lang duurde, zodat zij een andere slang heeft gebruikt. De garage adviseert om deze slang in Nederland te vervangen voor een originele Saab-radiatorslang. Om 19.18 uur deelt de ANWB aan [A en B] mee dat hun auto gerepareerd is en dat zij de auto die dag kunnen ophalen voor 20.00 uur of de volgende dag na 09.00 uur. Op dat moment hebben [A en B] al gedineerd, waarbij [A] alcohol heeft gedronken, en een derde hotelovernachting geboekt.

9. Op 18 augustus 2011 omstreeks 09.00 uur halen [A en B] hun auto op bij de garage.

10. Op 18 augustus 2011 na het passeren van de grens tussen Spanje en Frankrijk komen [A en B] weer met pech aan hun auto langs de kant te staan. Zij melden dit tussen 10.16 en 13.55 uur bij de ANWB. In de notitie van dit telefoongesprek vermeldt de ANWB, voor zover hier relevant, het volgende.

“GGe op ong 3 km.

Laat auto afkoelen en rijdt hier naartoe.

Gezegd dat ik telefonisch niet kan beoordelen of dit kan of niet en dat dit aan KL zelf is.”

11. [A en B] laten hun auto afkoelen en rijden stapvoets naar de dichtstbijzijnde garage. Deze garage stelt vast dat de auto door problemen met de koppakkingen niet binnen 48 uur gerepareerd kan worden.

12. De ANWB reserveert op 18 augustus 2011 om 16.19 uur een vervangende auto voor [A en B]. Zij nemen vervolgens contact op met de ANWB met het verzoek het dossier te sluiten en de mededeling dat zij zelf vervangend vervoer naar Nederland zullen regelen.

13. [A en B] zoeken daarna contact met hun verzekeringsagent in Nederland, die ervoor zorgt dat SOS International vervangend vervoer en repatriëring van de auto regelt.

Vorderingen en verweren

14. [A en B] vorderen dat de ANWB bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis wordt veroordeeld om aan hen te betalen:

a. de hoofdsom van € 4.730,20;

b. de wettelijke rente over de hoofdsom vanaf 1 november 2011;

c. de buitengerechtelijke incassokosten van € 833,00;

d. de kosten van deze procedure;

e. de wettelijke rente over de incasso- en proceskosten vanaf veertien dagen na het vonnis;

f. voor het geval voldoening aan het vonnis niet binnen veertien dagen na het wijzen daarvan geschiedt, de nakosten van dit geding van € 131,00 als geen betekening plaatsvindt, dan wel € 199,00 als wel betekening plaatsvindt.

15. [A en B] leggen aan hun vorderingen – kort samengevat – het volgende ten grondslag. Zij stellen dat de ANWB tekort is geschoten in de nakoming van de overeenkomst. [A en B] vorderen vergoeding van de schade die zij daardoor hebben geleden. Deze schade bestaat uit extra verblijfskosten van € 1.281,23, onnodige telefoonkosten van € 448,97 en schade aan hun auto van € 3.000,00. [A en B] vorderen rente over de hoofdsom vanaf de datum dat de ANWB hen schriftelijk meedeelde deze schade niet te zullen vergoeden.

16. De ANWB voert verweer tegen deze vorderingen en stelt daartoe – kort samengevat – het volgende. Zij beroept zich op artikel 11 van de algemene voorwaarden, waarin haar aansprakelijkheid voor de gevorderde schade is uitgesloten. De ANWB stelt dat zij niet toerekenbaar tekort is geschoten. Voor zover hiervan wel sprake zou zijn, betwist zij de hoogte van de gevorderde schade. Daarnaast betwist zij de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten.

Beoordeling

17. De ANWB beroept zich op artikel 11 van de algemene voorwaarden, waarin haar aansprakelijkheid voor de gevorderde schade is uitgesloten, tenzij sprake is van een toerekenbare tekortkoming. [A en B] hebben op de zitting gesteld dat deze algemene voorwaarde vermoed wordt onredelijk bezwarend te zijn en zij hebben op die grond een beroep op de vernietiging daarvan gedaan.

18. Een beding in algemene voorwaarden is vernietigbaar als het onredelijk bezwarend is voor de wederpartij. De kantonrechter begrijpt uit de formulering van de stelling van [A en B] dat zij zich op het standpunt stellen dat artikel 11 van de algemene voorwaarden een beding is dat valt onder één van de omschrijvingen op de grijze lijst van artikel 6:237 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW). Zij hebben dit standpunt echter onvoldoende toegelicht, zodat dit wordt verworpen. [A en B] hebben los daarvan onvoldoende omstandigheden gesteld op grond waarvan artikel 11 van de algemene voorwaarden voor hen onredelijk bezwarend zou zijn. Van dit soort omstandigheden is ook verder niet gebleken. Gelet hierop wordt het beroep van [A en B] op vernietiging van deze algemene voorwaarde verworpen.

19. Nu [A en B] verder niet hebben weersproken dat vergoeding van de door hen gevorderde schade in beginsel is uitgesloten in artikel 11 van de algemene voorwaarden, zal moeten worden beoordeeld of en in hoeverre sprake is van een toerekenbare tekortkoming van de ANWB.

20. Op grond van haar algemene en speciale voorwaarden biedt de ANWB de service van repatriëring van een voertuig en vervangend vervoer in het buitenland als een voertuig dusdanig is beschadigd dat het niet binnen 48 uur na melding daarvan aan de ANWB door een al dan niet provisorische reparatie geschikt gemaakt kan worden voor een veilige terugreis. Zij neemt deze beslissing op grond van de technische diagnose van de garage.

21. Partijen zijn het niet eens over het tijdstip waarop [A en B] hun eerste stranding op 15 augustus 2011 hebben gemeld aan de ANWB. [A en B] stellen dat dit om 10.39 uur is gebeurd. De ANWB stelt dat dit om 10.47 is gebeurd. Uit de overgelegde telefoonspecificatie van [A en B] kan worden afgeleid dat zij om 10.39 uur een halve minuut en om 10.40 uur bijna zeven minuten hebben gebeld met de ANWB. Uit de overgelegde telefoonnoties van de ANWB kan worden afgeleid dat deze na afloop van een telefoongesprek worden opgemaakt. Dit kan verklaren waarom de melding door de ANWB eerst om 10.47 uur is genoteerd. Gelet hierop zal het ervoor worden gehouden dat [A en B] hun eerste stranding uiterlijk om 10.40 uur hebben gemeld.

22. De termijn van 48 uur na melding liep gelet op het bovenstaande af op 17 augustus 2011 om 10.40 uur. De ANWB heeft onweersproken gesteld dat zij op 16 augustus 2011 om 18.25 uur de technische diagnose van de garage heeft ontvangen, te weten een kapotte radiatorslang. Partijen zijn het erover eens dat de vervanging van een kapotte radiatorslang een betrekkelijk eenvoudige reparatie is. Dit blijkt ook uit het feit dat de garage na de zoektocht naar een nieuwe radiatorslang op 17 augustus 2011 binnen een uur in staat bleek om de reparatie uit te voeren en daarvoor niet meer dan € 87,91 in rekening heeft gebracht. Dit betekent dat de ANWB niet toerekenbaar tekort is geschoten door na de ontvangst van de technische diagnose te beslissen om [A en B] geen repatriëring van de auto en vervangend vervoer aan te bieden. Op dat moment was een reparatie binnen 48 uur na melding immers nog mogelijk.

23. Op 17 augustus 2011 om 10.40 uur is de termijn van 48 uur na melding verstreken zonder dat de auto geschikt was voor een veilige terugreis. Uit de overgelegde stukken blijkt niet dat op dat moment contact is geweest tussen partijen. Eerst om 12.28 uur is er volgens deze stukken weer contact, waarbij de ANWB aan [A en B] meedeelt dat zij geen informatie heeft over de voortgang van de reparatie. Op dat moment had de ANWB op grond van haar voorwaarden en haar toelichting daarop op de zitting repatriëring van de auto en vervangend vervoer moeten aanbieden. Reparatie binnen de termijn van 48 uur na melding was immers niet meer mogelijk. Namens de ANWB is op de zitting weliswaar verklaard dat deze termijn soms wordt overschreden en toch wordt gerepareerd, maar ook dat beslissingen om vervangend vervoer aan te bieden worden genomen door de ANWB in samenspraak met de gestrande persoon. Nu niet is gesteld of gebleken dat de ANWB op dit moment repatriëring van de auto en vervangend vervoer heeft aangeboden en evenmin is gesteld of gebleken dat zij hierover overleg heeft gevoerd met [A en B], is zij tekort geschoten in de nakoming van de overeenkomst tussen partijen.

24. De ANWB stelt dat [A en B] stilzwijgend hebben ingestemd met het alsnog laten uitvoeren van de reparatie, omdat zij met spoed naar huis wilden en niet zouden hebben gevraagd om vervangend vervoer. Dat [A en B] eerder hebben meegedeeld met spoed naar huis te willen, levert niet zonder meer argument op om alsnog een reparatie buiten de termijn uit te laten voeren. Zoals eerder al is overwogen, is niet gesteld of gebleken dat over de verschillende mogelijkheden overleg is gevoerd. Bovendien kan deze mededeling ook als een voorkeur voor vervangend vervoer worden opgevat. Dat [A en B] niet hebben gevraagd om vervangend vervoer, hetgeen zij overigens gemotiveerd betwisten, leidt evenmin tot stilzwijgende instemming met het alsnog laten uitvoeren van de reparatie. De algemene en speciale voorwaarden van de ANWB stellen een aanspraak van de rechthebbende niet als voorwaarde voor het recht op vervangend vervoer. Of [A en B] aanspraak hebben gemaakt op dit recht, is dus niet relevant voor het ontstaan ervan. Nu de ANWB geen vervangend vervoer heeft aangeboden, had zij een eventuele afstand van dit recht dan ook redelijkerwijs niet mogen afleiden uit het enkele feit dat op dit recht geen aanspraak werd gemaakt.

25. De tekortkoming kan de ANWB worden toegerekend. De overeengekomen reparatietermijn houdt weliswaar niet uitdrukkelijk rekening met nationale feestdagen en vertragingen bij de garage, maar de ANWB als professioneel voertuighulpverlener wordt geacht de lengte van deze termijn op dergelijke onvoorziene omstandigheden te hebben afgestemd. Bovendien beoogt deze termijn onmiskenbaar ook het belang van gestrande reizigers, om binnen afzienbare tijd duidelijkheid te krijgen over de voortzetting van hun reis, te beschermen. In dit licht komt deze ongelukkige samenloop van omstandigheden voor rekening van de ANWB. In dit verband wordt nog opgemerkt dat de leveringsproblemen met de radiatorslang en de zoektocht naar een andere slang omstandigheden zijn, die zich pas hebben voorgedaan na de tekortkoming van de ANWB.

26. Nu sprake is van een toerekenbare tekortkoming van de ANWB, kan zij zich niet beroepen op de aansprakelijkheidsuitsluiting in artikel 11 van de algemene voorwaarden. Dit betekent dat zij gehouden is de schade die [A en B] door deze tekortkoming lijden te vergoeden.

27. Alleen de extra verblijfskosten die zijn veroorzaakt door de tekortkoming van de ANWB, en die dus daarna zijn gemaakt, komen voor vergoeding in aanmerking. De ANWB deelt op 17 augustus 2011 om 19.18 uur aan [A en B] mee dat hun auto gerepareerd is en dat zij de auto die dag nog kunnen ophalen vóór 20.00 uur. De kantonrechter acht het niet onredelijk dat [A en B] op dat tijdstip al hadden gedineerd en een extra hotelovernachting hadden geboekt. Hierbij is van belang dat [A en B] op vakantie waren met twee kinderen. Bovendien valt niet zonder meer in te zien waarom de ANWB pas ruim twee uur na de gereedmelding door de garage deze melding heeft doorgegeven aan [A en B].

28. [A en B] hebben onvoldoende toegelicht op grond waarvan de kosten, die zij hebben gemaakt na de tweede stranding op 18 augustus 2011, redelijkerwijs kunnen worden aangemerkt als te zijn veroorzaakt door de vastgestelde of een andere tekortkoming van de ANWB. Zij hebben in dit verband bijvoorbeeld hun stelling, dat de ANWB een zodanige druk heeft uitgeoefend op de Spaanse garage dat zij als gevolg daarvan met een ondeugdelijk gerepareerde auto de weg op zijn gestuurd, onvoldoende toegelicht en onderbouwd. Op grond van de stellingen van partijen en de door hen overgelegde stukken staat voldoende vast dat de auto op 17 augustus 2011 zodanig was gerepareerd dat deze auto geschikt was voor een veilige terugreis. Het enkele feit dat bij deze reparatie een niet-originele radiatorslang is gebruikt, maakt dit niet anders. De Spaanse garage heeft de ANWB en later [A en B] weliswaar geadviseerd deze slang in Nederland te vervangen, maar niet geadviseerd er niet mee te rijden. Bovendien heeft de heer [C] van de ANWB in een e-mail van 20 juli 2012 verklaard dat er geen verschil in kwaliteit bestaat tussen een originele en een imitatie koelwaterslang. [A en B] hebben dit onvoldoende weersproken, zodat hiervan uit zal worden gegaan.

29. Gelet op het bovenstaande komen de volgende posten uit het overzicht van [A en B] (productie 6), die verder inhoudelijk niet zijn weersproken, voor vergoeding in aanmerking:

Woensdag 17 augustus 2011

- lunch € 29,30

- taxi naar Gualta/Estartite € 45,00

- vier keer diner hotel Emporda/Gualta € 75,47

Donderdag 18 augustus 2011

- vier keer ontbijt hotel Emporda € 27,55

- vier keer logies hotel Emporda € 270,00

- taxi naar garage € 10,00

Totaal € 457,32.

30. Alleen de extra telefoonkosten die zijn veroorzaakt door de tekortkoming van de ANWB komen voor vergoeding in aanmerking. Een andere tekortkoming van de ANWB dan de vastgestelde tekortkoming hebben [A en B] in het licht van de overgelegde stukken onvoldoende toegelicht. Zij stellen bijvoorbeeld wel dat de ANWB onvoldoende bereikbaar was, maar uit de overgelegde stukken volgt dit niet zonder meer. Bovendien hebben [A en B] onvoldoende toegelicht en onderbouwd welke schade zij hierdoor hebben geleden. Onder verwijzing naar rechtsoverwegingen 27 en 28 komen alleen de extra telefoonkosten die zijn gemaakt van 17 augustus 2011 om 10.40 uur tot en met 18 augustus 2011 om ongeveer 09.00 uur voor vergoeding in aanmerking. Op grond van de overgelegde stukken kan echter niet nauwkeurig worden vastgesteld welke omvang deze schadepost heeft. Op grond van de telefoonspecificatie en het overzicht van het telefoongebruik in augustus 2011 wordt de schade aan extra telefoonkosten daarom geschat op € 150,00.

31. De schade aan de auto komt niet voor vergoeding in aanmerking. Onder verwijzing naar rechtsoverweging 28 staat voldoende vast dat de auto op 17 augustus 2011 zodanig was gerepareerd dat deze auto geschikt was voor een veilige terugreis. [A en B] hebben hun andersluidende stellingen onvoldoende toegelicht en onderbouwd, zodat deze stellingen als onvoldoende gemotiveerd worden verworpen. Dit betekent dat onvoldoende is komen vast te staan dat de schade aan de auto is veroorzaakt door de vastgestelde tekortkoming van de ANWB.

32. Voor zover de schade aan de auto na 17 augustus 2011 is ontstaan, hebben [A en B] onvoldoende toegelicht en onderbouwd door welke andere toerekenbare tekortkoming van de ANWB deze schade zou zijn veroorzaakt. Hierbij wordt gewezen op de telefoonnotitie van 18 augustus 2011, waaruit blijkt dat [A en B] uitdrukkelijk zijn gewezen op hun eigen risico bij doorrijden na de tweede stranding, hetgeen [A] op de zitting ook heeft erkend. Nu onvoldoende is komen vast te staan dat de ANWB toerekenbaar tekort is geschoten bij het ontstaan van de schade aan de auto, geldt dat – voor zover de ANWB al op enige grond aansprakelijk gehouden zou kunnen worden voor vergoeding van deze schade – deze aansprakelijkheid is uitgesloten in artikel 11 van de algemene voorwaarden.

33. Gelet op al het bovenstaande hebben [A en B] recht op vergoeding van hun schade tot een bedrag van in totaal € 607,32. De gevorderde wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over dit bedrag zal als onweersproken worden toegewezen vanaf 1 november 2011.

34. [A en B] hebben vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten gevorderd. Deze vordering zal mede gelet op de aanbevelingen in het rapport Voor-werk II worden afgewezen. Uit de door [A en B] gegeven omschrijving van de verrichte werkzaamheden blijkt immers niet dat kosten zijn gemaakt, die betrekking hebben op verrichtingen die meer omvatten dan een herhaalde aanmaning, het doen van een niet aanvaard schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden dan ook aangemerkt als betrekking hebbend op verrichtingen waarvoor de proceskostenveroordeling een vergoeding bevat.

35. De ANWB zal in de proceskosten van [A en B] worden veroordeeld. De gevorderde rente over deze kosten zal als onweersproken worden toegewezen. Deze kosten worden tot op heden als volgt begroot, waarbij voor het salaris gemachtigde wordt aangesloten bij het toegewezen bedrag:

griffierecht € 207,00

explootkosten € 98,97

salaris gemachtigde € 200,00 (2 punten × tarief € 100,00)

Totaal € 505,97.

36. De gevorderde nakosten zullen als onweersproken worden toegewezen op de hierna vermelde wijze.

BESLISSING

De kantonrechter:

I. veroordeelt de ANWB tot betaling aan [A en B] van € 607,32, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf 1 november 2011 tot aan de dag van volledige voldoening,

II. veroordeelt de ANWB tot betaling aan [A en B] van hun proceskosten, tot op heden begroot op € 505,97, te vermeerderen – onder de voorwaarde dat de ANWB niet vóór 16 januari 2013 aan deze veroordeling voldoet – met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf 16 januari 2013 tot aan de dag van volledige voldoening,

III. veroordeelt de ANWB in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 131,00 aan salaris gemachtigde, te vermeerderen – onder de voorwaarden dat betekening van dit vonnis heeft plaatsgevonden en de ANWB daarna niet binnen veertien dagen aan dit vonnis heeft voldaan – met een bedrag van € 68,00 aan salaris gemachtigde,

IV. verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

V. wijst het meer of anders gevorderde af.

Aldus gewezen door mr. M.R.J. van Wel, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 januari 2013 in tegenwoordigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter