Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2012:CA3160

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
20-12-2012
Datum publicatie
14-06-2013
Zaaknummer
12/864-F FT RK 12.2968
Rechtsgebieden
Insolventierecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Vernietiging faillissement na verzet met veroordeling geopposeerden in de kosten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

SECTOR CIVIEL RECHT

VONNIS

Faillissementsnummer: 12/864-F

Gezien het op 11 december 2012 ter griffie van deze rechtbank ingekomen ver¬zoekschrift, nummer FT RK 12.2968, van:

[A],

geboren op [dag-maand-jaar],

wonende te [postcode-plaats], [adres-huisnummer],

handelend onder de naam [B],

ingeschreven bij de Kamer van Koophandel te Amsterdam onder nummer --,

vestigingsadres: [postcode-plaats], [adres-huisnummer],

opposante,

advocaat mr. C.G. van der Wiel,

strekkende tot vernietiging van het vonnis van deze rechtbank van 27 november 2012 waarbij opposante, op verzoek van geopposeerden:

1. stichting Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor het Beroepsvervoer over de weg;

2. stichting Stichting Opleidings- en Ontwikkelingsfonds Beroepsgoederenvervoer over de weg en verhuur van mobiele kranen,

advocaat mr. J.A. Trimbach,

in staat van faillissement is verklaard.

Gezien de stukken, op het faillissement betrekking hebbende, waaronder het vonnis waartegen verzet;

Gelet op de behandeling van het verzetschrift in raadkamer van deze rechtbank van 19 december 2012;

Ter terechtzitting alsmede uit de stukken is gebleken dat opposante niet verkeert in de toestand van te hebben opgehouden te betalen. De door geopposeerden ingediende vorderingen zijn gebaseerd op de veronderstelling dat opposante als werkgever zou hebben opgetreden en werknemers in loondienst zou hebben. Nu opposante een eenmanszaak heeft gedreven en van personeel geen sprake is (geweest) is de rechtbank van oordeel dat geen grond bestaat voor de vermeende vorderingen van geopposeerden.

De rechtbank is daarbij in voldoende mate gebleken dat geopposeerden bij de inning van hun vordering op opposante gebruik hebben gemaakt van een incassobureau. Vaststaat dat opposante met zowel het incassobureau als (in ieder geval één van) geopposeerden (telefonisch) contact heeft gehad en heeft meegedeeld geen personeel in dienst te hebben (gehad). Dit heeft echter niet geleid tot intrekking/ongedaanmaking door geopposeerden van hun vorderingen, integendeel, geopposeerden hebben het faillissement van opposante aangevraagd. Nu geconcludeerd moet worden dat voor de vorderingen van geopposeerden die ten grondslag lagen aan het vonnis tot faillietverklaring geen grond bestond, dienen geopposeerden als in het ongelijk gestelde partij de kosten van het verzet, de kosten van de curator tot op heden daarin inbegrepen, te dragen.

BESLISSING:

De rechtbank:

Verklaart het verzet gegrond.

VERNIETIGT het vonnis van 27 november 2012;

Bepaalt het salaris van de curator mr. G.J. ten Hagen op € 1.362,24, en stelt de verschotten vast op € 54,49, beide bedragen te vermeerderen met de daarover verschuldigde omzetbelasting en brengt deze bedragen, alsmede de kosten van het verzet, aan de zijde van opposant tot aan deze uitspraak begroot op € 904,=, ten laste van geopposeerden;

Stelt de advertentiekosten vast op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.A.J. Peeters en in het openbaar uitgesproken op 20 december 2012.