Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2012:BY5995

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
05-12-2012
Datum publicatie
12-12-2012
Zaaknummer
KK 12-1592
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Gunning vervoerscontract, geen overgang onderneming, baanaanbod CAO Taxivervoer, arbeidsongeschikte werknemers.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2012-1063

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

KORT GEDING

SECTOR KANTON - LOCATIE AMSTERDAM

Kenmerk : KK 12-1592

Datum : 5 december 2012

245

Vonnis van de kantonrechter te Amsterdam in het kort geding van:

1. [eiser 1]

2. [eiser 2]

3. [eiseres 3]

allen wonende te Amsterdam

eisers, nader te noemen de werknemers, dan wel [eiser 1], [eiser 2] en [eiseres 3]

gemachtigde: mr. D.S. de Ploeg

en, na verzoek tot voeging van 8 november 2012

4. de besloten vennootschap STADSMOBIEL B.V.

gevestigd te Amsterdam

eiseres, nader te noemen Stadsmobiel

gemachtigde: mr. A.L. Hock

t e g e n:

de besloten vennootschap CONNEXXION TAXI SERVICES B.V

gevestigd te Amsterdam

gedaagde, nader te noemen Connexxion

gemachtigde: mr. E.J. Nieuwenhuys.

HET VERLOOP VAN DE PROCEDURE

Bij dagvaarding van 1 november 2012, met producties, hebben werknemers een voorziening gevorderd. Bij faxbrief van 8 november 2012 heeft Stadsmobiel een verzoek tot voeging gedaan, welk verzoek is gehonoreerd. Werknemers hebben naast de dagvaarding nog andere producties ingediend. Ook Stadsmobiel en Connexxion hebben voorafgaand aan de zitting producties ingediend.

Ter terechtzitting van 15 november 2012 is de zaak mondeling behandeld. Werknemers zijn verschenen, vergezeld van hun gemachtigde. Stadsmobiel is verschenen bij mevrouw

[naam] en de heer [naam], eveneens vergezeld van hun gemachtigde. Connexxion is verschenen bij mevrouw [naam], mevrouw [naam], de heren [naam] en

[naam] en de gemachtigde. Partijen hebben ter zitting hun standpunten nader toegelicht, mede aan de hand van pleitnota’s, en vragen van de kantonrechter beantwoord. De griffier heeft aantekeningen gemaakt, welke aan het dossier zijn toegevoegd. De zaak is daarna een week aangehouden in verband met een eventuele schikking.

Bij faxbrief van 22 november 2012 hebben werknemers laten weten dat een schikking niet is bereikt en dat zij vonnis vragen. Vervolgens is vonnis bepaald op heden.

GRONDEN VAN DE BESLISSING

1. Als uitgangspunt in dit geding geldt het navolgende:

1.1. [eiser 1] is op 1 mei 2000 in dienst getreden van Stadsmobiel. Met ingang van

5 september 2011 is hij chauffeur ten behoeve van het Aanvullend Openbaar Vervoer (verder: AOV) in het kader van de Wet maatschappelijke Ondersteuning, de WMO. [eiser 1] werkt 40 uur per week en verdient € 2.076,01 bruto per maand.

1.2. [eiser 2] is op 3 januari 2006 in dienst getreden van Stadsmobiel in de functie van chauf-feur ten behoeve van het AOV. [eiser 2] werkt 40 uur per week en verdient € 1.923,26 bruto per maand.

1.3. [eiseres 3] is op 1 maart 1999 in dienst getreden van Stadsmobiel in de functie van telefoniste en is eveneens werkzaam ten behoeve van het AOV. [eiseres 3] werkt

24 uur per week en verdient € 1.265,04 bruto per maand.

1.4. Op de arbeidsovereenkomsten met Stadsmobiel is de CAO Taxivervoer 2009-2013, die algemeen verbindend is verklaard, van toepassing (verder de CAO).

1.5. Op 2 februari 2012 heeft de Gemeente Amsterdam de aankondiging gepubliceerd van een Europese openbare (her)aanbesteding voor het AOV ‘betreffende perceel A’. Bij brief van 30 maart 2012 heeft de Gemeente Stadsmobiel in kennis gesteld van haar voornemen de opdracht aan Connexxion te gunnen.

1.6. Op 13 juni 2012 is de vervoersopdracht definitief aan Connexxion gegund en vanaf 3 september 2012 is Connexxion het AOV gaan uitvoeren. Connexxion heeft geen activa van Stadsmobiel overgenomen.

1.7. Ook Connexxion valt onder de werkingssfeer van de CAO. De CAO bepaalt in artikel 1.8 onder het kopje “Overgang vervoerscontracten” dat de regeling “Overgang personeel bij overgang vervoerscontracten” van toepassing is op contractsovername als die tussen Connexxion en Stadsmobiel. Kort gezegd bepaalt de regeling dat in geval van contractsovername de verkrijgende contractpartij 75% van de betrokken werknemers een schriftelijk baanaanbod doet, waarbij tenminste het aantal contracturen, de contractduur, datum in dienst en de inhoud van de functie, die de werknemer bij de overdragende werkgever heeft, gelijk blijven. De regeling is opgenomen in de CAO Stichting Sociaal Fonds Taxi (met de bijbehorende stichting verder SFT) en in Bijlage 3 bij de CAO (verder Bijlage 3). Bijlage 3 is in april 2012 gewijzigd.

1.8. Artikel 1.1 van Bijlage 3 (in de versie van april 2012) geeft definities van de ‘betrokken werknemer’. De in casu relevante artikelen luiden:

Artikel 1.1a Betrokken werknemer: rijdend

“Een betrokken werknemer is een parttimer, fulltimer (..), die ten minste gedurende 6 maanden onafgebroken werkzaamheden heeft uitgevoerd ten behoeve van het vervoerscontract. (..)

Artikel 1.1b Betrokken werknemer: niet-rijdend

“Telefonisten (..) die voor 50% of meer van hun werkzaamheden betrokken zijn en ten minste 6 maanden onafgebroken werkzaamheden hebben uitgevoerd ten behoeve van het vervoerscontract. (..)”

Artikel 1.c Zieke werknemer

“Een werknemer, die als betrokken werknemer in de zin van 1.1a of 1.1b kan worden gekwalificeerd, waarvan op de datum van voorlopige gunning vaststaat dat hij ziek is en waarvan vanaf de datum van arbeidsongeschiktheid vaststaat dat terugkeer binnen de wettelijke termijnen naar het eigen werk bij de eigen werkgever mogelijk is, wordt als een betrokken werknemer beschouwd. (..)”

1.9. De tekst van Bijlage 3 van voor de versie april 2012 is - voor zover relevant - gelijkluidend zij het dat het zinsdeel “op de datum van voorlopige gunning” luidde:“op de datum van definitieve gunning”.

1.10. Stadsmobiel heeft SFT een lijst verstrekt met ‘betrokken werknemers’, welke door SFT is gecontroleerd en geschoond. Ongeveer 94 werknemers zijn door SFT als mogelijk betrokken werknemers aangemerkt. Connexxion heeft 64 werknemers een baanaanbod gedaan, waarvan 42 werknemers het aanbod hebben geaccepteerd.

1.11. Op 10 juni 2012 heeft [eiser 1] zich ziek gemeld vanwege een hartinfarct.

1.12. Bij brief van 22 juni 2012 heeft Connexxion [eiser 1] op de hoogte gesteld van de definitieve gunning en heeft zij hem uitgenodigd voor een kennismakingsbijeenkomst op 3 juli 2012.

1.13. [eiser 1] is op 6 september en 21 september 2012 bij de bedrijfsarts (ArboNed) geweest. In de Periodieke evaluatie van de laatste datum heeft de bedrijfsarts de stand van zaken als volgt omschreven:

“De heer [eiser 1] gaat goed vooruit. Het nader onderzoek bij de cardioloog viel mee en medewerker is al weer 4 dagen in aangepast werk voor enkele uren per dag bezig. Komende week staat gepland al 3 keer 2 uur met de auto te gaan rijden voor eigen werk.” De bedrijfsarts adviseert het werk in 2 à 3 maanden op te bouwen naar volledig eigen werk.

1.14. Bij brief van 10 september 2012 heeft de behandelend cardioloog van [eiser 1] verklaard dat de verwachting is dat [eiser 1] op termijn zijn normale werkzaamheden weer kan gaan uitvoeren.

1.15. Op 18 september 2012 heeft [eiser 1] op verzoek van Stadsmobiel een externe bedrijfs-arts van KBC Arbo B.V. bezocht. Deze bedrijfsarts, de heer [naam], heeft geoordeeld dat [eiser 1] over ongeveer anderhalve week een start kon maken met eigen werk voor enkele uren per dag. De bedrijfsarts overweegt: “Voor de langere termijn lijkt het mij, gegeven de verstrekte informatie, voor de hand liggen dat [eiser 1] volledig terug kan keren in het eigen werk, zeker binnen 104 weken, maar waarschijnlijk al over ongeveer 2 maanden.”

1.16. [eiser 2], die zich niet heeft ziek gemeld, heeft op 3 juli 2012 deelgenomen aan de door Connexxion georganiseerde kennismakingsbijeenkomst. Tijdens een gesprek met een medewerker van Connexxion is [eiser 2] verzocht een vragenlijst in te vullen. In antwoord op een vraag naar eventuele beperkingen bij het functioneren als chauffeur heeft [eiser 2] ingevuld dat hij vanwege chronische vermoeidheid en nachtblindheid ernstige problemen met wisseldiensten zou hebben.

1.17. Op verzoek van Connexxion is [eiser 2] op 7 september 2012 medisch gekeurd. Daarbij is geoordeeld dat de medische beperkingen blijvend zijn en dat [eiser 2] volledig en duur-zaam arbeidsongeschikt is voor de bedongen arbeid. Het ‘betrokkenheidspercentage’ van [eiser 2] was 0% volgens de bedrijfsarts.

1.18. [eiser 2] is ook op verzoek van Stadsmobiel door dezelfde externe bedrijfsarts van KBC Arbo als [eiser 1] gekeurd, welk op 18 september 2012 heeft geoordeeld: ”Op dit moment ziet het ernaar uit dat sprake is van een aandoening die bij de juiste behandeling het mogelijk maakt dat hij het werk als taxichauffeur, inclusief alle onregelmatige diensten, volledig kan uitvoeren. Anders gezegd: mijn inziens zal hij ruim binnen 104 weken na heden, dat werk volledig moeten kunnen uitvoeren. Op dit moment is hij inzetbaar als chauffeur, in de dagdienst, alle uren.“

1.19. [eiseres 3] is vanaf 21 januari 2012 gedeeltelijk arbeidsongeschikt als gevolg van zwangerschapsgerelateerde klachten. Van 13 maart 2012 tot en met 2 juli 2012 was [eiseres 3] met zwangerschapsverlof en sinds 3 juli 2012 is zij volledig arbeidsongeschikt.

1.20. [eiseres 3] is op 13 juli 2012 bij de bedrijfsarts (ArboNed) geweest. In de Probleemanalyse en advies van 16 juli 2012 heeft de bedrijfsarts de stand van zaken als volgt omschreven: “Ik verwacht een langzame afname van de klachten en beperkingen bij een adequate behandeling. Het herstel zal nog een geruime tijd (enkele maanden) nodig hebben. Zij wordt op termijn weer volledig geschikt voor haar eigen werk.”

1.21. Ook [eiseres 3] is op verzoek van Stadsmobiel ook op 18 september 2012 door dezelfde externe bedrijfsarts van KBC Arbo gekeurd, welk heeft geoordeeld dat haar klachten behandelbaar zijn, met een kans op terugkeer in het eigen werk. De bedrijfsarts overweegt: ”De grootte van die kans is niet in te schatten... Concluderend kan ik zeggen dat het aannemelijk is dat betrokkene binnen 104 weken het eigen werk, cq de bedongen arbeid weer volledig kan uitvoeren.”

1.22. Connexxion heeft bij brief van 27 september 2012 zich op het standpunt gesteld dat zij de drie werknemers geen baanaanbod hoefde te doen omdat niet met zekerheid vastgesteld kon worden dat volledig herstel voor bedongen arbeid binnen de wettelijke termijn mogelijk was. Werknemers hebben hiertegen geprotesteerd en zich beschikbaar gehouden voor werk, onder de voorwaarde dat ze hersteld en inzetbaar waren.

1.23. Stadsmobiel is recent door de vervoersmaatschappij ETS Taxi (te Zaandam) overgenomen. ETS wordt door Connexxion ingezet op diverse vervoerscontracten.

Vordering en verweer

2. De werknemers vorderen als voorziening Connexxion te veroordelen om werknemers binnen 24 uur na betekening van dit vonnis in de gelegenheid te stellen om hun gebruikelijke werkzaamheden, dan wel (voor zover sprake is van arbeidsongeschiktheid) passende werkzaamheden te verrichten rekening houdend met hun medische beperkingen, zulks op verbeurte van een dwangsom ad € 5.000,- voor iedere dag of gedeelte daarvan waarop Connexxion in gebreke mocht blijven aan de veroordeling te voldoen. Voorts wordt gevorderd – kort gezegd – Connexxion te veroordelen tot betaling van hun loon vanaf 3 september 2012, onder overlegging van een deugdelijke specificatie en te vermeerderen met vakantietoeslag, bijkomende emolumenten, de wettelijke verhoging en de wettelijke rente.

3. De werknemers stellen primair dat sprake is van een overgang van onderneming als bedoeld in artikel 7: 662 ev BW en dat zij derhalve per 3 september 2012 van rechtswege bij Connexxion op dezelfde arbeidsvoorwaarden in dienst zijn. Subsidiair stellen de werknemers zich op het standpunt dat Connexxion op basis van artikel 1.8 van de CAO en Bijlage 3 verplicht is hen met ingang van 3 september 2012 een baanaanbod te doen en aldus gehouden is om hen arbeid aan te bieden, alsmede het met Stadsmobiel overeengekomen loon door te betalen.

4. Stadsmobiel heeft zich aan de zijde van de werknemers gevoegd en harerzijds bepleit dat sprake is van overgang van onderneming in het perceel waarin Stadsmobiel de aanbesteding aan Connexxion is verloren. Stadsmobiel wijst er op dat geen onderbreking van de werkzaamheden heeft plaats gevonden, dat de klantenkring behouden is gebleven en dat een groep van ongeveer 80 werknemers door Connexxion is overgenomen. In deze sector is sprake van een arbeidsintensieve sector en Connexxion heeft 80% van de werknemers overgenomen.

5. Daarnaast stelt Stadsmobiel dat de tekst van artikel 1.8 van de CAO klip en klaar is; als er een mogelijkheid bestaat dat de werknemer kan terugkeren in eigen functie binnen de wettelijke termijnen dan dient de verkrijgende partij ook de zieke werknemer over te nemen.

6. Connexxion voert tegen de vordering – kort gezegd – aan dat van een overgang van onde-rneming geen sprake is. Voorts stelt Connexxion zich op het standpunt dat de werknemers geen betrokken werknemer zijn in de zin van de CAO, nu zij op de datum van de voorlopige gunning ziek waren en niet vast staat dat zij binnen de wettelijke termijn van 104 weken kunnen terugkeren naar het eigen werk.

7. Volgens Connexxion zijn de werknemers uitgenodigd op de bijeenkomst van 3 juli 2012 om te bezien of zij mogelijk behoorden tot de groep van betrokken werknemers, in de zin van de CAO en Bijlage 3. Dat is bij de werknemers niet het geval.

8. Voor [eiser 1] geldt dat Connexxion van SFT op 23 augustus 2012 heeft vernomen dat hij al vanaf 10 april 2012 ziek is. Dit is vóór de datum van de voorlopige gunning op 13 april 2012. Derhalve geldt dat voor [eiser 1] bij aanvang van de ziekte moet vast staan dat terugkeer in het eigen werk binnen de wettelijke termijn van 104 weken mogelijk is. Op basis van de nu bekende gegevens is niet met zekerheid te stellen dat [eiser 1] binnen 104 weken zijn werkzaamheden als chauffeur volledig kan hervatten. Of dat feitelijk zo is, kan bovendien in dit kort geding niet worden beoordeeld.

9. Voor [eiser 2] geldt dat deze op het door Connexxion verstrekte formulier vermeld heeft dat hij met diverse beperkingen kampt, maar desondanks kan rijden als chauffeur, mits dat overdag is. Connexxion heeft vervolgens de bedrijfsarts verzocht een beoordeling te maken van de beperkingen van [eiser 2]. Daaruit is naar voren gekomen dat [eiser 2] als gevolg van bewustzijnstoornissen slechts beperkt zelfstandig een voertuig kan besturen, welke beperking duurzaam is. Conform de Wet Personenvervoer zijn personen met bewustzijnstoornissen ongeschikt als chauffeur. Zodoende komt [eiser 2] niet voor een baanaanbod in aanmerking.

10. Voor [eiseres 3] geldt dat zij op het formulier heeft vermeld vanaf medio maart 2012 arbeidsongeschikt te zijn en daarbij heeft aangetekend “Weet niet of zij in oktober kan starten”. Uit de beschikbare gegevens volgt niet dat vaststaat dat [eiseres 3] binnen de wettelijke termijn de eigen arbeid kan hervatten. De bedrijfsarts heeft slechts geoordeeld dat op termijn de kans bestaat op terugkeer in eigen werk, maar dat staat niet vast.

11. De werknemers hebben voorts nagelaten tegen de beslissing hen geen baanaanbod te doen, beroep aan te tekenen bij SFT. Dat is de weg die zij hadden dienen te bewandelen.

12. Zo Connexxion de werknemers al een baanaanbod zou moeten doen, dan zal dat zijn op basis van het salaris conform de CAO. Door de overname van Stadsmobiel door ETS is overigens het inkomen van de werknemers zeker gesteld.

Beoordeling

13. In dit kort geding dient te worden beoordeeld of de in deze zaak aannemelijk te achten omstandigheden een ordemaatregel vereisen, dan wel of de vordering van eisers in een bodemprocedure een zodanige kans van slagen heeft dat het gerechtvaardigd is op de toewijzing daarvan vooruit te lopen door het treffen van een voorziening zoals gevorderd. Het navolgende behelst dan ook niet meer dan een voorlopig oordeel over het geschil tussen partijen, op basis van de thans bekende feiten en omstandigheden, nu voor nader onderrzoek in deze procedure geen plaats is.

14. Allereerst wordt voorshands geoordeeld dat in casu tussen Connexxion en Stadsmobiel geen sprake is van een overgang van onderneming als bedoeld in artikel 7: 662 ev BW. Connexxion heeft geen activa van Stadsmobiel overgenomen en het enkele feit dat Connexxion de gunning heeft gewonnen is onvoldoende. Dat Connexxion op grond van de CAO gehouden is 75% van de werknemers van Stadsmobiel een baanaanbod te doen en dat heeft gedaan, maakt dit niet anders. Naleving van de CAO kan niet meebrengen dat dus sprake is van overgang van onderneming. Dat is de omgekeerde wereld en het betreft conform de CAO ook niet meer dan een aanbod, geen indiensttreding van rechtswege.

15. De stelling van Connexxion, dat het feit dat de werknemers geen bezwaar hebben aangetekend bij het SFT meebrengt dat zij hier in hun vorderingen niet kunnen worden ontvangen, wordt gepasseerd. De mogelijkheid om een voorziening te vragen is immers in de CAO of de Bijlage niet voorzien of verplicht gesteld.

16. Tussen partijen is in confesso dat de werknemers, afgezien van de arbeidsongeschiktheid, ieder zijn aan te merken als ‘betrokken werknemer’ in de zin van Bijlage 3 lid 1.1a en 1.1b. Connexxion heeft daarbij verklaard dat de werknemers een aanbod zou zijn gedaan, als zij niet arbeidsongeschikt waren geweest. Daarmee gaat de kantonrechter er vanuit dat de werknemers vallen binnen het percentage van 75% van alle werknemers van Stadsmobiel, die een baanaanbod zouden (hebben moeten) krijgen.

17. In geschil is of als gevolg van bepaalde in lid 1.1c van Bijlage 3 Connexxion de werknemers geen baanaanbod hoeft te doen. Partijen twisten daarbij over de uitleg van lid 1.1c van Bijlage 3, in die zin dat volgens Connexxion alleen een baanaanbod moet worden gedaan aan een op de peildatum arbeidsongeschikte werknemer van wie vaststaat dat deze binnen 104 weken terugkeert in eigen werk. Volgens de werknemers en Stadsmobiel hoeft niet meer dan een mogelijkheid daartoe aanwezig te zijn.

18. In dit verband wordt overwogen dat de uitleg van deze bepaling uit de CAO dient te geschieden aan de hand van de zogenoemde CAO-norm. Geoordeeld wordt dat bij deze uitleg lid 1.1c van Bijlage 3 bepaalt dat aan de werknemer, waarvan vaststaat dat hij op de datum van definitieve gunning (tekst voor april 2012) of voorlopige gunning (tekst van april 2012) arbeidsongeschikt is, alleen dan een baanaanbod moet worden gedaan indien vaststaat dat terugkeer naar het eigen werk binnen de wettelijke termijn van 104 weken mogelijk is. Derhalve dient de mogelijkheid van terugkeer vast te staan, niet de terugkeer zelf.

19. Op enig moment op of kort voor (de brief van) 30 maart 2012 is - zo wordt voorshands geoordeeld - de aanbesteding voorlopig aan Connexxion gegund. Connexxion heeft weliswaar gesteld dat de aanbesteding eerst per 23 april 2012 voorlopig aan haar zou zijn gegund, maar heeft dat standpunt niet nader toegelicht. Op 30 maart 2012 gold de tekst van Bijlage 3 van vóór april 2012, waarbij het peilmoment aan de voorlopige gunningsdatum werd gekoppeld.

20. Op 30 maart 2012 was [eiser 1] niet arbeidsongeschikt. Los van de vraag derhalve of vaststaat dat herstel van [eiser 1] binnen 104 weken na 30 maart 2012 mogelijk is - hetgeen overigens wel het geval lijkt te zijn - had Connexxion [eiser 1] een baanaanbod conform de CAO dienen te doen. Dat impliceert overigens niet ongewijzigde voortzetting van het dienstverband zoals gevorderd, maar een aanbod op de voorwaarden als in de CAO Taxivervoer en Bijlage 3 omschreven. Na aanvaarding van dat aanbod komt het dienstverband tot stand en dient Connexxion [eiser 1] te reïntegreren en te werk te stellen conform haar wettelijke verplichtingen. Er bestaat geen verplichting zijdens Connexxion om [eiser 1] te werk te stellen tegen het bij Stadsmobiel geldende loon. Of dat loon overeenkomt met hetgeen in de CAO voor de inhoud van de functie van [eiser 1] geldt, kan de kantonrechter niet beoordelen; daarvoor ontbreekt haar voldoende informatie. In zoverre zal derhalve de vordering ten aanzien van [eiser 1] gedeeltelijk worden toegewezen.

21. Het vorenstaande geldt in zoverre ook voor [eiser 2], dat hij op grond van de nu bekende feiten op de peildatum geschikt was voor de aan zijn functie verbonden werkzaamheden en slechts het werken in wisseldiensten (mogelijk) een probleem opleverde. [eiser 2] was aldus arbeids-geschikt, hooguit slechts voor passende arbeid die overigens mogelijk reeds de eigen arbeid was geworden. Voor [eiser 2] geldt bovendien dat het CBR de aangewezen instantie is om aan de hand van zijn beperkingen te beoordelen of hij geschikt is om als chauffeur voor personen-vervoer werkzaamheden te verrichten. De vordering ten aanzien van [eiser 2] zal derhalve, eveneens gedeeltelijk, worden toegewezen.

22. Van [eiseres 3] staat vast dat zij op de peildatum arbeidsongeschikt was. Met betrekking tot [eiseres 3] wordt overwogen dat over de mogelijkheid tot werkhervatting binnen 104 weken, thans onvoldoende duidelijkheid bestaat om op het oordeel van de bodemrechter vooruit te lopen. De medische verklaringen van de diverse artsen spreken elkaar tegen; de bedrijfsarts van Stadsmobiel, de zijdens Connexxion ingeschakelde bedrijfsarts en de keurings-arts van Stadsmobiel komen over de mogelijkheid tot werkhervatting binnen 104 weken (na 30 maart 2012) niet tot hetzelfde oordeel en zijn (deels) niet voldoende onafhankelijk.

23. Derhalve wordt de vordering toegewezen als hieronder wordt bepaald. De gevorderde dwangsom zal worden afgewezen, nu onvoldoende is gesteld om de verwachting te wettigen dat Connexxion niet aan de veroordeling zal voldoen.

24. Nu beide zijden deels in het ongelijk zijn gesteld, worden de proceskosten tussen alle partijen gecompenseerd.

BESLISSING

De kantonrechter:

I. veroordeelt Connexxion om [eiser 1] en [eiser 2] binnen 24 uur na betekening van dit vonnis een baanaanbod te doen dat voldoet aan de eisen, die de CAO Taxivervoer en Bijlage 3 daaraan stelt;

II. verklaart de veroordeling uitvoerbaar bij voorraad;

III. wijst af het meer of anders gevorderde;

IV. compenseert de proceskosten in dier voege dat ieder der partijen de eigen kosten draagt.

Aldus gewezen door mr. M.V. Ulrici, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 5 december 2012 in tegenwoordigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter