Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2012:BY2021

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
21-08-2012
Datum publicatie
01-11-2012
Zaaknummer
521881 / KG RK 12-1929 Pee/TF
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

De bereidheid van verweerster om - zij het onder protest - vrijwillig aan het arbitraal vonnis te voldoen, vormt geen grond om het exequatur op grond van artikel 1062 Rv te weigeren. De omstandigheid dat partijen een geschil hebben over de tenuitvoerlegging van voornoemd vonnis, kan in een executiegeschil aan de orde komen. In een exequaturprocedure is daarvoor geen plaats.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
TVA 2013/28

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Sector civiel recht, voorzieningenrechter

Beschikking van 21 augustus 2012

in de zaak met nummers 521881 / KG RK 12-1929 Pee/TF van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

CODEX TEN BRAAK B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

verzoekster,

advocaat mr. E.C. Adriaanse te Amsterdam,

tegen:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

CODEX EX B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

verweerster,

advocaat mr. M. Heemskerk te Amsterdam.

1. verloop van de procedure

Verzoekster heeft op 18 juli 2012 een verzoekschrift ex artikel 1062 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) ingediend, welk verzoekschrift aan deze beschikking is gehecht. Het verzoek strekt tot verlof tenuitvoerlegging van het tussen partijen op 11 juli 2012 door het Nederlands Arbitrage Instituut (hierna het NAI) gewezen arbitraal vonnis. Verweerster had op voorhand, bij faxbericht van 12 juli 2012, verzocht om haar voor het nemen van een beslissing op een eventueel verzoek tot tenuitvoerlegging van het arbitrale vonnis te horen.

Nadat mr. Adriaanse namens verzoekster bezwaar heeft gemaakt tegen het horen van verweerster, heeft de voorzieningenrechter beslist dat verweerster zal worden gehoord. Bij brief van 27 juli 2012 is aan partijen meegedeeld dat de mondelinge behandeling op 16 augustus 2012 te 09.30 uur zou plaatsvinden. Tijdens deze mondelinge behandeling hebben beide partijen hun standpunten nader naar voren kunnen brengen.

2. gronden van de beslissing

2.1. Bij vonnis van 11 juli 2012 heeft arbiter mr. W.M.J. Bekkers verbonden aan het NAI verweerster veroordeeld om binnen 10 dagen na het vonnis aan verzoekster een bedrag van € 50.000,00 te voldoen. Verder is verweerster veroordeeld om zich te onthouden van het doen van en/of het direct of indirect meewerken aan betalingen, van welke aard ook en aan welke partij ook, ten laste van de dKM bankrekening, de hiervoor genoemde betaling daarvan uitgezonderd. Verweerster is tot slot veroordeeld om binnen

10 dagen na het vonnis aan de Kamer van Koophandel haar opgave van

12 maart 2012, waarbij zij zich met terugwerkende kracht per 31 december 2010 heeft doen uitschrijven als vennoot en bestuurder van dKM, recht te zetten, zodat uit de registratie bij de Kamer van Koophandel blijkt dat verweerster na 31 december 2010 doorlopend vennoot en bestuurder van dKM is gebleven.

2.2. Voornoemd vonnis is op 12 juli 2012 gedeponeerd ter griffie van deze rechtbank.

2.3. Het bedrag van € 50.000,= is nog niet aan verzoekster voldaan en ook de registratie bij de Kamer van Koophandel is nog niet aangepast.

2.4. Verzoekster verzoekt verlof tot tenuitvoerlegging van het tussen partijen gewezen arbitraal vonnis.

2.5. Verweerster voert hiertegen aan dat verzoekster geen belang heeft bij een verlof tot tenuitvoerlegging omdat zij vrijwillig aan vonnis zal voldoen als verzoekster haar medewerking daaraan verleent. Verder heeft verweerster geen bezwaar tegen tenuitvoerlegging van het vonnis als daarin de clausule wordt opgenomen dat het bedrag van € 50.000,= door verweerster kan worden betaald via de dKM rekening. Verweerster heeft een door haar advocaat ondertekend formulier 10a van de Kamer van Koophandel deels ingevuld aan verzoekster afgegeven om verder in te vullen en te ondertekenen. Verweerster heeft ook een ondertekend formulier 18 Aanvulling van de Kamer van Koophandel, overigens niet ingevuld, aan verzoekster afgegeven, zodat zijzelf voor invulling van dat formulier als door haar gewenst kan zorgen en dat formulier kan aanbieden aan de Kamer van Koophandel tot aanpassing van de inschrijving.

2.6. Op de standpunten van partijen wordt hierna - voor zover van belang - nader ingegaan.

3. de beoordeling

3.1. Ingevolge artikel 1063 Rv kan de voorzieningenrechter het gevraagde verlof tot tenuitvoerlegging van een arbitraal vonnis - afgezien van een tweetal gronden die thans niet aan de orde zijn - slechts weigeren indien het vonnis of de wijze waarop tot stand kwam kennelijk in strijd is met de openbare orde of de goede zeden. Door het gebruik van het woord kennelijk heeft de wetgever willen aangeven dat de rechter slechts summier kan toetsen of strijd met de openbare orde of de goede zeden bestaat.

Volgens verweerster heeft verzoekster geen belang bij het gevraagde verlof omdat zij bereid is – zij het onder protest – vrijwillig aan het vonnis te voldoen. De bereidheid van verweerster om – zij het onder protest – vrijwillig te voldoen aan het vonnis is echter geen grond om het exequatur te weigeren. Vaststaat dat nog geen gevolg is gegeven aan het vonnis. Dat dit zijn oorzaak vindt in een verschil van inzicht tussen partijen over de strekking van het vonnis en de verplichtingen die daaruit voortvloeien heeft niet tot gevolg dat de rechter aan wie verlof voor tenuitvoerlegging van een arbitraal vonnis wordt gevraagd zich dient te begeven in de uitleg van dat vonnis. Indien partijen in de executiefase geschil houden over de tenuitvoerlegging van dat vonnis, kan desnodig in een executiegeschil aan de orde komen of executant op grond van dat vonnis de bevoegdheden toekomen die hij executeert. In de exequaturprocedure is daarvoor geen plaats.

Verweerster heeft geen feiten aangevoerd die, indien zij juist zouden zijn gebleken, bij summiere toets het oordeel kunnen dragen dat het tussen partijen op 11 juli 2012 gewezen vonnis in strijd is met de openbare orde of de goede zeden. Het verlof zal daarom worden verleend.

Om de hiervoor genoemde redenen kan de voorzieningenrechter ook niet ingaan op het verzoek van verweerster om bij verlening van het verlof de door haar gewenste uitleg van (een deel van) dat vonnis als de zienswijze van de rechter te vermelden.

3.2. Het exequatur zal derhalve worden verleend en zal overeenkomstig artikel 1062 lid 2 Rv worden aangetekend op het origineel van het vonnis. Verweerster zal tot slot worden veroordeeld in de kosten van de procedure, als na te melden.

4. de beslissing

De voorzieningenrechter:

4.1. Verleent verlof tot tenuitvoerlegging van het aangehechte arbitrale vonnis.

4.2. Veroordeelt verweerster in de kosten van dit geding, tot heden aan de zijde van verzoekster begroot op:

– € 114,= aan griffierecht en

– € 384,= aan salaris advocaat.

4.3. Verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door de voorzieningenrechter mr. J.A.J. Peeters, en in het openbaar uitgesproken op 21 augustus 2012, in tegenwoordigheid van de griffier.?

coll: