Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2012:BY0753

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
29-08-2012
Datum publicatie
22-10-2012
Zaaknummer
512346 / HA ZA 12-306 (tussenvonnis)
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Verzekeringsrecht. Defect in biovergistingsinstallatie, schade aan te merken als bedrijfsschade in de zin van de polis, ook indirecte schade gedekt. Contra proferentem-uitleg.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 512346 / HA ZA 12-306

Vonnis van 29 augustus 2012

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[EISERES] EO BESTERDHOEVE B.V.,

gevestigd te Bakel,

eiseres,

advocaat mr. D. van Voorst te Eindhoven,

tegen

de naamloze vennootschap

DELTA LLOYD SCHADEVERZEKERING N.V.,

gevestigd te Amsterdam,

gedaagde,

advocaat mr. T. Mulder te Almere.

Partijen zullen hierna [eiseres] en Delta Lloyd genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 29 februari 2012 met producties,

- de conclusie van antwoord met producties,

- het ambtshalve gewezen tussenvonnis van 23 mei 2012, waarin een comparitie van partijen is gelast,

- het proces-verbaal van comparitie van 13 juli 2012.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. [eiseres] exploiteert een biovergistingsinstallatie, waarin mest in combinatie met landbouwproducten wordt omgezet in biogas. Dit biogas dienst als brandstof voor een warmtekrachtkoppelingsinstallatie, waarmee warmte en elektriciteit wordt geproduceerd door [eiseres].

2.2. Met ingang van 11 december 2007 heeft [eiseres] via haar assurantietussenpersoon [assurantietussenpersoon] een gecombineerde machinebreukverzekering (met polisnummer [polisnummer]) en machinebreukbedrijfsschadeverzekering (met polisnummer [polisnummer]) (hierna: de bedrijfsschadeverzekering) gesloten bij Delta Lloyd.

2.3. Op het polisblad van de machinebreukverzekering, gedateerd 5 maart 2008, staat, voor zover thans relevant, vermeld:

“(…)

Verzekerd Biovergistingsinstallatie

bestaande uit:

- Droge stofinvoer

-Vier silo’s van elk 100 m3 voor

plantaardige vetten/zetmeel

-Propmestvergister 600 m3

- 1e Navergister 1750 m3

- 2e Navergister 1750 m3

- Gaskoeling

- Gasstraat met meting

- V20 Jenbacher gasmotor met gekoppelde generator

(…)

- Gasketeltje

Dekking Materiele schade

(…)

Eigen risico € 7.500,00 per gebeurtenis

per object voor schade aan

de motor/generator

Voor de overige delen van de installatie bedraagt het eigen risico

€ 2.500,00 per object per gebeurtenis.

(…)”

2.4. Op het polisblad van de bedrijfsschadeverzekering, gedateerd 28 februari 2008, staat, voor zover thans relevant, vermeld:

“(…)

Verzekerd Biovergistingsinstallatie

bestaande uit:

- Droge stofinvoer

-Vier silo’s van elk 100 m3 voor

plantaardige vetten/zetmeel

-Propmestvergister 600 m3

- 1e Navergister 1750 m3

- 2e Navergister 1750 m3

- Gaskoeling

- Gasstraat met meting

- V20 Jenbacher gasmotor met gekoppelde generator

(…)

- Gasketeltje

Dekking Bedrijfsschade welke verzekerde lijdt als gevolg van een gedekte materiële schade aan bovengenoemd(e) object(en), verzekerd onder de bij ‘Bijzonderheden’ genoemde polis.

Verzekerd bedrag (…)

Het verzekerde belang is als volgt

opgebouwd:

7.500.000 kWh / jaar x EUR 0,161 / kWh =

EUR 1.207.500,00

Uitkeringstermijn Maximaal 13 achtereenvolgende weken.

(…)

Bijzonderheden (…)

Voor de Jenbacher JMF 320 WKK

is de carenztijd 2 volle werkdagen en

7 volle werkdagen voor de overige

delen van de installatie.

(…)”

2.5. De Bijzondere Bepalingen Machinebreukbedrijfsschadeverzekering van Delta Lloyd (V 0601.MBBS) (hierna: de Bijzondere Bepalingen) bepalen, voor zover hier van belang:

“ARTIKEL 1

BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN

ARTIKEL 1.1

Gevaarsobjecten

De verzekerde objecten zoals nader omschreven in de polis (…), voor zover niet van de verzekering uitgesloten;

(…)

ARTIKEL 1.6

Bedrijfsschade

Het verlies dat verzekerde lijdt ten gevolge van het improductief worden van alle vaste lasten en het derven van netto winst;

ARTIKEL 1.7

Carenztijd

De termijn, aanvangende na ontdekking van de materiële beschadiging, gedurende welke de geleden bedrijfsschade voor rekening van verzekerde blijft;

(…)

ARTIKEL 3

OMVANG VAN DE VERZEKERING

1. Deze verzekering dekt de bedrijfsschade voortvloeiende uit een, gedurende de verzekeringstermijn ontdekte en volgens de bijbehorende machinebreukpolis gedekte, schade aan één of meer gevaarsobjecten, gedurende maximaal de in de polis vermelde uitkeringstermijn.

(…)

ARTIKEL 4

UITSLUITINGEN

Van de verzekering is (zijn) uitgesloten:

1. verlies direct of indirect veroorzaakt door beschadigdheid (waaronder begrepen achteruitgang in kwaliteit en waarde) van goederen of materiaal, waaronder grondstoffen, halffabrikaten en gereed product, hetzij opgeslagen of in behandeling;

(…)

ARTIKEL 5

SCHADEVERGOEDING

Verzekeraar vergoedt een bij deze polis gedekte schade op de volgende basis:

1. wanneer (…) verzekerde er niet in slaagt de productie al dan niet geheel op gang te houden, zal bij de berekening van de bedrijfsschade worden uitgegaan van alle vaste lasten en netto winst berekend over 52 onmiddellijk aan de ontdekking van de materiële beschadiging voorafgaande weken. Op basis van het aldus berekende bedrag vergoedt verzekeraar de bedrijfsschade als gevolg van de gemiste productie. Met bijzondere omstandigheden die de vaste lasten en nettowinst zouden hebben beïnvloed, indien de schade niet had plaatsgevonden, wordt rekening gehouden.

(…)”

2.6. In het kader van de acceptatie van beide verzekeringen heeft Delta Lloyd een inspectie uitgevoerd bij [eiseres]. Het naar aanleiding daarvan opgestelde rapport, luidt, voor zover hier van belang:

“(…)

11 Extra kosten/Bedrijfsschade

(…)

Welke werkzaamheden worden Opwekken van elektriciteit

verricht

11 3 Levertijd/reparatietijd

levertijd van onderdelen 3-5 dagen

Levertijd van een nieuw object 13 weken of minder

Uiterste reparatietijd 3-5 dagen

(…)”

2.7. Op 26 augustus 2010 is een mechanisch defect opgetreden aan het bedieningsmechanisme van de suppletieafsluiter van de glycerinesilo van de biovergistingsinstallatie. Ten gevolge van dit defect is er teveel glycerine bij de biomassa gekomen en te weinig mest, waardoor het vergistingsproces in de biovergistingsinstallatie verstoord is geraakt en er minder methaangas is ontstaan, zodat de productie van elektriciteit (in kWh) is afgenomen.

2.8. [eiseres] heeft Delta Lloyd middels een schadeaangifteformulier, gedateerd 22 oktober 2010, geïnformeerd over het feit dat het bedieningsmechanisme van de suppletieafsluiter van de glycerinesilo van de biovergistingsinstallatie defect was geraakt. [eiseres] heeft het bedieningsmechanisme laten vervangen. De kosten voor het vervangen van het bedieningsmechanisme bedroegen EUR 84,45 exclusief BTW en zijn niet door Delta Lloyd vergoed omdat deze vervangingskosten het eigen risico onder de machinebreukverzekering van EUR 2.500,00 niet overschrijden. Het bedieningsmechanisme was hersteld binnen de carenztijd van zeven volle werkdagen.

2.9. Bij brief van 23 november 2010 heeft Delta Lloyd, voor zover hier van belang, aan de heer [A] van [assurantietussenpersoon], de assurantietussenpersoon van [eiseres], bericht:

“(…)

Het bovenstaande impliceert dat een achteruitgang van de biologie in kwaliteit en waarde met als direct gevolg een verminderde methaangas productie als oorzaak voor een derving in de elektriciteit productie uitgesloten is van polisdekking. (…)”

3. Het geschil

3.1. [eiseres] vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, een verklaring voor recht dat Delta Lloyd gehouden zal zijn om de schade, begroot op een bedrag van

EUR 138.129,62, te vergoeden, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de dag dat Delta Lloyd in verzuim is, althans vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening, met veroordeling van Delta Lloyd in de kosten van de procedure, vermeerderd met wettelijke rente indien deze kosten niet binnen zeven dagen na betekening van dit vonnis aan [eiseres] zijn voldaan, en de nakosten.

3.2. [eiseres] stelt hiertoe – samengevat – dat zij ten gevolge van het defect aan de biovergistingsinstallatie bedrijfsschade heeft geleden in de zin van de bedrijfsschadeverzekering en dat, nu aan alle Bijzondere Bepalingen is voldaan, Delta Lloyd gehouden is om dekking te verlenen onder de bedrijfsschadeverzekering en de schade van [eiseres] te vergoeden.

3.3. Delta Lloyd voert verweer en betwist – kort gezegd – dat sprake is van dekking onder de bedrijfsschadeverzekering. Subsidiair betwist Delta Lloyd de (omvang van de) door [eiseres] gestelde schade.

3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. De rechtbank stelt voorop dat tussen partijen niet in geschil is dat sprake was van een defect aan de biovergistingsinstallatie, dat ingevolge het polisblad van 5 maart 2008 (zie hiervoor onder 2.3) gedekt was onder de machinebreukverzekering, maar waarvoor Delta Lloyd niet heeft uitgekeerd omdat de vervangingskosten het eigen risico onder de machinebreukverzekering niet overschreden. Vast staat eveneens dat het vergistingsproces in de biovergistingsinstallatie ten gevolge van dit defect verstoord is geraakt, waardoor er minder methaangas is ontstaan, zodat de productie van elektriciteit is afgenomen. [eiseres] stelt dat hij hierdoor bedrijfsschade heeft geleden, welke door Delta Lloyd vergoed dient te worden op grond van de bedrijfsschadeverzekering. Delta Lloyd betwist dat er sprake is van dekking onder de bedrijfsschadeverzekering en heeft in dat kader een aantal verweren aangevoerd, die hierna ieder afzonderlijk zullen worden besproken.

Verzekerde gevaarsobjecten

4.2. Delta Lloyd voert allereerst aan dat de biomassa en het methaangas niet als verzekerde gevaarsobjecten genoemd zijn op de polisbladen van de machinebreuk- en de bedrijfsschadeverzekering (zie hiervoor onder 2.3 en 2.4), zodat schade hieraan van dekking is uitgesloten. De verminderde elektriciteitsopbrengst, die het gevolg is van de schade aan de biomassa en het methaangas, kan volgens Delta Lloyd derhalve ook niet als gedekte schade worden aangemerkt.

4.3. [eiseres] erkent dat de biomassa en het methaangas geen verzekerde gevaarsobjecten zijn en dat de schade daaraan dus niet direct onder artikel 3 van de Bijzondere Bepalingen gedekt is. De rechtbank is echter, met [eiseres], van oordeel dat dit niet zonder meer betekent dat de bedrijfsschade die [eiseres] heeft geleden ten gevolge van de verminderde elektriciteitsopbrengst, die (uiteindelijk) het gevolg is van het – wel onder de machinebreukverzekering gedekte – defect aan het bedieningsmechanisme van de suppletieafsluiter van de glycerinesilo van de biovergistingsinstallatie, ook niet gedekt is onder de bedrijfsschadeverzekering. De rechtbank zal er in het navolgende vanuit gaan dat de biomassa en het methaangas geen verzekerde gevaarsobjecten zijn.

Carenztijd en hersteltermijn

4.4. Voorts voert Delta Lloyd aan dat, aangezien de vervanging van het defecte bedieningsmechanisme van de suppletieafsluiter binnen de blijkens het polisblad geldende carenztijd van zeven volle werkdagen is geschied en de biovergistingsinstallatie binnen de carenztijd weer bedrijfsklaar was, geen recht op vergoeding van enige bedrijfsschade bestaat. Ter onderbouwing hiervan wijst Delta Lloyd op artikel 1.7 van de Bijzondere Bepalingen en op het overgelegde inspectierapport (zie hiervoor onder 2.6). Volgens Delta Lloyd blijkt uit dit inspectierapport dat de maximale uitkeringstermijn onder de bedrijfsschadeverzekering op dertien weken is gesteld, omdat de levertijd bij een totaalverlies van het te verzekeren gevaarsobject maximaal dertien weken beloopt. De bedrijfsschadeverzekering beoogt dan ook uitsluitend dekking te bieden voor bedrijfsschade die de verzekeringnemer lijdt gedurende de periode waarin herstel aan de biovergistingsinstallatie plaatsvindt en niet, zoals [eiseres] het wil doen voorkomen, voor een periode van standaard dertien weken, ongeacht de vraag of en zo ja in hoeverre de biovergistingsinstallatie al op een eerder moment bedrijfsklaar is, aldus Delta Lloyd.

4.5. [eiseres] erkent dat alleen recht bestaat op dekking onder de bedrijfsschadeverzekering na afloop van de carenztijd van zeven volle werkdagen, maar betwist dat de bedrijfsschadeverzekering uitsluitend dekking biedt voor bedrijfsschade die is ontstaan gedurende de periode waarin herstel aan de biovergistingsinstallatie plaatsvindt. De rechtbank is, met [eiseres], van oordeel dat dat laatste niet volgt uit de polis of uit de Bijzondere Bepalingen. Artikel 3 van de Bijzondere Bepalingen kent geen andere beperking dan de in de polis vermelde maximale uitkeringstermijn, welke in dit geval dertien weken bedraagt. Dat deze termijn gelijk is aan de in het inspectierapport genoemde maximale levertijd bij een totaalverlies van de biovergistingsmachine, maakt niet dat zonder meer geoordeeld kan worden dat alleen de bedrijfsschade die gedurende de herstelperiode van de biovergistingsinstallatie wordt geleden, is gedekt. Dit verweer van Delta Lloyd faalt derhalve.

Dekking en uitsluiting artikel 4 lid 1 Bijzondere Bepalingen

4.6. Delta Lloyd voert verder aan dat dekking van de door [eiseres] gestelde bedrijfsschade is uitgesloten op grond van artikel 4 lid 1 van de Bijzondere Bepalingen (zie hiervoor onder 2.5). De rechtbank overweegt dat, om vast te kunnen stellen of Delta Lloyd een beroep toekomt op de uitsluiting van artikel 4 lid 1 van de Bijzondere Bepalingen, eerst vast dient te worden gesteld of de door [eiseres] gestelde bedrijfsschade (in beginsel) gedekt is onder de bedrijfsschadeverzekering.

4.7. Ingevolge artikel 3 van de Bijzondere Bepalingen dekt de bedrijfsschadeverzekering: (i) bedrijfsschade, zoals nader omschreven onder artikel 1.6 van de Bijzondere Bepalingen, (ii) voortvloeiende uit (iii) een gedurende de verzekeringstermijn ontdekte schade, (iv) een volgens de machinebreukverzekering gedekte schade, (v) aan één of meer gevaarsobjecten, (vi) gedurende maximaal de in de polis vermelde uitkeringstermijn, van in dit geval dertien weken.

4.8. (i) De rechtbank is van oordeel dat de door [eiseres] gestelde schade bedrijfsschade in de zin van artikel 1.6 van de Bijzondere Bepalingen betreft, nu het verlies dat [eiseres] lijdt het gevolg is van het (deels) improductief worden van zijn vaste lasten en het derven van netto winst, ten gevolge van de verminderde elektriciteitsproductie. De stelling van Delta Lloyd dat de biovergistingsinstallatie slechts kortstondig improductief was, doet hier niet aan af. In de definitie staat immers niet het ‘improductief zijn’, maar het ‘improductief worden’ van de vaste lasten. (iii) Vast staat dat de door [eiseres] gestelde schade gedurende de verzekeringstermijn is ontdekt en (iv) dat deze, hoewel niet is uitgekeerd in verband met het feit dat de vervangingskosten het eigen risico niet overschreden, gedekt was onder de machinebreukverzekering. (v) Zoals hiervoor onder 4.3 reeds vastgesteld, was er sprake van schade aan een gevaarsobject, namelijk aan het bedieningsmechanisme van de suppletieafsluiter van de glycerinesilo van de biovergistingsinstallatie. [eiseres] heeft onweersproken gesteld dat dit gevaarsobject in de polis is omschreven als “propmestvergister” (zie hiervoor onder 2.3 en 2.4). Een expliciete beperking van de uitkeringstermijn tot de herstelperiode is niet in deze bepaling opgenomen.

4.9. (ii) De rechtbank is van oordeel dat, nu de door [eiseres] gestelde bedrijfsschade, te weten de verminderde elektriciteitsproductie (uiteindelijk) voortvloeit uit schade aan de “propmestvergister”, sprake is van dekking onder de bedrijfsschadeverzekering, gedurende maximaal 13 weken, met inachtneming van de carenztijd. De rechtbank overweegt dat de verminderde elektriciteitsproductie weliswaar niet het directe gevolg is van het defect aan het bedieningsmechanisme van de suppletieafsluiter, immers, ten gevolge van dit defect is een verminderde hoeveelheid – niet gedekt(e) – biomassa en methaangas ontstaan, die weer heeft geleid tot de verminderde elektriciteitsproductie, maar omdat artikel 3 van de Bijzondere Bepalingen spreekt over “voortvloeiende uit” is de rechtbank van oordeel dat ook deze indirecte schade onder dit artikel kan worden begrepen. De rechtbank acht daarbij tevens de bijzondere aard van het onderhavige productieproces van belang. Inherent hieraan is namelijk dat wanneer een onderdeel van de biovergistingsinstallatie kapot gaat, het biologische proces waaruit de biomassa en het methaangas ontstaan verstoord raakt, waardoor het herstel van (het onderdeel van) de installatie niet direct het herstel van het biologische proces en het eindproduct met zich brengt. Delta Lloyd heeft in het kader van de acceptatie van de verzekeringen een inspectie uitgevoerd bij [eiseres] waarbij de bijzondere aard van dit productieproces is gesignaleerd, althans gesignaleerd had kunnen worden. Indien Delta Lloyd beoogde om slechts directe schade te dekken en niet de indirecte schade zoals die zich in het onderhavige geval voordoet, had het naar het oordeel van de rechtbank op haar weg gelegen om dat duidelijk op te nemen in de polisvoorwaarden.

4.10. De rechtbank overweegt dat de door Delta Lloyd voorgestane uitleg van artikel 1.6 in verband met artikel 3 van de Bijzondere Bepalingen wellicht ook mogelijk is, maar dat van een professionele verzekeraar jegens een niet professionele verzekeringnemer gevergd mag worden dat hij de tekst van de polisvoorwaarden zo opstelt dat duidelijk en ondubbelzinnig tot uitdrukking wordt gebracht wat hij daarmee beoogt. Bij onduidelijkheden, zoals hier aan de orde, ligt het dan ook voor de hand dat wordt gekozen voor de uitleg die het minst bezwarend is voor de niet professionele verzekeringnemer (HR 28 april 1989, NJ 1990, 583). De rechtbank acht een dergelijke ‘contra proferentem’ uitleg gelet op het voorgaande in het onderhavige geval gerechtvaardigd en concludeert dat de door [eiseres] gestelde bedrijfsschade (in beginsel) is gedekt onder de bedrijfsschadeverzekering.

4.11. Thans dient bezien te worden of Delta Lloyd een beroep toekomt op de uitsluiting van artikel 4 lid 1 van de Bijzondere Bepalingen. Delta Lloyd stelt daartoe dat sprake is van een verlies direct of indirect veroorzaakt door beschadigdheid van goederen of materiaal, waaronder mede wordt begrepen achteruitgang in kwaliteit en waarde, waaronder grondstoffen, halffabrikaat en gereed product, zoals de biomassa. De machinebreuk- en bedrijfsschadeverzekering beogen geen dekking te bieden voor goederen of materialen, hetzij opgeslagen of in behandeling, die worden gebruikt of verwerkt in het verzekerde object, te weten de biovergistingsinstallatie, aldus Delta Lloyd.

4.12. [eiseres] betwist dat artikel 4 lid 1 van de Bijzondere Bepalingen in het onderhavige geval van toepassing is. Van beschadigdheid of achteruitgang in kwaliteit en waarde van de biomassa en/of van het methaangas is volgens [eiseres] immers geen sprake. Door het defect aan de biovergistingsinstallatie is er slechts minder biomassa en methaangas ontstaan dan het geval was geweest wanneer het defect aan de biovergistingsinstallatie niet was opgetreden en het samenstel van de grondstoffen optimaal was geweest. Verder betwist [eiseres] dat het methaangas een grondstof, halffabrikaat en/of gereed product is in de zin van voornoemd artikel.

4.13. De rechtbank overweegt dat ingevolge artikel 4 lid 1 van de Bijzondere Bepalingen

verlies direct of indirect veroorzaakt door beschadigdheid, waaronder begrepen achteruitgang in kwaliteit en waarde, van goederen of materiaal (waaronder grondstoffen, halffabrikaat en gereed product), van dekking is uitgesloten. Delta Lloyd heeft toegelicht dat de ratio van deze uitsluiting is dat de verzekeringen geen dekking beogen te bieden voor beschadigdheid van de goederen of materialen die worden gebruikt of verwerkt in de biovergistingsinstallatie. De rechtbank overweegt dat, daargelaten de vraag of al dan niet sprake is van beschadigdheid van de biomassa en/of het methaangas in de zin van dit artikel en of de biomassa en/of het methaangas als grondstoffen, halffabrikaat of gereed product kunnen worden aangemerkt, het verlies van [eiseres] in het onderhavige geval niet (slechts) veroorzaakt is door een ‘beschadigdheid’ van de biomassa en/of het methaangas dat in de biovergistingsinstallatie werd gebruikt althans verwerkt, maar allereerst door een beschadigdheid van een gedekt gevaarsobject, te weten het bedieningsmechanisme van de suppletieafsluiter van de glycerinesilo althans de van “propmestvergister” van de biovergistingsinstallatie. Na toelichting door Delta Lloyd ter comparitie begrijpt de rechtbank deze uitsluiting als de bedoeling van verzekeraar om naast de bedrijfsschade zoals gedefinieerd in de polis, niet apart schade aan hetgeen met het productieproces wordt gefabriceerd te kunnen claimen. De uitsluiting in artikel 4 lid 1 van de Bijzondere Bepalingen is niet van toepassing op de verminderde productie als bedrijfsschade en derhalve concludeert de rechtbank dat ook dit verweer van Delta Lloyd niet slaagt.

Tussenconclusie

4.14. Gelet op het voorgaande concludeert de rechtbank dat de bedrijfsschade van [eiseres] gedekt is onder de bedrijfsschadeverzekering. Ten aanzien van de omvang van deze bedrijfsschade overweegt de rechtbank het navolgende.

Schade

4.15. [eiseres] stelt dat ten gevolge van het defect aan het bedieningsmechanisme van de suppletieafsluiter van de glycerinesilo van de biovergistingsinstallatie gemiste elektriciteitsproductie is ontstaan en dat zij daardoor (bedrijfs)schade heeft geleden. Ten behoeve van de begroting van de omvang van deze schade wijst [eiseres] op artikel 5 lid 1 van de Bijzondere Bepalingen. De maximale uitkeringsperiode ingevolge de bedrijfsschadeverzekering bedraagt volgens [eiseres] dertien weken, derhalve 91 dagen. Ter comparitie heeft [eiseres] erkend dat de carenztijd van zeven dagen daarvan dient te worden afgetrokken, zodat de vordering berekend dient te worden over een periode van 84 dagen. De gemiste productie per dag, indien deze conform voornoemd artikel vergeleken wordt met de productie in Kwh per dag in de tweeënvijftig weken voorafgaand aan de schade, bedraagt volgens [eiseres] 9.428 kWh. Ter onderbouwing daarvan verwijst [eiseres] naar producties 3 en 4 bij dagvaarding. Nu in de bedrijfsschadeverzekering is opgenomen dat per kWh EUR 0,161 wordt toegekend, begroot [eiseres] haar netto schade thans op EUR 127.504,27 (9.428 kWh x EUR 0,161 x 84 dagen). [eiseres] wijst er daarbij op dat in het onderhavige geval geen sprake is van een vermindering van de vaste lasten welke op het schadebedrag in mindering dienen te worden gebracht, omdat de biovergistingsinstallatie altijd werkzaam is en ook tijdens de beschadiging en gedurende de dertien weken daarna niet is stilgelegd.

4.16. Delta Lloyd betwist de door [eiseres] toegepaste berekening ter vaststelling van de (pretense) bedrijfsschade. Delta Lloyd betwist allereerst het door [eiseres] berekende daggemiddelde over de tweeënvijftig weken voorafgaand aan de schade nu dit in juli al niet wordt gehaald en voert verder aan dat – indien de door [eiseres] toegepaste wijze van berekening zou worden gehonoreerd – slechts over een periode van (maximaal) 57 dagen, namelijk maximaal tot 31 oktober 2010, als de productie weer behoorlijk is gestegen, aanspraak op bedrijfsschadevergoeding bestaat. Voorts voert Delta Lloyd aan dat [eiseres] de hoogte van de gevorderde bedrijfsschade heeft gerelateerd aan de door Delta Lloyd toegepaste berekening ter bepaling van het verzekerd bedrag. Dat is echter een andere wijze van berekening dan op grond van de polisvoorwaarden is overeengekomen. [eiseres] dient ingevolge artikel 5 lid 1 van de Bijzondere Bepalingen over een periode van 52 weken vóór 26 augustus 2010 inzicht te verschaffen in de vaste lasten en gerealiseerde netto winst, aldus Delta Lloyd.

4.17. De rechtbank is, met Delta Lloyd, van oordeel dat [eiseres] de omvang van haar bedrijfsschade in het licht van artikel 5 lid 1 van de Bijzondere Bepalingen thans onvoldoende heeft onderbouwd. Productie 3 bij dagvaarding kan weliswaar als uitgangpunt worden gehanteerd voor de berekening van de gemiddelde productie van [eiseres] over de tweeënvijftig weken onmiddellijk voorafgaand aan de beschadiging van het gevaarsobject, maar een overzicht van de vaste lasten en de netto winst van [eiseres] over deze periode ontbreekt. [eiseres] zal derhalve overeenkomstig zijn aanbod daartoe in de gelegenheid worden gesteld een overzicht van haar vaste lasten en netto winst over de tweeënvijftig weken onmiddellijk voorafgaand aan de beschadiging van het gevaarsobject in het geding te brengen en de omvang van haar bedrijfsschade nader toe te lichten bij akte. Daarbij wijst de rechtbank erop dat de gemiste productie berekend dient te worden door de gemiddelde gerealiseerde productie van de gemiddelde productie over de tweeënvijftig weken onmiddellijk voorafgaand aan de beschadiging van het gevaarsobject af te trekken. Verder dient de vordering naar het oordeel van de rechtbank berekend te worden over 71 dagen. Daartoe overweegt de rechtbank dat de relevante periode 26 augustus tot 14 november 2010 (zijnde de eerste dag dat de gemiddelde productie wordt bereikt, zodat daarna van bedrijfsschade als gevolg van het improductief worden van de biovergistingsinstallatie geen sprake meer is) betreft, minus 7 volle werkdagen carenztijd. [eiseres] dient haar vaste lasten en netto winst pro rato te berekenen over de gemiste productie.

4.18. De rechtbank zal Delta Lloyd bij antwoordakte in de gelegenheid stellen om op de akte van [eiseres] te reageren.

4.19. Gelet op het voorgaande zal iedere verdere beslissing worden aangehouden.

5. De beslissing

De rechtbank

5.1. verwijst de zaak naar de rol van 26 september 2012 voor het nemen van de onder 4.17 bedoelde akte;

5.2. houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. C.M.E. de Koning en in het openbaar uitgesproken op 29 augustus 2012.?