Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2011:BT8261

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
08-06-2011
Datum publicatie
17-10-2011
Zaaknummer
CV11-17666
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Verstekzaak. Toegevoegd advocaat verzoekt bij de veroordeling van de wederpartij in de proceskosten de vergoeding voor salaris gemachtigde op nihil te stellen. Dit omdat sinds 1 november 2010 het toegewezen salaris gemachtigde door de Raad voor de Rechtsbijstand in mindering wordt gebracht op de toevoegingsvergoeding, waardoor het incassorisico van het toegewezen salaris overgaat op de advocaat. Dat risico is in casu groot. Kantonrechter rekent het niet tot zijn taak om mee te werken aan het op deze wijze buiten effect stellen van een wellicht ongewenste regeling.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

SECTOR KANTON - LOCATIE AMSTERDAM

Kenmerk : CV 11-17666

Datum : 8 juni 2011

178

Vonnis van de kantonrechter te Amsterdam in de zaak van:

[eiseres]

wonende te Amsterdam

eiseres

gemachtigde: mr. F. Panholzer

t e g e n:

[gedaagde]

wonende te Amsterdam

gedaagde

procederende in persoon

VERLOOP VAN DE PROCEDURE

Eiseres heeft een vordering ingesteld tegen gedaagde zoals nader omschreven in de overgelegde dagvaarding van 17 mei 2011. Gedaagde is niet in de procedure verschenen, hoewel de dagvaarding aan de daaraan door de wet gestelde eisen voldoet.

Daarna is vonnis bepaald.

GRONDEN VAN DE BESLISSING

1. Eiseres vordert gedaagde te machtigen om in een door haar van gedaagde gehuurde woning werkzaamheden te verrichten en de kosten daarvan tot een bedrag van € 7.000,00 te verrekenen met de huurpenningen.

2. Ten aanzien van de proceskosten heeft de gemachtigde van eiseres het volgende gesteld en verzocht:

Sinds 1 november 2010 worden uitgesproken kostenveroordelingen gekort op de toevoegingsvergoeding van de gemachtigde. Dat betekent dat bij financieel onvermogen van de wederpartij, zoals hier het geval is, de vergoeding van de gemachtigde verminderd wordt met het bedrag van het onderdeel salaris gemachtigde en dat bij oninbaarheid de Raad voor de Rechtspraak dit bedrag niet aanvult. Hierdoor komen de vergoedingen op een niveau te liggen waarbij een verantwoorde exploitatie van een advocatenkantoor niet meer haalbaar is. Om deze reden wordt verzocht hetzij geen kostenveroordeling uit te spreken hetzij deze ten aanzien van de post salaris gemachtigde te stellen op nihil of op € 1.

3. Gedaagde is niet verschenen. Dat betekent dat nu de vordering van eiseres en de daarvoor aangevoerde gronden de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomen de vordering toewijsbaar is.

4. Bij deze uitkomst van de procedure wordt gedaagde veroordeeld in de proceskosten gevallen aan de zijde van eiseres. Ten aanzien van het onder 2 weergegeven verzoek van de gemachtigde van eiseres wordt als volgt overwogen. Uitgaande van de juistheid van het door de gemachtigde van eiseres op dit punt gestelde kan begrip worden opgebracht voor het daarin vervatte verzoek geen veroordeling tot betaling van een gemachtigdensalaris op te nemen, althans deze veroordeling op nihil of € 1,00 te stellen. Het is echter niet aan de kantonrechter om in een een tweetje met de advocaat van eiser door middel van een truc de effecten van geldende, maar wellicht minder wenselijke wetgeving of bevoegd ontwikkeld beleid opzij te zetten en daarmee de kosten voor de Staat der Nederlanden te laten. Nu de kantonrechter ambtshalve over de kosten dient te beslissen kan daarom niet worden afgeweken van het gebruikelijk bij de sector kanton gehanteerde tarievenstelsel. Gelet op het feit dat het in casu gaat om een vordering van onbepaalde waarde wordt de post gemachtigdensalaris gesteld op € 100,00.

BESLISSING

De kantonrechter:

I. machtigt eiseres om in de door haar gehuurde zelfstandige woonruimte aan [adres] te Amsterdam de werkzaamheden uit te laten voeren als vermeld in de offerte van Thunissen Onderhoud van 14 april 2011 en de kosten daarvan te verrekenen met de huurpenningen tot een bedrag van maximaal € 7.000,00.

II. wijst af het meer of anders gevorderde;

III. veroordeelt gedaagde in de kosten van de procedure aan de zijde van eiseres gevallen, tot op heden begroot op:

te betalen aan eiseres

- voor verschuldigd griffierecht: € 71,00

- voor salaris van de gemachtigde € 100,00

te betalen aan de griffier van de rechtbank

- voor het exploot van dagvaarding € 94,56

In totaal: € 265,56

één en ander, voorzover verschuldigd, inclusief BTW;

IV. verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;

V. wijst af het meer of anders gevorderde.

Aldus gewezen door mr. C. von Meyenfeldt, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 8 juni 2011 in tegenwoordigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter