Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2011:BT6931

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
23-09-2011
Datum publicatie
07-10-2011
Zaaknummer
499951 / KG ZA 11-1458 MW/LO
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Talpa produceert het programma 'Neonletters', waarin typetjes worden gebruikt die eerder in het programma 'Draadstaal' zijn gebruikt, dat geproduceerd werd door CCCP. Talpa heeft niet betwist dat op de typetjes auteursrechten rusten en onvoldoende gemotiveerd betwist dat die auteursrechten toekomen aan CCCP.

Talpa wordt veroordeeld om na betekening van dit vonnis iedere inbreuk op de auteursrechten van CCCP op de Draadstaal-typetjes ‘Fred en Ria Onderbuik’ en ‘Joop en Leon in de snackbar’ te staken en gestaakt te houden, met oplegging van een dwangsom van € 500.000,- per overtreding tot een maximum van € 2.000.000,-.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Sector civiel recht, voorzieningenrechter

zaaknummer / rolnummer: 499951 / KG ZA 11-1458 MW/LO

Vonnis in kort geding van 23 september 2011

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

CCCP B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

eiseres bij dagvaarding op verkorte termijn van 20 september 2011,

advocaat mr. D.H.S. Donk te Amsterdam,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

TALPA PRODUCTIES B.V.,

2. de naamloze vennootschap

TALPA HOLDING N.V.,

gedaagden,

beide gevestigd te Laren,

advocaat mr. E.P.A. Keyzer te Amsterdam.

Eiseres zal hierna CCCP en gedaagden zullen gezamenlijk Talpa worden genoemd.

1. De procedure

Ter terechtzitting van 22 september 2011 heeft CCCP gesteld en gevorderd overeenkomstig de in fotokopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding. Talpa heeft verweer gevoerd met conclusie tot weigering van de gevraagde voorziening. Beide partijen hebben producties en pleitnota’s in het geding gebracht. Na verder debat hebben partijen verzocht vonnis te wijzen. Ter zitting waren aanwezig:

aan de zijde van CCCP: de heer [commercieel directeur], commercieel directeur met mr. Donk en diens kantoorgenoot de heer B. Valk.

aan de zijde van Talpa: de heer [CEO], CEO van Talpa Holding en

mevrouw [bedrijfsjurist], bedrijfsjurist met mr. Keyzer en diens kantoorgenoot

mr. M.A.J. Pereira.

2. De feiten

2.1. CCCP is een productiemaatschappij die zich bezig houdt met de ontwikkeling en productie van onder meer televisieprogramma’s.

2.2. CCCP heeft ten behoeve van de televisieomroep VPRO van 2007 tot en met 2009 samen met [persoon 1] en [persoon 2] het programma ‘Draadstaal’ geproduceerd. Het programma bestond uit sketches met herkenbare personages (typetjes), gespeeld door [persoon 1] en [persoon 2]. Een aantal terugkerende typetjes in het programma ‘Draadstaal’ zijn ‘Fred en Ria Onderbuik’ en ‘Joop en Leon in de snackbar’.

2.3. Voor Draadstaal is steeds per televisieseizoen en met iedere acteur afzonderlijk een overeenkomst gesloten. In de overeenkomsten voor het laatste seizoen van ‘Draadstaal’ is op 21 februari 2008 een overeenkomst gesloten tussen CCCP en [persoon 2] en op 11 maart 2008 tussen CCCP en [persoon 1]. In artikel 8 respectievelijk artikel 7 van die overeenkomsten is – kort gezegd – opgenomen dat voor zover de opdrachtnemer ([persoon 1] dan wel [persoon 2]) enig bestaand of toekomstig recht van intellectuele eigendom zou kunnen doen gelden, hij dit recht of deze rechten door middel van die overeenkomst geheel en onvoorwaardelijk heeft overgedragen aan opdrachtgever (CCCP).

2.4. Talpa is eveneens een productiemaatschappij, welke thans onder meer samen met [persoon 1] en [persoon 2] het televisieprogramma ‘Neonletters’ ten behoeve van de AVRO produceert.

2.5. Begin 2010 hebben CCCP en Talpa onderhandeld over de mogelijke verkoop van alle rechten verbonden aan het televisieprogramma ‘Draadstaal’ aan Talpa. Partijen hebben daarover geen overeenstemming bereikt.

2.6. In de zomer van 2010 hebben CCCP en Talpa (na een kort gedingprocedure) onderhandeld over de ‘afkoop’ van [persoon 1], die een exclusieve samenwerkingsovereenkomst had gesloten met CCCP, door Talpa.

2.7. Op grond van een vonnis van de voorzieningenrechter van 13 augustus 2010 heeft [persoon 1] aan CCCP een bedrag van € 50.000,- betaald als ‘afkoopsom’ voor het beëindigen van de exclusieve samenwerking.

2.8. Op 24 augustus 2010 is een vaststellingsovereenkomst gesloten tussen (onder meer) CCCP, Talpa, [persoon 1] en [persoon 2], waarmee – kort gezegd – de exclusieve samenwerkingsovereenkomst tussen CCCP en [persoon 1] per 24 augustus 2010 is beëindigd. Talpa heeft daarvoor een vergoeding betaald van € 100.000,-. In de overeenkomst staat onder meer het volgende.

(…) Partijen stellen in dit verband vast dat de bescherming van de intellectuele eigendomsrechten van CCCP geen deel uitmaakt van het Geschil en het CCCP vrij staat om tegen de eventuele inbreuk daarop op te blijven treden. (…)

2.9. In de uitzending van 19 september 2011 van het programma ‘Neonletters’ komen onder meer de typetjes ‘Fred en Ria Onderbuik’ en ‘Joop en Leon in de snackbar’ voor.

3. Het geschil

3.1. CCCP vordert – samengevat –

I. Talpa te veroordelen om iedere inbreuk op de intellectuele eigendomsrechten van CCCP zoals omschreven in de dagvaarding te staken en gestaakt te houden, waaronder ieder gebruik van de in de dagvaarding genoemde Draadstaal-typetjes;

II. Talpa te veroordelen om iedere tekortkoming in de nakoming van haar verplichtingen dan wel ieder onrechtmatig handelen jegens CCCP zoals omschreven in de dagvaarding te staken en gestaakt te houden;

III. op straffe van een dwangsom van € 500.000,- voor iedere gehele of gedeeltelijke overtreding;

IV. met bepaling van de termijn als bedoeld in artikel 1019i Rv op zes maanden;

V. Talpa te veroordelen in de volledige proceskosten in de zin van artikel 1019h Rv, te vermeerderen met de wettelijke rente tot aan de dag der algehele voldoening.

3.2. CCCP heeft ter toelichting van haar vorderingen – samengevat en voor zover van belang – onder meer het volgende gesteld. Talpa maakt inbreuk op aan CCCP toekomende auteursrechten op het format en de scripts van het televisieprogramma Draadstaal, daaronder begrepen de typetjes ‘Fred en Ria Onderbuik’ en ‘Joop en Leon in de snackbar’, terwijl zij bij de onderhandelingen die hebben geleid tot de vaststellingsovereenkomst tussen partijen heeft toegezegd dat niet te zullen doen. In plaats van met CCCP in overleg te treden over een mogelijke overname van het programma Draadstaal of over een eventuele licentieovereenkomst heeft Talpa een paar dagen voor de uitzending van 19 september 2011 laten weten dat de typetjes ‘Fred en Ria Onderbuik’ en ‘Joop en Leon in de snackbar’ in het nieuwe seizoen van ‘Neonletters’ zouden terugkeren. CCCP lijdt door de handelwijze van Talpa schade en heeft daarom belang bij toewijzing van haar vorderingen.

3.3. Talpa voert – samengevat en voor zover van belang – het volgende verweer. [persoon 1] heeft de typetjes ‘Fred en Ria Onderbuik’ en ‘Joop en Leon in de snackbar’ bedacht en samen met [persoon 2] tot leven gebracht. De sketches werden en worden vooraf gedeeltelijk ‘gescript’ en tijdens de opnames worden de dialogen uitgewerkt door improvisatie van [persoon 1] en [persoon 2]. Met de vaststellingsovereenkomst van 24 augustus 2010 is de samenwerking tussen CCCP en [persoon 1] beëindigd en kon [persoon 1] voor Talpa werkzaamheden gaan verrichten. [persoon 1] is de geestelijk vader van de typetjes en hij wenst die typetjes thans weer aan het publiek te presenteren. Zonder [persoon 1] en [persoon 2] vertegenwoordigen die typetjes geen enkele waarde. Het is dan ook niet duidelijk waar de schade van CCCP uit bestaat. CCCP heeft de rechten op de DVD-box van de voorgaande seizoenen van het programma Draadstaal. Die oude afleveringen zullen echter alleen maar beter verkopen als de typetjes ‘Fred en Ria Onderbuik’ en ‘Joop en Leon in de snackbar’ nieuw leven wordt ingeblazen.

4. De beoordeling

4.1. Omdat in dit geval sprake is van een procedure waarin een voorlopige voorziening wordt gevorderd, zal de voorzieningenrechter artikel 127a lid 1 en lid 2 Rv - waarin is bepaald dat aan het niet tijdig betalen van het griffierecht consequenties worden verbonden - buiten beschouwing laten. Toepassing van deze bepaling zou immers, gelet op het belang van één of beide partijen bij de toegang tot de rechter, leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.

4.2. Waar het in dit geding om gaat zijn de auteursrechten op de typetjes ‘Fred en Ria Onderbuik’ en ‘Joop en Leon in de snackbar’. Talpa heeft niet betwist dat op die typetjes auteursrechten rusten en heeft onvoldoende gemotiveerd betwist dat die auteursrechten toekomen aan CCCP. Evenmin heeft Talpa betwist dat zij in het huidige seizoen van het programma ‘Neonletters’ gebruik maakt van die typetjes. De stelling dat [persoon 1] de typetjes heeft bedacht en samen met [persoon 2] verder heeft uitgewerkt is onvoldoende om aan te nemen dat Talpa geen inbreuk maakt op de auteursrechten van CCCP. In de samenwerkingsovereenkomsten tussen CCCP en [persoon 1] respectievelijk [persoon 2] zijn die auteursrechten immers overgedragen aan CCCP. De vordering van CCCP betreffende het staken van inbreuk is dan ook toewijsbaar, voor zover het het gebruik van de typetjes ‘Fred en Ria Onderbuik’ en ‘Joop en Leon in de snackbar’ betreft. Voor zover CCCP heeft gesteld dat Talpa eveneens inbreuk maakt door het gebruik van het format, de scripts en het ‘ready made product’ van het programma ‘Draadstaal’ heeft zij die stelling onvoldoende onderbouwd. Het daarop gerichte deel van de vordering wordt daarom afgewezen.

4.3. De gevorderde dwangsom zal worden toegewezen, tot een maximum van

€ 2.000.000,-. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft Talpa ten onrechte haar commerciële belang bij de uitzending van 19 september jl. laten prevaleren boven het gerechtvaardigde belang van CCCP om eerst de schending van haar rechten te bespreken en daarvoor een oplossing te zoeken. Daarom wordt een zware financiële prikkel tot nakoming aan het verbod verbonden.

4.4. De termijn als bedoeld in artikel 1019i Rv zal worden bepaald op zes maanden, te rekenen vanaf de datum van dit vonnis.

4.5. Talpa zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. CCCP heeft op basis van artikel 1019h Rv een bedrag van € 7.969,08 exclusief BTW aan advocaatkosten gevorderd. Nu Talpa geen verweer heeft gevoerd tegen de hoogte van deze kosten zal dit bedrag worden toegewezen. Voorts zal Talpa worden veroordeeld tot betaling van € 560,- aan griffierecht en € 76,31 aan dagvaardingskosten. De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten is toewijsbaar vanaf veertien dagen na de dag van de uitspraak van dit vonnis tot aan de voldoening. De gevorderde veroordeling in de nakosten is in het kader van deze procedure slechts toewijsbaar voor zover deze kosten op dit moment reeds kunnen worden begroot. De nakosten zullen dan ook worden toegewezen zoals in de beslissing vermeld.

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. veroordeelt Talpa om na betekening van dit vonnis iedere inbreuk op de auteursrechten van CCCP op de Draadstaal-typetjes ‘Fred en Ria Onderbuik’ en ‘Joop en Leon in de snackbar’ te staken en gestaakt te houden,

5.2. veroordeelt Talpa om aan CCCP een dwangsom te betalen van € 500.000,- voor iedere keer dat zij niet aan de in 5.1 uitgesproken veroordeling voldoet, tot een maximum van € 2.000.000,- is bereikt,

5.3. veroordeelt Talpa in de proceskosten, aan de zijde van CCCP tot op heden begroot op € 7.969,08,- aan advocaatkosten, € 560,- aan griffierecht en € 76,31 aan dagvaardingskosten, een en ander te vermeerderen met de wettelijke rente daarover met ingang van veertien dagen na de betekening van dit vonnis tot aan de voldoening,

5.4. veroordeelt Talpa in de na dit vonnis ontstane kosten, aan de zijde van CCCP begroot op: € 131,- aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden en Talpa niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan, met een bedrag van € 68,- aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover met ingang van veertien dagen na de betekening van dit vonnis tot aan de voldoening,

5.5. stelt de termijn als bedoeld in artikel 1019i Rv vast op zes maanden, gerekend vanaf de datum van dit vonnis,

5.6. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.7. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. M. van Walraven, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. L. Oostinga, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 23 september 2011.