Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2011:BT1974

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
15-09-2011
Datum publicatie
20-09-2011
Zaaknummer
13/651199-10 (PROMIS)
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHAMS:2013:CA2165, Meerdere afhandelingswijzen
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Veroordeling voor de overal op de Bank of Tokyo in oktober 2009 samen met een medeverdachte. Veroordeling voor witwassen van geldbedragen. Veroordeling voor heling van een VW Golf samen met een medeverdachte. Vrijspraak voor de overval op juwelier Lyppens in de PC Hooftstraat. Vrijspraak voor de inbraak in de Kniphal aan de Albert Cuyp. Vrijspraak voor de poging overval op een geldloper bij de Kniphal. Vrijspraak voor het voorhanden hebben van een jachtgeweer. Veroordeling voor 7 jaar gevangenisstraf.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

VONNIS

Parketnummer: 13/651199-10 (PROMIS)

Datum uitspraak: 15 september 2011

Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [1989],

ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens op het adres

[adres] te [woonplaats],

thans gedetineerd in het Huis van Bewaring "Havenstraat" te Amsterdam.

1. Het onderzoek ter terechtzitting

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 1 september 2011.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. R.A. Kloos en van wat verdachte en zijn raadsman, mr. I. Baardman, naar voren hebben gebracht.

2. Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat

Feit 1:

hij op of omstreeks 2 oktober 2009 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

- met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een geldbedrag van (ongeveer) 108.000 euro, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Bank Of Tokyo-Mitsubishi (Holland) NV, gevestigd Strawinskylaan 565 in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen een of meer medewerker(s) van genoemde bank (te weten [bankmedewerker 1] en/of [bankmedewerker 2] en/of [bankmedewerker 3] en/of [bankmedewerker 4] en/of [bankmedewerker 5] en/of [bankmedewerker 6] en/of [bankmedewerker 7] en/of [bankmedewerker 8], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan (een) andere deelnemer(s) aan voormeld misdrijf de vlucht mogelijk te maken en/of het bezit van het gestolene te verzekeren of

- met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld die persoon heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag van (ongeveer) 108.000 euro, geheel of ten dele toebehorende aan de Bank Of Tokyo-Mitsubishi (Holland) NV, gevestigd Strawinskylaan 565, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bij genoemde diefstal en/of genoemde afpersing hierin bestond(en) dat hij, verdachte en/of zijn mededader(s) opzettelijk geweldadig en/of dreigend (zulks terwijl hij, verdachte en/of zijn mededader(s) bivakmutsen droegen, teneinde herkenning te voorkomen en/of schrik aan te jagen

- een pistool, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp heeft/hebben getoond en/of voorgehouden en/of gericht op die [bankmedewerker 1] en/of [bankmedewerker 2] en/of [bankmedewerker 3] en/of [bankmedewerker 4] en/of [bankmedewerker 5] en/of [bankmedewerker 6] en/of [bankmedewerker 7] en/of [bankmedewerker 8] en/of

- (vervolgens) (onder dreiging van een pistool, in elk geval van een op vuurwapen gelijkend voorwerp )tegen die [bankmedewerker 1] en/of [bankmedewerker 2] en/of [bankmedewerker 3] en/of [bankmedewerker 4] en/of [bankmedewerker 5] en/of [bankmedewerker 6] en/of [bankmedewerker 7] en/of [bankmedewerker 8] heeft/hebben gezegd dat zij in de kluisruimte en/of hun kantoor op de grond moesten gaan liggen en/of

- tegen die [bankmedewerker 1] en/of [bankmedewerker 4] heeft/hebben gezegd dat zij nog een kluis moesten openen;

Feit 2 primair:

hij in of omstreeks de periode van 16 maart 2010 tot en met 17 maart 2010 te Hoofddorp tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een personenauto (merk Volkswagen, kenteken [kenteken 1] (later [kenteken 2])), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [persoon 1] en/of Ing Car Lease Nederland B.V.), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en / of zijn mededader(s), waarbij verdachte en / of zijn mededader(s) het weg te nemen goed(eren) onder zijn / hun bereik heeft / hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking en/of een valse sleutel;

Feit 2 subsidiair:

hij in of omstreeks de periode van 16 maart 2010 tot en met 28 mei 2010 te Mijdrecht, gemeente De Ronde Venen, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een (personen)auto (merk Volkswagen, kenteken [kenteken 1] (later [kenteken 2])) heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad, terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het (een) door diefstal, in elk geval (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;

Feit 3:

hij op of omstreeks 01 juni 2010 te Amsterdam tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in / uit een pand (perceel Albert Cuijpstraat 160-164) heeft/hebben weggenomen een geldbedrag van (ongeveer) 350 euro, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Kniphal en/of [persoon 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en / of zijn mededader(s), waarbij verdachte en / of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft / hebben verschaft en / of de / het weg te nemen goed(eren) onder zijn / hun bereik heeft / hebben gebracht door de (voor)deur(en) van genoemd perceel te forceren en/of het slot van die (voor)deur(en) open te breken, in elk geval door middel van braak en/of

verbreking;

Feit 4:

hij op of omstreeks 01 juni 2010 te Amsterdam ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

- met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening weg te nemen geld en/of goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan G4S geldtransporten, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan, te doen vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [persoon 7], te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan (een) andere deelnemer(s) aan dat misdrijf de vlucht mogelijk te maken en/of het bezit van het gestolene te verzekeren, of

- met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld die persoon heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag, geheel of ten dele toebehorende aan G4S geldtransporten, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bij genoemde diefstal en/of genoemde afpersing hierin bestond(en) dat hij, verdachte en/of zijn mededader(s) opzettelijk gewelddadig en/of dreigend (zulks terwijl hij, verdachte en/of zijn mededader(s) bivakmutsen droegen, teneinde herkenning te voorkomen en/of schrik aan te jagen)

- een vuurwapen heeft/hebben getoond en/of voorgehouden en/of gericht op die [persoon 7] en/of

- (vervolgens) (onder dreiging van een vuurwapen) tegen die [persoon 7] heeft/hebben gezegd "Stop. Kom op.";

Feit 5:

hij op of omstreeks 01 oktober 2008 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen 44, althans een of meer horloge(s) (merk IWC, waarde 211.513,34 euro) en/of 16, althans een of meer juwe(e)l(en) en/of siera(a)d(en) (waarde 85.943 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Lyppens Amstel BV (filiaal P.C. Hooftstraat), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, en/of

zijn mededader(s),

welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [juweliermedewerker 1] en/of [juweliermedewerker 2] en/of [juweliermedewerker 3], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan (een) andere deelnemer(s) aan voormeld misdrijf de vlucht mogelijk te maken en/of het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en), dat hij, verdachte en/of mededader(s) opzettelijk geweldadig en/of dreigend (zulks terwijl hij, verdachte en/of zijn mededader(s) bivakmutsen droegen, teneinde herkenning te voorkomen en/of schrik aan te jagen

- (onder dreiging van een pistool, in elk geval van een op vuurwapen gelijkend voorwerp) tegen die [juweliermedewerker 1] en/of [juweliermedewerker 2] en/of [juweliermedewerker 3] heeft/hebben gezegd: "overval, liggen, liggen, dit is een overval." en/of

- (vervolgens) (met een (metalen) voorwerp) een (vitrine)kast heeft/hebben ingeslagen en/of

- (vervolgens) een kast (met sieraden) heeft/hebben ingeslagen en/of

- (vervolgens) (tijdens de vlucht) heeft/hebben geschoten in de richting van die [juweliermedewerker 1] en/of [juweliermedewerker 2] en/of [juweliermedewerker 3];

Feit 6:

hij op of omstreeks 17 augustus 2010 te [plaats] (in de berging behorende bij perceel [D-straat nr]) een of meer wapens van categorie III, te weten een (jacht)geweer, en/of (in perceel [D-straat nr]) munitie van categorie III, te weten 50, althans een of meer Brenneke patronen, voorhanden heeft gehad;

De in deze telastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover daaraan in de Wet wapens en munitie betekenis is gegeven, geacht in dezelfde betekenis te zijn gebezigd;

Feit 7:

hij op of omstreeks de periode van 01 oktober 2008 tot en met 17 augustus 2010, te Amsterdam, althans in Nederland, een of meer voorwerp(en), te weten een of meer geldbedrag(en) en/of een of meer horloge(s) en/of een of meer juwe(e)l(en) en/of een of meer siera(a)d(en), heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen en/of omgezet, althans van een of meer voorwerp(en) en/of een of meer horloge(s) en/of een of meer juwe(e)l(en) en/of een of meer siera(a)d(en), te weten een of meer geldbedrag(en), gebruik heeft gemaakt, terwijl hij wist dat bovenomschreven voorwerp(en) - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig misdrijf;

3. Voorvragen

De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4. Waardering van het bewijs

4.1 Feiten en omstandigheden

4.1.1 De rechtbank gaat op grond van de wettige bewijsmiddelen van de volgende feiten en omstandigheden uit.i

Ten aanzien van feit 1:

4.1.2. Op 2 oktober 2009 omstreeks 08.55 uur openen [bankmedewerker 1] en [bankmedewerker 2] de kluis van de Bank of Tokyo-Mitsubishi Holland NV aan de Strawinskylaan 565 te Amsterdam. Twee mannen gekleed in felblauwe pakken en voorzien van bivakmutsen rennen naar binnen en gaan met [bankmedewerker 2], [bankmedewerker 4] en [bankmedewerker 3] de kluis in.ii

4.1.3. Een van de overvallers wijst met een zwart pistool in de richting van [bankmedewerker 2].iii De man met het wapen zegt tegen [bankmedewerker 3] dat hij moet gaan liggen.iv

4.1.4. [bankmedewerker 4] kijkt recht in de loop van een van de pistolen.v Een van de overvallers zegt tegen [bankmedewerker 4]: "Maak die kluis open".vi [bankmedewerker 4] kan de kluis niet openen.vii

4.1.5. [bankmedewerker 1] loopt buiten de kluis tegen de derde overvaller aan. De derde overvaller heeft een zwart pistool dat hij in de richting van [bankmedewerker 1] richt. De overvaller zegt: "Liggen jij, liggen". Vervolgens moet [bankmedewerker 1] mee de kluis in. De overvaller zegt op dwingende toon: "Maak die kluis open".viii

4.1.6. Een van de overvallers richt een pistool op de borst van [bankmedewerker 5] en zegt: "Ga op de grond liggen".ix

4.1.7. Een van de overvallers houdt een zwart vuurwapen met de loop gericht ter hoogte van de borst van [bankmedewerker 6].x

4.1.8. Een van de overvallers richt een zilverkleurig pistool op [bankmedewerker 7].xi Hij roept: "Dit is een overval, ga liggen".xii

4.1.9. De totale buit bedraagt ongeveer 108.000 aan waarde in euro's, waarvan 99.000 in euro's en de rest in vreemde valuta: US dollars, Japanse Yen en Engelse Ponden.xiii

4.1.10. In het voorste gedeelte van de kluisruimte wordt een patroon met bodemstempel GECO 9mm LUGER aangetroffen. Dit patroon wordt in beslag genomen onder nummer 3700579.xiv

4.1.11. Omstreeks 09.00 uur rennen drie mannen in een felblauwe overall en met zwarte bivakmutsen op hun hoofd een kantoorgebouw uit op de Strawinskylaan. De vierde man heeft geen bivakmuts op. De vier mannen stappen op twee scooters en reden weg.xv

4.1.12. Op de Velazquezstraat laat een man op een zwart brommertje een zwarte koffer op de grond vallen. Een andere man staat erbij in een blauwe overall. De mannen stoppen gezamenlijk de gevallen inhoud terug in de koffer. Er komen nog twee mannen aanlopen vanaf de Rubensstraat/Stadionkade. Deze mannen zijn ook in blauwe overalls gekleed.xvi

4.1.13. De ene man rijdt weg op de brommer. De andere drie stappen in een Volkswagen Polo met kenteken [kenteken 3]. Op de Velazquezstraat wordt om 09.45 uur een geldlade aangetroffen met daarin diverse plastic zakjes inhoudende euromunten, vlak voor de plek waar de Volkswagen Polo geparkeerd stond.xvii Het deksel is afkomstig van de geldlade van de Bank of Tokyo.xviii

Ten aanzien van feit 2:

4.1.14. Tussen 16 maart 2010 om 19.30 uur en 17 maart 2010 om 09.30 uur wordt op de [A-straat] te [plaats] een grijze Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 1] gestolen.xix

4.1.15. Op 12 mei 2010 rijdt verdachte met een andere man in een Ford. Om 23.08 uur stapt de man als passagier uit de Ford en stapt vervolgens in de Volkswagen Golf, kleur grijs, voorzien van het kenteken [kenteken 1].xx Om 23.09 uur rijden de Ford en de Golf weg.xxi

4.1.16. Op 14 mei 2010 staat de Volkswagen Golf [kenteken 1] geparkeerd in Diemen. Er wordt door de politie een technisch middel aangebracht op dit voertuig.xxii

4.2. Het standpunt van het openbaar ministerie

Ten aanzien van feit 1:

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte een van de daders is die betrokken is bij de overval op de Bank of Tokyo. Getuige [getuige 1] heeft een man omschreven die past bij het signalement van verdachte. Een jaar later heeft getuige [getuige 1] over de foto waar verdachte op stond verklaard dat die persoon een van de daders kan zijn.

Uit onderzoek van de politie blijkt dat de daders voorbereidingen hebben getroffen. Op de camerabeelden uit het WTC-gebouw van 30 september 2009 is iemand gedeeltelijk van voren te zien. De officier van justitie heeft daarbij gewezen op de jas, deze jas vertoont overeenkomsten met de jas die verdachte maanden later op de observatiefoto's droeg.

Bij de goederen van medeverdachte [medeverdachte] aan de [B-straat nr] te [plaats] wordt een Glock aangetroffen met tien patronen. Gebleken is dat het DNA van verdachte matcht met het een DNA-profiel op het wapen. Uit onderzoek van het NFI blijkt dat de in de Bank of Tokyo aangetroffen patroon met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid doorgeladen is geweest in voornoemde Glock.

Op de dag van de overval geven medeverdachte [medeverdachte] en zijn vriendin [vriendin van medeverdachte] circa 3.100 euro uit. Bij de aanhouding van [medeverdachte] wordt 2.600 euro bij hem aangetroffen. Bij [vriendin van medeverdachte] worden allerlei buitenlandse valuta aangetroffen.

In de vluchtauto wordt een routebeschrijving gevonden met daarop een vingerafdruk van verdachte en een strafdossier dat betrekking had op verdachte. Verder ontstaat uit smsverkeer tussen verdachte en [persoon 3], die de auto heeft gehuurd, de indruk dat verdachte [persoon 3] onder druk zet om geen belastende dingen te verklaren.

Gelet op de nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] is er naar de mening van de officier van justitie sprake van medeplegen, zelfs al heeft verdachte tijdens de overval buiten staan wachten.

Ten aanzien van feit 2:

De officier van justitie is van mening dat de onder 2 subsidiair ten laste gelegde opzetheling bewezen kan worden. Op 17 maart 2010 wordt de Volkswagen Golf gestolen. Op 12 mei 2010 is gezien dat verdachte iemand afzet bij de Golf. Op 17 mei 2010 is door het observatieteam gezien dat medeverdachte [medeverdachte] wegrijdt in de Golf vanaf het adres in Diemen, waar de auto geparkeerd stond. Een half uur later wordt de auto gezien bij "Spy City", waar de Golf een kwartier later met nieuwe kentekenplaten naar buiten komt. Vervolgens heeft medeverdachte [medeverdachte] in bijzijn van verdachte een stapel oude kranten weggegooid in de Karel du Jardinstraat. Hier blijken de oude kentekenplaten van de Golf in te zitten. Op 25 mei 2010 is gezien dat verdachte de Golf bestuurt.

Ten aanzien van feit 3 en 4:

Uit tapgesprekken blijk dat verdachte de Hyundai bus van [persoon 4] heeft geleend op 31 mei 2010, de avond voorafgaand aan de poging overval van de Kniphal. Uit beelden en getuigenverklaringen is gebleken dat de Hyundai bus rond 20.23 uur voor de Kniphal stond. Een dag later bleek dat het pand op de plek waar de bus stond is geforceerd.

De officier van justitie is van mening dat er onvoldoende bewijs is in deze zaak en heeft daarom verzocht verdachte hiervan vrij te spreken.

Ten aanzien van feit 5:

De betrokkenheid van verdachte bij de overval op juwelier Lyppens kwam naar voren uit CIE-informatie. Er zijn verder echter geen technische sporen, getuigen of andere bronnen uit het dossier naar voren gekomen die duiden op betrokkenheid van verdachte. De officier van justitie is dan ook van mening dat vrijspraak voor dit feit moet volgen.

Ten aanzien van feit 6:

Het Browning jachtgeweer bevond zich in de berging behorende bij de woning [D-straat nr]. Op dit adres staat [persoon 5] een vriend van verdachte ingeschreven. Uit tapgesprekken blijkt dat de berging wordt gebruikt als opslagplaats voor overvalattributen. Verder is er sprake van een machtsrelatie tussen verdachte en het wapen, nu verdachte over het wapen kan beschikken als hij wil. De officier van justitie acht het feit dan ook wettig en overtuigend bewezen.

Ten aanzien van feit 7:

Gelet op het feit dat officier van justitie vrijspraak heeft gevraagd voor de overval op juwelier Lyppens, moet volgens hem verdachte ook vrijgesproken worden van het witwassen ten aanzien van de juwelen en horloges. Verdachte heeft geen legale inkomsten en rijdt rond in huurauto's, bezoekt talloze malen per jaar het casino, gaat op dure vakanties en beschikt over een Rolex. Voor het overige acht de officier van justitie het onder 7 ten laste gelegde dan ook wettig en overtuigend bewezen.

4.3. Het standpunt van de verdediging

Ten aanzien van feit 1:

In de auto die mogelijk als vluchtauto is gebruikt is een dactyloscopisch spoor en een afschrift van een strafdossier van verdachte aangetroffen. Verdachte heeft bekend dat hij in de auto heeft gezeten, maar dat hoeft volgens de raadsman geenszins te duiden op betrokkenheid van verdachte bij de overval.

In de woning van medeverdachte [medeverdachte] is een vuurwapen aangetroffen, dat mogelijk twee keer in de Bank of Tokyo is doorgeladen. Uit het NFI rapport blijkt dat de bemonsteringen DNA bevatten dat afkomstig kan zijn van verdachte. Vanwege de complexiteit van het mengprofiel is geen statistische berekening voor het vaststellen van de wetenschappelijke bewijswaarde uitgevoerd. Dat maakt de uitkomst van het onderzoek onbruikbaar voor het bewijs. Bovendien zeggen deze sporen naar de mening van de raadsman niet zoveel, nu ze niets zeggen over de identiteit van de dader die met handschoenen aan tijdens de overval het wapen vasthield.

Naar de mening van de verdediging is er geen sprake van een herkenning van verdachte, maar hooguit van een halve herkenning door getuige [getuige 1]. De verdediging verzoekt dan ook de fotoconfrontatie niet voor het bewijs te gebruiken, omdat aan deze confrontatie diverse essentiële gebreken kleven.

Als het openbaar ministerie ervan uitgaat dat de herkenning van verdachte door getuige [getuige 1] wel betrouwbaar is, dan impliceert dat dat verdachte niet binnen is geweest in de bank. Naar de mening van de verdediging is het in de gaten houden van de scooters bij uitstek de rol van een medeplichtige. Medeplichtigheid aan de overval is echter niet ten laste gelegd.

De verdediging heeft verzocht verdachte van het onder 1 ten laste gelegde vrij te spreken.

Ten aanzien van feit 2:

De raadsman heeft naar voren gebracht dat zich in het dossier geen aanwijzingen bevinden dat verdachte de auto heeft gestolen en heeft de rechtbank verzocht verdachte van het primair ten laste gelegde vrij te spreken.

Er is geen sprake van wettig en overtuigend bewijs dat verdachte wist of redelijkerwijs heeft moeten vermoeden dat de auto gestolen was. Medeverdachte [medeverdachte] heeft op 17 mei 2010 de kentekenplaten weggegooid. Verdachte heeft toen niet in de Golf gereden en ook niets met de kentekenplaten gedaan.

Ook heeft de raadsman opgemerkt dat bij de auto gewoon een sleutel zat en dat de auto geen typische diefstalschade had. De verdediging heeft de rechtbank verzocht verdachte van het subsidiair ten laste gelegde eveneens vrij te spreken.

Ten aanzien van feit 3 en 4:

Naar de mening van de raadsman lijkt het gedrag van de daders die zich na sluitingstijd in een afgesloten winkel bevinden eerder op het gedrag van betrapte inbrekers dan van overvallers. Er is geen concrete poging gedaan om de geldloper te beroven, slechts een van de daders heeft zich vermomd en ook het getrokken wapen past bij het scenario dat de daders wilden vluchten.

De raadsman heeft erop gewezen dat het maar de vraag is of het de bus van [persoon 4] is, die bij de inbraak gebruikt is. De bus lijkt op de bus van [persoon 4], meer valt er op basis van het dossier niet over te zeggen. Diverse spullen uit de bus van [persoon 4] zijn opgestuurd naar het NFI en daar zijn geen dactyloscopische sporen of DNA-materiaal van verdachte op aangetroffen.

De verdediging heeft de rechtbank verzocht verdachte ook van deze feiten vrij te spreken.

Ten aanzien van feit 5:

In CIE informatie worden de naam van verdachte en die van [persoon 4] genoemd als daders van de overval op Lyppens. Op een mogelijk door één van de daders verloren petje is DNA-materiaal van [persoon 4] aangetroffen. De verdediging is van mening dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is voor dit feit. Verzocht wordt dan ook om verdachte vrij te spreken.

Ten aanzien van feit 6:

De verdediging heeft verzocht verdachte voor wat betreft dit feit vrij te spreken. Op basis van twee tapgesprekken, waarvan de inhoud onduidelijk is en die maanden voor het aantreffen van het wapen zijn gevoerd, wordt door de politie geconcludeerd dat verdachte de woning aan de [D-straat] als opslagplaats gebruikt en dat het niet anders kan zijn dan dat het jachtgeweer van verdachte is. Er is geen DNA-materiaal van verdachte op het wapen aangetroffen.

Ten aanzien van feit 7:

In het proces-verbaal van de politie wordt de eenvoudige kasopstelling gebruikt ter onderbouwing van de beschuldiging van witwassen. De raadsman heeft verwezen naar een uitspraak van de rechtbank Zwolle, waarbij de eenvoudige kasopstelling onvoldoende geacht werd als bewijs voor witwassen. Verdachte ging op vakantie en huurde auto's samen met verschillende andere personen waarbij de kosten werden gedeeld.

Voorts heeft de raadsman erop gewezen dat wat verdachte per maand gemiddeld heeft uitgegeven zondermeer verklaarbaar is door giften van familie en zo nu en dan winst in het casino.

4.4. Het oordeel van de rechtbank

4.4.1 Vrijspraak van het onder 2 primair, 3, 4, 5 en 6 ten laste gelegde

Ten aanzien van de onder 2 primair ten laste gelegde diefstal van de auto is de rechtbank evenals de officier van justitie en de raadsman van oordeel dat niet bewezen kan worden dat verdachte betrokken was bij deze diefstal.

Ten aanzien van de betrokkenheid van verdachte bij de diefstal uit de Kniphal en de daarmee samenhangende poging tot diefstal met geweld op de G4S, zoals onder 3 en 4 ten laste gelegd, overweegt de rechtbank als volgt. De avond voor de overvalpoging op 31 mei 2010 stond gedurende twintig minuten een bus voor de deur van de Kniphal. Een getuige heeft gezien dat er gemorreld werd aan de deur en dat vervolgens twee mannen de Kniphal in gegaan zijn, waarna de deur weer werd gesloten. De volgende ochtend vond voor de deur van de Kniphal de poging tot overval op de G4S geldlopers plaats, de daders kwamen met pistolen uit de Kniphal gerend. Bij hun vlucht hebben zij onder meer zogenaamde tie-wraps achtergelaten. Later bleek bovendien dat in de Kniphal een geldbedrag was weggenomen.

Op grond van het dossier is naar het oordeel van de rechtbank vast te stellen dat de op 31 mei 2010 gebruikte bus de bus van [persoon 4] was. [persoon 4] is een bekende van verdachte. Voorts blijkt uit tapgesprekken dat verdachte deze bus gedurende een periode van ongeveer twee uur geleend had van [persoon 4]. Binnen deze twee uren is de bus gedurende twintig minuten voor de Kniphal gesignaleerd, zoals hiervoor beschreven. Nu niet vast te stellen is of verdachte degene was die de bus daadwerkelijk in gebruik had op het moment dat deze voor de Kniphal stond en er voorbereidingshandelingen werden getroffen voor de diefstal en de overval van de volgende ochtend, zal verdachte van het onder 3 en 4 ten laste gelegde worden vrijgesproken.

Ten aanzien van de onder 5 ten laste gelegde overval op juwelier Lyppens is de rechtbank van oordeel, evenals de officier van justitie en de raadsman, dat op grond van het dossier niet bewezen kan worden geacht dat verdachte hierbij betrokken was.

Ten aanzien van het onder 6 ten laste gelegde is de rechtbank van oordeel dat niet is komen vast te staan dat verdachte betrokkenheid had bij het wapen dat is aangetroffen op de zolder van de woning aan de [D-straat nr] te [plaats]. Verdachte is in de woning aanwezig geweest en heeft daar in elk geval één keer post naartoe laten sturen. Niet is vast te stellen dat verdachte op de zolder van de woning is geweest of daar spullen heeft opgeslagen. Ook is op grond van de tapgesprekken niet vast te stellen of verdachte een wapen gebruikte dat zich op de zolder bevond.

De rechtbank acht niet bewezen wat onder 2 primair, 3, 4, 5, en 6 is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4.4.2 Het oordeel over het onder 1 ten laste gelegde

4.4.2.1. Om 10.15 uur peilt de Volkswagen Polo uit aan de [C-straat] te [plaats].xxiii De afstand tussen de [C-straat] en de [B-straat] te [plaats] bedraagt 2,3 kilometer.xxiv

4.4.2.2. In de [B-straat nr] te [plaats] is een vuurwapen merk Glock met houder met 10 patronen aangetroffen.xxv Het vuurwapen is in beslag genomen onder nummer 3696443.xxvi Het wapen kan alleen maar van medeverdachte [medeverdachte] zijn.xxvii

4.4.2.3. De patroon met nummer 3700579 is met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid doorgeladen geweest in het pistool met nummer 3696443.xxviii

4.4.2.4. De bemonsteringen van de patroonhouder en het vuurwapen bevatten celmateriaal dat afkomstig kan zijn van verdachte.xxix

4.4.2.5. In de Volkswagen Polo is een strafdossier van verdachte aangetroffen.xxx In de auto worden ook twee A4 papieren met een routebeschrijving van Google maps in beslag genomen onder nummer 3696715.xxxi Op de print met nummer 3696715 is onder meer een dactyloscopisch spoor van verdachte aangetroffen.xxxii

4.4.2.6. De Volkswagen Polo is gehuurd door [persoon 3].xxxiii [persoon 3] heeft de auto uitgeleend aan [persoon 6], die hem op zijn beurt heeft uitgeleend aan verdachte.xxxiv

4.4.2.7. Medeverdachte [medeverdachte] rijdt op 2 oktober 2009 in de Volkswagen Polo.xxxv

4.4.2.8. Verdachte stuurt op 2 oktober 2009 tussen 14.17 uur en 17.54 uur verschillende sms-berichten naar medeverdachte [medeverdachte]. Om 16.41 uur stuurt verdachte: "Om 7 uur moet je er zijn". Om 17.53 uur stuurt [medeverdachte] aan verdachte: "Ga nu goed 30min goed". Om 17.54 uur stuurt verdachte aan medeverdachte [medeverdachte]: "Ben je al onderweg".xxxvi Om 19.10 uur stuurt verdachte aan medeverdachte [medeverdachte]: "Waar zit je". Om 19.11 uur en 19.12 uur: "Wat zijn dit voor grappe".xxxvii Om 20.56 uur stuurt verdachte een sms naar het nummer van [medeverdachte] met de tekst: "Vieze acties he dit ik moet die auto terug geven".xxxviii

4.4.2.9. In de deur op de negende etage van het WTC-gebouw zijn na de overval propjes aangetroffen.xxxix Op de camerabeelden van 30 september 2009 is te zien dat twee personen in het donkere gekleed de klapdeuren doorlopen. De voorste persoon op de beelden draagt een donkere jas en een donkere broek. Op de voorkant van de jas boven de linkerborst zit een witte vlek. Deze vlek komt qua plaats overeen met het merkteken op de jas van verdachte die hij draagt op de observatiefoto van 23 april 2010.xl

Bewijsoverwegingen:

De rechtbank stelt vast dat de Volkswagen Polo met kenteken [kenteken 3] is gebruikt bij de overval op de Bank of Tokyo. De overvallers hebben zich op twee scooters verplaatst naar de auto, zij hebben de buit in de auto geladen en zijn vervolgens verdergegaan in de Volkswagen Polo. Deze Polo peilt een uur na de overval uit in de buurt van het GBA-adres van medeverdachte [medeverdachte], de [B-straat nr] te [plaats]. Op voornoemd adres wordt een pistool aangetroffen. De in de Bank of Tokyo aangetroffen patroon is doorgeladen geweest in dit pistool. De rechtbank leidt hieruit af dat het wapen gebruikt is bij de overval. De ex-vriendin van medeverdachte [medeverdachte], getuige [getuige 2] woonachtig op de [B-straat nr], verklaart dat het pistool van medeverdachte [medeverdachte] is. Op het pistool wordt een gemengd DNA-profiel aangetroffen met daarin ook materiaal van verdachte. Weliswaar is door het NFI aangegeven dat een statistische berekening voor het vaststellen van de wetenschappelijke bewijswaarde van deze match niet mogelijk is, maar dat neemt naar het oordeel van de rechtbank niet weg dat is vastgesteld dat het DNA-materiaal van verdachte op het wapen en de bijbehorende patroonhouder is aangetroffen. Naar het oordeel van de rechtbank is geen aannemelijke alternatieve verklaring voorstelbaar voor het aantreffen van het DNA-materiaal van verdachte op het bij de overval gebruikte wapen dan dat hij direct voor dan wel na die overval dat wapen in handen heeft gehad. Verdachte heeft bovendien zelf ook nog niet een begin van een dergelijke verklaring gegeven.

De rechtbank acht aannemelijk dat medeverdachte [medeverdachte] het pistool, nadat het gebruikt is bij de overval op de Bank of Tokyo, heeft achtergelaten op de [B-straat nr].

Voorts overweegt de rechtbank dat verdachte bekend heeft dat hij in de Volkswagen Polo heeft gezeten, alsmede dat hij [medeverdachte] kent. In de auto zijn ook spullen van hem en zijn vingerafdrukken aangetroffen. [persoon 3] had de Volkswagen Polo gehuurd en vervolgens aan [persoon 6] uitgeleend. Die had hem op zijn beurt uitgeleend aan verdachte. Na de overval wordt medeverdachte [medeverdachte] in de auto gesignaleerd. Uit de telefoontaps is gebleken dat verdachte op de dag van de overval veel contact zoekt met medeverdachte [medeverdachte] per sms. De rechtbank leidt uit de sms-berichten af dat verdachte zich inspant om de geleende auto van medeverdachte [medeverdachte] terug te krijgen.

Op grond van het vorenstaande - in onderling verband en samenhang beschouwd - stelt de rechtbank vast dat er sprake is van nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en zijn mededaders zowel voorafgaand aan de overval als achteraf. Anders dan door de verdediging is bepleit heeft verdachte immers niet slechts de voor de vlucht te gebruiken scooters bewaakt; hij heeft samen met de andere daders de vlucht voortgezet, heeft daarvoor ook een voertuig geregeld en de verantwoordelijkheid gedragen om dat voertuig terug te bezorgen. Bovendien heeft verdachte het bij de overval gebruikte wapen in handen gehad.

4.4.3. Het oordeel over het onder 2 subsidiair ten laste gelegde

4.4.3.1. Op 17 mei 2010 zou de Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 1] volgens het tactische team van de politie in de buurt moeten zijn van de "Spy Shop" aan de Moezelhavenweg 61 te Amsterdam. Om 18.42 uur staat een donkergrijze Volkswagen Golf met de achterzijde tegen het perceel Moezelhavenweg 61 geparkeerd.xli

4.4.3.2. Om 18.55 uur rijden de donkergrijze Volkswagen Golf, een groene Hyundai bus met het kenteken [kenteken 4] en een rode Mercedes weg bij perceel Moezelhavenweg 61. De Volkswagen is voorzien van kenteken [kenteken 2] en wordt bestuurd door medeverdachte [medeverdachte]. xlii

4.4.3.3. Om 19.11 uur op Mensinge te Amsterdam stapt medeverdachte [medeverdachte] uit de Golf en stapt vervolgens in de Hyundai bus. Bestuurder van de Hyundai is verdachte. De Hyundai gaat weer rijden en stopt om 19.19 uur bij het Van der Helstplein. Medeverdachte [medeverdachte] stapt uit en gooit een stapel kranten in een vuilcontainer op de Karel du Jardinstraat. In de kranten gewikkeld zitten twee kentekenplaten.xliii De kentekenplaten met nummer [kenteken 1] worden gewikkeld in krantenpapier in beslag genomen.xliv

4.4.3.4. Om 20.25 uur neemt Medeverdachte [medeverdachte] op Mensinge weer plaats in de Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 2].xlv Om 20.40 uur wordt de Golf aangetroffen bij de caravan van medeverdachte [medeverdachte] aan de [E-straat] te [plaats].xlvi

4.4.3.5. Op 18 mei 2010 rijdt medeverdachte [medeverdachte] in de Golf met kenteken [kenteken 2].xlvii Op 25 mei 2010 staat de Golf geparkeerd op de [E-straat]. Om 19.45 uur bukt een gezette man bij het linkervoorwiel van de Volkswagen Golf. Verdachte bestuurt daarna de Golf.xlviii

4.4.3.6. Op 28 mei 2010 rijdt verdachte als bestuurder in de Hyundai bus met het kenteken [kenteken 4] van [persoon 4]. De Hyundai en de Golf met kenteken [kenteken 2] rijden over de Moezelhavenweg. [persoon 4] stapt als bestuurder uit de Golf.xlix

Bewijsoverwegingen:

Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij de auto heeft opgehaald voor iemand anders. Over de reden dat hij deze auto 's avonds laat in Mijdrecht moest ophalen en vervolgens verplaatst heeft naar Diemen, wilde verdachte niets verklaren. Vervolgens is verdachte erbij aanwezig als blijkens de observaties de kentekenplaten van de auto verwisseld worden. Medeverdachte [medeverdachte] rijdt de auto vervolgens naar Mensinge, alwaar hij weer in de auto stapt die verdachte bestuurt. Samen rijden ze naar de Karel du Jardinstraat, alwaar medeverdachte [medeverdachte] de oude kentekenplaten van de Volkswagen Golf in een stapel kranten weggooit. Gelet op het vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat verdachte op het moment dat hij de auto voorhanden kreeg wist dat deze van een misdrijf afkomstig was. Door de kentekenplaten te (laten) verwisselen heeft verdachte dit willen verhullen.

Na de verwisseling van de kentekenplaten blijkt dat verdachte samen met verschillende andere mensen gebruik maakt van de gestolen auto. De rechtbank acht dan ook bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van opzetheling.

4.4.4. Het oordeel over het onder 7 ten laste gelegde

4.4.4.1. Bij de belastingdienst zijn geen gegevens van verdachte bekend.l Er is nooit een uitkering aan verdachte toegekend.li Verdachte is niet BKR geregistreerd.lii Hij ontvangt geen studiefinanciering.liii Sedert 14 oktober 2009 heeft verdachte een bankrekening. Het tekort op die rekening is op 10 mei 2010 € 3,10.liv

4.4.4.2. Verdachte heeft geen werk.lv

4.4.4.3. Verdachte huurt in de periode van 1 oktober 2008 tot en met 17 augustus 2010 regelmatig auto's.lvi Ook laat hij andere mensen een auto voor hem huren, waarbij hij een bedrag van 2000 euro contant afrekent.lvii Verdachte heeft met verschillende van de gehuurde auto's parkeerboetes gekregen en betaald. Ook heeft hij naheffing van parkeerbelasting op de kentekens van de gehuurde auto's betaald.lviii

4.4.4.4. Verdachte is met zijn vriendin op vakantie geweest naar Parijs en heeft dat voor hen beiden betaald.lix Verdachte is met vrienden op vakantie geweest naar Barcelona.lx

4.4.4.5. In de periode van 1 januari 2010 tot en met 16 augustus 2010 zijn er 46 tapgesprekken opgenomen waarin verdachte aangeeft lam te zijn, te gaan zuipen of dronken te zijn.lxi

4.4.4.6. Tijdens de insluitingsfouillering van verdachte is onder meer een Rolex horloge aangetroffen. De huidige waarde betreft ongeveer 70% van de nieuwwaarde, te weten € 5.502,--.lxii

Bewijsoverwegingen:

De rechtbank stelt op grond van de bewijsmiddelen vast dat verdachte geen legale inkomsten heeft, nu hij niet werkt, geen uitkering en geen studiefinanciering ontvangt. Wel geeft hij geld uit aan het huren van auto's, uitgaan en vakanties. Van verdachte mag worden verwacht dat hij, gelet op het vermoeden dat hij bezig is geld wit te wassen, over de herkomst van het geld een op enigerlei wijze verifieerbare verklaring geeft. Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij het geld dat hij uitgaf verdiende in het casino. Gezien de grote bedragen die verdachte in de ten laste gelegde periode heeft uitgegeven, is het echter niet aannemelijk dat verdachte het geld dat hij uitgaf in het casino verdiende door roulette te spelen. Het is een feit van algemene bekendheid dat het spelen van roulette op de lange termijn tot meer verlies dan winst leidt.

De rechtbank is dan ook van oordeel dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het witwassen van meerdere geldbedragen.

5. Bewezenverklaring

De rechtbank acht op grond van de onder 4 vervatte bewijsmiddelen bewezen dat verdachte

Feit 1:

op 2 oktober 2009 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van ongeveer 108.000 euro, toebehorende aan de Bank Of Tokyo-Mitsubishi Holland NV, gevestigd Strawinskylaan 565,

welke diefstal werd vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen een of meer medewerkers van genoemde bank te weten [bankmedewerker 1] en [bankmedewerker 2] en [bankmedewerker 3] en [bankmedewerker 4] en [bankmedewerker 5] en [bankmedewerker 6] en [bankmedewerker 7], gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken

welk geweld en welke bedreiging met geweld bij genoemde diefstal hierin bestonden dat hij, verdachte en zijn mededaders opzettelijk gewelddadig en dreigend zulks terwijl hij, verdachte en zijn mededaders bivakmutsen droegen,

- een pistool, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp hebben gericht op die [bankmedewerker 1] en [bankmedewerker 2] en [bankmedewerker 3] en [bankmedewerker 4] en [bankmedewerker 5] en [bankmedewerker 6] en [bankmedewerker 7] en

- vervolgens onder dreiging van een pistool tegen die [bankmedewerker 1] en [bankmedewerker 2] en [bankmedewerker 3] en [bankmedewerker 4] en [bankmedewerker 5] en [bankmedewerker 6] en [bankmedewerker 7] hebben gezegd dat zij in de kluisruimte en hun kantoor op de grond moesten gaan liggen en

- tegen die [bankmedewerker 1] en [bankmedewerker 4] hebben gezegd dat zij nog een kluis moesten openen;

Feit 2 subsidiair:

in de periode van 16 maart 2010 tot en met 28 mei 2010 in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, een personenauto, merk Volkswagen, kenteken [kenteken 1], later [kenteken 2], voorhanden heeft gehad, terwijl hij en zijn mededaders ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen wisten, dat het een door diefstal verkregen goed betrof;

Feit 7:

in de periode van 1 oktober 2008 tot en met 17 augustus 2010, te Amsterdam, geldbedragen heeft verworven, voorhanden heeft gehad, terwijl hij wist dat bovenomschreven voorwerpen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf;

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten staan, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.

6. De strafbaarheid van de feiten

De bewezen geachte feiten zijn volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.

7. De strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

8. Motivering van de straffen en maatregelen

8.1. De eis van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor de door hem onder 1, 2 subsidiair, 6 en 7 bewezen geachte feiten zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 7 jaren, met aftrek van voorarrest. Voorts heeft de officier van justitie gevorderd de vorderingen van de benadeelde partijen ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde toe te wijzen en daarbij de schadevergoedingsmaatregel op te leggen. De vordering van de benadeelde partij ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde moet naar de mening van de officier van justitie worden afgewezen. De benadeelde partij van het onder 5 ten laste gelegde dient niet-ontvankelijk te worden verklaard.

8.2. Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft integrale vrijspraak bepleit en derhalve geen strafmaatverweren gevoerd.

8.3. Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een gewapende overval op een bank samen met anderen. Verdachte en zijn mededaders zijn op professionele wijze te werk gegaan. Eerst is er een voorverkenning gedaan in de omgeving en het pand van de Bank of Tokyo. Op de dag van de overval zijn mannen in blauwe overalls, met bivakmutsen op en wapens in de hand de bank binnengedrongen. Voor de medewerkers van de Bank of Tokyo is dit een heftige en beangstigende ervaring. Zij dachten op de ochtend van 2 oktober 2009 rustig aan het werk te kunnen gaan en stonden plotseling oog in oog met gewapende mannen. Ook na de overval gingen verdachte en zijn mededaders professioneel te werken. Zij wisselden van vervoermiddelen tijdens de vlucht, laadden de buit in een ander voertuig over en een van de wapens werd verstopt tussen de spullen van medeverdachte [medeverdachte] in het huis van zijn ex-vriendin/getuige [getuige 2].

Voorts heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van heling van een Volkswagen Golf. Verdachte haalde de gestolen auto op en samen met zijn mededaders nam hij de auto mee om de kentekenplaten te laten verwisselen. Vervolgens werden deze kentekenplaten door medeverdachte [medeverdachte] weggewerkt in een vuilcontainer. Op deze manier heeft verdachte samen met zijn mededaders op professionele wijze de herkomst van de auto trachten te verdoezelen. Zowel daarvoor als daarna maken verschillende mensen gebruik van deze auto.

Ook heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan witwassen. Hij had geen enkel inkomen en lange tijd zelfs geen bankrekening en gaf toch grote geldbedragen uit aan het huren van auto's, uitgaan en vakanties.

Naar het oordeel van de rechtbank blijkt uit de professionaliteit waarmee de overval op de Bank of Tokyo is gepleegd, alsmede uit zijn uitgavenpatroon dat verdachte ondanks zijn jeugdige leeftijd diep geworteld is in het criminele circuit van Amsterdam. De rechtbank slaat daarbij ook acht op het uittreksel van de justitiële documentatie ten name van verdachte, waarop reeds verschillende veroordelingen voor ernstige strafbare feiten staan vermeld.

Gezien deze handelswijze van verdachte en zijn mededaders acht de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van zeven jaren passend en geboden. Daarbij overweegt de rechtbank nog dat strikt genomen een hogere straf wordt opgelegd dan door de officier van justitie is geëist, maar dat het daarbij door de officier meegewogen feit (het voorhanden hebben van een vuurwapen met munitie) in het licht van het overigens bewezen verklaarde van zo geringe betekenis is, dat dit voor de strafmaat geen verschil maakt.

Ten aanzien van de benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregel

Ten aanzien van feit 1:

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van de vordering van Bank of Tokyo - Mitsubishi NV, niet een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 1 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert deze op € 52.376,-- (tweeënvijftigduizend driehonderd zesenzeventig euro).

De vordering kan dan ook tot dat bedrag worden toegewezen.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van Bank of Tokyo - Mitsubishi NV voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

Voorts is uit het onderzoek ter terechtzitting gebleken dat de behandeling van de vordering van [bankmedewerker 4], niet een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor 1 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert deze op € 2.545,87 (tweeduizend vijfhonderd vijfenveertig euro en zevenentachtig cent). De vordering kan dan ook tot dat bedrag worden toegewezen.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

In het belang van [bankmedewerker 4] voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.

Ten aanzien van feit 2:

De vordering van ING Car Lease BV wordt afgewezen omdat uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de auto, waarvoor schadevergoeding gevorderd is, zonder schade is geretourneerd aan de eigenaar.

Ten aanzien van feit 5:

Nu aan verdachte - zonder toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht - ten aanzien van dit feit geen straf of maatregel is opgelegd, is [juweliermedewerker 2] in de vordering niet-ontvankelijk.

9. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 36f, 57, 312, 416 en 420bis van het Wetboek van Strafrecht.

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

10. Beslissing

Verklaart het onder 2 primair, 3, 4, 5 en 6 ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart bewezen dat verdachte het onder 1, 2 subsidiair en 7 ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Het bewezen verklaarde levert op:

Ten aanzien van feit 1:

Diefstal, vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Ten aanzien van feit 2 subsidiair:

Opzetheling.

Ten aanzien van feit 7:

Witwassen.

Verklaart het bewezene strafbaar.

Verklaart verdachte, [verdachte], daarvoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 7 jaren.

Beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering gebracht zal worden.

Wijst de vordering van Bank of Tokyo - Mitsubishi NV, gevestigd te Strawinskylaan 565, 1077 XX Amsterdam, toe tot € 52.376,-- (tweeënvijftigduizend driehonderd zesenzeventig euro).

Veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan Bank of Tokyo - Mitsubishi NV voornoemd, behalve voor zover deze vordering al door of namens anderen is betaald.

Veroordeelt verdachte voorts in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil.

Legt verdachte de verplichting op ten behoeve van Bank of Tokyo - Mitsubishi NV, aan de Staat € 52.376,-- (tweeënvijftigduizend driehonderd zesenzeventig euro) te betalen, behalve voor zover dit bedrag al door of namens anderen is betaald. Bij gebreke van betaling en verhaal wordt de betalingsverplichting door hechtenis van 292 dagen vervangen. De toepassing van die hechtenis heft de hiervoor opgelegde verplichting niet op.

Bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van de genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen.

Wijst de vordering van [bankmedewerker 4], wonende op het adres [adres] te [plaats], toe tot € 2.545,87 (tweeduizend vijfhonderd vijfenveertig euro en zevenentachtig cent).

Veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan [bankmedewerker 4] voornoemd, behalve voor zover deze vordering al door of namens anderen is betaald.

Veroordeelt verdachte voorts in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil.

Legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [bankmedewerker 4], aan de Staat € 2.545,87 (tweeduizend vijfhonderd vijfenveertig euro en zevenentachtig cent) te betalen, behalve voor zover dit bedrag al door of namens anderen is betaald. Bij gebreke van betaling en verhaal wordt de betalingsverplichting door hechtenis van 35 dagen vervangen. De toepassing van die hechtenis heft de hiervoor opgelegde verplichting niet op.

Bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van de genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen.

Wijst de vordering van ING Car Lease BV af.

Verklaart [juweliermedewerker 2] niet-ontvankelijk in haar vordering.

Dit vonnis is gewezen door

mr. D. van den Brink, voorzitter,

mrs. C.S. Schoorl en F.P. Geelhoed, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. A. Bernsen, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 15 september 2011.

i Voor zover niet anders vermeld, wordt in de hierna volgende voetnoten telkens verwezen naar bewijsmiddelen die zich in het aan deze zaak ten grondslag liggende dossier bevinden, volgens de in dat dossier toegepaste nummering. Tenzij anders vermeld, gaat het daarbij om processen-verbaal, in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.

ii D1 R2 008, D1 R2 013-014, D1 R2 027, D1 R2 030.

iii D1 R2 014.

iv D1 R2 027.

v D1 R2 030.

vi D1 R2 027.

vii D1 R2 027, D1 R2 030, D1 R2 034 en D1 R2 041.

viii D1 R2 008 en D1 R2 048.

ix D1 R2 034.

x D1 R2 037.

xi D1 R2 041.

xii D1 R2 037, D1 R2 041, D1 R2 047.

xiii D1 R2 005.

xiv D1 Z1 0026-0027.

xv D1 Z1 0018.

xvi D1 Z1 0008.

xvii D1 Z1 0009.

xviii D1 Z1 002.

xix D1 Z2 002.

xx D1 Z2 007.

xxi D1 Z2 008.

xxii D1 Z2 012-013.

xxiii D1 Z1 0084.

xxiv D1 Z1 0195.

xxv D1 Z1 0094 t/m 0097.

xxvi D1 R12 073.

xxvii D1 Z1 0114.

xxviii D1 Z1 0174 en 0176.

xxix D1 Z1 0179.

xxx D1 R5 0043.

xxxi D1 R5 0130.

xxxii D1 R5 0136.

xxxiii D1 Z1 0081.

xxxiv D1 Z1 0208.

xxxv D1 Z1 0087 en P2 001-002.

xxxvi D1 Z1 0272.

xxxvii D1 Z1 0273.

xxxviii D1 Z1 0274.

xxxix D1 Z1 0151.

xl D1 Z1 0152.

xli D1 Z2 014-015.

xlii D1 Z2 015.

xliii D1 Z2 015.

xliv D1 R12 164.

xlv D1 Z2 016.

xlvi D1 Z2 017.

xlvii D1 Z2 024.

xlviii D1 Z2 026-027.

xlix D1 Z2 030.

l D1 Z3 0001.

li D1 Z3 0003.

lii D1 Z3 0004.

liii D1 Z3 0009.

liv D1 Z3 0013.

lv Verklaring verdachte, proces-verbaal terechtzitting van 1 september 2011.

lvi D1 Z3 0226, D1 Z3 0271, D1 Z3 0284-0285, D1 Z3 0324-0325.

lvii D1 Z3 0105 en D1 Z3 0115.

lviii D1 Z3 0333.

lix Verklaring verdachte, proces-verbaal terechtzitting van 1 september 2011 en D1 Z3 0215.

lx Verklaring verdachte, proces-verbaal terechtzitting van 1 september 2011 en D1 Z3 0215.

lxi D1 Z3 0148.

lxii D1 Z3 0204.