Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2011:BR4880

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
13-07-2011
Datum publicatie
11-08-2011
Zaaknummer
AWB 10-4261 WAO
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Niet verzekerd voor de WAO. Geen werknemer op eerste arbeidsongeschiktheidsdag. Uitspraak in eenvoudige taal.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Sector bestuursrecht

zaaknummer: AWB 10/4261 WAO

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser],

wonende te [woonplaats] in Marokko,

eiser,

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV),

verweerder,

gemachtigde mr. S.J.M.A. Clerx.

Procesverloop

Bij besluit van 11 maart 2010 heeft het UWV het besluit van 12 januari 2010 niet herzien en bij besluit van 26 maart 2010 heeft het UWV het besluit van 12 januari 2010 ook niet herzien (de primaire besluiten).

Bij besluit van 2 augustus 2010 heeft het UWV het bezwaar van [eiser] tegen de primaire besluiten met een gewijzigde motivering ongegrond verklaard (het bestreden besluit).

[eiser] heeft tegen dit besluit beroep ingesteld.

Het UWV heeft een verweerschrift ingediend.

De rechtbank heeft de zaak ter zitting behandeld op 18 mei 2011. Namens [eiser] is verschenen [vertegenwoordiger]. Het UWV is vertegenwoordigd door mr. Clerx.

Overwegingen

1. [eiser] heeft op 24 april 2006 een uitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) aangevraagd. Op 27 november 2008 heeft [eiser] via de Caisse Nationale de Sécurité Sociale (CNSS) een WAO-aanvraag ingediend.

2. Bij brief van 8 april 2009 heeft het UWV [eiser] in de gelegenheid gesteld om originele documenten over te leggen.

3. Bij besluit van 13 oktober 2009 heeft het UWV meegedeeld dat de aanvraag niet verder wordt behandeld. [eiser] heeft op 21 december 2009 gegevens overgelegd.

4. Bij besluit van 12 januari 2010 heeft het UWV meegedeeld dat [eiser] niet heeft voldaan aan de geldende voorschriften om zijn aanvraag te kunnen behandelen, zodat de aanvraag niet in behandeling wordt genomen. Op 16 februari 2010 heeft de CNSS gegevens (een bankafschrift) overgelegd.

5. Bij besluit van 11 maart 2010 heeft het UWV meegedeeld dat niet wordt teruggekomen op het besluit van 12 januari 2010, omdat er geen nieuwe feiten en omstandigheden zijn. Op 25 februari 2010 heeft [eiser] gegevens (polis ziekenfonds en een bericht van het ziekenhuis in Tiel) aan het UWV gestuurd.

6. Bij besluit van 26 maart 2010 heeft het UWV meegedeeld dat niet wordt teruggekomen op het besluit van 12 januari 2010, omdat er geen nieuwe feiten en omstandigheden zijn.

7. [eiser] heeft tegen de besluiten van 11 maart 2010 en 26 maart 2010 bezwaar gemaakt.

8. Bij het bestreden besluit heeft het UWV aangegeven dat de motiveringen van de besluiten van 11 en 26 maart 2010 onjuist zijn, omdat bij een nieuwe aanvraag niet kan worden verwezen naar een buiten behandeling gestelde aanvraag.

Het UWV stelt zich primair op het standpunt dat [eiser] geen werknemer in de zin van de WAO is geweest en daarom niet in aanmerking komt voor een WAO-uitkering. Subsidiair stelt het UWV zich op het standpunt dat [eiser]’s arbeidsongeschiktheid is ingetreden in een niet voor de WAO verzekerde periode. Nu [eiser] meer dan 20 jaar heeft gewacht met het indienen van een aanvraag is het risico van onduidelijkheid met betrekking tot het tijdstip van intreden van arbeidsongeschiktheid voor zijn rekening.

9. [eiser] is het niet eens met het besluit van het UWV. Het UWV heeft zijn WAO-aanvraag afgewezen omdat er geen documenten waren over het verkeersongeval dat [eiser] heeft gehad. [eiser] vindt dat het UWV zijn medische gegevens in verband met het verkeersongeval had moeten opvragen bij het ziekenhuis Rivierenland in Tiel en bij zijn huisarts in Tiel. [eiser] heeft bij zijn bezwaarschrift documenten meegestuurd die aantonen dat hij in het ziekenhuis in Tiel heeft gelegen vanwege een verkeersongeval en zenuwstoornissen.

10. De rechtbank beoordeelt het beroep van [eiser] als volgt.

11. In de wet (de WAO) staat dat iemand alleen recht kan hebben op een WAO-uitkering als hij een werknemer is en dan ziek wordt. Met andere woorden: alleen werknemers zijn verzekerd voor arbeidsongeschiktheid. Iemand die niet werkt of die een bijstandsuitkering krijgt, is geen werknemer. Als die persoon ziek wordt, heeft hij geen recht op een WAO-uitkering.

12. Het UWV heeft onderzocht of [eiser] werknemer was toen hij ziek werd. Het UWV heeft daarom op 7 mei 2010 een brief aan [eiser] gestuurd met vragen. In vraag 3 is gevraagd om een overzicht van alle werkgevers van [eiser] in Nederland en de periode dat hij daar heeft gewerkt. [eiser] moest daarbij documenten meesturen, zoals een arbeidsovereenkomst, loonstroken, een jaaropgaaf en dergelijke.

13. [eiser] heeft op 20 mei 2010 een brief aan het UWV gestuurd met antwoorden. Bij antwoord 3 heeft hij geschreven dat hij bij steenfabriek Korevaar in Tiel en Arnhem heeft gewerkt van 1977 tot 1980.

14. De rechtbank ziet in het dossier geen documenten die aantonen dat [eiser] werkelijk bij de steenfabriek heeft gewerkt. [eiser] heeft geen arbeidsovereenkomst, een loonstrook, jaaropgaaf of iets dergelijks aan het UWV gestuurd.

15. De rechtbank vindt dat het standpunt van het UWV, dat [eiser] wel zegt dat hij bij de steenfabriek heeft gewerkt, maar dat hij het niet heeft bewezen met documenten, juist is. Het is dus niet helemaal zeker dat [eiser] werknemer is geweest in Nederland. Hij heeft daarom geen recht op een WAO-uitkering.

16. Maar ook als [eiser] wel bewijst dat hij bij de steenfabriek heeft gewerkt, dan heeft hij toch geen recht op een WAO-uitkering. In de wet (de WAO) staat dat je alleen recht kunt hebben op een WAO-uitkering als je op het moment dat je ziek wordt werknemer bent.

17. [eiser] heeft in zijn brief van 20 mei 2010 bij antwoord 3 geschreven dat hij van 1977 tot 1980 bij de steenfabriek heeft gewerkt. Verder heeft hij daar gesteld dat hij van 1981 tot 1985 een bijstandsuitkering heeft gekregen van de Gemeentelijke Sociale Dienst in Tiel. En hij stelt dat hij in de loop van het jaar 1981 een verkeersongeval heeft gekregen.

18. De rechtbank vindt dat het standpunt van het UWV, dat [eiser] op het moment dat hij een verkeersongeval kreeg, niet meer bij de steenfabriek werkte en dus geen werknemer meer was, juist is. [eiser] kreeg op dat moment een bijstandsuitkering. Iemand die een bijstandsuitkering krijgt, is geen werknemer, en is niet verzekerd voor arbeidsongeschiktheid. [eiser] heeft daarom geen recht op een WAO-uitkering.

19. [eiser] krijgt dus geen WAO-uitkering, omdat hij toen hij het verkeersongeval kreeg, geen werknemer (meer) was. De rechtbank vindt dat het UWV dus niet meer hoeft te onderzoeken hoe ziek [eiser] door en na het verkeersongeval is geworden. Ook als [eiser] bewijst dat hij door en na het verkeersongeval ziek is geworden, dan krijgt hij toch geen WAO-uitkering.

20. De rechtbank zal het beroep van [eiser] ongegrond verklaren. [eiser] krijgt daarom het griffierecht niet terug.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. C.J. Polak, rechter, in aanwezigheid van mr. J.E. Nicolai, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 13 juli 2011.

de griffier de rechter

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep te Utrecht.

Afschrift verzonden op:

D:B

SB