Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ3356

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
04-02-2011
Datum publicatie
03-05-2011
Zaaknummer
481691 / KG ZA 11-156 WT/CGvB
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

KG; aanbesteding. Eiseres meent dat het door aanbesteder gehanteerde gunningscriterium onrechtmatig is. Zij stelt dat gunningscriterium "waarborgen van de planning" geen verband houdt met het voorwerp van de opdracht. De aanbesteder heeft ter zitting toegelicht dat dit gunningscriterium wel degelijk verband houdt met het voorwerp van de opdracht, aangezien het bieden van waarborgen dat de planning wordt gehaald per definitie ziet op de kwaliteit van de door de inschrijvers aangeboden diensten. De voorzieningenrechter acht - gelet op deze uitleg - het door aanbesteders gehanteerde gunningscriterium niet onrechtmatig. Voor het overige heeft de aanbesteder voorshands aan haar transparantie- en motiveringsverplichtingen voldaan. De vordering van eiseres wordt dan ook afgewezen.

Wetsverwijzingen
Besluit aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JAAN 2011/79

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Sector civiel recht, voorzieningenrechter

zaaknummer / rolnummer: 481691 / KG ZA 11-156 WT/CGvB

Vonnis in kort geding van 24 februari 2011

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[X] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats],

eiseres bij dagvaarding van 31 januari 2011,

advocaat mr. H.W.J.M. Oderkerk te Breda,

tegen

de publiekrechtelijke rechtspersoon

SOCIALE VERZEKERINGSBANK,

gevestigd te Amstelveen,

gedaagde,

advocaat mr. G. Verberne te Amsterdam.

Partijen zullen hierna eiseres en SVB worden genoemd.

1. De procedure

Ter terechtzitting van 18 februari 2011 heeft eiseres gesteld en gevorderd overeenkomstig de in fotokopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding. Eiseres heeft bij faxbericht van 17 februari 2011, te 14.00 uur een gewijzigde eis opgestuurd. SVB heeft hiertegen bezwaar gemaakt, stellende dat zij in haar processuele belangen is geschaad, omdat iedere toelichting op de gewijzigde eis ontbreekt en SVB dus pas ter zitting kennis zal kunnen nemen van de gronden van de eiswijziging. Daartegenover heeft eiseres aangevoerd dat de eiswijziging voortvloeit uit de omstandigheid dat SVB pas kort voor de zitting een nadere motivering van haar gunningsbeslissing heeft verstrekt en voorts dat zij dezelfde gronden zal aanvoeren als zij reeds bij dagvaarding heeft gedaan. De voorzieningenrechter heeft de voor de zitting aangekondigde eiswijziging, die aan dit vonnis wordt gehecht, toegestaan. Daarbij heeft zij medegedeeld dat eiseres zich dient te beperken tot de gronden die zij reeds in haar dagvaarding heeft genoemd danwel zich dient te baseren op de gronden die rechtstreeks verband houden met de door SVB kort voor de zitting verstrekte nadere motivering van de gunningsbeslissing. SVB is de mogelijkheid geboden om een schorsing aan te vragen indien zij dat voor overleg nodig acht. Voorts is SVB in de gelegenheid gesteld om (direct) bezwaar te maken als zij van mening is dat eiseres ter zitting meer of andere gronden aan haar betoog ten grondslag legt.

Beide partijen hebben producties en pleitnotities in het geding gebracht. De in de pleitnota van eiseres opgenomen tweede eiswijziging is door de voorzieningenrechter geweigerd omdat deze te laat is ingediend. SVB heeft vervolgens verweer gevoerd met conclusie tot weigering van de gevraagde voorziening. Na verder debat hebben partijen verzocht vonnis te wijzen. In verband met de spoedeisendheid van de zaak is op 24 februari 2011 de beslissing gegeven. Ter zitting is meegedeeld dat de uitwerking daarvan op een later moment zou volgen. De voorzieningenrechter heeft vervolgens bepaald dat deze uitwerking op 4 maart 2011 zou komen. Dit is die uitwerking.

Ter zitting waren, voor zover hier van belang, aanwezig:

Aan de zijde van eiseres: mw. [persoon 1], statutair bestuurder, mw. [persoon 2], medewerker en dhr. [persoon 3], aanbestedingsjurist, met mr. Oderkerk.

Aan de zijde van SVB: mw. [persoon 4] met mr. Verberne.

2. De feiten

2.1. SVB is een aanbestedende dienst in de zin van het Besluit Aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten (hierna: Bao). Op grond van het Bao is SVB verplicht opdrachten voor werken, leveringen en diensten boven de drempelwaarde aan te besteden.

2.2. Op 3 november 2010 heeft SVB de aankondiging voor een Europese openbare aanbestedingsprocedure “Uitvoering Restyling Winkels” gepubliceerd voor het uitvoeren van een restyling en de levering van materialen voor tien winkels. Een SVB-winkel is in het beschrijvend document gedefinieerd als: ‘een ruimte waarin klanten kunnen worden ontvangen en worden geholpen met vragen omtrent de diverse regelingen’. In alle tien kantoren van SVB is een winkel gevestigd. De restyling omvat ondermeer de navolgende werkzaamheden: sloopwerkzaamheden, timmerwerk, aanbrengen van al het hang- en sluitwerk, loodgieterwerk, interieurbouw, schilderwerk, installatiewerk, bevestigen en aansluiten verlichting, plaatsen meubilair en afvoer afval en deel oude meubilair.

2.3. Eiseres heeft de aanbestedingsstukken opgevraagd.

2.4. Het beschrijvend document ten behoeve van de openbare Europese aanbesteding “Uitvoering Restyling Winkels” (hierna: leidraad) luidt, voor zover relevant, als volgt:

“(…)

4 AANBESTEDINGSPROCEDURE (…)

4.5 SLUITINGSTERMIJN INDIENEN INSCHRIJVING

De Inschrijving dient uiterlijk op 16-12-2010 om 12.00 uur te zijn ontvangen bij de SVB (…)

4.9 BEOORDELING INSCHRIJVINGEN

De Inschrijving en de bemonsterde producten en materialen zullen door de

SVB worden beoordeeld. De SVB stelt hiertoe een ter zake kundige

beoordelingscommissie samen. De beoordeling geschiedt op basis van vooraf vastgestelde criteria. De Inschrijvingen zullen worden beoordeeld volgens hoofdstuk 5 van dit Beschrijvend Document.

4.10 MEDEDELING GUNNINGBESLISSING

Alle Inschrijvers krijgen op de datum genoemd in de planning gelijktijdig

schriftelijk en per e-mail bericht van de beslissing tot voorgenomen gunning

dan wel afwijzing. De rangorde wordt niet bekend gemaakt. Hierover is geen

correspondentie mogelijk. (…)

4.16 MELDING ONJUISTHEDEN

Het Beschrijvend Document is met zorg samengesteld. Mochten er desondanks

tegenstrijdigheden en/of onvolkomenheden en/of onvolledigheden en/of

onduidelijkheden voorkomen, dan dient Inschrijver de SVB hiervan

onverwijld, doch in ieder geval voor het einde van de

Informatieuitwisselingperiode, schriftelijk op de hoogte te stellen. Na het einde

van de Informatieuitwisselingperiode opgemerkte/gemelde tegenstrijdigheden

en/of onvolkomenheden etc., die niet eerder door Inschrijver zijn

opgemerkt/gemeld, zijn voor risico en rekening van de Inschrijver.

Overeenkomstig de rechtspraak ter zake, dienen geïnteresseerden tijdens de

aanbestedingsprocedure een proactieve houding te hebben en dienen zij vooraf

eventuele onduidelijkheden en onvolkomenheden te melden, zodat de

aanbestedingsdocumenten zo nodig nog bijgesteld kunnen worden in de

aanbestedingsfase. Indien een geïnteresseerde eventuele bezwaren,

onduidelijkheden of onvolkomenheden niet onverwijld na ontvangst van het

betreffende aanbestedingsdocument, doch in ieder geval vóór het einde van de

Informatieuitwisselingperiode, aan de SVB meldt, verwerkt de geïnteresseerde

daarmee zijn recht om hiertegen in een later stadium bezwaar te maken.

Het voorgaande houdt ook in dat, indien een geïnteresseerde van mening is dat

een in een Nota van Inlichtingen opgenomen vraag door de SVB

onvoldoende/onjuist is beantwoord, hij de SVB daarvan onverwijld op de

hoogte dient te stellen. Indien een dergelijke reactie uitblijft, mag de SVB erop

vertrouwen dat het in de Nota van Inlichtingen opgenomen antwoord juist is en

aanvaard wordt door alle geïnteresseerden. (…)

4.19 VERTROUWELIJKHEID

Het Beschrijvend document en alle overige aanbestedingsstukken dienen

volstrekt vertrouwelijk te worden behandeld en mogen slechts worden getoond

aan medewerkers van de geïnteresseerde en/of Inschrijver die ten behoeve van

het indienen van de Inschrijving in het kader van deze aanbestedingsprocedure

daarvan kennis moeten nemen. De SVB behandelt de Inschrijvingen met

dezelfde vertrouwelijkheid; deze worden uitsluitend getoond aan medewerkers

die direct bij de aanbestedingsprocedure zijn betrokken. (…)

5 BEOORDELING INSCHRIJVINGEN

De SVB is voornemens om de Opdracht te gunnen aan de Inschrijver die de

economisch meest voordelige Inschrijving heeft ingediend.

De tijdig ontvangen Inschrijvingen worden beoordeeld op basis van de vooraf gestelde criteria en beoordelingsmethodiek, namelijk:

• vormvereisten (zie paragraaf 5.1);

• selectiecriteria (zie paragraaf 5.2);

• gunningcriteria (zie paragraaf 5.3):

? gunningeisen (zie paragraaf 5.3.1); en

? gunningwensen (zie paragraaf 5.3.2).(…)

5.3 GUNNINGCRITERIA

Uitsluitend de Inschrijvingen die zowel voldoen aan de gestelde vormvereisten

als aan de gestelde selectiecriteria worden beoordeeld op de gunningcriteria.

Deze bestaan uit gunningeisen (paragraaf 5.3.1) en gunningwensen (paragraaf

5.3.2).(…)

5.3.2 GUNNINGWENSEN

De Inschrijvingen die aan alle gunningeisen voldoen worden verder beoordeeld op gunningwensen. De SVB heeft gunningwensen geformuleerd op de volgende aspecten:

• algemene gunningwensen (zie 5.3.2.1);

• technische en functionele gunningwensen (zie 5.3.2.2); en

• Prijs (zie paragraaf 5.3.2.3).

Bij de toekenning van punten wordt waar nodig afgerond op twee decimalen.

5.3.2.1 Algemene gunningwensen

De SVB heeft een aantal gunningwensen van algemene aard geformuleerd met

betrekking tot de uitvoering van de Opdracht. Ten behoeve van de beoordeling van de Inschrijving op de gunningwensen van algemene aard dient Inschrijver Bijlage F volledig in te vullen en te voorzien van een Origineel Rechtsgeldige Ondertekening.

De beoordeling van de algemene gunningwensen vindt plaats op basis van onderlinge vergelijking. De maximaal te behalen score voor de invulling van de algemene gunningwensen is 20 punten.

(…)”

De bij de leidraad gevoegde Bijlage F luidt, voor zover hier van belang, als volgt:

Nr. Algemene gunningwensen

Gw-1. Inschrijver beschrijft onderstaand de wijze waarop de Inschrijver borgt dat de aangegeven uiterste Opleverdatum gehaald wordt in maximaal 600 woorden. Bij de beoordeling van de wijze waarop Inschrijver borgt dat de Opleverdatum gehaald wordt en dat de winkels gedurende de uitvoering in bedrijf blijven, wordt onder meer gekeken naar de volgende aandachtspunten:

• Planningmethodiek;

• Capaciteitmanagement;

• Kwaliteitmanagement;

• Overlegstructuren; en

• Risicobeheersing.

De maximaal te behalen score voor de wijze waarop de Inschrijver borgt dat de Opleverdatum gehaald wordt is 15 punten. De beoordeling vindt plaats op basis van onderlinge vergelijking.

(…)

Gw-2. Inschrijver committeert zich aan de onderstaande doorlooptijden per winkel. De doorlooptijd is de tijd die verstrijkt tussen de aanvang van de werkzaamheden en de Oplevering. De SVB streeft een zo kort mogelijke doorlooptijd per winkel na.

Winkel Doorlooptijd per winkel in gehele werkdagen

Amstelveen

Breda

Deventer

Groningen

Leiden

Nijmegen

Roermond

Rotterdam

Utrecht

Zaanstad

Som van de doorlooptijden

De som van de doorlooptijden is de optelling van de doorlooptijd per winkel van alle 10 winkels.

De beoordeling van de som van de doorlooptijden van de Inschrijver geschiedt op basis van het relatieve verschil ten opzichte van de Inschrijving met de laagste som van de doorlooptijden. De score wordt op de volgende wijze bepaald:

score = (1 - ((aangeboden doorlooptijd Inschrijver – kortste doorlooptijd) / (kortste doorlooptijd))) * maximale score

De maximaal te behalen score voor de som van de doorlooptijden is 5 punten. Indien de uitkomst van bovenstaande formule kleiner dan nul is, wordt nul punten toegekend.

Indien om één of andere redenen de Inschrijving met de kortste doorlooptijd komt te vervallen, dan wel alsnog van mededinging wordt uitgesloten, dan zal een herberekening plaatsvinden op grond van de Inschrijving met de doorlooptijd die dan als kortste dient te worden aangemerkt.

(…)”

2.5. Eiseres heeft haar inschrijving tijdig ingediend.

2.6. Bij brief (en gelijktijdige e-mail) van 17 januari 2011 heeft SVB, voor zover hier van belang, het volgende aan eiseres bericht:

“(…)

Hiermee deelt de SVB u mede dat de opdracht inzake de Europese aanbesteding van de uitvoering restyling winkels (…) niet aan uw organisatie, [eiseres], wordt gegund. (…)

Negen inschrijvers hebben een inschrijving ingediend. (…)

Vervolgens zijn zeven inschrijvingen aan de hand van de vooraf in het Beschrijvend document bekend gemaakte gunningcriteria inhoudelijk beoordeeld. (…)

De inschrijving van [Y] B.V. is aangemerkt als de economisch meest voordelige inschrijving. De SVB heeft derhalve het voornemen om de opdracht aan [Y] B.V. te gunnen.

Hieronder worden de gronden genoemd die geleid hebben tot deze beslissing:

EMVI-criterium Uw score Winnende Inschrijver

Gw-1 (wijze borging halen opleverdatum) 3 13

Gw-2 (doorlooptijden per winkel) 5 0

Bemonstering 32,4 32,6

Prijs 35,0 31,3

Totaalscore 75,4 76,9

Nadere toelichting op de beoordeling van gunningwens 1:

Met betrekking tot gunningwens 1 zijn aan de beste inschrijving 13 punten toegekend. Aan uw inschrijving zijn 3 punten toegekend. Met name de aandacht voor planningmethodiek, capaciteitmanagement, overlegstructuren en risicobeheersing komt in uw beschrijving – ten opzichte van de beschrijving in andere inschrijvingen – minder goed en soms veel minder goed tot uiting.

De beoordeling van gunningwens 2 behoeft geen nadere toelichting, aangezien deze beoordeling volgt uit een rekenkundige bewerking.

(…)”

2.7. Bij e-mail van 24 januari 2011 heeft eiseres bezwaar gemaakt tegen de voorlopige gunningsbeslissing van SVB en voorts heeft zij SVB verzocht om een nadere uiteenzetting van de door haar gehanteerde criteria en beoordelingsnomen met betrekking tot het onderdeel Gw-1.

2.8. Bij e-mail van 25 januari 2011 heeft SVB aan eiseres bericht dat zij geen nadere uitleg over de door haar gehanteerde criteria en beoordelingsnomen zal verstrekken.

2.9. In reactie op een e-mail van eiseres van 28 januari 2011 heeft SVB bij e-mail van 31 januari 2011, voor zover hier van belang, het volgende geschreven:

“(…)

SVB [is] van mening dat zij op passende wijze inzicht heeft verschaft in de wijze van beoordelen en de uitslag van de beoordeling. Met andere woorden; SVB is niet tekortgeschoten in haar motiveringsplicht en de beoordeling heeft op een eerlijke, objectieve transparante wijze plaatsgevonden.

(…)”

2.10. Bij brief van 31 januari 2011 heeft eiseres haar bezwaren met betrekking tot de gunningsbeslissing van SVB nader toegelicht. Deze bezwaren komen er – kort samengevat – op neer dat SVB naar de mening van eiseres in strijd met het transparantie- en gelijkheidsbeginsel heeft gehandeld, alsmede dat er geen sprake is geweest van een eerlijke en gelijkwaardige beoordeling. Eveneens op 31 januari 2011 is de dagvaarding in dit kort geding op verzoek van eiseres aan SVB betekend.

2.11. Bij brief van 7 februari 2011 heeft SVB, voor zover hier van belang, het volgende aan eiseres geschreven:

“(…)

De beschrijving van de borging van het halen van de uiterste opleverdatum als genoemd in GW 1 vereist eigen creativiteit van de opsteller van de beschrijving. De SVB heeft in het Beschrijvend Document vermeld welke aandachtspunten onder andere aan de orde moeten komen en wat de maximale score voor de gehele beschrijving is. De aandachtspunten die aan de orde dienden te komen waren geen afzonderlijke subgunningcriteria, maar hadden tot doel inzichtelijk te maken wat in ieder geval in de beschrijving diende te worden opgenomen. (…)

Zoals reeds vermeld is de beschrijving in het kader van GW 1 van [eiseres] vergeleken met de beschrijvingen in het kader van GW 1 van de andere Inschrijvingen. (…) door andere inschrijvers [is] op het criterium wijze borging halen opleverdatum beter gescoord doordat zij onder meer een betere, althans nader uitgewerkte planning en subplanningen hebben verschaft, alsmede een betere, althans nader uitgewerkte beschrijving hebben gegeven van de beschikbaarheid van materialen, diensten en personeel, alsmede een betere, althans nader uitgewerkte beschrijving hebben gegeven van de specifieke kwaliteitsaspecten in het bouwproces en de projectbeheersing en een betere, althans nader uitgewerkte beschrijving hebben gegeven van de benoeming van de risico’s en het prioriteren van de risico’s. Bovendien gaan andere beschrijvingen in het kader van GW 1 in op het integrale project, terwijl de beschrijving van [eiseres] voornamelijk het onderdeel maatwerkmeubilair betreft

(…)”

2.12. Bij e-mail van 9 februari 2011 heeft eiseres SVB verzocht [Y] B.V. (hierna: [Y] B.V.) te vragen of eiseres de inschrijving van [Y] B.V. op het onderdeel Gw-1 mag inzien.

2.13. Bij brief van 14 februari 2011 heeft SVB laten weten dat [Y] B.V. niet heeft ingestemd met door eiseres gedane verzoek. Voorts heeft SVB als bijlage 1 een nadere motivering van haar gunningsbeslissing op het onderdeel Gw-1 verstrekt. Deze luidt, voor zover hier van belang, als volgt:

“(…)

Planningsmethodiek

Over de planningsmethodiek zegt [eiseres] in haar plan van aanpak:

- Planning. Vaste meetpunten tijdens het project staan hierop weergegeven. Tijdens de kick-off moeten deze meetpunten een datum krijgen waardoor de totale planning in grote lijnen vast ligt.

Planning wordt al in een vroeg stadium gemaakt en met de opdrachtgever besproken. De planning wordt ruim opgezet, zodat er nog mogelijkheden zijn voor eventuele wijzigingen. (einde citaat eiseres, vzr.)

[Eiseres] beperkt zich in haar antwoord tot een globale beschrijving op hoofdlijnen(…), terwijl andere inschrijvers met meer gedetailleerde planningen komen. Een van de inschrijvers onderscheidt daarbij bijvoorbeeld verschillende planningen in schema’s (overallschema, uitvoeringsschema, detailschema, werkregelingsschema, materieelplanning, manbezettingsschema, tekeningschema, inkoopschema, leveringsschema, beslissingsschema, signaleringsschema voor bewaking voortgang). Daarnaast worden door andere inschrijvers ook oplossingsrichtingen benoemd waardoor de planning nog compacter kan zijn, of die ingezet kunnen worden bij problemen.

Capaciteitsmanagement

(…)

Kwaliteitsmanagement

[Eiseres] geeft in haar antwoord een beknopte samenvatting van haar eigen kwaliteitsborging- en zorgsysteem.

Andere inschrijvers hebben hun kwaliteitsmanagementsystemen meer uitgebreid beschreven, en ook bijvoorbeeld aangegeven volgens welke systematiek dit opgezet is (zoals ISO 9001, ISO 9002, ISO 14001)

Een andere inschrijver heeft ook specifieke beheersaspecten van het bouwproces beschreven (voorbereiding, uitvoering, nazorg in kwaliteit, geld, tijd, informatie en organisatie), alsmede specifieke kwaliteitsaspecten in de projectbeheersing (taken, verantwoordelijkheden, bevoegdheden, communicatiestructuur, tekeningen- en gegevensbeheer). Ook worden door andere inschrijvers protocollen beschreven voor het vastleggen van kwaliteitsprocedures zoals afvoer van afval en hergebruik, audits, controle- en testprocedures, vastlegging van vaardigheidsniveaus/competenties van medewerkers, en contractevaluatie.

Overlegstructuren:

(…)

Risicobeheersing:

Risicobeheersing wordt door [Eiseres] niet specifiek benoemd. Elementen die als ‘risicobeheersing’ kunnen worden aangemerkt, zijn wel in het plan van aanpak terug te vinden, zij het summier (“Een order moet zo duidelijk zijn dat er geen discussie kán zijn over de te leveren artikelen en diensten.”)

Een van de andere inschrijvers beschrijft een risicoanalyse aan de hand van een lijst van specifieke aandachtspunten. Hij geeft daarbij ook aan hoe risico’s afgedekt kunnen worden (keuringsplan, werkplan, en een extra af te sluiten verzekering). Een andere inschrijver beschrijft hoe hij in samenwerking met alle deelnemers van het bouwteam een matrix met risico’s opstelt, met een prioritering (risico x gevolg) en met bijpassende maatregelen. De matrix wordt bewaakt door de projectverantwoordelijke en is vast agendapunt in bouwvergaderingen.

(…)”

3. Het geschil

3.1. Eiseres vordert, na wijziging van eis:

primair en op straffe van een dwangsom

- te bepalen dat de aanbestedingsprocedure wordt gestaakt en dat SVB niet met [Y] B.V. in onderhandeling treedt over een nader te sluiten overeenkomst;

subsidiair

- te bepalen dat SVB een kopie dient te verstrekken van het document dat [Y] B.V. met betrekking tot onderdeel Gw-1 bij haar inschrijving heeft gevoegd, waarbij SVB eventueel in overleg met [Y] B.V. bedrijfsgeheime of bedrijfsgevoelige informatie mag anonimiseren;

- te bepalen dat eiseres na kennisneming van het voornoemde document, op straffe van een dwangsom, een termijn van 15 dagen verkrijgt om een nieuw kort geding aanhangig te maken teneinde in rechte tegen de gunningsbeslissing van SVB op te kunnen komen;

meer subisidiair

- een maatregel te treffen die in goede justitie redelijk is en recht doet aan de belangen van eiseres;

primair, subsidiair en meer subsidiair

- SVB te veroordelen in de kosten van dit geding.

3.2. Ter toelichting op de vordering is het volgende gesteld. SVB heeft met betrekking tot de borging van de oplevertermijn ten onrechte voor een subjectieve benadering gekozen. De borging van een oplevertermijn dient naar zijn aard objectief te worden beoordeeld, nu geen sprake is van een artistiek proces of een ander subjectief element. Het gaat immers om een kale planning.

3.2.1. De door SVB gehouden aanbestedingsprocedure is ook strijdig met de beginselen van gelijkheid en transparantie. Dit blijkt uit de op 14 februari 2011 door SVB verstrekte motivering. De klachten van eiseres richten zich met name op onderdeel Gw-1 van de leidraad. In bijlage F zijn de aandachtspunten die van invloed zijn op de beoordeling niet uitputtend genoemd. SVB heeft derhalve nagelaten alle relevante aandachtspunten in de leidraad op te nemen. Bovendien is het relatieve gewicht van deze aandachtspunten evenmin in de leidraad vermeld. Dit is in strijd met vaste jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie.

3.2.2. Voorts blijkt uit de door SVB verstrekte motivering dat SVB selectiecriteria bij de beoordeling van het aandachtspunt kwaliteitsmanagement heeft betrokken. Het is SVB evenwel niet toegestaan om de vraag of de inschrijver voldoet aan bepaalde ISO-normen bij de gunning mee te wegen, nu dit selectiecriteria zijn. Hetzelfde heeft te gelden voor het toekennen van extra punten voor het afsluiten van een verzekering. Dat SVB deze elementen zou laten meewegen was voor eiseres ook niet te voorzien. Ten slotte vermoedt eiseres dat andere inschrijvers het maximaal aantal van ruim van 600 woorden hebben overschreden, gelet op de hoeveelheid informatie die – blijkens de toelichting van SVB – door de andere inschrijvers is verstrekt. De aanbestedingsprocedure dient derhalve om de hiervoor genoemde redenen te worden gestaakt.

3.3. SVB voert verweer. Het onderdeel Gw-1 is bedoeld om te kunnen beoordelen hoe een inschrijver bij de uitvoering van de onderhavige opdracht zijn werkprocessen inricht. Hierdoor kan SVB toetsen of hetgeen een inschrijver aanbiedt ook daadwerkelijk kan worden waargemaakt. SVB heeft daarbij vooraf gemeld naar welke aandachtspunten zij bij de beoordeling zou kijken, te weten planningmethodiek, capaciteitmanagement, kwaliteitmanagement, overlegstructuren en risicobeheersing. Het onderdeel Gw-1 houdt ook verband met het voorwerp van de opdracht – te weten de uitvoering van de opdracht (capaciteitsmanagement) – en is dus geen selectiecriterium, maar een gunningscriterium. Daarbij komt dat eiseres tijdens de aanbestedingsprocedure nimmer over onderdeel GW-1 heeft geklaagd. De bezwaren van eiseres zijn dan ook gelet op artikel 4.16 van de leidraad tardief.

3.3.1. SVB heeft een helder beoordelingskader gehanteerd door vooraf duidelijk kenbaar te maken welke aandachtspunten door de beoordelaars van de beoordelingscommissie zouden worden meegewogen. Hierbij heeft zij inschrijvers de ruimte geboden om de vragen naar eigen inzicht te beantwoorden. SVB betwist uitdrukkelijk dat een van de inschrijvers hierbij het maximum aantal van 600 woorden heeft overschreden.

3.3.2. Een aantal inschrijvers heeft beschreven welke (ISO) werkprocessen zij ten behoeve van deze opdracht wilde inzetten. Dit ziet derhalve op de wijze van uitvoering van de werkzaamheden voor de onderhavige opdracht. Daarnaast heeft een inschrijver als extra waarborg aangeboden om een verzekering af te sluiten teneinde bepaalde risico’s af te dekken. Dit betreft een andere verzekering dan de bij de selectiefase gevraagde aansprakelijkheidsverzekering. SVB heeft dan ook geen selectiecriteria bij de beoordeling op onderdeel Gw-1 betrokken. Dat eiseres vrijwel geen punten heeft gekregen op het onderdeel risicobeheersing heeft bovendien enkel te maken met de omstandigheid dat zij in haar aanbieding niet op dit aspect is ingegaan.

3.3.3. Het is SVB ten slotte niet toegestaan om eiseres inzage te verschaffen in de inschrijving van [Y] B.V.. Dit geldt te meer, nu [Y] B.V. heeft geweigerd hieraan mee te werken. Bovendien zou SVB indien zij ervoor zou kiezen om deze vertrouwelijke informatie openbaar te maken in strijd met artikel 6 Bao en artikel 4.19 van de leidraad handelen. Derhalve dient ook deze vordering van eiseres te worden afgewezen.

4. De beoordeling

4.1. Omdat in dit geval sprake is van een procedure waarin een voorlopige voorziening wordt gevorderd, zal de voorzieningenrechter artikel 127a lid 1 en lid 2 Rv - waarin is bepaald dat aan het niet tijdig betalen van het griffierecht consequenties worden verbonden - buiten beschouwing laten. Toepassing van deze bepaling zou immers, gelet op het belang van één of beide partijen bij de toegang tot de rechter, leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.

4.2. De voorzieningenrechter stelt voorop dat een aanbestedende dienst een grote mate van keuzevrijheid heeft bij het vaststellen van de toe te passen gunningscriteria. De gekozen gunningscriteria moeten echter wel verband houden met het voorwerp van de opdracht. In het onderhavige geval heeft SVB toegelicht dat onderdeel Gw-1 inzicht moest verschaffen in de door de inschrijver te nemen maatregelen om de doorlooptijd voor de uitvoering van de opdracht te borgen. De wijze waarop een inschrijver uitvoering geeft aan zijn werkzaamheden heeft volgens SVB bij uitstek betrekking op de kwaliteit van de door de inschrijver te leveren diensten. Het gebruik van onderdeel Gw-1 als gunningscriterium is – gelet op deze uitleg – naar voorlopig oordeel dan ook toelaatbaar.

4.3. Met betrekking tot het betoog van eiseres dat SVB in strijd met het transparantiebeginsel niet uitputtend heeft vermeld welke aandachtspunten op de beoordeling van invloed zijn en voorts heeft nagelaten een relatieve weging vooraf kenbaar te maken, wordt als volgt overwogen. Uit de leidraad volgt dat SVB heeft gekozen voor het gunningscriterium van de economisch meest voordelige aanbieding. Hierbij zijn drie gunningscriteria geformuleerd, te weten algemene gunningwensen, technische en functionele gunningwensen en prijs. Op het onderdeel algemene gunningwensen kon een inschrijver 20 punten verdienen op de onderdelen Gw-1 en Gw-2. Op onderdeel Gw-1 (het borgen van de opleverdatum) waren 15 punten te verdienen en op onderdeel Gw-2 (de doorlooptijden per winkel) waren 5 punten te verdienen. De inschrijver diende in onderdeel Gw-1 in te gaan op de planningsmethodiek, capaciteitsmanagement, kwaliteitsmanagement, overlegstructuren en risicobeheersing. De beoordelingscommissie van SVB heeft de inschrijvingen onderling vergeleken en vervolgens punten toegekend. Deze werkwijze is niet ongebruikelijk en was, gelet op de leidraad, ook te verwachten. De hoogte van de scores is voorts afhankelijk van de wijze waarop inschrijvers de hiervoor genoemde elementen hebben uitgewerkt. SVB heeft het aan de creativiteit van de inschrijvers overgelaten om te beschrijven hoe zij denken de opleverdatum zo goed als mogelijk te kunnen borgen. De leidraad behelst in zoverre een open vraag. Met het noemen van de vijf elementen die eiseres in ieder geval in haar antwoorden diende te verwerken, heeft SVB naar het voorshands oordeel van de voorzieningenrechter dan ook aan haar transparantieverplichtingen voldaan. Het betoog van eiseres wordt daarom verworpen.

4.4. Uit de onder 2.13 opgenomen tekst volgt dat SVB punten heeft toegekend voor de wijze waarop inschrijvers werkprocessen ten behoeve van deze opdracht wilden inzetten. Dat een aantal inschrijvers daarbij hebben beschreven volgens welke systematiek hun kwaliteitssystemen (ISO 9001, ISO 9002 en ISO 140001) zijn opgezet, maakt dan ook niet dat sprake is van een vermenging van selectiecriteria en gunningscriteria. Daarnaast brengt de omstandigheid dat een inschrijver heeft aangeboden om een extra verzekering af te sluiten naast de op basis van de selectiecriteria vereiste aansprakelijkheidsverzekering evenmin met zich dat SVB selectiecriteria bij de beoordeling van onderdeel Gw-1 heeft betrokken. Dit betekent dat de motivering de puntentoekenning van de beoordelingscommissie naar het oordeel van de voorzieningenrechter ook kan dragen.

4.5. Het betoog van eiseres dat een aantal inschrijvers het maximaal aantal te gebruiken woorden van 600 heeft overschreden, is uitdrukkelijk door SVB betwist. Bij gebrek aan andere aanknopingspunten kan deze stelling eiseres niet baten.

4.6. Uit het voorgaande volgt dat eiseres aan de hand van de motivering van de gunningsbeslissing van SVB heeft kunnen vaststellen of de beoordeling door de beoordelingscommissie voldoet aan de normen van transparantie, objectiviteit, non-discriminatie en toetsbaarheid achteraf. Hierdoor heeft eiseres – nog daargelaten de vraag of SVB daartoe kan worden verplicht – voorshands geen enkel rechtens te respecteren belang bij inzage in de offerte van [Y] B.V.. De vorderingen van eiseres worden daarom in alle onderdelen afgewezen.

4.7. eiseres zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van SVB worden begroot op:

- griffierecht EUR 568,00

- salaris advocaat 816,00

Totaal EUR 1.384,00

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. weigert de gevraagde voorzieningen,

5.2. veroordeelt eiseres in de proceskosten, aan de zijde van SVB tot op heden begroot op EUR 1.384,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag met ingang van veertien dagen na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling,

5.3. verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. W. Tonkens - Gerkema, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. C.G. van Blaaderen, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 24 februari 2011.?