Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2010:BP7863

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
20-10-2010
Datum publicatie
16-03-2011
Zaaknummer
429052 / HA ZA 09-1735
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

vervoersrecht, zeevervoer, verkeerde (mede)gedaagde gedagvaard?

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 429052 / HA ZA 09-1735

Vonnis van 13 oktober 2010

in de zaak van

1. de commanditaire vennootschap

C.V. SCHEEPVAARTONDERNEMING AMSTELGRACHT,

gevestigd te Amsterdam,

2. de commanditaire vennootschap

C.V. SCHEEPVAARTONDERNEMING RINGGRACHT,

gevestigd te Amsterdam,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

B.V. BEHEERMAATSCHAPPIJ AMSTELGRACHT,

gevestigd te Amsterdam,

4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

B.V. BEHEERMAATSCHAPPIJ RINGGRACHT,

gevestigd te Amsterdam,

5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SEVENSTAR YACHT TRANSPORT B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

eiseressen,

advocaat mr. R.P. van Campen te Amsterdam,

tegen

1. de vennootschap naar buitenlands recht

[A & B] LTD.,

gevestigd te Southampton (Verenigd Koninkrijk),

2. de vennootschap naar buitenlands recht

NAUTIKOS OPERACIONES SA DE CV,

gevestigd te Naucalpan (Mexico),

gedaagden,

advocaat mr. R.P.M. van Leeuwen te Amsterdam.

Eiseressen sub 1 tot en met 4 zullen hierna gezamenlijk Amstelgracht c.s. worden genoemd, en ieder afzonderlijk Scheepvaartonderneming Amstelgracht, Scheepvaartonderneming Ringgracht, Beheermaatschappij Amstelgracht en Beheermaatschappij Ringgracht. Eiseres sub 5 zal hierna Sevenstar worden genoemd. Allen tezamen zullen zij eiseressen worden genoemd. Gedaagden worden hierna gezamenlijk [A & B] c.s. en ieder afzonderlijk [A & B] en Nautikos genoemd.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de gelijkluidende dagvaardingen van 1 december 2008 met bewijsstukken,

- de conclusie van antwoord, met bewijsstukken,

- het tussenvonnis van 4 november 2009 waarbij een comparitie van partijen is gelast,

- het proces-verbaal van comparitie van 1 februari 2010 met de daarin genoemde stukken, waaronder de akte wijziging van eis,

- de akte na comparitie, met bewijsstukken van Amstelgracht c.s. van 3 maart 2010,

- de akte houdende uitlating partijen, tevens akte houdende overlegging producties van 3 maart 2010 van [A & B] c.s. met bewijsstukken,

- de akte houdende uitlating producties van Amstelgracht van 14 april 2010,

- de antwoordakte tevens houdende overlegging producties van [A & B] c.s. van 14 april 2010 met bewijsstukken,

- de akte houdende uitlating producties II van Amstelgracht van 26 mei 2010.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. Amstelgracht c.s. is de rederij van het motorvoertuig Amstelgracht (hierna: het schip). Sevenstar is een onderneming die zich richt op het doen vervoeren van jachten en treedt op als vertegenwoordiger van Amstelgracht c.s. Alle behoren zij tot de “Spliethoff Group”.

2.2. [A & B] heeft een (raam)overeenkomst gesloten met Sevenstar genaamd “Booking Agreement”. Deze overeenkomst bepaalt dat steeds onder de condities van de Contract of Ocean Carriage (CoOC) van Sevenstar en haar principalen, wordt vervoerd, zonder dat voor ieder individueel transport een separate overeenkomst met bijbehorende documenten behoeft te worden opgemaakt.

De CoOC luiden, voor zover hier relevant:

“[…]

6.2 Deck cargo

Unless expressly otherwise agreed in writing, the Yacht Owner consents to the carriage of the Yacht on deck, at the Yacht Owner’s sole risk. […]”

Voorts wordt in de CoOC de rechtbank te Amsterdam als bevoegde rechter aangewezen en wordt het Nederlands recht van toepassing verklaard.

2.3. Een motorjacht van het type “Sunseeker 86” hull no 1110986 (hierna: het jacht) diende van Southampton via Fort Lauderdale (VS) naar Manzanillo (Mexico) te worden vervoerd aan boord van het schip. In de visie van eiseressen is een vervoersovereenkomst tot stand gekomen tussen [A & B], die op eigen naam de overeenkomst is aangegaan, en Amstelgracht c.s. vertegenwoordigd door Sevenstar. [A & B] heeft zelf een overeenkomst gesloten met de eigenaar van het jacht.

In de visie van [A & B] is er een vervoersovereenkomst tot stand gekomen tussen Amstelgracht (vertegenwoordigd door Sevenstar) en de eigenaar van het jacht, vertegenwoordigd door [A & B].

Tussen partijen is nog in geschil of Nautikos (hierna: Nautikos te Mexico) als eigenaar van het jacht heeft te gelden, of Nautikos te Virgin Islands.

Voor het vervoer is een cargo receipt afgegeven aan [A & B].

Het jacht werd op of omstreeks 9 tot en met 11 november 2008 geladen aan dek van het schip en op door Scheepvaartonderneming Amstelgracht en Scheepvaartonderneming Ringgracht gebruikte bokken geplaatst en vastgezet door personeel van Sevenstar.

2.4. Tijdens het vervoer over zee van Southampton naar Fort Lauderdale is op of omstreeks 17 november 2008 het jacht over boord geslagen en geheel verloren gegaan.

2.5. Verzekeraar Royal Sun Alliance PLC (hierna: RSA) heeft Nautikos te Virgin Islands terzake van de schade als gevolg van het verlies van het jacht voor een bedrag van US dollar 4.359.656,88 schadeloos gesteld. RSA is door schadeloosstelling van rechtswege, onder het op de verzekeringsovereenkomst toepasselijke Engelse recht, gesubrogeerd in de rechten van Nautikos te Virgin Islands.

3. Het geschil

3.1. Amstelgracht c.s. vordert, na wijziging van eis, bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad en met veroordeling van [A & B] c.s., althans [A & B], althans Nautikos in de kosten van het geding:

I. voor recht te verklaren dat eiseressen, althans Scheepvaartonderneming Amstelgracht, althans Scheepvaartonderneming Ringgracht, althans Beheermaatschappij Amstelgracht jegens [A & B] c.s. of diens gesubrogeerde verzekeraars niet aansprakelijk, althans beperkt aansprakelijk zijn voor de schade aan of verband houdend met het verlies van het jacht op of omstreeks 17 november 2008 tijdens de reis van Southampton naar Fort Lauderdale;

II. voor recht te verkaren dat [A & B] c.s., althans [A & B], althans Nautikos zijn/is gehouden eiseressen, althans Scheepvaartonderneming Amstelgracht, althans Scheepvaartonderneming Ringgracht, althans Beheermaatschappij Amstelgracht te vrijwaren voor alle schade en kosten voortvloeiend of verbandhoudend met het verlies van het jacht op of omstreeks 17 november 2008 tijdens de reis van Southampton naar Fort Lauderdale;

III. alsmede [A & B] c.s. hoofdelijk te veroordelen tot betaling van EUR 998,- aan buitengerechtelijke kosten.

3.2. [A & B] c.s. voert verweer.

3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

Bevoegdheid rechtbank

4.1. Partijen zijn het erover eens dat ingevolge het bepaalde in de CoOC deze rechtbank bevoegd is van het onderhavige geschil kennis te nemen.

Nautikos te Mexico vs Nautikos te Virgin Islands

4.2. Vervolgens is aan de orde of eiseressen terecht Nautikos te Mexico als eigenaar van het jacht hebben gedagvaard en niet Nautikos te Virgin Islands. Volgens [A & B] c.s. is het verkeerde Nautikos gedagvaard. Niet Nautikos te Mexico maar Nautikos te Virgin Islands was de eigenaar van het jacht. Het vestigingsadres van Nautikos Mexico fungeerde wel als postadres van Nautikos te Virgin Islands, aldus [A & B] c.s.

De rechtbank overweegt te dien aanzien, naar Nederlands recht, als volgt.

Partijen zijn het erover eens dat Nautikos te Mexico en Nautikos te Virgin Islands verschillende rechtspersonen zijn en dat geen sprake is van maar één entiteit. Gelet verder op de navolgende niet, althans onvoldoende betwiste omstandigheden, moet het ervoor worden gehouden dat Nautikos te Virgin Islands als eigenaar van het jacht heeft te gelden en niet Nautikos te Mexico, zodat eiseressen derhalve de verkeerde rechtspersoon Nautikos hebben gedagvaard:

a) Een door Nautikos overgelegde schriftelijke verklaring d.d. 29 maart 2010 van [C], directeur/bestuurder van Nautikos Virgin Islands die, voor zover hier relevant, als volgt luidt:

“[…]5. Nautikos Corp [Nautikos te Virgin Islands, rechtbank] uses the Mexican Address as both its trading address and also as an address for service of legal documents or other notices. Nautikos Corp does not employ any administrative staff at its registered office address, but Nautikos Mexico employs staff at the Mexican Address […]

Nautikos Corp purchased the subject yacht from Sunseeker and agreed to sell it to a third party. At the time of the loss, Nautikos Corp had title and risk in the subject yacht. The reference to “Nautikos” in both the Certificate of Marine Insurance and the [A & B] Ltd’s Booking Note, as exhibited at “LC1” were references to Nautikos Corp, as the owner of the subject yacht and the party who contracted with [A & B] Ltd to arrange the carriage and insurance of the subject yacht. I confirm that it was always the intention for Nautikos Corp to be insured under the Marine Cargo Policy as evidenced by the Certificate of Marine Insurance dated Southampton 7/11/08. I also confirm that Nautikos Mexico had no interest in the subject yacht and no interest in or dealings in respect of the contract of carriage or insurance. […]”

Deze inhoudelijk niet althans onvoldoende door eiseressen betwiste verklaring duidt erop dat Nautikos te Virgin Islands de eigenaar van het jacht was.

b) Een door [D], marine director bij [A & B], ondertekende schriftelijke verklaring die, voor zover hier relevant, als volgt luidt:

“[…] 16. It is my understanding that Nautikos Corp [Nautikos te Virgin Islands, rechtbank] trade from an address in Mexico, which is also used by their sister company, Nautikos Operaciones SA de CV. The Mexican address used by the two Nautikos companies is the one set out in the Booking Note and Certificate of Marine Insurance. […]

The subject yacht was owned by Nautikos Corp and it was they who contracted with us to arrange the carriage from Southampton to Manzanillo and to obtain marine cargo insurance under our open cover cargo policy with the Royal & Sun Alliance Insurance Plc. Furthermore, it was Nautikos Corp who paid our charges in the sum of Euro 130,130.30 on 25 November 2008.[…]”

c) Eiseressen hebben niet betwist dat Nautikos te Virgin Islands degene was die [A & B], overeenkomstig het bij de schriftelijke verklaring van [D] bijgevoegde bankafschrift, voor haar diensten inzake het vervoer van het jacht EUR 130.130,30 heeft betaald.

d) Uit de als productie 9 bij conclusie van antwoord overgelegde settlement agreement blijkt dat verzekeraar RSA in verband met het incident rond het jacht een schadeuitkering aan Nautikos te Virgin Islands heeft gedaan.

Weliswaar staat in de opgemaakte Booking Note in hokje 4 als jachteigenaar vermeld Nautikos, gevolgd door een adres in Mexico, maar uit de verklaring van [C] alsmede uit de verklaring van [D] volgt dat steeds wordt verwezen naar het correspondentieadres te Mexico maar dat wordt bedoeld Nautikos te Virgin Islands. Hetzelfde heeft te gelden voor het verzekeringscertificaat dat als assured Nautikos met een adres in Mexico vermeldt.

Zonder nadere toelichting, die ontbreekt, kan niet enkel door het hanteren door Nautikos te Virgin Islands van een postadres in Mexico worden geoordeeld dat sprake is van onzorgvuldigheid aan de zijde van beide Nautikos partijen die voor hun rekening moet blijven en op grond waarvan eiseressen ervan mochten uitgaan dat [A & B] met Nautikos te Mexico had gecontracteerd.

4.3. Het vorenstaande brengt mee dat de vordering jegens Nautikos te Mexico zal worden afgewezen. Zoals besproken ter comparitie zullen eiseressen in de gelegenheid worden gesteld een (inhaal)dagvaarding te laten uitbrengen aan Nautikos te Virgin Islands.

In afwachting van een bericht hierover zal de zaak op de parkeerrol worden geplaatst.

Na het desgewenst uitbrengen van de inhaaldagvaarding is het aan Nautikos te Virgin Islands om aan te geven in hoeverre zij nog een eigen conclusie van antwoord wenst te nemen en er opnieuw een comparitie dient plaats te vinden, dan wel zij zich refereert aan het standpunt van Nautikos te Mexico zoals verwoord in de reeds door Nautikos te Mexico samen met [A & B] genomen processtukken en verrichte proceshandelingen.

5. De beslissing

De rechtbank

5.1. verwijst de zaak naar de parkeerrol van 6 april 2011 voor het in rechtsoverweging 4.3 weergegeven doel,

5.2. houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.M. Vrakking, mr. C.M.E. de Koning en mr. K.A. Baggerman en in het openbaar uitgesproken op 13 oktober 2010.?