Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2010:BM9267

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
24-06-2010
Datum publicatie
24-06-2010
Zaaknummer
462781 / FTRK 10.1151
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank Amsterdam verklaart op verzoek van De Nederlandsche Bank (DNB) de noodregeling van toepassing op verzekeraar International Insurance Corporation (IIC) N.V. In het kader van genoemde regeling heeft de rechtbank twee bewindvoerders benoemd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Sector civiel recht

zaaknummer / rekestnummer: 462781 / FTRK 10.1151

Beschikking van 24 juni 2010

op het op 23 juni 2010 ter griffie van deze rechtbank ingekomen verzoekschrift van:

de naamloze vennootschap DE NEDERLANDSCHE BANK N.V.,

statutair gevestigd te Amsterdam,

verzoekster,

advocaat mr. A.J. Haasjes,

welk verzoekschrift is gericht tegen:

de naamloze vennootschap INTERNATIONAL INSURANCE CORPORATION (IIC) N.V.,

statutair gevestigd te Amsterdam,

gevestigd te 1096 EB Amsterdam, Entrada 123,

ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor Amsterdam,

onder dossiernummer: 32069899,

gerekestreerde,

advocaat mr. C.W.M. Lieverse.

Verzoekster wordt hierna DNB genoemd. Gerekestreerde wordt IIC genoemd.

1. VERLOOP VAN DE PROCEDURE

1.1. Het verzoekschrift ex artikel 3:161 Wet op het financieel toezicht (WFT) is heden behandeld tijdens een niet openbare terechtzitting als bedoeld in artikel 3:162 lid 2 WFT. IIC is daar vrijwillig verschenen. Bij die gelegenheid heeft de raadsman van DNB het verzoekschrift toegelicht. IIC heeft het verzoek als zodanig niet bestreden, maar heeft verzocht de beslissing twee weken aan te houden, teneinde haar in de gelegenheid te stellen met twee mogelijke overnamekandidaten (verder) te onderhandelen. Tevens is de door DNB benoemde stille curator ter zitting gehoord.

2. GRONDEN VAN DE BESLISSING

2.1. IIC is een onder toezicht van DNB staande schadeverzekeraar als bedoeld in artikel 2:27 WFT. IIC legt zich toe op de verkoop van autoverzekeringen via internet. IIC verricht diensten in Nederland, Duitsland, Frankrijk, Spanje en het Verenigd Koninkrijk. Per 31 december 2009 bestond de portefeuille van IIC uit in totaal 95.000 polissen.

2.2. DNB verzoekt de rechtbank - samengevat - ten aanzien van IIC:

- de noodregeling uit te spreken voor de duur van anderhalf jaar;

- machtiging te verlenen tot overdracht en liquidatie van de portefeuille;

- bijzondere machtiging te verlenen tot beperking van de rechten van verzekerden;

- twee bewindvoerders en een rechter-commissaris te benoemen;

- de door de WFT vereiste beslissingen te nemen inzake publicatie van de beschikking.

2.3. DNB legt aan het verzoek ten grondslag dat IIC een verzekeraar is met zetel in Nederland en dat in het belang van de gezamenlijke schuldeisers de afwikkeling van haar bedrijf een bijzondere voorziening behoeft. IIC voldoet niet aan de wettelijke solvabiliteitseisen en haar liquiditeitspositie is ontoereikend.

Volgens de toepasselijke wettelijke regels zou IIC moeten beschikken over een minimum garantiefonds van 3,5 mln euro. In 2009 beschikte IIC daar ook over. Door verschillende factoren, waaronder een afboeking van een vordering op een groepsmaatschappij van 8 mln euro en het niet meer kunnen meerekenen van een achtergestelde lening als garantievermogen (2 mln euro) is thans een negatief eigen vermogen ontstaan van 11,7 mln euro. IIC is verlieslatend. Reeds geruime tijd zijn pogingen in het werk gesteld om de vennootschap dan wel delen van de verzekeringsportefeuille te verkopen, maar deze zijn zonder succes gebleven en de lopende onderhandelingen bieden onvoldoende concreet uitzicht op een spoedig resultaat. Daar staat tegenover dat het in het belang van de polishouders is dat zij snel duidelijkheid krijgen, zodat zij ook hun maatregelen kunnen nemen, aldus DNB.

2.4. De AFM stemt blijkens het verzoekschrift in met het verzoek.

2.5. IIC heeft niet betwist dat een situatie bestaat die een noodregeling rechtvaardigt. Zij heeft evenwel verzocht de beslissing daarover aan te houden teneinde haar nog in de gelegenheid te stellen met twee belangstellenden verder te onderhandelen. Daarbij heeft zij aangevoerd dat er op dit moment geen kosten behoeven te worden voldaan, dat alle betalingen zijn stopgezet en dat de productie ook vrijwel stilligt. Ook heeft zij er op gewezen dat zij het percentage van herverzekering van het cascorisico kan verhogen tot 100%.

2.6. De ter zitting gehoorde stille curator heeft de rechtbank geadviseerd de noodregeling uit te spreken.

2.7. De rechtbank is van oordeel dat in het belang van de gezamenlijke schuldeisers thans de noodregeling moet worden uitgesproken. IIC voldoet niet aan de wettelijke solvabiliteitseisen en haar liquiditeitspositie is ontoereikend. Er is geen concreet uitzicht op verbetering in deze situatie. Dit zou immers een kapitaalinjectie van ruim 15 mln euro vergen. Hiervoor is een overname van IIC vereist. Twee belangstellende partijen zijn met name ter zitting genoemd en er is correspondentie met hen in het geding gebracht. Ook heeft de directie van IIC de loop van de onderhandelingen met die partijen tot nog toe en de vooruitzichten uiteen gezet. Uit de schriftelijke stukken in samenhang met de gegeven toelichting kan de rechtbank echter niet het vertrouwen putten dat op zodanig korte termijn een reëel vooruitzicht op overname van IIC bestaat dat het in het belang van de gezamenlijke schuldeisers zou zijn de beslissing aan te houden.

2.8. De verzoeken van DNB zullen worden toegewezen als vermeld in de beslissing.

De rechtbank wijst echter één van de verzoeken van DNB in dit stadium af. Dit is het verzoek om een bijzondere machtiging te verlenen die het mogelijk maakt de rechten van verzekerden te beperken, hetzij door hun rechten of verplichtingen te wijzigen, hetzij door de duur daarvan te verkorten.

De rechtbank kan de noodzaak van een dergelijke machtiging nu nog onvoldoende overzien. Nu de wet bepaald dat een dergelijke machtiging ook later nog door de bewindvoerders kan worden gevraagd zal deze thans niet worden toegewezen. Daarbij verzoekt de rechtbank de bewindvoerders indien zij een dergelijke machtiging verzoeken de rechtbank concreet inzicht te geven in de wijze van beperking van de rechten van verzekerden die hun voor ogen staat.

3. BESLISSING

De rechtbank:

- verklaart op de naamloze vennootschap INTERNATIONAL INSURANCE CORPORATION (ICC) N.V. de noodregeling van toepassing;

- benoemt tot rechter-commissaris het lid van deze rechtbank mr. M.J.E. Geradts;

- benoemt tot bewindvoerder drs. P.H.M. Versteeg, en mr. M. Pannevis, Postbus 75258, 1070 AG Amsterdam;

- machtigt de bewindvoerders zowel tot overdracht van het geheel of een gedeelte van de verbintenissen van IIC N.V. als tot gehele of gedeeltelijke liquidatie van het bedrijf van IIC N.V.;

- bepaalt de duur van deze machtiging op anderhalf jaar;

- bepaalt dat de publicatie van deze beschikking zal plaatsvinden door de bewindvoerders in de Staatscourant en in het Publicatieblad van de Europese Unie;

- bepaalt dat de publicatie van deze beschikking door de bewindvoerders in door de rechtbank aan te wijzen Nederlandse dagbladen en dagbladen van lidstaten van de Europese Unie waar IIC diensten (heeft) verricht als bepaald in artikel 3:162 lid 5 WFT bij aanvullende beschikking zal worden bevolen;

- wijst af het meer of anders verzochte;

- verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Gewezen door mrs. R.H.C. Jongeneel, A.A.E. Dorsman en C.M. Degenaar, en uitgesproken in het openbaar op 24 juni 2010 te 15:00 uur, in tegenwoordigheid van F.T.M. Bruning als griffier.