Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2009:BI7445

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
12-06-2009
Datum publicatie
12-06-2009
Zaaknummer
13-412172-08
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHAMS:2010:BO7698, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Affaire Millecam. Vrijspraak genezend medium. Wel schending van zorgplicht, maar geen overwegende invloed op de keuze om geen reguliere behandeling voor borstkanker te ondergaan, zodat de schade aan de gezondheid in redelijkheid niet aan de verdachte kan worden toegerekend.

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafrecht
Wetboek van Strafrecht 308
Wetboek van Strafrecht 309
Wetboek van Strafvordering
Wetboek van Strafvordering 352
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NS 2009, 258
GJ 2009/93 met annotatie van J.H. Hubben
NBSTRAF 2009/258
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Parketnummer: 13/412172-08 (Promis)

Datum uitspraak: 12 juni 2009

op tegenspraak, raadsman gemachtigd

VONNIS

van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens op het adres [adres].

De rechtbank heeft beraadslaagd naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 11, 12, 14, 22, 28 en 29 mei 2009.

1. Telastelegging

Aan verdachte is telastegelegd hetgeen staat omschreven in de dagvaarding zoals tijdens het onderzoek ter terechtzitting op 11 mei 2009 is gewijzigd. De tekst van de telastelegging zoals die na wijziging is komen te luiden is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De gewijzigde telastelegging geldt als hier ingevoegd.

2. Voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is om van de zaak kennis te nemen, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

De raadsman van verdachte heeft bij pleidooi aangevoerd dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging van verdachte moet worden verklaard. Hij heeft daartoe betoogd dat sprake is van schending van de redelijke termijn alsmede dat het verstrijken van de tijd het vellen van een oordeel over de feiten zo goed als onmogelijk heeft gemaakt, nu getuigen deels niet meer gehoord kunnen worden, en voor het overige niet in staat zijn nog onbevangen te kunnen verklaren door de vele publicaties in de media over de onderhavige zaak.

Naar het oordeel van de rechtbank is de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM aangevangen op 9 april 2008, namelijk het moment dat het Gerechtshof uitspraak heeft gedaan in de zogenaamde artikel 12 Sv procedure (vgl. HR 2 december 1997, LJN ZD0878). Van omstandigheden die maken dat van een eerder gelegen datum zou moeten worden uitgegaan is niet gebleken. Eerst op 9 april 2008 werd voor de verdachten duidelijk dat zij zouden worden vervolgd en kon de periode nadien in die zin voor hen ook belastend zijn. Sinds de uitspraak van het Gerechtshof zijn thans ruim 14 maanden verstreken zodat van overschrijding van bovenbedoelde termijn geen sprake is.

De overige door de raadsman genoemde argumenten bevatten weliswaar elementen die een rol kunnen spelen bij de beoordeling van de waarde van de diverse getuigen- en deskundigenverklaringen, maar raken niet aan het recht tot vervolging van verdachte door het Openbaar Ministerie. Gesteld noch aannemelijk is immers geworden dat de genoemde omstandigheden te wijten zijn aan ernstige schendingen van beginselen van een goede procesorde waarbij doelbewust of met grove veronachtzaming van verdachte’s belangen wordt tekort gedaan aan haar recht op een behoorlijke behandeling van haar zaak.

3. Uitgangspunten

3.1. De langdurigheid van de zaak

Deze uitspraak vormt een afronding van een langdurige discussie die is ontstaan direct na het overlijden van Sylvia Millecam in augustus 2001, en die tot op heden heeft voortgeduurd. In die discussie zijn uitgesproken standpunten geformuleerd, en ook meer dan dat. Hier en daar zijn de hakken in het zand gezet, en hebben zich strijdpunten vastgezet. Deze gang van zaken heeft uiteraard gevolgen gehad voor het onderzoek. De rechtbank is zich er terdege van bewust dat door het lange tijdsverloop en door de uitvoerige debatten, door eerdere beslissingen zoals die van het medisch tuchtcollege en door diverse publicaties, het niet gemakkelijk is om nog van doen te hebben met getuigen die argeloos en met een zekere verwondering weergeven wat zij hebben meegemaakt. Het is onontkoombaar dat de herinnering bij getuigen is vervormd, alleen al door tijdsverloop. Maar de herinnering is ook vervormd, bijvoorbeeld door eigen emotie of door de overtuiging wat uiteindelijk in deze jaren slepende zaken een goede beslissing dient te zijn.

De rechtbank is zich dat bewust, en heeft bij de besluitvorming met extra behoedzaamheid gebruik gemaakt van de getuigenverklaringen.

Op grond van het onderzoek en de bewijsmiddelen die voorhanden zijn gaat de rechtbank uit van de volgende feiten.

3.2. De ziekte borstkanker

In september 1999 openbaarde zich bij Sylvia Millecam een tumor in de rechter borst. Zij zag destijds af van nader regulier onderzoek. Eerst acht maanden later, in mei 2000, heeft zij dat wel laten doen. Er bleek toen sprake te zijn van een kwaadaardige tumor. Het behandelvoorstel was aanvankelijk het doen van een operatie, maar Sylvia Millecam ging daar niet op in. Ter controle raadpleegde zij een maand later, in juni 2000 nog enkele oncologen, en zij allen kwamen tot dezelfde diagnose, namelijk borstkanker, en zij allen concludeerden dat op basis van de ernstige diagnose snel ingegrepen moest worden. Dat ingrijpen zag er als volgt uit. Door de snelle groei van de tumor was het doen van een operatie als eerste ingreep al snel niet meer aan de orde. Eerst zou een chemotherapie of eventueel een hormoontherapie toegepast moeten worden, gevolgd door chirurgie en radiotherapie.

Sylvia Millecam maakte een andere keuze.

3.3. Alternatieve bestrijding

In de zomer en het najaar van het jaar 2000 koos zij voor alternatieve behandelingen gericht tegen kanker. Eerst één in Zwitserland, en vervolgens voor een zogenaamde zouttherapie in Nederland.

Zij schreef in dit kader aan één van haar reguliere artsen: “Ik heb de allermoeilijkste maanden van mijn leven achter de rug en ik hoef u natuurlijk niet te vertellen dat zo’n beslissing niet over een nacht ijs is gegaan………Ik ben me bewust van het feit dat ik een keuze heb gemaakt die niet de uwe zou zijn geweest.”

Deze therapieën hadden geen effect, hoewel dat inzicht niet onmiddellijk door Sylvia Millecam werd toegelaten. Vanaf mei 2000 werd Sylvia Millecam mede begeleid door verdachte, bekend als [verdachte]. Verdachte beschrijft haar gaven als helder voelen, helder zien, helder horen en helder weten. Daarnaast raadpleegde Sylvia Millecam vanaf de tweede helft van het jaar 2000 twee andere paragnosten die op enige wijze bezig waren met helder zien en helder horen. Er vonden daarnaast incidentele consulten plaats bij artsen. Dwars door dit alles heen was er vanaf juni 2000 tot december 2000 begeleiding door een alternatief werkend arts. Een momentopname in oktober 2000 levert het plaatje op van de volgende betrokkenen die tegelijkertijd bemoeienis hadden met de aandoening in de borst bij Sylvia Millecam: een alternatief werkend arts, een zouttherapist, een paragnost, daarnaast [verdachte] terwijl op afstand nog een derde helderziende was geconsulteerd, een radiodiagnostisch laborante en een oncologisch chirurg.

3.4. Geen kanker maar een bacteriële infectie

De laatste had op 3 oktober 2000 een gesprek met Sylvia Millecam en vernam van haar dat zij ervan overtuigd was dat zij aan een bacteriële infectie leed en niet aan kanker. Dit inzicht is opmerkelijk na de stellige diagnoses van de oncologen enkele maanden daarvoor. En verder opmerkelijk gezien de alternatieve behandelingen tegen kanker. Zij is bij het standpunt van de bacteriële infectie gebleven vrijwel tot aan haar dood, 11 maanden later, in augustus 2001. Haar begeleidende omgeving sprak over een aderontsteking, over een ontsteking in de zwelling, over een ontstekingsmechanisme als gevolg van borstimplantaten, over een huidirritatie, over een ontsteking als oorzaak van alles, maar niet over kanker.

3.5. Verdere ontwikkeling van de borstkanker

Intussen breidde de kanker zich gestaag uit. Die openbaarde zich in het begin, in september 1999, als een knobbeltje van ongeveer 1 cm. Toen was de genezingskans vrijwel honderd procent. Acht maanden later, in mei 2000, was de omvang 3 à 4 cm, een paar weken daarna 5 cm, medio juni 7 à 8 cm. In december 2000 was de tumor ongeveer 15 cm en konden uitzaaiingen op afstand worden vastgesteld. Daarmee was de kans op genezing verkeken. In december 2000 is Sylvia Millecam opgehouden met werken. Acht maanden later was er een grote tumormassa reikend tot aan de schouder, terwijl inwendig nagenoeg de gehele rechter thoraxhelft werd ingenomen door tumormassa. Dit was een paar dagen voor zij overleed.

3.6. Tussenconclusie: geen reguliere therapie

Gezien het bovenstaande stelt de rechtbank vast dat gedurende de twee jaar dat de ziekte heeft geduurd, geen reguliere behandelingen zijn toegepast, afgezien van paracetamol en afgezien van de behandeling in de laatste paar dagen voor het overlijden.

4. Sylvia Millecam en haar positie

4.1. Vrijheid patiënt

Het staat uiteraard elke patiënt vrij om hetgeen wetenschappelijk als behandeling wordt aangedragen, te weigeren. Het is aan de patiënt om behandelaar en behandeling te kiezen. Niet alles wat in algemene zin wetenschappelijk mogelijk is, is in elk individueel geval wenselijk of aanvaardbaar. Het kan zijn dat, in een weigering van een behandeling, de dood op de koop toe wordt genomen. In een dergelijk geval ziet de patiënt zowel de aard van de ziekte, als de gevolgen van de weigering van de meest geëigende therapie, helder onder ogen.

Dit alles deed zich bij Sylvia Millecam niet voor.

Als complicerende factor geldt namelijk dat zij niet louter een reguliere behandeling voor de geconstateerde kanker afwees. Er ging iets aan vooraf. Zij wees uiteindelijk de diagnose van kanker af, en ging uit van een andere diagnose, namelijk een bacteriële infectie. Op basis daarvan wilde zij niets weten van een reguliere aanpak van de kanker. Dat was althans haar rationele verklaring. Vervolgens heeft zij zich met veel energie gezet aan haar genezing. Want iedereen is het erover eens: zij wilde dolgraag blijven leven.

Daarmee heeft ze niet een keuze gemaakt die was gebaseerd op een helder inzicht in haar situatie en een helder inzicht in de gevolgen. En daar kan nog aan worden toegevoegd: daarmee was geen sprake van een keuze in de werkelijke betekenis van het woord, aangezien het woord `keuze` uitgaat van een helder inzicht in de alternatieven die zich voordoen.

4.2. Informatiepositie Sylvia Millecam

Achteraf kan worden vastgesteld dat er niet snel een patiënt is, die zo goed en indringend is voorgelicht over de ware aard van haar ziekte als Sylvia Millecam. Dat was immers gebeurd door de medisch specialisten in mei en juni 2000. En ook niet een patiënt die dit vervolgens met zoveel energie en zo langdurig heeft verdrongen en ontkend.

Dit roept verschillende vragen op, die allemaal van belang zijn voor de vraag of bewezen kan worden verklaard wat verdachte te laste is gelegd.

4.3. Persoonlijkheid Sylvia Millecam

Sylvia komt uit de getuigenverklaringen naar voren als een sprankelende vrouw die met passie in het leven stond. Intelligent, aards, modern, slim, en mede gericht op onbekommerd plezier. Daarnaast stellig en overtuigend. Als ze iets niet wilde, dan deed ze het niet. Een assertieve vrouw, die zich niet gemakkelijk van de wijs liet brengen. Ook een vrouw die het liefst zelf de touwtjes in handen hield. Ze had veel contacten en ze stond midden in het leven.

De keerzijde van de assertiviteit, en misschien ook wel de bron, was een zekere angst. Ze was bang voor het ouder worden en bang voor het verval van haar uiterlijk, en later voor heel concrete zaken als een chemotherapie en een operatie. Angst was een constante in haar leven.

Ze had iets kleinzerigs en ze was zeer gevoelig. Vaak in de weer met pillen en gezondheidsdrankjes, waarbij ze duidelijk een hang had naar het alternatieve veld.

Ze genoot van aandacht en kon met overgave de actrice spelen. Of speelde ze het niet en was ze het aldoor?

Ze was in ieder geval niet altijd even transparant. Sommige getuigen vragen zich af of zij wel op elk moment alles vertelde, en of zij uiteindelijk niet een grote puzzel heeft achtergelaten.

In de loop van haar ziekte had zij duidelijk geen zin in een debat over de beste wijze waarop zij kon worden behandeld. Twijfel over de door haar gemaakte keuzes werd niet op prijs gesteld.

Sylvia Millecam wilde vanaf eind 2000 alleen maar horen dat zij geen kanker had. De diagnose bacteriële infectie stond niet ter discussie. Zij zocht hierbij steun in individuele ziektegeschiedenissen in haar omgeving – met name die van haar vader - waarbij, zoals zij zich stellig meende te herinneren, uiteindelijk ook geen sprake was van kanker. Mensen die de vraag naar de juiste diagnose aan de orde wilden stellen werden afgehouden. De afweer tegen alleen al de suggestie dat er wel degelijk sprake zou kunnen zijn van kanker was groot. Zo groot dat de gedachte voor de hand ligt dat zij niet heel zeker was van haar zaak.

De conclusie is gerechtvaardigd dat aan de basis van haar opstelling een onvermogen lag om in het reine te komen met de ernstige aard van haar ziekte, en een onvermogen om de ontluisterende aspecten van een reguliere behandeling te accepteren.

Gedurende de gehele periode van haar ziekte was zij uit op genezing. De stellige verklaring van verdachte in de media dat “de weg die Sylvia is gegaan, de juiste weg voor haar ziel is geweest”, of: “Sylvia wilde gewoon nu niet meer leven.” was voor Sylvia Millecam, in haar strijd om te overleven, geen leidend beginsel. Bij het benaderen van mensen die haar heil konden brengen, dus ook bij het benaderen van verdachte, was zij uit op lichamelijk herstel.

Dit betekent niet dat zij, toen de neergang niet meer te ontkennen viel, rancune koesterde tegen haar raadgevers. Ze was wel teleurgesteld. Maar een rechtsprocedure over de vraag of sommige van degenen die haar bijstonden strafbare feiten hebben gepleegd, zou haar hebben verbaasd.

4.4. Tussenconclusie: ontkenning bij Sylvia Millecam

Zo troffen de behandelaars haar dus aan, een vrouw met een grote afweer tegen ingrijpende reguliere therapieën en vervolgens een grote afweer tegen de ernst van haar ziekte. En uiteindelijk een vrouw met een volledige ontkenning.

5. Schade

5.1. Schade door het niet toepassen van reguliere geneeskunst

De ziekte borstkanker, zoals die zich voordeed bij Sylvia Millecam, had een progressief verloop, veroorzaakte steeds grotere schade aan de gezondheid, bracht veel lijden met zich mee, en liep binnen twee jaar na het vaststellen uit op de dood.

Het is nu de vraag wat een reguliere behandeling had kunnen bewerkstelligen.

Op grond van wat de deskundige heeft vermeld, had Sylvia Millecam in september 1999, toen de ziekte zich openbaarde, met toepassing van alleen een borstsparende operatie, een overlevingskans van zeker 94%. In mei 2000 was dit percentage 69%. Indien naast de operatie chemotherapie was toegepast, was het overlevingspercentage 81%. Een maand later, in juni 2000, was de prognose somberder. Overlevingskans met alleen operatie was 45%. Indien gecombineerd met chemotherapie: 64%.

In december 2000 kon worden vastgesteld dat er uitzaaiingen waren op afstand. Daarmee was een behandeling gericht op genezing niet meer mogelijk. Wel was er in de reguliere geneeskunde palliatieve zorg mogelijk, gericht op de verbetering van de kwaliteit van het leven, en gericht op de verlenging van het leven. Pijnbestrijding, en in het algemeen het tegengaan van ernstige klachten, zoals oedeem en dyspnoe, is een belangrijk onderdeel van de palliatieve zorg. Dit kan door anti-tumor therapie alsmede door gerichte symptoombehandeling.

Uit het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat het weglaten van reguliere geneeskundige zorg onnodig en ernstig nadeel voor de gezondheid van Sylvia Millecam heeft opgeleverd, en wel in de gehele periode van haar ziekte.

5.2. Is verdachte strafrechtelijk aansprakelijk?

Nu vaststaat dat de gezondheid van Sylvia Millecam ernstig is benadeeld doet zich vervolgens de vraag voor of verdachte strafrechtelijk aansprakelijk kan worden gehouden voor de schade. Om die vraag te kunnen beantwoorden zullen hierna eerst de feiten met betrekking tot de bemoeienis van verdachte met Sylvia Millecam nader worden besproken.

6.1. Inleiding

Verdachte heeft veelvuldig contact gehad met Sylvia Millecam. Die contacten liepen al in de jaren negentig en werden vanaf mei 2000, toen de kanker was gediagnosticeerd, veelvuldiger. De contacten werden gedurende ongeveer een jaar gecontinueerd, namelijk tot drie maanden voor de dood. Verdachte heeft deze contacten gekwalificeerd als vriendschapcontacten, die niet kunnen worden geduid als contacten die werden bepaald door haar gangbare praktijk om mensen te genezen. Zij heeft hierbij onder meer gewezen op het gegeven dat zij nooit rekeningen aan Sylvia Millecam heeft gestuurd. Daarmee zou haar geen zorgplicht kunnen worden toegedicht, gebaseerd op genezend handelen. De rechtbank volgt dit standpunt niet. Sylvia Millecam hechtte zeer aan de inzichten van en behandelingen door verdachte en heeft dit met grote regelmaat naar buiten gebracht. Daarbij pasten de activiteiten jegens Sylvia Millecam geheel binnen de gebruikelijke praktijkvoering van verdachte. En verder: indien een behandelaar bevriend is met de patiënt, houdt dit niet in dat hiermee de verantwoordelijkheid als behandelaar ophoudt. Tot slot hield de belangstelling van Sylvia Millecam voor verdachte op, toen de helende activiteiten van verdachte niet bleken te werken. In de laatste drie maanden van het leven van Sylvia Millecam, toen de ziekte in alle hevigheid doorbrak, zijn er geen contacten geweest tussen verdachte en Sylvia Millecam. In een vriendschapsrelatie is dit niet voorstelbaar.

Voorts heeft verdachte zich beroepen op het gegeven dat er weliswaar genezende activiteiten om haar heen gebeuren, maar dat zij daar persoonlijk niet verantwoordelijk voor is, aangezien zij zelf daarin niet handelend optreedt. Als medium geeft zij inzichten door, of creëert zij een setting waarin allerlei dingen mogen gebeuren. Aldus verdachte. De rechtbank gaat hier niet in mee. Ook iemand die haar gaven verwoordt, als zouden die afkomstig zijn uit een andere wereld, blijft voor het recht zelf verantwoordelijk voor wat vervolgens gebeurt.

Verdachte heeft zichzelf omschreven als genezend medium, en als zodanig heeft zij bijzondere zorg verleend aan Sylvia Millecam. Die zorg verliep via healings, en via rechtstreekse contacten, al of niet via de telefoon. Daarmee heeft verdachte Sylvia Millecam gedurende ongeveer een jaar met raad en daad bijgestaan. Deze bijstand is voor het recht niet vrijblijvend, maar roept een zorgplicht op, die als leidraad kan dienen voor de vraag hoe de verantwoordelijkheid van verdachte juridisch moet worden geduid.

6.2. Zorgplicht verdachte

Het strafrecht kent een minimumnorm als het gaat om de vraag hoe mensen zich tot elkaar verhouden. Die norm houdt in dat men elkaar niet mag schaden. Daarop zijn veel regels rond diefstal, oplichting, mishandeling, moord en doodslag gebaseerd. Ook van [verdachte] mag, in algemene zin, worden verwacht dat zij in haar werkzaamheden geen schade toebrengt aan hulpzoekenden. Aangezien haar werkzaamheden een hoogst individuele vertaling zijn van een bij zichzelf ervaren gave, namelijk genezend medium, en de resultaten niet altijd gemakkelijk te meten of voorspelbaar zijn, kan een juridische zorgplicht niet worden geformuleerd in de verplichting om dingen te doen, maar veeleer om zich van bepaalde zaken te onthouden. En die onthouding komt hierop neer dat van haar mag worden verwacht dat zij niet treedt op het terrein dat aan artsen is voorbehouden. Dit kan nader worden toegelicht. Waar [verdachte] zich richt op een intuïtief doorgronden van wat er met iemand aan de hand is, gebruikt zij een jargon dat met die intuïtie in verband staat. Spreken over een goddelijke wereld, over spirituele operaties, over werking van ingestraald water, over het centraal stellen van het gevoel, is spreken in het jargon van de intuïtie. Het gaat niet aan om binnen dit jargon over te springen naar een ander jargon, namelijk dat van de medische wetenschap. De medische wetenschap benadert de werkelijkheid op een principieel andere wijze, en gebruikt daarbij begrippen en methoden die zo verfijnd zijn dat ze alleen na langdurige studie kunnen worden benut. Daarbij komt dat elk jargon ook de denkwijze beïnvloedt, alsmede de wijze waarop de werkelijkheid wordt waargenomen. Dat wil zeggen: de vraag wat uit de werkelijkheid als feit wordt onderscheiden, en vervolgens de vraag, welke betekenis aan dat feit wordt gegeven, is mede afhankelijk van het jargon. Het jargon van de intuïtie van [verdachte] en het jargon van de medische wetenschap liggen niet in elkaars verlengde. Het zijn twee gescheiden circuits. Incidenteel kunnen ze elkaar raken, maar er kan nooit een systeem op worden gebouwd.

De zorgplicht voor [verdachte] kan aldus worden omschreven dat zij niet vanuit het jargon waarin zij thuis is, het intuïtieve jargon, naar believen kan overschakelen op een jargon waarin zij niet thuis is, het medisch jargon. En verder dat zij zich dient te onthouden van handelingen die zijn voorbehouden aan de medische wereld, zoals het stellen van een diagnose of het voorschrijven van medicijnen. Tot slot dient zij de hulpvragers niet weg te houden van artsen, integendeel, hen voor te houden dat raadpleging van een arts van groot belang kan zijn. Mocht dit allemaal niet gebeuren, dan ontstaat een risicovolle onderneming met grote kans op schade.

6.3. Schending zorgplicht door verdachte

Niet is komen vast te staan dat verdachte Sylvia Millecam heeft afgehouden van een arts. Ook is niet komen vast te staan dat verdachte meer dan incidenteel zich heeft bemoeid met de vraag welke medicijnen de juiste zouden zijn.

Wel is het volgende van belang.

Kanker is een woord uit de medische wetenschap. Het is aldaar zorgvuldig gedefinieerd en kan alleen worden vastgesteld of uitgesloten op basis van methodieken uit de medische wetenschap.

Op grond van de bewijsmiddelen, en niet in de laatste plaats op grond van haar eigen verklaring in Nova op 1 september 2001, kan worden vastgesteld dat verdachte uitdrukkelijk van mening was dat Sylvia Millecam geen kanker had. En dat verdachte dit vervolgens tegen Sylvia Millecam heeft gezegd, althans gesuggereerd. Dit valt niet weg te redeneren met het argument dat verdachte bedoeld heeft te zeggen dat zij alleen oorzaken ziet, en niet ziektes. En het valt ook niet weg te redeneren met de mededeling dat er in de betreffende tv-reportage onderdelen zouden zijn weggeselecteerd. Voorts heeft [verdachte] uitdrukkelijk bij het inspectieverhoor verklaard dat het waar is dat zij Sylvia heeft gezegd dat het geen kanker was.

Ook heeft verdachte zich herhaaldelijk op het standpunt gesteld dat er niet in de aandoening bij Sylvia Millecam mocht worden gesneden. Dit kan niet anders worden geduid dan dat naar de inzichten van verdachte een operatie moest worden vermeden. Tot slot heeft het handelen van verdachte de uitdrukkelijke suggestie opgeleverd dat er sprake was van een bacteriële infectie.

Met dit alles heeft zij haar zorgplicht geschonden en dient bekeken te worden of er een relevant verband bestaat met de schade.

6.4. Causaliteit verdachte

Zoals zojuist overwogen, heeft het niet toepassen van reguliere zorg ernstig nadeel opgeleverd voor de gezondheid en voor het welbevinden van Sylvia Millecam. Thans dient te worden nagegaan wat de rol van verdachte is geweest bij het afwijzen van de reguliere zorg. Meer in het bijzonder dient de vraag te worden beantwoord of, gezien de schending van de zorgplicht door verdachte, die afwijzing van de reguliere zorg in redelijkheid aan haar kan worden toegerekend.

De rechtbank is van oordeel dat dit niet het geval is.

Hiervoor is het volgende redengevend. Sylvia Millecam heeft zich in de loop van haar ziekte tot veel deskundigen en hulpverleners gewend. [verdachte] was één van hen. Al snel was Sylvia Millecam van mening dat er geen reguliere therapieën tegen kanker toegepast mochten worden en op een gegeven moment was zij ervan overtuigd dat zij aan een bacteriële infectie leed en niet aan kanker. [verdachte] heeft al deze dingen krachtig ondersteund, maar niet is komen vast te staan dat zij een en ander ook heeft bewerkstelligd. Verdachte bevestigde eerder het gevoelen van Sylvia Millecam dan dat zij het domineerde. Met de andere twee helderzienden en helderhorenden heeft verdachte gemeen dat zij vooral een reeds bestaande overtuiging bij Sylvia Millecam aanvoelde, verwoordde en onderstreepte. Ook waar dit gevoelen door angst was bepaald. Het inzicht van verdachte vormde voor Sylvia Millecam een belangrijk argument bij discussies met anderen, maar geen doorslaggevend argument in haar eigen oordeelsvorming. Daar komt nog bij dat Sylvia Millecam in de gehele periode dat verdachte actief was, zonder enige onderbreking onder behandeling was bij in totaal drie artsen, afgezien nog van de vele consultaties bij andere artsen. Daarmee kan niet worden gezegd dat verdachte een overwegende invloed had op Sylvia Millecam. Eerder een vertrouwenwekkende en geruststellende.

7. Conclusie: niet bewezen en vrijspraak

De conclusie is dat verdachte jegens Sylvia Millecam ernstig tekort is geschoten in de zorgvuldigheid die zij in acht had moeten nemen, maar dat deze handelwijze, gezien de uitzonderlijke omstandigheden rond de ziekte van Sylvia Millecam, en gezien haar persoonlijkheid, niet van zodanige invloed is geweest, dat verdachte rechtens verantwoordelijk kan worden gehouden voor de schade aan de gezondheid.

De rechtbank komt dan ook tot de conclusie dat niet bewezen is, hetgeen is telastegelegd en komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

8. Beslissing

Verklaart het telastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Dit vonnis is gewezen door

mr. M.J. Diemer, voorzitter,

mrs. S.E. Sijsma en F.P. Geelhoed, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. D. West, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 12 juni 2009.

BIJLAGE

Aan bovenbedoelde gedagvaarde persoon wordt tenlastegelegd dat

1.

zij in of omstreeks de periode van 11 mei 2000 tot en met 20 augustus 2001 te Amsterdam en/of te Millingen aan de Rijn en/of te Hilversum en/of te Zutphen en/of te Bergen op Zoom en/of op een of meer andere plaatsen in Nederland, althans in Nederland, en/of te Gent (België) en/of Yverdon-les-Bains (Zwitserland), (als genezend medium en/of zorgverlener) (beroepshalve of bedrijfsmatig handelend) aan S.M. Millecam, van wie verdachte wist dat zij (binnen de reguliere gezondheidszorg) gediagnosticeerd was met borstkanker opzettelijk zwaar lichamelijk letsel heeft toegebracht door (wetende dat zij een grote invloed op Millecam had) met dat opzet:

- Millecam (meermalen) mee te delen dat geen sprake was van een kwaadaardig gezwel/kanker en/of dat zij, verdachte, geen kanker ziet en/of

- tijdens "healings" Millecam (steeds) in te delen bij een groep personen met als gemeenschappelijke noemer een bacteriële infectie, althans Millecam (steeds) niet in te delen bij de groep kankerpatiënten en/of met Millecam te bellen dat Millecam was ingedeeld bij een groep met als gemeenschappelijke noemer een bacteriële infectie en/of

- (meermalen) mee te delen en/of niet te weerspreken dat zij leed aan een bacteriële infectie waardoor verdachte wist, althans had moeten weten, dat Millecam ervan overtuigd raakte dat zij niet lijdende was aan kanker en/of (verder) werd gesterkt in haar opvatting dat zij niet lijdende was aan kanker en/of

- op Millecam "healings" toe te passen zonder aan Millecam duidelijk te maken en/of haar mede te delen dat de effectiviteit en/of de diagnosticerende en/of genezende werking van deze "healings" niet deugdelijk was aangetoond ten aanzien van de kwaal waaraan die Millecam leed en/of

- aan Millecam te adviseren (alternatieve) medicijnen en/of middelen in te nemen en/of te gebruiken zonder aan Millecam duidelijk te maken wat de mogelijkheden en/of effectiviteit en/of risico's van het gebruik van deze medicijnen en/of middelen was/waren voor de gezondheid van Millecam en/of

- Millecam (meermalen) te ontraden en/of niet aan te raden zich te laten opereren en/of Millecam (meermalen) te bewegen zich niet te laten opereren en/of aan Millecam mee te delen de boodschap: “niet snijden”en/of

- Millecam te ontraden en/of niet aan te raden zich onder behandeling te stellen van en/of haar niet (actief en/of gericht en/of tijdig) (door) te verwijzen naar haar huisarts en/of een borstkankercentrum (mammapolikliniek) en/of een (kanker)chirurg en/of (kanker)specialist, althans haar te ontraden en/of niet aan de raden zich in het reguliere (niet-alternatief) medische circuit te laten behandelen,

waardoor Millecam de benodigde (reguliere) medische zorg is onthouden en/of valse hoop is gegeven en/of onvolledig is geïnformeerd, mede tengevolge waarvan Millecam zwaar lichamelijk letsel heeft bekomen en/of is toegebracht, te weten een (verdere) doorgroei en/of (verdere) uitzaai van een of meerdere kankergezwel(len) en/of een verergering van haar ziektebeeld en/of een aanzienlijke afname van de genezingskans en/of levensverwachting en/of een (ernstige) toename van de pijnklachten in samenhang met zwaar letsel, zoals ernstig oedeem en/of dyspnoe die het gevolg waren van het uitblijven van deugdelijke palliatieve zorg en/of mede tengevolge waarvan Millecam is overleden;

Subsidiair

zij in of omstreeks de periode van 11 mei 2000 tot en met 20 augustus 2001 te Amsterdam en/of te Millingen aan de Rijn en/of te Hilversum en/of te Zutphen en/of te Bergen op Zoom en/of op een of meer andere plaatsen in Nederland, althans in Nederland, en/of te Gent (België) en/of Yverdon-les-Bains (Zwitserland), (als genezend medium en/of zorgverlener (beroepshalve of bedrijfsmatig handelend) opzettelijk de gezondheid van S.M. Millecam van wie verdachte wist dat zij (binnen de reguliere gezondheidszorg) gediagnosticeerd was met borstkanker heeft benadeeld door (wetende dat zij een grote invloed op Millecam had) met dat opzet:

- Millecam (meermalen) mee te delen dat geen sprake was van een kwaadaardig gezwel/kanker en/of dat zij, verdachte, geen kanker ziet en/of

- tijdens "healings" Millecam (steeds) in te delen bij een groep patiënten die lijdende was aan een bacteriële infectie, althans Millecam (steeds) niet in te delen bij de groep kankerpatiënten en/of met Millecam te bellen dat Millecam was ingedeeld bij een groep met als gemeenschappelijke noemer een bacteriële infectie en/of

- (meermalen) mee te delen en/of niet te weerspreken dat zij leed aan een bacteriële infectie waardoor verdachte wist, althans had moeten weten, dat Millecam ervan overtuigd raakte dat zij niet lijdende was aan kanker en/of (verder) werd gesterkt in haar opvatting dat zij niet lijdende was aan kanker en/of

- op Millecam "healings" toe te passen zonder aan Millecam duidelijk te maken en/of haar mede te delen dat de effectiviteit en/of de diagnosticerende en/of genezende werking van deze "healings" niet deugdelijk was aangetoond ten aanzien van de kwaal waaraan die Millecam leed en/of

- aan Millecam te adviseren (alternatieve) medicijnen en/of middelen in te nemen en/of te gebruiken zonder aan Millecam duidelijk te maken wat de mogelijkheden en/of effectiviteit en/of risico's van het gebruik van deze medicijnen en/of middelen was/waren voor de gezondheid van Millecam en/of

- Millecam (meermalen) te ontraden en/of niet aan te raden zich te laten opereren en/of Millecam (meermalen) te bewegen zich niet te laten opereren en/of aan Millecam mee te delen de boodschap: “niet snijden”en/of

- Millecam te ontraden en/of niet aan te raden zich onder behandeling te stellen van en/of haar niet (actief en/of gericht en/of tijdig) (door) te verwijzen naar haar huisarts en/of een borstkankercentrum (mammapolikliniek) en/of een (kanker)chirurg en/of (kanker)specialist, althans haar te ontraden en/of niet aan de raden zich in het reguliere (niet-alternatief) medische circuit te laten behandelen,

waardoor Millecam de benodigde (reguliere) medische zorg is onthouden en/of valse hoop is gegeven en/of onvolledig is geïnformeerd, mede tengevolge waarvan Millecam zwaar lichamelijk letsel heeft bekomen en/of is toegebracht, te weten een (verdere) doorgroei en/of (verdere) uitzaai van een of meerdere kankergezwel(len) en/of een verergering van haar ziektebeeld en/of een aanzienlijke afname van de genezingskans en/of levensverwachting en/of een (ernstige) toename van de pijnklachten in samenhang met zwaar letsel, zoals ernstig oedeem en/of dyspnoe die het gevolg waren van het uitblijven van deugdelijke palliatieve zorg en/of mede tengevolge waarvan Millecam is overleden;

2.

zij in of omstreeks de periode van 11 mei 2000 tot en met 20 augustus 2001 te Amsterdam en/of te Millingen aan de Rijn en/of te Hilversum en/of te Zutphen en/of te Bergen op Zoom en/of op een of meer andere plaatsen in Nederland, althans in Nederland, en/of te Gent (België) en/of Yverdon-les-Bains (Zwitserland), (als genezend medium en/of haar zorgverlener) opzettelijk S.M. Millecam, tot wiens onderhoud, verpleging of verzorging zij krachtens wet of overeenkomst verplicht was, in een hulpeloze toestand heeft gebracht of gelaten, door met dat opzet:

- Millecam (meermalen) mee te delen dat geen sprake was van een kwaadaardig gezwel/kanker en/of dat zij, verdachte, geen kanker ziet en/of

- tijdens "healings" Millecam (steeds) in te delen bij een groep patiënten die lijdende was aan een bacteriële infectie, althans Millecam (steeds) niet in te delen bij de groep kankerpatiënten en/of met Millecam te bellen dat Millecam was ingedeeld bij een groep met als gemeenschappelijke noemer een bacteriële infectie en/of

- (meermalen) mee te delen en/of niet te weerspreken dat zij leed aan een bacteriële infectie waardoor verdachte wist, althans had moeten weten, dat Millecam ervan overtuigd raakte dat zij niet lijdende was aan kanker en/of (verder) werd gesterkt in haar opvatting dat zij niet lijdende was aan kanker en/of

- op Millecam "healings" toe te passen zonder aan Millecam duidelijk te maken en/of haar mede te delen dat de effectiviteit en/of de diagnosticerende en/of genezende werking van deze "healings" niet deugdelijk was aangetoond ten aanzien van de kwaal waaraan die Millecam leed en/of

- aan Millecam te adviseren (alternatieve) medicijnen en/of middelen in te nemen en/of te gebruiken zonder aan Millecam duidelijk te maken wat de mogelijkheden en/of effectiviteit en/of risico's van het gebruik van deze medicijnen was/waren voor de gezondheid van Millecam en/of

- Millecam (meermalen) te ontraden en/of niet aan te raden zich te laten opereren en/of Millecam (meermalen) te bewegen zich niet te laten opereren en/of aan Millecam mee te delen de boodschap: “niet snijden”en/of

- Millecam te ontraden en/of niet aan te raden zich onder behandeling te stellen van en/of haar niet (actief en/of gericht en/of tijdig) (door) te verwijzen naar haar huisarts en/of een borstkankercentrum (mammapolikliniek) en/of een (kanker)chirurg en/of (kanker)specialist, althans haar te ontraden en/of niet aan de raden zich in het reguliere (niet-alternatief) medische circuit te laten behandelen,

waardoor Millecam zwaar lichamelijk letsel heeft bekomen en/of is toegebracht, te weten een (verdere) doorgroei en/of (verdere) uitzaai van een of meerdere kankergezwel(len) en/of een verergering van haar ziektebeeld en/of een aanzienlijke afname van de genezingskans en/of levensverwachting en/of een (ernstige) toename van de pijnklachten in samenhang met zwaar letsel, zoals ernstig oedeem en/of dyspnoe die het gevolg waren van het uitblijven van deugdelijke palliatieve zorg en/of is overleden;