Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2009:BH5160

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
07-01-2009
Datum publicatie
09-03-2009
Zaaknummer
13/437426-08 (zaak A) en 13/413111-08 (zaak B; ter terechtzitting gevoegd)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

oplichting, 419 fraude, wash-wash truc

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Parketnummers: 13/437426-08 (zaak A) en 13/413111-08 (zaak B; ter terechtzitting gevoegd)

Datum uitspraak: 7 januari 2009

op tegenspraak

VERKORT VONNIS

van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen

[verdachte]

geboren te [geboorteplaats] (Bondsrepubliek Duitsland) op [geboortedatum],

ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens op het adres [adres] [woonplaats].

De rechtbank heeft de zaken, die bij afzonderlijke dagvaardingen onder de bovenvermelde parketnummers zijn aangebracht, gevoegd. Deze zaken worden hierna genoemd respectievelijk zaak A en zaak B.

De rechtbank heeft beraadslaagd naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 24 december 2008.

1. Telastelegging

Aan verdachte is telastegelegd dat

ten aanzien van het in zaak A onder 1 telastegelegde:

hij in of omstreeks de periode vanaf 18 juni 2008 tot en met 30 september 2008 te Amsterdam, in elk geval in Nederland en/of Duitsland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [persoon 1] en/of [persoon 2] heeft bewogen tot de afgifte van 8.500 euro en/of 13.000 euro en/of 23.600 euro, in elk geval van enig geldbedrag, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid die [persoon 1] een brief gezonden dat hij erfgenaam zou zijn van ene [persoon 3]

en/of die [persoon 1] voorgehouden dat er geldtransportkosten waren en/of die [persoon 1] en/of die [persoon 2] een kist met ogenschijnlijk 100 dollar biljetten, gestempeld met de tekst 'security', getoond

en/of een van die biljetten door een vloeistof gehaald waardoor het stempel weg was

en/of die [persoon 1] voorgehouden dat er meer vloeistof nodig was om alle stempels van de biljetten te verwijderen

en/of dat het bestellen van die vloeistof kosten met zich meebracht

en/of die [persoon 1] voorgehouden dat hij na het reinigen van die biljetten en het betalen van de bijkomende kosten, kon beschikken over (een deel van) de erfenis, waardoor [persoon 1] en/of [persoon 2] werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte(n);

(artikel 326 van het Wetboek van Strafrecht)

ten aanzien van het in zaak A onder 2 telastegelegde:

hij in of omstreeks de periode vanaf 12 september 2008 tot en met 30 september 2008 te Amsterdam, in elk geval in Nederland en/of Duitsland, tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [persoon 1] te bewegen tot de afgifte van ongeveer 340.000 euro, in elk geval van enig geldbedrag, met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid die [persoon 1] voorgehouden dat er een of meer document(en) nodig waren ter vrijmaking van een zogenaamde erfenis en/of dat het geld van die erfenis klaar zou liggen (p. 60);

(artikel 326 juncto 45 van het Wetboek van Strafrecht)

ten aanzien van het in zaak A onder 3 telastegelegde:

hij in of omstreeks de periode vanaf 18 juni 2008 tot en met 30 september 2008 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, en/of Duitsland, tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens)

- een certificate of death (p. 24) en/of

- een factuur (p. 30) en/of

- een affidavit of verification of facts (p. 32) en/of

- een verklaring d.d. 30 juni 2008 (p. 33) en/of

- een brief d.d. 4 juli 2008 (p. 37) en/of

- een customer's copy (p. 41) en/of

- een transfer (p. 68) en/of

- een drugs/witwas,terroristencertificaat (p. 69), - zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - valselijk heeft opgemaakt of vervalst, immers heeft verdachte (telkens) in strijd met de waarheid doen voorkomen alsof die documenten afkomstig waren uit Zuid-Afrika en/of in die documenten vermeld dat er sprake zou zijn van een erfenis en/of namen van instanties en/of afzenders vermeld, zulks (telkens) met het oogmerk om die/dat geschrift(en) als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken;

(artikel 225 lid 1 van het Wetboek van Strafrecht)

EN/OF

hij in of omstreeks de periode vanaf 18 juni 2008 tot en met 30 september 2008 te Amsterdam, in elk geval in Nederland en/of Duitsland, tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk gebruik heeft/hebben gemaakt van en/of heeft/hebben afgeleverd en/of voorhanden gehad (een) vals(e) of vervalst(e) certificate of death (p. 24) en/of

- een factuur (p. 30) en/of

- een affidavit of verification of facts (p. 32) en/of

- een verklaring d.d. 30 juni 2008 (p. 33) en/of

- een brief d.d. 4 juli 2008 (p. 37) en/of

- een customer's copy (p. 41)

- transfer (p. 68) en/of - drugs/witwas/terroristencertificaat (p. 69), - zijnde een geschrift dat

bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - als ware dat geschrift (telkens) echt en onvervalst, bestaande dat gebruikmaken hierin dat hij verdachte en/of zijn mededader(s) dat/die geschrift(en) aan [persoon 1] (per mail) heeft/hebben getoond en/of overlegd en bestaande die valsheid of vervalsing hierin dat in strijd met de waarheid in die documenten is vermeld dat er sprake zou zijn van een erfenis en is voorgewend dat die documenten afkomstig waren uit Zuid-Afrika;

(artikel 225 lid 2 van het Wetboek van Strafrecht

ten aanzien van het in zaak A onder 4 telastegelegde:

hij in of omstreeks de periode vanaf 18 juni 2008 tot en met 23 september 2008 te Amsterdam, in elk geval in Nederland en/of Duitsland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [persoon 4] heeft bewogen tot de afgifte van 8.000 euro, in elk geval van enig geldbedrag, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid een koffer met zogenaamde 100 dollar biljetten, gestempeld met Security, getoond en/of die [persoon 4] het verwijderen van de stempel met een vloeistof getoond en/of die [persoon 4] voorgehouden dat er meer vloeistof nodig was om die stempels te verwijderen, waardoor [persoon 4] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

(artikel 326 van het Wetboek van Strafrecht)

ten aanzien van het in zaak B telastegelegde:

hij in of omstreeks de periode van 4 juli 2008 tot en met 18 augustus 2008, te Amsterdam met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in / uit (het aan/op het [adres]) gelegen (bedrijfs)pand (in gebruik bij Tomtom n.v) heeft weggenomen 34, althans één of meer (Tomtom) navigatie(syste(e)m(en) en/of 6, althans één of meer Organizer(s) en/of 1 MP3 speler en/of 1 (zak)telefoon (merk Nokia) en/of onderdelen (van die navigatie(system(e)m(en) en/of (bij die navigatiesyste(e)m(en) behorende) accessoires, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Tomtom n.v, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, waarbij verdachte zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft verschaft en / of de / het weg te nemen goed(eren) onder zijn bereik heeft gebracht door de (sloten van) (de afgesloten) kastdeur(en) (met kracht) open te trekken en/of te rukken en/of te forceren;

(Artikel 310/311 Wetboek van Strafrecht)

EN/OF

hij in of omstreeks de periode van 4 juli 2008 tot en met 18 augustus 2008 te Amsterdam opzettelijk 34, althans één of meer (Tomtom) navigatie(syste(e)m(en) en/of 6, althans één of meer Organizer(s) en/of 1 MP3 speler en/of 1 (zak)telefoon (merk Nokia) en/of onderdelen (van die navigatie(system(e)m(en) en/of (bij die navigatiesyste(e)m(en) behorende) accessoires, in elk geval enig goed, dat / die geheel of ten dele toebehoorde(n) aan Tomtom n.v, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, en welk(e) goed(eren) verdachte uit hoofde van zijn persoonlijke dienstbetrekking van / als medewerker custom suport, in elk geval anders dan door misdrijf onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

(Artikel 321/322 Wetboek van Strafrecht)

2. Voorvragen

3. Waardering van het bewijs

3.1. De rechtbank acht – met de officier van justitie en de verdediging - niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen in zaak A onder 3 en 4 is telastegelegd, zodat verdachte daarvan dient te worden vrijgesproken.

3.2. De raadsman heeft ten aanzien van het in zaak A onder 2 telastegelegde vrijspraak bepleit en daartoe – hier kort samengevat en verder in detail uitgewerkt in zijn pleitnotities –aangevoerd dat er geen sprake is van meerdere leugens, op zodanige wijze samengeweven dat zij met elkaar een bedrieglijke schijn van waarheid geven, zodat er geen sprake is van een samenweefsel van verdichtselen.

De rechtbank verwerpt dit verweer en overweegt daartoe dat uit de samenhang tussen het in zaak A onder 1 telastegelegde en het in zaak A onder 2 telastegelegde blijkt dat er sprake is van een samenweefsel van verdichtselen, nog los van het feit dat in het onder 2 telastegelegde er meerdere leugens zijn opgenomen.

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte

ten aanzien van het in zaak A onder 1 telastegelegde:

in de periode vanaf 18 juni 2008 tot en met 30 september 2008 in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, met het oogmerk om zich en (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en van een valse hoedanigheid en door listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels, [persoon 1] en/of [persoon 2] heeft bewogen tot de afgifte van 23.600 euro, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid die [persoon 1] en/of die [persoon 2] een kist met ogenschijnlijk 100 dollar biljetten, gestempeld met de tekst 'security', getoond

en die [persoon 1] voorgehouden dat er vloeistof nodig was om alle stempels van de biljetten te verwijderen

en dat het bestellen van die vloeistof kosten met zich meebracht

en die [persoon 1] voorgehouden dat hij na het reinigen van die biljetten en het betalen van de bijkomende kosten, kon beschikken over (een deel van) een erfenis, waardoor [persoon 1] en/of [persoon 2] werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte;

ten aanzien van het in zaak A onder 2 telastegelegde:

in de periode vanaf 12 september 2008 tot en met 30 september 2008 in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en van een valse hoedanigheid en door listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels, [persoon 1] te bewegen tot de afgifte van ongeveer 340.000 euro, met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - opzettelijk valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid die [persoon 1] voorgehouden dat er document(en) nodig waren ter vrijmaking van een zogenaamde erfenis en/of dat het geld van die erfenis klaar zou liggen;

ten aanzien van het in zaak B telastegelegde:

in de periode van 4 juli 2008 tot en met 18 augustus 2008 te Amsterdam met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in het aan het [adres] gelegen bedrijfspand in gebruik bij TomTom NV heeft weggenomen TomTtom navigatiesystemen en organizers en 1 MP3 speler en 1 zaktelefoon (merk Nokia) en onderdelen van die navigatiesystemen en bij die navigatiesystemen behorende accessoires, toebehorende aan TomTom NV, waarbij verdachte de weg te nemen goederen onder zijn bereik heeft gebracht door de sloten van de afgesloten kastdeuren te forceren;

EN

in de periode van 4 juli 2008 tot en met 18 augustus 2008 te Amsterdam TomTom navigatiesystemen en onderdelen van die navigatiesystemen en bij die navigatiesystemen behorende accessoires, die geheel toebehoorden aan TomTom NV, en welke goederen verdachte uit hoofde van zijn persoonlijke dienstbetrekking als medewerker custom support onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend.

Voorzover in de telastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in zijn verdediging geschaad.

4. Het bewijs

De rechtbank grondt haar beslissing dat verdachte het bewezen geachte heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat.

5. De strafbaarheid van de feiten

De bewezen geachte feiten zijn volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.

6. De strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

7. Motivering van de straffen

De officier van justitie heeft bij requisitoir gevorderd dat verdachte ter zake van de door hem in zaak A onder 1 en 2 bewezengeachte feiten en de door hem in zaak B bewezengeachte feiten zal worden veroordeeld tot een werkstraf voor de duur van 180 uren, met bevel, voor het geval dat de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 90 dagen en een geldboete ter hoogte van

€ 2000,00, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 40 dagen. Ten aanzien van het beslag heeft de officier van justitie gevorderd dat voorwerp nummer 3 wordt teruggegeven aan [persoon 5] en voorwerp nummer 5 aan [persoon 6]. Met betrekking tot de overige items heeft de officier van justitie gevorderd dat deze worden bewaard ten behoeve van de rechthebbende.

De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon en de draagkracht van verdachte, zoals van een en ander ter terechtzitting is gebleken.

Verdachte heeft, samen met zijn mededader(s), [persoon 1] benaderd met het gefingeerde verhaal dat hij aanspraak zou kunnen maken op een erfenis van 16,2 miljoen euro. Verdachte en zijn mededader(s) zijn uiterst geraffineerd en gewetenloos te werk gegaan.

Het uit Duitsland afkomstige slachtoffer is door de mededader(s) van verdachte naar een daartoe tijdelijk gehuurde kantoorruimte in Amsterdam gebracht, waar hij de erfenis in ontvangst zou kunnen nemen. Nadat het slachtoffer hier een bedrag van € 8.500 had betaald, kreeg hij een koffer met geld te zien, waarbij hem werd verteld dat dit geld was voorzien van stempels om diefstal te voorkomen. Ter plekke werd met behulp van een vloeistof een biljet ontdaan van het stempel (dit wordt ook wel aangeduid als ‘wash-wash’). Daarna kreeg hij te horen dat de reinigingsvloeistof op was en dat voor de reiniging van de overige biljetten een aanzienlijk geldbedrag betaald diende te worden.

Nadat het slachtoffer tijdens een nieuwe afspraak een bedrag van € 13.000 had betaald, bleek dat de fles met vloeistof kapot was gegaan en werd het slachtoffer verteld dat hij nogmaals een groot geldbedrag diende te betalen voor nieuwe vloeistof.

Het slachtoffer heeft toen geld geleend van een vriend van hem, [persoon 2]. Samen zijn zij naar Amsterdam gereisd en naar de eerdergenoemde kantoorruimte gebracht. Verdachte spreekt vloeiend Duits en trad bij deze gelegenheid op als tolk. Verdachte was er bij toen de koffer met geld werd getoond. Hij heeft gezegd dat er vloeistof gekocht moest worden om de stempels van de biljetten te verwijderen en was aanwezig toen het slachtoffer daartoe € 23.500 betaalde. Verdachte heeft nadien tevens meerdere malen telefonisch contact gehad met de slachtoffers en hij heeft hen onder andere bedriegelijkvoorgehouden dat er € 340.000 betaald moest worden voor een officieel document dat noodzakelijk was om het geld vrij te laten komen.

Verdachte heeft in belangrijke mate bijgedragen aan het gewekte vertrouwen bij de uit Duitsland afkomstige slachtoffers. Door het optreden van verdachte, waarover hij tevoren overleg voerde met zijn mededader(s), werden de slachtoffers overtuigd van de oprechtheid van de aan hen voorgeschotelde verhalen.

Hoewel de slachtoffers van verdachte en diens mededader(s) mogelijk werden gedreven door hebzucht, doet dat niets af aan de strafwaardigheid en de verwerpelijkheid van het bewezen verklaarde. Onder meer uit de verklaringen van de verdachte zelf volgt dat personen die zich met deze vorm van oplichting bezighouden juist appelleren aan de hebzucht van hun slachtoffers en daarbij zelf floreren.

De rechtbank rekent verdachte en zijn mededader(s) hun geraffineerde en gewetenloze handelswijze ernstig aan. Deze vorm van oplichting schaadt het vertrouwen in het bank- en kredietwezen en het gebruik van internet. Door aldus te handelen hebben verdachte en zijn mededader(s) het vertrouwen dat bij de slachtoffers is gewekt op ernstige wijze beschaamd en de slachtoffers ernstig financieel benadeeld en gepoogd te benadelen. Verdachte heeft zijn eigen financiële gewin boven de financiële schade van de slachtoffers gesteld.

Verdachte heeft zich daarnaast schuldig gemaakt aan diefstal met braak en verduistering in dienstbetrekking. De rechtbank acht dit ernstige feiten. Verdachte heeft door deze strafbare feiten te plegen het vertrouwen dat zijn werkgever in hem stelde beschaamd.

In het voordeel van verdachte overweegt de rechtbank dat verdachte in Nederland niet eerder voor vergelijkbare zaken is veroordeeld en dat het aandeel van verdachte in de ‘wash-wash’ kwestie beperkt is gebleven.

De rechtbank is van oordeel dat gelet op alle hierna te noemen omstandigheden aanleiding bestaat om bij de straftoemeting af te wijken van hetgeen door de officier van justitie is gevorderd. Verdachte heeft ter terechtzitting kenbaar gemaakt dat hij heeft ingezien dat hij niet op de juiste wijze heeft gehandeld. De rechtbank wil enerzijds niet voorbijgaan aan de oprechte indruk die verdachte ter terechtzitting heeft gemaakt. Anderzijds heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan het plegen van uiteenlopende strafbare feiten waarbij verdachte zich korte tijd na de (poging tot) oplichting schuldig heeft gemaakt aan diefstal met braak en verduistering in dienstbetrekking. De rechtbank acht het van belang dat aan verdachte een voorwaardelijke gevangenisstraf wordt opgelegd om hem er in de toekomst van te weerhouden wederom strafbare feiten te plegen.

8. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straffen zijn gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 23, 24a, 24c, 45, 47, 57, 311, 321, 322 en 326 van het Wetboek van Strafrecht.

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

9. Beslissing

Verklaart het in zaak A onder 3 en 4 telastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart bewezen dat verdachte het in zaak A onder 1 en 2 telastegelegde en het in zaak B telastegelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 3 is aangegeven.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is telastegelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Het bewezenverklaarde levert op:

ten aanzien van het in zaak A onder 1 bewezenverklaarde:

medeplegen van oplichting;

ten aanzien van het in zaak A onder 2 bewezenverklaarde:

medeplegen van poging tot oplichting;

ten aanzien van het in zaak B bewezenverklaarde:

diefstal waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak

en

verduistering gepleegd door hem die het goed uit hoofde van zijn persoonlijke dienstbetrekking onder zich heeft.

Verklaart het bewezene strafbaar.

Verklaart verdachte, [verdachte], daarvoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 (dertig) dagen.

Beveelt dat deze straf niet tenuitvoergelegd zal worden, tenzij later anders wordt gelast.

Stelt daarbij een proeftijd van 2 (twee) jaar vast.

De tenuitvoerlegging kan worden gelast indien veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit schuldig maakt.

Veroordeelt verdachte voorts tot een taakstraf bestaande uit een werkstraf voor de duur van 120 (honderdtwintig) uren, met bevel, voor het geval dat de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 60 (zestig) dagen, met bevel dat de tijd die door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van deze straf geheel in mindering zal worden gebracht naar de maatstaf van 2 uren per dag.

Beveelt dat verdachte de aanwijzingen en opdrachten opvolgt die hem in het kader van de tenuitvoerlegging van de taakstraf door of namens de reclassering worden gegeven.

Veroordeelt verdachte voorts tot een geldboete ter hoogte van € 1000 (duizend euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door hechtenis voor de tijd van 20 (twintig) dagen.

Bepaalt dat de geldboete in 4 (vier) maandelijkse termijnen van elk € 250,00 (tweehonderdvijftig euro) mag worden voldaan.

Gelast de bewaring ten behoeve van de rechthebbende van:

3 1.00 STK Zaktelefoon Kl:grijs, SAMSUNG 35509301775241/701, 3448378

5 1.00 STK Zaktelefoon Kl:zwart, NOKIA 359565013642680, 3448409

6 1.00 STK Computer Kl:grijs, HP pav M70000, 3449921

7 1.00 STK Zaktelefoon Kl:zwart, NOKIA rm291, 3449922

8 1.00 STK Zaktelefoon Kl:groen, NOKIA 3410, 3449925

10 1.00 STK Zaktelefoon Kl:grijs, NOKIA, 3449927

11 2.00 STK Sleutelbos, -, 3449929

12 16.00 STK Document, -, 3449950

13 1.00 STK Computer Kl:zwart, ACER, 3449958

14 11.00 STK Document Kl:wit, -, 3449965

15 2.00 STK Document Kl:wit, -, 3449972

16 3.00 STK Document Kl:wit, -, 3449973

17 2.00 STK Document Kl:wit, -, 3449974

18 5.00 STK Document Kl:wit, -, 3449975

19 1.00 STK Zaktelefoon Kl:zwart, -, 3449976

20 1.00 STK Zaktelefoon, NOKIA, 3449979

21 1.00 STK Computer, DELL pp111l, 3449960

Dit vonnis is gewezen door

mr. F.G. Bauduin, voorzitter,

mrs. H.J. Bunjes en E.D.M. Knegt, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. D. Riani el Achhab, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 7 januari 2009.