Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2009:BH0528

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
21-01-2009
Datum publicatie
22-01-2009
Zaaknummer
13/525001-06
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Gevangenisstraf voor de duur van 5 jaar en 3 maanden voor vervaardigen en in bezit hebben kinderporno, seksueel binnendringen bij iemand die de leeftijd van 12 maar nog niet die van 16 jaren heeft bereikt, verleiding minderjarige, feitelijke aanranding van de eerbaarheid en het bereiden en in bezit hebben van 5 (vijf) kilo hennep.

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafrecht
Wetboek van Strafrecht 240b
Wetboek van Strafrecht 245
Wetboek van Strafrecht 248a
Wetboek van Strafvordering
Wetboek van Strafvordering 351
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NBSTRAF 2009/61
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Parketnummer: 13/525001-06 (PROMIS)

Datum uitspraak: 21 januari 2009

op tegenspraak

VONNIS

van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] (Pakistan) op [geboortedatum] 1951,

zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,

gedetineerd in het Huis van Bewaring “Almere Binnen” te Almere.

De rechtbank heeft beraadslaagd naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 8 januari 2009.

1. Telastelegging

Aan verdachte is telastegelegd dat

1.

hij op of omstreeks 12 november 2005 te Amsterdam tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een pand aan de [adres 1]) een hoeveelheid (van ongeveer 5 kilogram) hennep en/of een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan (en/of hashish), in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep (en/of hashish), zijnde hennep (en/of hashish) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;

(artikel 3 B,C Opiumwet)

2.

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2003 tot en met 12 november 2005 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, één of meermalen een afbeelding en/of een gegevensdrager, bevattende een of meer afbeeldingen van seksuele gedragingen (zoals hierna omschreven), (te weten

- A) (in of omstreeks de periode van 14 november 2003 tot en met 12 november 2005) zes, althans een of meer videobanden en/of een of meer foto's/afbeeldingen (op cdrom) (met daarop een persoon, genaamd [persoon 1] (geboren op [geboortedatum] 1989)

en/of

- B) (in of omstreeks de periode van 15 oktober 2004 tot en met 12 november 2005) drie, althans een of meer videobanden en/of een of meer foto's/afbeeldingen (op cdrom) (met daarop een persoon (meisje vermoedelijk genaamd [persoon 2])),

bij welke vorenbedoelde afbeelding(en) (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken, (telkens) heeft verspreid en/of vervaardigd en/of ingevoerd en/of uitgevoerd en/of in bezit heeft gehad, te weten, in elk geval -zakelijk weergegeven - een afbeelding en/of een gegevensdrager, te weten voornoemde videobanden en/of een of meer foto's/afbeeldingen (op cdrom) bevattende afbeeldingen(en) en/of videobeeld(en) van

A) voornoemde [persoon 1] waarop te zien is dat zij meermalen, althans eenmaal, wordt betast aan haar borsten en/of buik en/of billen en/of vagina door een volwassen persoon en/of zij meermalen, althans eenmaal wordt gepenetreerd in haar vagina door een volwassen man en/of zij de penis van een volwassen man vasthoudt en/of aan de penis trekt en/of zij aan haar vagina wordt gelikt door een volwassen man

en/of

B) voornoemde persoon (meisje vermoedelijk genaamd [persoon 2]) waarop te zien is dat zij meermalen, althans eenmaal, wordt betast aan haar borsten en/of buik en/of billen en/of vagina en/of anus door een volwassen persoon en/of zij meermalen, althans eenmaal, wordt gepenetreerd in haar vagina en/of anus door (de penis en/of vinger van) een volwassen man en/of zij de penis van een volwassen man vasthoudt en/of aan de penis trekt;

(artikel 240b Wetboek van Strafrecht)

3.

hij in of omstreeks de periode van 14 november 2003 tot en met 12 december 2003 te Amsterdam, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met [persoon 1] (geboren op [geboortedatum] 1989), die (telkens) de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, die (telkens) bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [persoon 1], immers heeft hij verdachte en/of (een of meer van) zijn mededader(s)

(op of omstreeks 14 november 2003)

- de kleding van die [persoon 1] uitgetrokken en/of

- de borsten en/of buik en/of billen en/of vagina en/of lichaam van die [persoon 1] aangeraakt en/of betast en/of gemasseerd en/of met bodylotion of massage-olie, althans een vloeistof, ingesmeerd en/of

- de rug van die [persoon 1] ( met (grote) kracht) naar beneden

geduwd en/of getrokken en/of

- een of meermalen (met (grote) kracht) zijn, verdachte's en/of zijn mededader(s) penis in de vagina van die [persoon 1] gebracht en/of gestoten en/of geduwd en/of heen en weer bewogen

EN/OF

(op of omstreeks 28 november 2003)

(zulks terwijl hij verdachte en/of zijn mededader(s) een bivakmuts droeg(en))

- de borsten en/of billen van die [persoon 1] aangeraakt en/of betast en/of gemasseerd en/of

- die [persoon 1] op de grond geduwd en/of

- die [persoon 1] (met kracht) bij de nek en/of arm(en) vastgepakt en/of vastgehouden en/of

- het hoofd van die [persoon 1] in een matras geduwd en/of

- de billen van die [persoon 1] omhoog getrokken en/of

- een of meermalen (met (grote) kracht) zijn, verdachte's en/of zijn mededader(s) penis in de vagina van die [persoon 1] gebracht en/of gestoten en/of geduwd en/of heen en weer bewogen

EN/OF

(op of omstreeks 12 december 2003)

(zulks terwijl hij verdachte en/of zijn mededader(s) een bivakmuts en/of masker droeg(en))

- die [persoon 1] een pruik en/of doek voorgedaan op haar hoofd en/of gezicht en/of

- de borsten en/of billen en/of vagina en/of lichaam van die [persoon 1] aangeraakt en/of betast en/of gemasseerd en/of gestreeld en/of

- de vagina van die [persoon 1] gelikt en/of

- zich door die [persoon 1] laten aftrekken en/of

- zijn, verdachte's en/of zijn mededader(s) penis in het gezicht en/of tussen de borsten van die [persoon 1] gewreven en/of

- de schouders en/of hoofd van die [persoon 1] in/tegen het matras geduwd en/of

- de benen van die [persoon 1] gespreid en/of naar achteren geduwd en/of

- zich (met kracht) op die [persoon 1] laten vallen en/of

- de armen van die [persoon 1] vastgepakt en/of vastgehouden en/of die [persoon 1] naar achteren getrokken en/of

- een of meermalen (met (grote) kracht) zijn, verdachte's en/of zijn mededader(s) penis in de vagina van die [persoon 1] gebracht en/of gestoten en/of geduwd en/of heen en weer bewogen;

(artikel 245 Wetboek van Strafrecht)

en/of

hij in of omstreeks de periode van 14 november 2003 tot en met 12 december 2003 te Amsterdam (telkens) tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, (telkens) met [persoon 1], geboren op [geboortedatum] 1989, die toen (telkens) de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, (telkens) buiten echt een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, immers heeft hij verdachte en/of zijn mededader(s) (telkens)

(op of omstreeks 14 november 2003)

- de kleding van die [persoon 1] uitgetrokken en/of

- de borsten en/of buik en/of billen en/of vagina en/of lichaam van die [persoon 1] aangeraakt en/of betast en/of gemasseerd en/of met bodylotion of massage-olie, althans een vloeistof, ingesmeerd en/of

- de rug van die [persoon 1] (met (grote) kracht) naar beneden geduwd en/of getrokken

EN/OF

(op of omstreeks 28 november 2003)

(zulks terwijl hij verdachte en/of zijn mededader(s) een bivakmuts droeg(en))

- de borsten en/of billen van die [persoon 1] aangeraakt en/of betast en/of gemasseerd en/of

- die [persoon 1] op de grond geduwd en/of

- die [persoon 1] (met kracht) bij de nek vastgepakt en/of vastgehouden en/of

- het hoofd van die [persoon 1] in een matras geduwd en/of

- de billen van die [persoon 1] omhoog getrokken

EN/OF

(op of omstreeks 12 december 2003)

(zulks terwijl hij verdachte en/of zijn mededader(s) een bivakmuts en/of masker droeg(en))

- die [persoon 1] een pruik en/of doek voorgedaan op haar hoofd en/of gezicht en/of

- de borsten en/of billen en/of vagina en/of lichaam van die [persoon 1] aangeraakt en/of betast en/of gemasseerd en/of gestreeld en/of

- de vagina van die [persoon 1] gelikt en/of

- zich door die [persoon 1] laten aftrekken en/of

- zijn, verdachte's en/of zijn mededader(s) penis in het gezicht en/of tussen de borsten van die [persoon 1] gewreven en/of

- de schouders en/of hoofd van die [persoon 1] in/tegen het matras geduwd en/of

- de benen van die [persoon 1] gespreid en/of naar achteren geduwd en/of

- zich (met kracht) op die [persoon 1] laten vallen en/of

- de armen van die [persoon 1] vastgepakt en/of vastgehouden en/of die [persoon 1] naar achteren getrokken;

(artikel 247 Wetboek van Strafrecht)

Subsidiair:

hij in of omstreeks de periode van 14 november 2003 tot en met 12 december 2008 te Amsterdam (telkens) tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, (telkens) een of meermalen door giften of beloften van geld of goed of misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht of door misleiding, een minderjarige te weten [persoon 1] (geboren op [geboortedatum] 1989) wiens minderjarigheid hij, verdachte en/of zijn mededader(s) kende(n) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden, opzettelijk heeft/hebben bewogen ontuchtige handelingen met hem, verdachte en/of zijn

mededader(s) te plegen of zodanige handelingen van verdachte en/of zijn mededader(s) te dulden, immers heeft hij , verdachte en/of zijn mededader(s) (telkens) door zich aan die [persoon 1] voor te doen als een fotograaf (te goeder trouw) en/of door die [persoon 1] een (mogelijke) toekomst als (foto)model in het vooruitzicht te stellen en/of voor te houden en/of door het in het vooruitzicht stellen van en/of geven van een of meer geldbedragen aan die [persoon 1]

(op of omstreeks 14 november 2003)

- de kleding van die [persoon 1] uitgetrokken en/of

- de borsten en/of buik en/of billen en/of vagina en/of lichaam van die [persoon 1] aangeraakt en/of betast en/of gemasseerd en/of met bodylotion of massage-olie, althans een vloeistof, ingesmeerd en/of

- de rug van die [persoon 1] (met (grote) kracht) naar beneden geduwd en/of getrokken

EN/OF

(op of omstreeks 28 november 2003)

(zulks terwijl hij verdachte en/of zijn mededader(s) een bivakmuts droeg(en))

- de borsten en/of billen van die [persoon 1] aangeraakt en/of betast en/of gemasseerd en/of

- die [persoon 1] op de grond geduwd en/of

- die [persoon 1] (met kracht) bij de nek vastgepakt en/of vastgehouden en/of

- het hoofd van die [persoon 1] in een matras geduwd en/of

- de billen van die [persoon 1] omhoog getrokken

EN/OF

(op of omstreeks 12 december 2003)

(zulks terwijl hij verdachte en/of zijn mededader(s) een bivakmuts en/of masker droeg(en))

- die [persoon 1] een pruik en/of doek voorgedaan op haar hoofd en/of gezicht en/of

- de borsten en/of billen en/of vagina en/of lichaam van die [persoon 1] aangeraakt en/of betast en/of gemasseerd en/of gestreeld en/of

- de vagina van die [persoon 1] gelikt en/of

- zich door die [persoon 1] laten aftrekken en/of

- zijn, verdachte's en/of zijn mededader(s) penis in het gezicht en/of tussen de borsten van die [persoon 1] gewreven en/of

- de schouders en/of hoofd van die [persoon 1] in/tegen het matras geduwd en/of

- de benen van die [persoon 1] gespreid en/of naar achteren geduwd en/of

- zich (met kracht) op die [persoon 1] laten vallen en/of

- de armen van die [persoon 1] vastgepakt en/of vastgehouden en/of die [persoon 1] naar achteren getrokken;

(artikel 248a Wetboek van Strafrecht)

4.

hij in of omstreeks de periode van 15 oktober 2004 tot en met 20 oktober 2004 te Amsterdam, althans in Nederland, (telkens) met een thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]), die (telkens) de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, die (telkens) bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van

voornoemd thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]), immers heeft hij verdachte

(op of omstreeks 15 oktober 2004)

- voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) een masker voorgedaan en/of

- een of meermalen de borsten en/of vagina van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) aangeraakt en/of betast en/of

- de borsten en/of vagina en/of anus en/of lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) met massage-olie en/of glijmiddel, althans een vloeistof, ingesmeerd en/of gemasseerd en/of

- zijn, verdachte's penis tegen de billen en/of het lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gedrukt en/of gehouden en/of gewreven en/of

- een of meermalen de hand van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gebracht en/of geduwd om zijn verdachte’s penis en/of

- het lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) op hem, verdachte, getrokken en/of geduwd en/of

- een kussen onder de billen van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gebracht en/of

- een of meermalen voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) heeft gezoend en/of gekust en/of

- zich door voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) laten aftrekken en/of

- aan de schouders en/of heupen van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) getrokken en/of geduwd en/of

- een of meermalen (met (grote) kracht) zijn, verdachte's penis en/of vinger in de vagina en/of anus van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gebracht en/of gestoten en/of geduwd en/of heen en weer bewogen

EN/OF

(op of omstreeks 20 oktober 2004)

- voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) een masker voorgedaan en/of

- zijn, verdachte's penis, tegen het lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gedrukt en/of geduwd en/of gehouden en/of

- de billen en/of vagina van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gekneed en/of gemasseerd en/of betast en/of uit elkaar gehouden en/of

- de vagina en/of anus en/of lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) met massage-olie en/of glijmiddel, althans een vloeistof, ingesmeerd en/of gemasseerd en/of

- een of meermalen (met (grote) kracht) zijn, verdachte's penis en/of vinger in de vagina en/of anus van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gebracht en/of gestoten en/of geduwd en/of heen en weer bewogen;

(artikel 245 Wetboek van Strafrecht)

en/of

hij in of omstreeks de periode van 15 oktober 2004 tot en met 20 oktober 2004 te Amsterdam, althans in Nederland, te Amsterdam (telkens) met een thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]), die toen (telkens) de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, (telkens) buiten echt een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, immers heeft hij verdachte (telkens)

(op of omstreeks 15 oktober 2004)

- voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) een masker voorgedaan en/of

- een of meermalen de borsten en/of vagina en/of anus van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) aangeraakt en/of betast en/of

- de borsten en/of vagina en/of anus en/of lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) met massage-olie en/of glijmiddel, althans een vloeistof, ingesmeerd en/of gemasseerd en/of

- zijn, verdachte's penis tegen de billen en/of het lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gedrukt en/of gehouden en/of gewreven en/of

- een of meermalen de hand van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gebracht en/of geduwd om zijn verdachte’s penis en/of

- het lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) op hem, verdachte, getrokken en/of geduwd en/of

- een kussen onder de billen van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gebracht en/of

- een of meermalen voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) heeft gezoend en/of gekust en/of

- zich door voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) laten aftrekken en/of

- aan de schouders en/of heupen van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) getrokken en/of geduwd

EN/OF

(op of omstreeks 20 oktober 2004)

- voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) een masker voorgedaan en/of

- zijn, verdachte's penis, tegen het lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gedrukt en/of geduwd en/of gehouden en/of

- de billen en/of vagina van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gekneed en/of gemasseerd en/of betast en/of uit elkaar gehouden en/of

- de vagina en/of anus en/of lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) met massage-olie en/of glijmiddel, althans een vloeistof, ingesmeerd en/of gemasseerd;

(artikel 247 Wetboek van Strafrecht)

Subsidiair:

hij in of omstreeks de periode van 15 oktober 2004 tot en met 20 oktober 2004 te Amsterdam (telkens) een of meermalen door giften of beloften van geld of goed of misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht of door misleiding, een minderjarige te weten een thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) (leeftijd ongeveer 13 jaar) wiens minderjarigheid hij, verdachte kende of redelijkerwijs moest vermoeden, opzettelijk heeft bewogen ontuchtige handelingen met hem, verdachte te plegen of zodanige handelingen van verdachte te dulden, immers heeft hij (telkens) door zich aan die thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) voor te doen als een fotograaf (te goeder trouw) en/of door die thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) een (mogelijke) toekomst als (foto)model in het vooruitzicht te stellen en/of voor te houden en/of door aan die thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) voor te houden dat hij, verdachte, alleen foto's van haar gezicht zou gaan maken en/of door het in het vooruitzicht stellen van en/of geven van een of meer geldbedragen aan die thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2])

(op of omstreeks 15 oktober 2004)

- voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) een masker voorgedaan en/of

- een of meermalen de borsten en/of vagina en/of anus van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) aangeraakt en/of betast en/of

- de borsten en/of vagina en/of anus en/of lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) met massage-olie en/of glijmiddel, althans een vloeistof, ingesmeerd en/of gemasseerd en/of

- zijn, verdachte's penis tegen de billen en/of het lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gedrukt en/of gehouden en/of gewreven en/of

- een of meermalen de hand van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gebracht en/of geduwd om zijn verdachte’s penis en/of

- het lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk

genaamd [persoon 2]) op hem, verdachte, getrokken en/of geduwd en/of

- een kussen onder de billen van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gebracht en/of

- een of meermalen voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) heeft gezoend en/of gekust en/of

- zich door voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) laten aftrekken en/of

- aan de schouders en/of heupen van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) getrokken en/of geduwd

EN/OF

(op of omstreeks 20 oktober 2004)

- voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) een masker voorgedaan en/of

- zijn, verdachte's penis, tegen het lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gedrukt en/of geduwd en/of gehouden en/of

- de billen en/of vagina van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) gekneed en/of gemasseerd en/of betast en/of uit elkaar gehouden en/of

- de vagina en/of anus en/of lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon (vermoedelijk genaamd [persoon 2]) met massage-olie en/of glijmiddel, althans een vloeistof, ingesmeerd en/of gemasseerd;

(artikel 248a Wetboek van Strafrecht)

5.

hij op of omstreeks 16 september 2003 te Amsterdam, meermalen, althans eenmaal, door geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [persoon 3] (geboren op [geboortedatum] 1985) heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden van een of meer ontuchtige handelingen, bestaande uit het maken van een of meer video-opname(s) van die [persoon 3] terwijl zij hiervan niet op de hoogte was en/of waarvoor zij geen toestemming had gegeven en bestaande die feitelijkheden uit het

- terwijl van die [persoon 3] (naakt)foto's werden gemaakt/genomen en/of terwijl die [persoon 3] seksuele handelingen verrichtte (te weten dat haar buik werd ingesmeerd met massageolie en/of dat zij zich uitkleedde en/of dat verdachte zijn penis tegen haar vagina aandrukte)-

onverhoeds en/of heimelijk aanzetten van een of meer videocamera's en/of het onverhoeds en/of heimelijk filmen van een of meer naakte lichaamsdelen van die [persoon 3];

(artikel 246 Wetboek van Strafrecht)

2. Voorvragen

Ontvankelijkheid van de officier van justitie.

De raadsman heeft ter terechtzitting aangevoerd dat de officier van justitie in het aanvullende onderzoek veel vragen heeft opengelaten. De verdediging is hierdoor gefrustreerd. Er is een vertrouwensbreuk ontstaan. De beginselen van een goede procesorde zijn geschonden alsmede het beginsel van ‘equality of arms’ dat voortvloeit uit artikel 6 van het EVRM. Het verzuim van de officier van justitie is dermate ernstig dat zij, naar het oordeel van de raadman, niet-ontvankelijk in haar vervolging is.

De onduidelijkheden in het aanvullende onderzoek hebben volgens de raadsman betrekking op de binnentreding in de woning van verdachte, het niet kunnen bekijken van de videobeelden en schending van de redelijke termijn.

De binnentreding in de woning van verdachte op 12 november 2005 is volgens de raadsman onrechtmatig, nu op de werkbrief van SEON als aanvangstijd staat aangegeven 14.45 uur en als eindtijdstip 15.45 uur. Dit strookt niet met het proces-verbaal van de politie, waaruit een aanvangstijdstip van 15.30 uur blijkt. De raadsman verbindt hieraan de conclusie dat SEON eerder dan de politie in de woning aanwezig was, terwijl zij hier geen bevoegdheid toe had.

Verder heeft de raadsman aangevoerd dat SEON reeds op 1 november 2005 een dossier ‘[naam dossier]’ heeft aangemaakt, elf dagen voor de daadwerkelijke binnentreding. Dit impliceert volgens de raadsman dat het onderzoek naar verdachte reeds eerder in de steigers stond dan de geverbaliseerde datum van 11 november 2005.

Ten aanzien van de videobeelden geeft de raadsman aan, dat de verdediging naar aanleiding van de toegevoegde beschuldiging op grond van artikel 248a van het Wetboek van Strafrecht de behoefte had de videobeelden nogmaals in aanwezigheid van verdachte te bekijken, te meer nu bij een eerdere bestudering van de banden de audio miste. De officier van justitie wilde hier echter, volgens de raadsman onterecht, geen medewerking aan verlenen.

Tenslotte heeft de raadsman een beroep gedaan op schending van de redelijke termijn. De raadsman stelt dat het aan de officier van justitie te wijten is dat sinds de aanvang van de ‘criminal charge’ op 12 november 2005, drie jaren verstreken zijn alvorens de rechtbank een inhoudelijke beslissing op de zaak kan nemen. De raadsman verwijt de officier van justitie dat zij welbewust onnodig lang informatie en processtukken heeft achtergehouden.

De officier van justitie verzet zich tegen voorgaande verweren en stelt ten aanzien van de binnentreding dat uit moet worden gegaan van het ambtsedig proces-verbaal dat hieromtrent is opgemaakt en dat aan de werkbrief van SEON niet de conclusie kan worden verbonden die de raadsman daaruit trekt, nu SEON wellicht ook reistijd declareert. Ook aan de datum 1 november 2005 op de dossiermap van SEON kan niet het gewicht worden gehangen dat de verdediging daaraan geeft, nu hieruit niet blijkt dat verbalisant [naam] op die datum het verzoek heeft gedaan aan SEON.

Ten aanzien van de videobeelden geeft de officier van justitie aan, dat verdachte de banden heeft bekeken met zijn voormalige raadsman mr. Wiersum. Het is praktisch niet mogelijk een gedetineerde verdachte nogmaals de vele uren materiaal te laten bekijken. De huidige raadsman is echter bij herhaling uitgenodigd de banden nogmaals te bekijken.

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

Ten aanzien van de binnentreding in de woning van verdachte op 12 november 2005 is de rechtbank –met de officier van justitie- van oordeel dat uitgegaan moet worden van het ambtsedig verslag binnentreden in woning en het ambtsedig opgemaakte proces-verbaal van bevindingen d.d. 12 november 2005, waaruit blijkt dat de binnentreding plaats had op 12 november 2005 om 15.25 uur. De rechtbank gaat uit van de betrouwbaarheid van voornoemd verslag en proces-verbaal. De tijden weergegeven op de werkbrief van SEON zijn naar het oordeel van de rechtbank slechts aan te duiden als een interne verantwoording. Hieraan mag niet het gewicht worden toegekend dat de raadman eraan geeft.

Ten aanzien van de datum 1 november 2005, die is vermeld op een dossieromslag van SEON is de rechtbank van oordeel dat hieruit enkel blijkt dat SEON kennelijk een map heeft aangelegd die zij aanduidt met 1 november 2005 en dat daarin kennelijk de betreffende foto’s kunnen worden gevonden. Er is geen reden om op grond van deze dossieromslag aan te nemen dat verbalisant [naam] op die datum reeds een verzoek heeft gedaan aan SEON inzake ‘[naam dossier]’.

Met betrekking tot het bekijken van de videobeelden overweegt de rechtbank dat de aanvullende beschuldiging onder artikel 248a van het Wetboek van Strafrecht geen aanleiding geeft om verdachte de banden nogmaals te laten bekijken. Verdachte is met het niet andermaal bekijken niet in zijn verdedigingsbelang geschaad. De raadsman van verdachte is bij herhaling in de gelegenheid gesteld de beelden nogmaals te bekijken, ondanks het feit dat de videobeelden geen deel uitmaken van de processtukken en de correctheid van de inhoud van de processen-verbaal waarin deze beelden zijn beschreven, door de verdediging niet betwist is.

Tenslotte acht de rechtbank de redelijke termijn niet overschreden. Bij interlocutoir vonnis van 4 maart 2008 heeft de rechtbank geoordeeld dat de redelijke termijn weliswaar op 12 november 2005 is gaan lopen, maar dat verdachte op deze zelfde datum de benen heeft genomen en dat de tijd die verdachte zich schuilhoudt voor politie en justitie niet meetelt voor de berekening van de redelijke termijn. Op 6 december 2006 is verdachte gedagvaard. De termijn is toen weer gaan lopen. Van overschrijding van de redelijke termijn was op 4 maart 2008 daarom geen sprake. Tussen 4 maart 2008 en heden is verdachte ter observatie opgenomen geweest in het Pieter Baan Centrum en is de zaak van verdachte ter terechtzittingen van 13 mei 2008, 25 juli 2008 en 16 oktober 2008 aanhangig geweest. Er is in bovengenoemde periode geen blijk van doelbewuste frustratie van de procesvoortgang door de officier van justitie. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de redelijke termijn niet is geschonden.

De rechtbank verklaart de officier van justitie ontvankelijk in haar vervolging.

De rechtbank heeft voorts vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak en dat er geen redenen zijn voor de schorsing van de vervolging.

3. Vrijspraak

De rechtbank acht –met de raadsman en anders dan de officier van justitie- niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen onder feit 4 primair is telastegelegd, zodat verdachte daarvan dient te worden vrijgesproken.

De rechtbank overweegt hiertoe als volgt:

De rechtbank is van oordeel dat niet objectief vast is komen te staan dat het meisje, vermoedelijk genaamd [persoon 2] (hierna: [persoon 2]), ten tijde van het telastegelegde feit de leeftijd van 12 jaren had maar nog niet die van 16 jaren.

Het objectief vaststellen van de leeftijd van [persoon 2] impliceert een zekere toetsbaarheid van de werkelijke leeftijd. Deze feitelijke toets ontbreekt in dit geval.

[persoon 2] is tot op heden niet nader geïdentificeerd en verblijft thans vermoedelijk in Spanje.

[persoon 2] zegt op de aangetroffen banden, zoals omschreven in het proces-verbaal van 15 december 2005 , op band 1 dat zij 16 jaar oud is. Op band 3 zegt zij vervolgens dat zij 13 is en op straat leeft. Ze zegt eerder gelogen te hebben over haar leeftijd, omdat ze bang was dat iedereen dan de politie zou bellen.

De rechtbank acht de verklaring van [persoon 2], waarom zij eerder de fictieve leeftijd van 16 jaren opgaf, niet onaannemelijk en ook de verbalisant geeft in voornoemd proces-verbaal aan dat [persoon 2] “er jong uit ziet en niet ouder kan zijn dan 12 à 13 jaar”. Desalniettemin is de rechtbank van oordeel dat hiermee niet objectief vast is komen te staan dat [persoon 2] de leeftijd van 12 jaren maar nog niet die van 16 jaren heeft bereikt ten tijde van de opnamen. Dat [persoon 2] op band 3 de waarheid spreekt is niet feitelijk vast te stellen en genoemde verbalisant is geen deskundige op het gebied van leeftijdsonderzoek.

In het door deskundigen verrichtte leeftijdsonderzoek wordt als leeftijdsschatting gegeven dat de berekende leeftijd van [persoon 2] ten tijde van de opnamen tussen de 11,8 en 16,8 jaren was. Niet uit te sluiten valt derhalve, dat [persoon 2] de leeftijd van 16 jaren reeds wel had bereikt ten tijde van de opnamen.

4. Het bewijs

4.1 Bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte

1.

hij op 12 november 2005 te Amsterdam, opzettelijk heeft bereid en opzettelijk aanwezig heeft gehad in een pand aan de [adres 1] een hoeveelheid van 5 kilogram hennep, een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II;

2.

hij in de periode van [geboortedatum] 2003 tot en met 12 november 2005 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander, meermalen een gegevensdrager, bevattende afbeeldingen van seksuele gedragingen zoals hierna omschreven, te weten

- A) in de periode van 14 november 2003 tot en met 12 november 2005 vijf videobanden met daarop een persoon, genaamd [persoon 1] geboren op [geboortedatum] 1989

en

- B) in de periode van 15 oktober 2004 tot en met 12 november 2005 drie videobanden met daarop een meisje vermoedelijk genaamd [persoon 2],

bij welke vorenbedoelde afbeeldingen telkens een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken, telkens heeft vervaardigd en in bezit heeft gehad, te weten, in elk geval -zakelijk weergegeven - voornoemde videobanden bevattende videobeelden van

A) voornoemde [persoon 1], waarop te zien is dat zij meermalen wordt betast aan haar borsten en buik en billen en vagina door een volwassen persoon en zij meermalen, wordt gepenetreerd in haar vagina door een volwassen man en zij de penis van een volwassen man vasthoudt en aan de penis trekt en zij aan haar vagina wordt gelikt door een volwassen man

en

B) voornoemd meisje vermoedelijk genaamd [persoon 2], waarop te zien is dat zij meermalen, wordt betast aan haar borsten en vagina en anus door een volwassen persoon en zij meermalen wordt gepenetreerd in haar vagina en anus door de penis of vinger van een volwassen man en zij de penis van een volwassen man vasthoudt en aan de penis trekt;

3.

hij in de periode van 14 november 2003 tot en met 12 december 2003 te Amsterdam, telkens met [persoon 1] geboren op [geboortedatum] 1989, die telkens de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die telkens mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [persoon 1], immers heeft hij verdachte

op of omstreeks 14 november 2003

- de kleding van die [persoon 1] uitgetrokken en

- de borsten en buik en billen en vagina en lichaam van die [persoon 1] aangeraakt of gemasseerd of met bodylotion ingesmeerd en

- de rug van die [persoon 1] met grote kracht naar beneden geduwd en

- meermalen met grote kracht zijn, verdachte's, penis in de vagina van die [persoon 1] gebracht en gestoten en heen en weer bewogen

EN

op 28 november 2003

zulks terwijl hij verdachte een bivakmuts droeg

- de borsten van die [persoon 1] gemasseerd en

- die [persoon 1] op de grond geduwd en

- die [persoon 1] bij de nek en armen vastgepakt en

- het hoofd van die [persoon 1] in een matras geduwd en

- de billen van die [persoon 1] omhoog getrokken en

- meermalen met grote kracht zijn, verdachte's, penis in de vagina van die [persoon 1] gebracht en gestoten en heen en weer bewogen

EN

op 12 december 2003

zulks terwijl hij verdachte een bivakmuts droeg

- die [persoon 1] een pruik en doek voorgedaan op haar hoofd en gezicht en

- het lichaam van die [persoon 1] gestreeld en

- de vagina van die [persoon 1] gelikt en

- zich door die [persoon 1] laten aftrekken en

- zijn, verdachte's, penis in het gezicht en tussen de borsten van die [persoon 1] gewreven en

- de schouders en hoofd van die [persoon 1] in het matras geduwd en

- de benen van die [persoon 1] gespreid en naar achteren geduwd en

- zich met kracht op die [persoon 1] laten vallen en

- de armen van die [persoon 1] vastgepakt en die [persoon 1] naar achteren getrokken en

- meermalen met grote kracht zijn, verdachte's, penis in de vagina van die [persoon 1] gebracht en gestoten en heen en weer bewogen;

4 subsidiair:

hij in de periode van 15 oktober 2004 tot en met 20 oktober 2004 te Amsterdam telkens meermalen door giften of beloften van geld of misleiding, een minderjarige, te weten een thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], wiens minderjarigheid hij, verdachte, redelijkerwijs moest vermoeden, opzettelijk heeft bewogen ontuchtige handelingen van verdachte te dulden, immers heeft hij telkens door zich aan die thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], voor te doen als een fotograaf en door aan die thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], voor te houden dat hij, verdachte, alleen foto's van haar gezicht zou gaan maken en door het in het vooruitzicht stellen van en geven van geldbedragen aan die thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2],

op 15 oktober 2004

- voornoemde thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], een masker voorgedaan en

- meermalen de borsten en vagina en anus van voornoemde thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], aangeraakt en betast en

- de borsten en vagina en anus en lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], met massage-olie of glijmiddel ingesmeerd of gemasseerd en

- zijn, verdachte's, penis tegen de billen en het lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], gewreven en

- meermalen de hand van voornoemde thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], gebracht en geduwd om zijn, verdachte’s, penis en

- het lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], op hem, verdachte, getrokken en

- een kussen onder de billen van voornoemde thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], gebracht en

- meermalen voornoemde thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], heeft gezoend en gekust en

- zich door voornoemde thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], laten aftrekken en

- aan de schouders en heupen van voornoemde thans nog onbekende persoon vermoedelijk, genaamd [persoon 2], getrokken en

EN

op 20 oktober 2004

- voornoemde thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], een masker voorgedaan en

- zijn, verdachte's penis, tegen het lichaam van voornoemde thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], gehouden en

- de billen en vagina van voornoemde thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], gekneed of uit elkaar gehouden en

- de anus van voornoemde thans nog onbekende persoon, vermoedelijk genaamd [persoon 2], met glijmiddel ingesmeerd;

5.

hij op of omstreeks 16 september 2003 te Amsterdam, door feitelijkheden [persoon 3], geboren op [geboortedatum] 1985, heeft gedwongen tot het dulden van ontuchtige handelingen, bestaande uit het maken van een video-opname van die [persoon 3] terwijl zij hiervan niet op de hoogte was en waarvoor zij geen toestemming had gegeven en bestaande die feitelijkheden uit het - terwijl van die [persoon 3] naaktfoto's werden gemaakt en terwijl die [persoon 3] seksuele handelingen verrichtte te weten dat haar buik werd ingesmeerd met massageolie en dat zij zich uitkleedde- heimelijk aanzetten van een videocamera en het heimelijk filmen van een of meer naakte lichaamsdelen van die [persoon 3].

Voorzover in de telastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in zijn verdediging geschaad.

4.2 Waardering van het bewijs

De rechtbank grondt haar beslissing dat verdachte het bewezen geachte heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat. Uit deze bewijsmiddelen worden de navolgende feiten en omstandigheden benoemd.

Op 11 november 2005 komt bij de politie de melding binnen dat bij perceel [adres 1] te Amsterdam een sterke wietlucht te ruiken is. Hierop begeeft verbalisant [naam] zich naar de [adres 1], alwaar hij in het trappenhuis van [adres 1] een sterke penetrante wietlucht ruikt. In de woning van een bewoner die stelt overlast te ondervinden ruikt de verbalisant een wietlucht, die volgens deze bewoner mogelijk afkomstig is van een direct onder delen van diens woning gelegen wietplantage in de woning van perceel [huisnummer]. Op het adres nummer [huisnummer] blijkt ingeschreven te staan [verdachte], geboren op [geboortedatum] 1951 te [geboorteplaats] (Pakistan). Op 12 november 2005 begeven verbalisanten zich vervolgens met machtiging binnentreding en met kennis van diens justitiële documentatie opnieuw naar het perceel. Verbalisanten betreden de woning [adres 1] om 15.25 uur, vergezeld door twee medewerkers van SEON Amsterdam. In de woning zien verbalisanten dat in een overigens lege slaapkamerruimte een luchtpijp ligt, welke is verbonden aan een koolstoffilter. Hierna zien zij in een ruimte achter een zwarte doek twee droogtrommels. Onder deze droogtrommels staan twee in werking zijnde kachels. In deze droogtrommels blijkt zich 5 (vijf) kilo gedroogde hennep te bevinden. Uit onderzoek naar een monster van deze hoeveelheid blijkt dat de planten hennep zijn. Verdachte bekent dat de woning aan de [adres 1] van hem is. Het is niet aannemelijk geworden dat een ander dan verdachte toegang had tot de woning. Het opzettelijk aanwezig hebben van de hennep acht de rechtbank hiermee bewezen. De rechtbank ziet in de wijze waarop de hennep werd aangetroffen, dat de hennep gedroogd werd. Hiermee acht zij wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de hennep opzettelijk aan het bereiden was ten tijde van de inval door de politie.

Bij binnentreding in de woning op 12 november 2005 treffen verbalisanten naast bovengenoemde droogtrommels met hennep in het huiskamergedeelte van de woning een dermate verdachte situatie aan, dat de situatie wordt bevroren.

Verbalisant [naam verbalisant 2] is om ongeveer 17.15 uur in de woning en treft ter plaatse in de huiskamer o.a. in het midden op de grond een matras aan waarop enkele kledingstukken liggen, kennelijk van een kind. De lamp aan het plafond is middels een stuk plastic gedeeltelijk afgeschermd. Voorts staat er een foto/filmstatief in de kamer met daarop een videocamera, staan op een tafel twee computers met randapparatuur, waaronder een digitale camera, en staat in een kast een doos met vele videotapes, met daarop meisjesnamen genoteerd. De videotapes zijn na aanvang van de doorzoeking in aanwezigheid van de rechter-commissaris inbeslaggenomen.

Onder meer de videotapes met daarop de naam ‘[naam videoband]’ en de data 14 november 2003, 28 november 2003 en 12 december 2003 (in totaal 5 banden) zijn door verbalisant [naam verbalisant 3], verbonden aan de zedenpolitie, bekeken. Uit de beschrijving van de beelden door voornoemde verbalisant blijkt onder meer dat een volwassen man [persoon 1] meermalen in de vagina penetreert, waarbij de volwassen man ook andere handelingen verricht en [persoon 1] handelingen laat verrichten zoals feitelijk beschreven in de telastelegging onder 3. Niet betwist wordt dat de man op de beelden verdachte is. Op de banden van datum 12 december 2003 is naast verdachte een andere man aanwezig die de camera bedient.

Onderzoek naar de identiteit van ‘[naam videoband]’ wijst uit dat het meisje op deze beelden [persoon 1] is, geboren op [geboortedatum] 1989 te [geboorteland]. De data die op de videobanden vermeld staan, worden door verdachte niet betwist. De rechtbank gaat er derhalve van uit dat deze data de dagen zijn dat de beelden zijn gemaakt. De rechtbank heeft voorts –anders dan de raadsman- geen reden te twijfelen aan de correctheid van de geboortedatum van [persoon 1] en gaat er derhalve van uit dat [persoon 1] ten tijde van de opnamen 14 jaar oud was. [persoon 1] verklaart zelf tegen de politie, op 13 december 2005, dat zij ten tijde van het vervaardigen van de beelden 14 of 15 jaar oud was. Een vriendin van [persoon 1] heeft verklaard dat [persoon 1] volgens haar destijds 13 of 14 jaar was.

De door verdachte vervaardigde en in zijn bezit aangetroffen videotapes bevatten aldus kinderporno en de ontuchtige handelingen, mede bestaand uit het seksueel binnendringen van het lichaam, betreffen dus een persoon die al wel de leeftijd van 12 jaar heeft bereikt, maar nog niet die van 16 jaar.

Door verbalisant [naam verbalisant 3] zijn eveneens de videotapes bekeken met daarop de naam ‘[persoon 2]’ en de data 15 oktober 2004 en 20 oktober 2004 (in totaal 3 banden). Uit de beschrijving door voornoemde verbalisant van de videobeelden op de banden blijkt dat hierop is te zien hoe een volwassen man ontuchtige handelingen pleegt zoals feitelijk beschreven in de telastelegging onder 4 subsidiair met een jong uitziend meisje. Niet betwist wordt dat de man op de beelden verdachte is. Het meisje vermoedelijk genaamd [persoon 2] (hierna: [persoon 2]) dat op de beelden te zien is, is door de politie niet nader geïdentificeerd. Naar aanleiding van de beelden is een leeftijdsonderzoek gedaan naar [persoon 2]. In dit onderzoek wordt als leeftijdsschatting gegeven dat de berekende leeftijd van [persoon 2] ten tijde van de opnamen tussen de 11,8 en 16,8 jaar oud was, dus ruim jonger dan 18 jaar. Naar het oordeel van de rechtbank staat derhalve vast dat [persoon 2] ten tijde van de opnamen jonger dan 18 jaar oud was.

De beelden, vervaardigd door en in het bezit gevonden van verdachte, kunnen volgens de rechtbank dan ook als kinderporno worden gekwalificeerd en de ontuchtige handelingen betreffen dus een minderjarige.

Onder de inbeslaggenomen videotapes bevond zich eveneens een tweetal banden met het opschrift ‘[persoon 3]’ (datum 16 september 2003 en vervolgopname van band met datum 16 september 2003, datum onbekend) waarop verdachte te zien is met een meisje genaamd [persoon 3], geboren op [geboortedatum] 1985. De videobanden geven seksuele handelingen weer. [persoon 3] verklaart bij de politie dat zij ten tijde van het vervaardigen van de beelden net 18 jaar oud was. Zij verklaart voorts dat zij zich erg bedonderd voelt dat verdachte de seksuele handelingen die hij met haar pleegde op film opgenomen heeft. Zij wist daar niets van en heeft daar ook nooit toestemming voor gegeven.

De rechtbank ziet in het filmen van [persoon 3], zonder dat zij daarvan op de hoogte was en toestemming voor had gegeven –anders dan de raadsman en de officier van justitie- een ontuchtige handeling als bedoeld in artikel 246 van het Wetboek van Strafrecht. Verdachte heeft, door haar stiekem te filmen, weten te voorkomen dat [persoon 3] zich tegen dit filmen zou verzetten. Uit de verklaring van [persoon 3] blijkt ook dat [persoon 3] niet zou instemmen van het filmen van seksuele handelingen. Door de handelswijze van verdachte is [persoon 3] feitelijk gedwongen tot het dulden van de opname, welke kennelijk bedoeld was voor seksuele bevrediging van verdachte. De keuzevrijheid die [persoon 3] hierover zou moeten hebben is haar door het heimelijk handelen van verdachte ontnomen, hetgeen een aantasting vormt van het recht op seksuele zelfbeschikking waar artikel 246 van het Wetboek van Strafrecht op ziet.

5. De strafbaarheid van de feiten

De bewezen geachte feiten zijn volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.

6. De strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

7. Motivering van de straf en maatregel

7.1 Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft bij requisitoir gevorderd dat verdachte ter zake van de door haar onder 1, 2, 3 primair en 4 primair bewezengeachte feiten zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 (zes) jaren en 8 (acht) maanden, met aftrek van voorarrest.

Ten aanzien van het beslag heeft de officier van justitie gevorderd tot onttrekking aan het verkeer van de goederen onder de nummers 1, 2 en 8 van de beslaglijst en tot teruggave aan verdachte van de goederen onder de nummers 3, 4, 5, 6, 7, 9, 10 en 11 van de beslaglijst.

7.2 Standpunt van de verdediging

De raadsman verzoekt verdachte bij bewijsuitsluiting van de onder verdachte inbeslaggenomen beelden, zoals bepleit, vrij te spreken van de onder 2, 3, 4 en 5 telastegelegde feiten.

Bij toelating van het in de woning van verdachte inbeslaggenomen beeldmateriaal verzoekt de raadsman verdachte vrij te spreken van de onder 2A, 3, 4 en 5 telastegelegde feiten. De raadsman verzoekt bij bewezenverklaring de eis van de officier van justitie te matigen.

Ten aanzien van het beslag verzoekt de raadsman de onder punt 1 t/m 11 op de beslaglijst vermelde goederen aan verdachte terug te geven.

7.3 Het oordeel van de rechtbank

De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals van een en ander ter terechtzitting is gebleken.

De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.

Verdachte heeft zich herhaaldelijk schuldig gemaakt aan het vervaardigen (al dan niet in vereniging met een ander) en het in bezit hebben van kinderporno, door met verschillende minderjarige meisjes (waarvan één meisje de leeftijd van 14 jaren had en een ander meisje een leeftijd had tussen de 11,8 en 16,8 jaar oud) seksuele handelingen te verrichten en deze handelingen te filmen.

Uit de beelden blijkt voorts dat verdachte niet alleen ontuchtige handelingen met de meisjes heeft verricht, maar hen daarbij hardhandig heeft behandelend. Beide meisjes schreeuwen het regelmatig uit van de pijn en op verzoeken om op te houden wordt door verdachte niet gereageerd. Verdachte heeft aldus kwetsbare meisjes op planmatige, geraffineerde en manipulatieve wijze gebruikt voor zijn eigen seksuele bevrediging. Hij heeft daarbij geen condoom gebruikt.

Door de gladheid en manipulatieve wijze waardoor hij te werk is gegaan, onder meer door de meisjes (steeds meer) geld te beloven, zijn de meisjes verschillende malen bij verdachte terug gekomen. De rechtbank ziet in deze omstandigheid te meer de kwetsbaarheid van de meisjes, waar verdachte op grove wijze misbruik van heeft gemaakt.

Door zijn handelen heeft verdachte niet alleen misbruik gemaakt van zijn overwicht als volwassene, hij heeft tevens ernstige inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van zijn slachtoffers. De rechtbank rekent dit verdachte zwaar aan, temeer daar verdachte de laakbaarheid van zijn gedrag niet inziet. De rechtbank acht derhalve een langdurige gevangenisstraf passend en geboden.

Verdachte heeft daarnaast een 18 jarig meisje gedwongen tot het dulden van seksuele handelingen, door haar tijdens het plegen van seksuele handelingen met hem heimelijk te filmen. Tevens heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan het bereiden van 5 (vijf) kilogram hennep in zijn woning.

De rechtbank houdt bij het opleggen van de straf rekening met het Uittreksel Juridische Documentatieregister d.d. 23 september 2008 betreffende verdachte, waaruit blijkt dat verdachte reeds eerder, in 1998 is veroordeeld voor verkrachting, meermalen gepleegd.

De rechtbank is van oordeel dat gelet op de vrijspraak van het onder 4 primair telastegelegde aanleiding bestaat om bij de straftoemeting af te wijken van hetgeen door de officier van justitie is gevorderd en ziet –anders dan de officier van justitie- geen reden de straffen per feit cumulatief op te tellen, temeer nu de onder 3 en 4 bewezenverklaarde feiten deels overlappen met het onder 2 bewezenverklaarde feit.

Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat de eis van de officier van justitie hoger is dan gemiddels in soortgelijke zaken wordt opgelegd en ziet daarin reden tot matiging van de eis.

Onttrekking aan het verkeer

De onder punt 1 en 2 op de beslaglijst inbeslaggenomen en niet teruggegeven voorwerpen, dienen onttrokken te worden aan het verkeer en zijn daarvoor vatbaar, aangezien met betrekking tot deze voorwerpen het onder 2, 3 primair, 4 subsidiair en 5 bewezengeachte is begaan en deze voorwerpen van zodanige aard zijn dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet.

8. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf en maatregel is gegrond op de artikelen 36b, 36c, 47, 57, 240b, 245, 246 en 248a van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 3 en 11 van de Opiumwet.

Deze wettelijke voorschriften zijn toepasselijk zoals geldend ten tijde van het bewezengeachte.

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

9. Beslissing

Verklaart het onder 4 primair telastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart bewezen dat verdachte het onder 1, 2, 3 primair, 4 subsidiair en 5 telastegelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 4.1 is aangegeven.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is telastegelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Het bewezenverklaarde levert op:

Ten aanzien van het onder 1 bewezenverklaarde:

Opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3, onder B en C van de Opiumwet gegeven verbod.

Ten aanzien van het onder 2 bewezenverklaarde:

Medeplegen van een gegevensdrager, bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt is betrokken, vervaardigen en in bezit hebben, meermalen gepleegd.

Ten aanzien van het onder 3 primair bewezenverklaarde:

Met iemand die de leeftijd van twaalf jaren, maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd.

Ten aanzien van het onder 4 subsidiair bewezenverklaarde:

Door giften en beloften van geld en misleiding een persoon waarvan hij redelijkerwijs moet vermoeden dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, opzettelijk bewegen ontuchtige handelingen van hem te dulden, meermalen gepleegd.

Ten aanzien van het onder 5 bewezenverklaarde:

Feitelijke aanranding van de eerbaarheid.

Verklaart het bewezene strafbaar.

Verklaart verdachte, [verdachte], daarvoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 (vijf) jaren en 3 (drie) maanden.

Beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering gebracht zal worden.

Verklaart onttrokken aan het verkeer:

1. 212.00 STK Videoband

2. Diversen banden

9.00 STK Cd-Rom

Gelast de teruggave aan verdachte van:

3. 17.00 STK Niet te definiëren goederen

4. Radiocassette

2.00 STK Computer

5. IBM Aptiva en HP Compaq

2.00 STK Videocamera

6. 1 video en 1 foto camera

1.00 STK Cassetterecorder

OLYMPUS

7. 4.00 STK Harddisk

8. 65.00 STK Cd-Rom

9. 65 Floppy’s

3.00 STK Sleutel

HUISSLEUTELS

10. 1.00 STK Zaktelefoon Kl: zwart

SONY ERIKSSON K508I

11. 1.00 STK Zaktelefoon Kl: zwart

SONY ERIKSSON J220I

Dit vonnis is gewezen door

mr. G.P.C. Janssen, voorzitter,

mrs. Q.R.M. Falger en E.D.M. Knegt , rechters,

in tegenwoordigheid van mr. C. Heijnen, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 21 januari 2009.

De voorzitter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.