Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2008:BG8714

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
18-12-2008
Datum publicatie
31-12-2008
Zaaknummer
13-467315-08
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Flessentrekkerij, oplichting, witwassen en opzettelijk onjuist aangifte doen. Overlevering vanuit Frankrijk naar Nederland.

In hoeverre vallen de aan verdachte ten laste gelegde feiten onder de inhoud van de feiten waarvoor overlevering door het Franse hof was toegelaten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Parketnummer: 13/467315-08 (aangebracht met 2 dagvaardingen)

Datum uitspraak: 18 december 2008

op tegenspraak

VERKORT VONNIS

van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaken tegen

[verdachte]

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976,

ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens op het adres [adres], thans gedetineerd in het Huis van Bewaring “Zwaag” te Zwaag.

De rechtbank heeft de zaken, die successievelijk bij dagvaarding van 20 augustus 2008 en bij dagvaarding van 21 november 2008 onder het bovenvermelde parketnummer zijn aangebracht, gevoegd.

De rechtbank heeft beraadslaagd naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van

2 oktober 2008 en 4 december 2008.

De rechtbank heeft op vordering van de officier van justitie en met instemming van de verdediging bij tussenbeslissing, genomen bij aanvang van de terechtzitting van 4 december 2008, de officier van justitie op zijn vordering niet-ontvankelijk verklaard in zijn vervolging ten aanzien van onderdeel 10 van de dagvaarding van 21 november 2008. De in dat onderdeel opgenomen beschuldiging is in haar geheel niet terug te vinden in het vonnis van de Chambre de l’instruction de la Cour d’appel de Riom van 30 mei 2008 (hierna: het Franse vonnis); het vonnis waarin dit gerecht de overlevering van verdachte heeft toegestaan, zodat de overlevering (en daarmee de vervolging) niet voor het aan verdachte onder 10 tenlastegelegde is toegestaan. De behandeling van dit onderdeel van de tenlastelegging wordt derhalve verder achterwege gelaten.

1. Tenlastelegging

Aan verdachte is – na voeging van de zaken en na de ter terechtzitting van 4 december 2008 toegelaten wijziging van de daarop betrekking hebbende tenlasteleggingen, alsmede met inachtneming van de hiervoor besproken niet-ontvankelijkheid van de officier van justitie ten aanzien van het onder 10 tenlastegelegde – ten laste gelegd dat

1.

(Dossiers A/B)

hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 14 oktober 2005 tot en met 23 mei 2006 op na te noemen plaatsen, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) een beroep of een gewoonte heeft gemaakt van het kopen van goederen met het oogmerk om zonder volledige betaling zich en/of (een) ander(en) de beschikking over die goederen te verzekeren, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) (handelend namens Bouwcombinatie en/of handelend op naam van [persoon 1]), telkens met voormeld oogmerk, de navolgende goederen - op tijd en plaats daarbij vermeld - gekocht, te weten:

a)

in of omstreeks de periode van 2 november 2005 tot en met 21 april 2006 te Oss en/of te Enschede en/of te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Brakel en/of te Borculo, in elk geval in Nederland eenmaal of meermalen een of meer printer(s)/plotter(s) en/of cartridge(s) en/of printkop(pen) en/of fotopapier en/of hardware (ter waarde van circa 2762,98 euro en 7449,93 euro) besteld en/of gekocht bij CAD Accent B.V. en/of CAD Stunter (aangifte blz. 62-63)

en/of

b)

in of omstreeks de periode van 24 oktober 2005 tot en met 29 november 2005 te Hilversum en/of te Enschede en/of te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Brakel en/of te Borculo, in elk geval in Nederland, een of meer (bouw)materia(a)l(en) (ter waarde van circa 9347,27 euro en/of 776,36 euro en/of 1157,97 euro) gekocht bij Technische Unie B.V. (aangifte blz. 64-67)

en/of

d)

op 22 februari 2006 te Amsterdam, in elk geval in Nederland een of meer cv-onderde(e)l(en) (ter waarde van circa 521,81 euro) gekocht bij SoS Snelservice B.V. (aangifte blz. 82-86)

en/of

e)

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 10 januari 2006 tot en met 8 februari 2006 te Enschede en/of te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Brakel en/of te Borculo, in elk geval in Nederland een of meer kantoorartikel(en) en/of een koffiezetapparaat, althans diverse goed(eren) (ter waarde van circa 281,89 euro en/of 285,15 euro en/of 204,29 euro en/of 236,81 euro en/of 384,72 euro en/of 481,66 euro en/of 302,26 euro en/of 97,13 en/of 150,77) gekocht bij Ahrend Office products B.V.

en/of

f)

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 14 november 2005 tot en met 25 november 2005 te Enschede en/of te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Brakel en/of te Borculo, in elk geval in Nederland een of meer bo(om(en) en/of boomkwekerijartikel(en) (ter waarde van 10.600 euro en/of 1714,83 euro) gekocht bij CB&P Handelskwekerijen B.V.

en/of

g)

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 25 januari 2006 tot en met februari 2006 te Enschede en/of te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Brakel en/of te Borculo, in elk geval in Nederland een of meer diverse goederen waaronder een of meer antenne(s) en/of adapter(s) en/of kabel(s) (ter waarde van circa 1245,93 euro en/of 421,26 euro en/of 1170,96 euro en/of 3024,98 euro) gekocht bij Victory

en/of

h)

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeeks de periode van 20 oktober 2005 tot en met 28 oktober 2005 te Enschede en/of te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Brakel en/of te Borculo, in elk geval in Nederland een of meer diverse goed(eren) (waaronder een of meer antenne(s) en/of kabels (ter waarde van circa 483,14 euro en/of 301,07 euro) gekocht bij Computerline

en/of

i)

op of omstreeks 29 november 2005 te Enschede en/of te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Brakel en/of te Borculo, in elk geval in Nederland, een of meer diverse goed(eren) (waaronder een of meer kabelhaspel(s) en/of nietapparaat en/of een kettingzaag) (ter waarde van circa 4818,18 euro) gekocht bij Gunters en Meuser B.V.

en/of

j)

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 9 december 2005 tot en met 13 december 2005 te Enschede en/of te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Brakel en/of te Borculo, in elk geval in Nederland een of meer diverse goed(eren) (waaronder keukenbenodigdheden en/of etenswaren en/of dranken) (ter waarde van circa 5491,11 euro en/of 1754,23 euro en/of 1542,18 euro) gekocht bij Hanos Amsterdam B.V.

en/of

k)

op een of meer tijstip(pen) in of omstreeks de periode van 14 oktober 2005 tot en met 22 november 2005 te Enschede en/of te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Brakel en/of te Borculo, in elk geval in Nederland een of meer diverse goed(eren) (waaronder een hoeveelheid hout en/of triplex, althans een of meer diverse goed(eren)) (ter waarde van circa 1178,10 euro en/of 6813,51 en/of 4694,67 euro) gekocht bij Jongeneel B.V.

en/of

l)

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 7 februari 2006 tot en met 30 maart 2006 te Enschede en/of te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Brakel en/of te Borculo, in elk geval in Nederland een of meer diverse gereedschap(pen (ter waarde van circa 1401,23 euro en/of 936,53 euro en/of 357, euro en/of 117,22 euro en/of 1303,05 euro en/of 177,31 euro en/of 59,50 euro en/of 1178,10 euro) gekocht bij Overtoom Intern. Nederland B.V.

en/of

m)

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 14 maart 2006 tot en met 11 mei 2006 te Enschede en/of te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Brakel en/of te Borculo, in elk geval in Nederland een of meer diverse goed(eren) (waaronder een of meer machine(s) en/of badkamerbenodigdheden en/of gereedschap(pen) (ter waarde van circa 520,70 en/of 1076,52 euro) gekocht bij Wasco Holding B.V.

en/of

n)

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 25 november 2005 tot en met 12 mei 2006 te Enschede en/of te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Brakel en/of te Borculo, in elk geval in Nederland een of meer (pvc)buizen en/of bochten en/of kunststofleidingsyste(em(en), althans een of meer (diverse goederen (ter waarde van 15.872,80 euro en/of 156,89 euro en/of 46,17 euro) gekocht bij Wavin Nederland B.V.

en/of

o)

op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks 14 december 2005 tot en met 10 januari 2006 te Enschede en/of te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Brakel en/of te Borculo, in elk geval in Nederland een of meer (diverse) goed(eren) (waaronder een of meerntroleput(ten) en/of t-stuk(ken) en/of t-koppeling(en) en/of zwembadrooster(s) (ter waarde van circa 7369,99 euro en/of 6263,74 euro en/of 13,09 euro en/of 4553,89 euro) gekocht bij Wildkamp B.V.;

Artikel 326a Wetboek van Strafrecht

3.

(Dossiers A/B)

hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode 9 maart 2005 tot en met 25 april 2005 te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Enschede, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, Tempo Team heeft bewogen tot de afgifte(n) van een of meer geldbedrag(en) van in totaal (ongeveer)

- 9455,01 euro en/of

- 10.079,73 euro en/of

- 10.755,70 euro en/of

- 6593,27 euro,

althans (telkens) enig geldbedrag (aan verdachte en/of [persoon 1] en/of [persoon 2] en/of [persoon 3]) hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

(telkens)

- zich (in strijd met de waarheid) voorgedaan als bevoegd vertegenwoordiger van Netbeam,

althans namens Netbeam B.V. terwijl verdachte niet bevoegd was om Netbeam B.V. te vertegenwoordigen, een inleenovereekomst ten behoeve van het inhuren door Netbeam B.V. van verdachte en/of genoemde [persoon 1] en/of [persoon 2] en/of [persoon 3] is aangegaan met Tempo Team

en/of

- een of meer loonbelastingverklaring(en) en/of uitzendovereenkomst(en) en/of

arbeidsverklaring(en) en/of (zogeheten) op naam van hem, verdachte en/of een of meer genoemde perso(o)n(en) ingevuld en/of ondertekend

en/of

- een of meer urenbriefje(s) op naam van hem, verdachte en/of een of meer genoemde

perso(o)n(en) ingevuld en/of ondertekend ter bevestiging dat voornoemde perso(o)n(en) de op dat/die urenbriefje(s) vermelde uren heeft/hebben gewerkt voor Netbeam B.V. terwijl dit niet het geval was en/of (vervolgens) verstrekt aan Tempo Team zodat die uren zouden worden uitbetaald

en/of

- Tempo Team schriftelijk (per e-mail(s)) bericht dat voornoemde perso(o)n(en) de vermelde

uren heeft/hebben gewerkt voor Netbeam B.V. terwijl dit niet het geval was, zodat die uren zouden worden uitbetaald

en/of

- (ten behoeve van een automatische machtiging) bankgegevens van (een)

bankrekeningnummer(s) ([bankrekeningnummer]) van Netbeam verstrekt waar onvoldoende en/of geen saldo op stond(en) en/of onvoldoende en/of geen kredietmogelijkheid beschikbaar was/waren (zodat het overgemaakte bedrag gestorneerd zou worden),

waardoor Tempo Team (telkens) werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte(n);

Artikel 326 Wetboek van Strafrecht

Subsidiair:

hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 9 maart 2005 tot en met 25 april 2005 te Weesp en/of te Amsterdam en/of te Enschede, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal (telkens)

- een of meer loonbelastingverklaring(en) en/of uitzendovereenkomst(en) en/of arbeidsverklaring(en)

en/of

- een of meer (zogeheten) urenbriefje(s), zijnde (een) geschrift(en) die/dat bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen - valselijk heeft opgemaakt of vervalst, immers heeft verdachte (telkens) in strijd met de waarheid op voornoemde

- loonbelastingverklaring(en) en/of uitzendovereenkomst(en) en/of

arbeidsverklaring(en) op naam van [persoon 1] en/of [persoon 2] ingevuld en/of eenmaal of meermalen een handtekening geplaatst op voornoemde verklaring(en) en/of overeenkomst(en) (op naam van voornoemde perso(o)n(en)

en/of

- urenbriefje(s) op naam van [persoon 1] en/of [persoon 2] ingevuld en/of (vervolgens)

eenmaal of meermalen een handtekening geplaatst op voornoemde een of meer urenbriefje(s) ter bevestiging dat voornoemde perso(o)n(en) (de op dat/die urenbriefje(s) vermelde uren) heeft/hebben gewerkt voor Netbeam B.V. terwijl zulks niet het geval was en/of terwijl verdachte niet bevoegd was om Netbeam B.V. te vertegenwoordigen,

zulks (telkens) met het oogmerk om die/dat geschrift(en) als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken;

Artikel 225 Wetboek van Strafrecht

5.

(Dossiers A/B)

hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 4 mei 2007 tot en met 30 mei 2008 te Enschede en/of te Amsterdam en/of te Weesp en/of te Brakel en/of te Borculo, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen of ene ander, althans alleen, van witwassen een gewoonte heeft/hebben gemaakt, immers heeft/hebben hij, verdachte en/of zijn mededader(s)

a) een of meer geldbedrag(en) ter waarde van circa:

- 180.000 euro, althans 110.000 euro en/of 70.000,- euro (hoofdsom en bouwdepot MoneYou BV) en/of

- 9455,01 euro en/of 10.079,73 euro en/of 10.755,70 euro en/of 6593,27 euro (Tempo Team) en/of

- 9656,85 euro (MCC/KPN)

en/of

b) een of meer goederen te weten een of meer printer(s)/plotter(s) en/of cartridge(s) en/of printkop(pen) en/of (bouw)materia(a)l(en) (a. Technische Unie BV) en/of diverse kantoorartikelen (c. Ahrend Office Products) en/of een of meer bo(o)m(en) en/of boomkwekerijartikel(en) (g. CB&P Handelskwekerijen BV) en/of een hoeveelheid hout en/of triplex (l. Jongeneel BV) en/of een of meer grondverzetmachine(s) en/of diverse gereedschap(pen) (m. Overtoom International BV en o. Wasco Holding BV) en/of een of meer machine(s) en/of badkamerbenodigdheden (o. Wasco Holding BV) een of meer (pvc) buizen en/of bochten en/of kunststofleidingsyste(e)men (p.Wavin) en/of een of meer kontroleput(ten) en/of t-stuk(ken) en/of t-koppelingen en/of zwembadrooster(s)

(q. Wildkamp) en/of bouwmateria(a)l(en) en/of cv-onderdelen en/of hardware en/of abonnementen

verworven en/of voorhanden gehad en/of overgedragen en/of omgezet, zulks terwijl hij, verdachte en/of zijn mededader(s) wist(en) dat/die bovenomschreven geldbedrag(en) en/of voorwerp(en) - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig misdrijf (te weten: flessentrekkerij en/of oplichting en/of verduistering);

Artikel 420ter Wetboek van Strafrecht

Subsidiair:

hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 4 mei 2007 tot en met 30 mei 2008 te Enschede en/of te Amsterdam en/of te Weesp en/of te Brakel en/of te Borculo, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, (een) voorwerp(en), te weten

a) een of meer geldbedrag(en) ter waarde van circa:

- 180.000 euro, althans 110.000 euro en/of 70.000,- euro (hoofdsom en bouwdepot MoneYou BV) en/of

- 9455,01 euro en/of 10.079,73 euro en/of 10.755,70 euro en/of 6593,27 euro (Tempo Team) en/of

- 9656,85 euro (MCC/KPN)

en/of

b) een of meer goederen te weten een of meer printer(s)/plotter(s) en/of cartridge(s) en/of printkop(pen) en/of (bouw)materia(a)l(en) (a. Technische Unie BV) en/of diverse kantoorartikelen (c. Ahrend Office Products) en/of een of meer bo(o)m(en) en/of boomkwekerijartikel(en) (g. CB&P Handelskwekerijen BV) en/of een hoeveelheid hout en/of triplex (l. Jongeneel BV) en/of een of meer grondverzetmachine(s) en/of diverse gereedschap(pen) (m. Overtoom International BV en o. Wasco Holding BV) en/of een of meer machine(s) en/of badkamerbenodigdheden (o. Wasco Holding BV) een of meer (pvc) buizen en/of bochten en/of kunststofleidingsyste(e)men (p. Wavin) en/of een of meer kontroleput(ten) en/of t-stuk(ken) en/of t-koppelingen en/of zwembadrooster(s) (q. Wildkamp) en/of bouwmateria(a)l(en) en/of cv-onderdelen en/of hardware en/of abonnementen,

heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen en/of omgezet,

terwijl hij, verdachte en/of zijn mededader(s) wist(en) dat bovenomschreven voorwerp(en) - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf;

Artikel 420bis Wetboek van Strafrecht

6.

(Dossiers A/B)

hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 januari 2005 tot en met 6 juni 2008 te Enschede en/of te Amsterdam en/of te Weesp en/of te Brakel en/of te Borculo, in elk geval in Nederland en/of te Frankrijk, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, heeft deelgenomen aan een organisatie, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, namelijk het plegen van bedriegelijke bankbreuk en/of flessentrekkerij en/of oplichting en/of valsheid in geschrifte en/of verduistering en/of witwassen;

Artikel 140 Wetboek van Strafrecht

11.

(FIOD-dossier)

hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 januari 2005 tot en met

31 maart 2008 te Diemen en/of Amsterdam en/of Enschede en/of Apeldoorn en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, (telkens) opzettelijk (een) bij de Belastingwet voorziene aangifte(n), als bedoeld in de Algemene wet inzake rijksbelastingen, te weten (een) aangifte(n) voor de omzetbelasting ten name van:

- La Garenne B.V. voor de periode/het tijdvak, van 1 april 2005 tot en met 31 oktober 2005 en/of de maand(en) november 2005 en/of december 2005 en/of januari 2006 en/of februari 2006 en/of maart 2006 en/of april 2006 en/of mei 2006 en/of juni 2006 en/of juli 2006 en/of augustus 2006 en/of september 2006 en/of oktober 2006 en/of november 2006 en/of december 2006 en/of januari 2007;

en/of

- Telecom NL CV voor de periode/het tijdvak van 1 september 2005 tot en met 31 december 2005 en/of de periode/het tijdvak van 1 januari 2006 tot en met 31 maart 2006 en/of de maand(en) april 2006 en/of mei 2006 en/of juni 2006 en/of juli 2006 en/of augustus 2006 en/of september 2006 en/of oktober 2006 en/of november 2006 en/of december 2006 en/of januari 2007;

onjuist en/of onvolledig heeft gedaan, immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) (telkens) opzettelijk op het bij de Inspecteur der belastingen of de Belastingdienst te Diemen en/of Amsterdam en/of Apeldoorn en/of Enschede, in elk geval in Nederland, ingeleverde en/of elektronische aangeleverde aangiftebiljet(ten) omzetbelasting over genoemd(e) tijdvak(ken)/periode(n) (telkens) (een) te la(a)g(e) bedrag(en) aan te betalen omzetbelasting en/of (een) te ho(o)g(e) bedrag(en) aan terug te vragen omzetbelasting opgegeven en/of vermeld, terwijl dat feit (telkens) er toe strekte dat te weinig belasting werd geheven;

Artikel 69 lid 2 Algemene Wet inzake Rijksbelastingen

De in deze tenlastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover daaraan in de Algemene wet inzake rijksbelastingen bepaalde betekenis is gegeven, geacht in dezelfde betekenis te zijn gebezigd;

Subsidiair:

La Garenne B.V. en/of Telecom NL CV op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks 1 januari 2005 tot en met 31 maart 2008 te Diemen en/of Amsterdam en/of Enschede en/of Apeldoorn en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, (telkens) opzettelijk (een) bij de Belastingwet voorziene aangifte(n), als bedoeld in de Algemene wet inzake rijksbelastingen, te weten (een) aangifte(n) voor de omzetbelasting

ten name van:

- La Garenne B.V. voor de periode/het tijdvak, van 1 april 2005 tot en met 31 oktober 2005 en/of de maand(en) november 2005 en/of december 2005 en/of januari 2006 en/of februari 2006 en/of maart 2006 en/of april 2006 en/of mei 2006 en/of juni 2006 en/of juli 2006 en/of augustus 2006 en/of september 2006 en/of oktober 2006 en/of november 2006 en/of december 2006 en/of januari 2007;

en/of

- Telecom NL CV voor de periode/het tijdvak van 1 september 2005 tot en met 31 december 2005 en/of de periode/het tijdvak van 1 januari 2006 tot en met 31 maart 2006 en/of de maand(en) april 2006 en/of mei 2006 en/of juni 2006 en/of juli 2006 en/of augustus 2006 en/of september 2006 en/of oktober 2006 en/of november 2006 en/of december 2006 en/of januari 2007;

onjuist en/of onvolledig heeft gedaan, immers heeft/hebben die La Garenne B.V. en/of Telecom NL CV en/of zijn/hun mededader(s) (telkens) opzettelijk op het bij de Inspecteur der belastingen of de Belastingdienst te Diemen en/of Amsterdam en/of te Apeldoorn en/of Enschede, in elk geval in Nederland ingeleverde en/of elektronisch aangeleverde aangiftebiljet(ten) omzetbelasting over genoemd(e) tijdvak(ken)/periode(n) (telkens) (een) te la(a)g(e) bedrag(en) aan te betalen omzetbelasting en/of (een) te ho(o)g(e) bedrag(en) aan terug te vragen omzetbelasting opgegeven en/of vermeld en/of doen opgeven en/of doen vermelden, terwijl dat feit (telkens) ertoe strekte dat te weinig belasting werd geheven, tot het plegen van welk(e) bovenomschreven strafbare feit(en) verdachte, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen (telkens) opdracht heeft/hebben gegeven, dan wel aan welke bovenomschreven verboden gedraging(en) verdachte, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen (telkens) leiding heeft/hebben gegeven;

Artikel 69 lid 2 Algemene Wet inzake Rijksbelastingen

De in deze tenlastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover daaraan in de Algemene wet inzake rijksbelastingen bepaalde betekenis is gegeven, geacht in dezelfde betekenis te zijn gebezigd;

12.

(Dossier D)

hij in of omstreeks de periode van 4 mei 2007 tot en met 30 mei 2008 tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, te Amsterdam en/of elders in Nederland en/of Frankrijk, één en/of meerdere voorwerp(en), te weten:

- een camper (merk Laika, type Ecovip, kenteken [kenteken]) en/of

- een of meer geldbedrag(en) van (in totaal) circa 84225 euro (teruggave(n) BTW La Garenne B.V.) en/of

- een of meer geldbedrag(en) van (in totaal) circa 67747 euro (teruggave(n) BTW Telecom NL C.V.) en/of

- een of meer geldbedrag(en) van (in totaal) circa 42000 euro en/of een of meer geldbedrag(en) van (in totaal) circa 72683,50 euro (krediet op, respectievelijk uitgave(n) gedaan met een VISA-card)

heeft/hebben verworven en/of voorhanden heeft/hebben gehad en/of hiervan gebruik heeft/hebben gemaakt, terwijl hij en/of (één of meer van) zijn mededader(s) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat bovenomschreven voorwerp onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf;

(Artikel 420bis, 420quater Wetboek van Strafrecht)

2. De ontvankelijkheid van de officier van justitie

De verdediging heeft aangevoerd dat de officier van justitie in de vervolging van de hierna te noemen onderdelen van de tenlastelegging niet-ontvankelijk moet worden verklaard om na te noemen redenen. Zo is de officier van justitie niet-ontvankelijk ten aanzien van het onder 1 tenlastegelegde, omdat daarin de beschuldiging van flessentrekkerij is opgenomen, terwijl dat niet is terug te vinden in het Franse vonnis. Volgens verdachte is daarin slechts oplichting genoemd.

De raadsman van verdachte, mr. R.F. Speijdel, advocaat te Enschede, heeft daarnaast bepleit dat de officier van justitie voor het onder 3 primair tenlastegelegde niet ontvankelijk is nu de daarin tenlastegelegde periode van 14 maart 2005 tot en met 25 april 2005, niet correspondeert met de in het Franse vonnis genoemde periode van 21 december 2005 tot en met 17 maart 2006.

Verdachte heeft voorts zelf aangevoerd dat de vervolging van het onder 11 tenlastegelegde niet toelaatbaar is nu het daarin telastegelegde niet overeenstemt met hetgeen daaromtrent in het Franse vonnis is opgenomen. De aan dit onderdeel van de tenlastelegging ten grondslag liggende beschuldiging wordt in het Franse vonnis benoemd als oplichting, terwijl in de tenlastelegging aan hem het doen van onjuiste belastingaangifte wordt verweten. De raadsman heeft subsidiair ten aanzien van dit onderdeel van de tenlastelegging bepleit dat de officier van justitie met betrekking tot de vervolging van daarop betrekking hebbende handelingen gepleegd voor 4 oktober 2005 en gepleegd na 30 september 2006 niet ontvankelijk is nu in het Franse vonnis is beslist dat overlevering (en daarmee de vervolging) van deze handelingen slechts is toegestaan voor de periode binnen dat tijdvak.

Volgens de raadsman zou ten slotte de officier van justitie ook niet ontvankelijk zijn in de vervolging van het onder 12 tenlastegelegde, voor zover het handelingen betreft met betrekking tot de camper als bedoeld in het eerste gedachtestreepje, omdat de vervolging voor die kwestie in het Franse vonnis, is uitgesloten.

Het verweer van de verdediging wordt op alle aangevoerde punten – behoudens de bepleite inperking van de onder 11 tenlastegelegde periode, van 4 oktober 2005 tot en met 30 september 2006 – verworpen, omdat zij geen steun vindt in de tekst van het aan dit verweer ten grondslag liggende Franse vonnis. In dat vonnis is letterlijk opgenomen dat de overleving betrekking heeft op vervolging ter zake van flessentrekkerij (verwoord als “l’escroquerie”) van de onder 1 tenlastegelegde leveranciers. De onder 3 primair tenlastegelegde periode is geheel in dat vonnis opgenomen. De officier van justitie is ook overigens voor de door hem gevorderde en ter terechtzitting toegelaten wijziging van deze tenlastegelegde periode, inhoudende een uitbreiding van de periode beginnende vanaf 9 maart 2005, ontvankelijk, omdat uit het dossier blijkt dat de handelingen gepleegd vanaf die datum in een nauw verband staan met de handelingen gepleegd vanaf 14 maart 2005 en zij bovendien betrekking hebben op wat aan verdachte onder 3 primair is tenlastegelegd.

Hetgeen door verdachte is aangevoerd ten aanzien van het onder 11 tenlastegelegde treft evenmin doel nu de daarop betrekking hebbende in het Franse vonnis genoemde handeling, te weten “un avantage pécuniaire a été obtenu suite à l’infraction de faux en écriture en réclamant à tort la TV A”, naar haar materiële aard overeenkomt met de onder 11 telastegelegde handeling, kort gezegd het doen van onjuiste belastingaangifte ten einde te realiseren dat te weinig belasting wordt geheven.

Daarnaast is de rechtbank met de officier van justitie van oordeel dat –anders dan door de raadsman is bepleit en anders dan deze rechtbank op 2 oktober 2008 in een andere samenstelling met betrekking tot een ander deel van de tenlastelegging interlocutoir heeft beslist – de vervolging van de onder 12 tenlastegelegde handelingen met betrekking tot de daarin genoemde camper niet in het Franse vonnis zijn uitgesloten. De aan deze eerdere beslissing van de rechtbank ten grondslag liggende motivering stoelt grotendeels op de in het Franse vonnis opgenomen opmerking van algemene aard, luidende dat feiten die door een Nederlander in Nederland zijn gepleegd niet door een Franse rechter vervolgd en berecht kunnen worden. De huidige samenstelling van de rechtbank leest daarin niet de beperking dat verdachte niet in Nederland vervolgd en berecht zou mogen worden voor feiten, die in Frankrijk zouden zijn gepleegd. Nu het hier betreft een feit dat nog niet beoordeeld is door de rechtbank op 2 oktober 2008, kan en dient de rechtbank in de huidige samenstelling haar eigen beslissing te nemen.

De officier wordt derhalve alleen niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van het onder 11 tenlastegelegde,voor zover het betreft de handelingen die zouden zijn gepleegd voor 4 oktober 2005 en gepleegd na 30 september 2006. De daarin tenlastegelegde periode betreft zodoende alleen nog handelingen die zijn gepleegd binnen deze periode.

3. Waardering van het bewijs

3.1 Vrijspraak

De rechtbank acht – anders dan de officier van justitie - het onder 1 sub d, 5 primair en 6 tenlastegelegde niet bewezen. Verdachte dient daarvan te worden vrijgesproken.

De rechtbank overweegt daarbij in het bijzonder het volgende.

De onder 1 sub d tenlastegelegde beschuldiging, de flessentrekkerij van SoS-Snelservice B.V., kan niet langer stand houden, omdat ter terechtzitting is gebleken dat verdachte alsnog ervoor heeft gezorgd dat de desbetreffende openstaande rekening voor de aanschaf van cv-onderdelen is voldaan. Het onder 1 sub d tenlastegelegde kan derhalve niet worden bewezen zodat verdachte daarvan dient te worden vrijgesproken.

Deze vrijspraak brengt tevens met zich mee dat de onder 5 primair tenlastegelegde beschuldiging van gewoontewitwassen niet kan worden bewezen. De officier van justitie heeft hieromtrent bewezen geacht dat verdachte, gelet op het voorhanden hebben door verdachte van de goederen verkregen door de veronderstelde flessentrekkerij van SoS-Snelservice B.V. en gelet op het voorhanden hebben van gelden, afkomstig door middel van oplichting van de hypotheekverstrekker Moneyou B.V., van witwassen een gewoonte heeft gemaakt. De rechtbank deelt dat oordeel niet nu zij, mede gelet op de vrijspraak van het onder 1 sub d tenlastegelegde, slechts bewezen acht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan witwassen voor zover het betreft het met een ander voorhanden hebben van gelden afkomstig uit de oplichting van de hypotheekverstrekker Moneyou B.V. Van een gewoonte tot witwassen is dan ook geen sprake, zodat verdachte daarvan moet worden vrijgesproken.

De onder 6 tenlastegelegde deelname van verdachte aan een criminele organisatie kan eveneens niet worden bewezen. De rechtbank is met de raadsman van oordeel dat, gelet op de stukken en hetgeen ter terechtzitting is gebleken, de door de officier van justitie in zijn requisitoir genoemde personen, met wie verdachte tezamen een criminele organisatie zou hebben gevormd, te goeder trouw door verdachte zijn gebruikt. Van een gestructureerd en duurzaam samenwerkingsverband is derhalve geen sprake. Verdachte dient ook daarvan te worden vrijgesproken.

3.2. Bewezenverklaring

De rechtbank bewezen dat verdachte

Ten aanzien van het onder 1 tenlastegelegde:

op tijdstippen in de periode van 14 oktober 2005 tot en met 23 mei 2006 in Nederland een beroep of een gewoonte heeft gemaakt van het kopen van goederen met het oogmerk om zonder volledige betaling zich of een ander de beschikking over die goederen te verzekeren, hebbende verdachte, handelend namens Bouwcombinatie en/of handelend op naam van [persoon 1], telkens met voormeld oogmerk, de navolgende goederen - op tijd en plaats daarbij vermeld - gekocht, te weten:

a)

in de periode van 2 november 2005 tot en met 21 april 2006 in Nederland printers, een plotter, cartridges, printkoppen, fotopapier en hardware, ter waarde van 2762,98 euro en 7449,93 euro, gekocht bij CAD Accent B.V. en/of CAD Stunter en

b)

in de periode van 24 oktober 2005 tot en met 29 november 2005 in Nederland bouwmaterialen, ter waarde van 9347,27 euro, 776,36 euro en 1157,97 euro, gekocht bij Technische Unie B.V. en

e)

in de periode van 10 januari 2006 tot en met 8 februari 2006 in Nederland kantoorartikelen en een koffiezetapparaat, ter waarde van 281,89 euro, 285,15 euro, 204,29 euro, 236,81 euro, 384,72 euro, 481,66 euro, 302,26 euro, 97,13 en 150,77, gekocht bij Ahrend Office products B.V. en

f)

in de periode van 14 november 2005 tot en met 25 november 2005 in Nederland bomen en boomkwekerijartikelen, ter waarde van 10.600 euro en 1712,83 euro, gekocht bij CB&P Handelskwekerijen B.V. en

g)

in de periode van 25 januari 2006 tot en met februari 2006 in Nederland diverse goederen, waaronder antennes, adapters en kabels, ter waarde van 1245,93 euro, 421,26 euro, 1170,96 euro en 3024,98 euro, gekocht bij Victory en

h)

in de periode van 20 oktober 2005 tot en met 28 oktober 2005 in Nederland diverse goederen, waaronder antennes en kabels, ter waarde van circa 483,14 euro en 301,07 euro, gekocht bij Computerline en

i)

op 29 november 2005 in Nederland diverse goederen, waaronder kabelhaspels en een nietapparaat en een kettingzaag, ter waarde van 4818,18 euro, gekocht bij Gunters en Meuser B.V. en

j)

in de periode van 9 december 2005 tot en met 13 december 2005 in Nederland diverse goederen, waaronder keukenbenodigdheden, etenswaren en dranken, ter waarde van 5491,11 euro, 1754,23 euro en 1542,18 euro, gekocht bij Hanos Amsterdam B.V. en

k)

in de periode van 14 oktober 2005 tot en met 22 november 2005 in Nederland diverse goederen, waaronder een hoeveelheid hout en triplex, ter waarde van 1178,10 euro, 6813,51 en 4694,67 euro, gekocht bij Jongeneel B.V. en

l)

in de periode van 7 februari 2006 tot en met 30 maart 2006 in Nederland diverse gereedschappen, ter waarde van 1401,23 euro; 936,53 euro, 357,- euro, 117,22 euro, 1303,05 euro, 177,31 euro en 59,50 euro, gekocht bij Overtoom Intern. Nederland B.V. en

m)

in de periode van 14 maart 2006 tot en met 11 mei 2006 in Nederland diverse goederen, waaronder machines, badkamerbenodigdheden en gereedschappen, ter waarde van 520,27 en 1076,52 euro, gekocht bij Wasco Holding B.V. en

n)

in de periode van 25 november 2005 tot en met 12 mei 2006 in Nederland pvcbuizen, bochten en kunststofleidingsystemen, ter waarde van 15.872,80 euro, 156,89 euro en 46,17 euro, gekocht bij Wavin Nederland B.V. en

o)

in de periode van 14 december 2005 tot en met 10 januari 2006 in Nederland diverse goederen, waaronder controleputten, t-stukken, t-koppelingen en zwembadroosters, ter waarde van 7369,99 euro, 6263,74 euro, 13,09 euro en 4553,89 euro, gekocht bij Wildkamp B.V.;

Ten aanzien van het onder 3 primair tenlastegelegde:

in de periode van 9 maart 2005 tot en met 25 april 2005 in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander, telkens met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen telkens door listige kunstgrepen en een samenweefsel van verdichtsels, Tempo Team heeft bewogen tot de afgifte van geldbedragen van in totaal

- 9455,01 euro en

- 10.079,73 euro en

- 10.755,70 euro en

- 6593,27 euro,

aan verdachte en [persoon 1] en [persoon 2] en [persoon 3], hebbende verdachte en/of zijn mededader met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid

- zich voorgedaan als bevoegd vertegenwoordiger van Netbeam B.V., terwijl verdachte niet

bevoegd was om Netbeam B.V. te vertegenwoordigen, een inleenovereekomst ten behoeve van het inhuren door Netbeam B.V. van verdachte en genoemde [persoon 1] en [persoon 2] en [persoon 3], aangegaan met Tempo Team en

- loonbelastingverklaringen en arbeidsverklaringen op naam van hem, verdachte en meer

genoemde personen ingevuld en ondertekend en

- urenbriefjes op naam van hem, verdachte en meer genoemde personen ingevuld en/of

ondertekend ter bevestiging dat voornoemde personen de op die urenbriefjes vermelde uren hebben gewerkt voor Netbeam B.V. terwijl dit niet het geval was en vervolgens verstrekt aan Tempo Team zodat die uren zouden worden uitbetaald en

- Tempo Team schriftelijk per e-mail bericht dat voornoemde personen de vermelde uren

hebben gewerkt voor Netbeam B.V. terwijl dit niet het geval was, zodat die uren zouden worden uitbetaald en

- ten behoeve van een automatische machtiging bankgegevens van bankrekeningnummer

[bankrekeningnummer] van Netbeam B.V. verstrekt waar onvoldoende saldo op stond en onvoldoende kredietmogelijkheid beschikbaar was, zodat het overgemaakte bedrag gestorneerd zou worden,

waardoor Tempo Team (telkens) werd bewogen tot bovenomschreven afgiften;

Ten aanzien van het onder 5 subsidiair tenlastegelegde:

in de periode van 4 mei 2007 tot en met 30 mei 2008 in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander een geldbedrag van 180.000 euro, de hoofdsom en bouwdepot van MoneYou BV, voorhanden heeft gehad, terwijl hij, verdachte en zijn mededader wisten dat bovenomschreven voorwerp afkomstig was uit enig misdrijf;

Ten aanzien van het onder 11 primair tenlastegelegde:

op tijdstippen in de periode van 4 oktober 2005 tot en met 30 september 2006 in Nederland telkens opzettelijk een bij de Belastingwet voorziene aangifte, als bedoeld in de Algemene wet inzake rijksbelastingen, te weten een aangifte voor de omzetbelasting ten name van:

- La Garenne B.V. voor de maanden november 2005, december 2005, januari 2006, februari 2006, maart 2006, april 2006, mei 2006, juni 2006, juli 2006 en augustus 2006;

en

- Telecom NL CV voor het tijdvak van 1 september 2005 tot en met 31 december 2005 en het tijdvak van 1 januari 2006 tot en met 31 maart 2006 en de maanden april 2006, mei 2006, juni 2006, juli 2006 en augustus 2006;

onjuist heeft gedaan, immers heeft verdachte telkens opzettelijk op de bij de Inspecteur der belastingen of de Belastingdienst in Nederland, ingeleverde of elektronische aangeleverde aangiftebiljetten omzetbelasting over genoemde tijdvakken/perioden telkens een te hoog bedrag aan terug te vragen omzetbelasting opgegeven, terwijl dat feit telkens er toe strekte dat te weinig belasting werd geheven;

Ten aanzien van het onder 12 tenlastegelegde:

in de periode van 4 mei 2007 tot en met 30 mei 2008, tezamen en in vereniging met een ander, in Nederland en/of Frankrijk,

- een camper (merk Laika, type Ecovip, kenteken [kenteken]) en

- geldbedragen van in totaal circa 30.750 euro en geldbedragen van in totaal circa 72683,50 euro krediet op, respectievelijk uitgaven gedaan met een VISA-card,

heeft verworven en voorhanden heeft gehad en hiervan gebruik heeft gemaakt, terwijl hij en zijn mededader wisten dat bovenomschreven voorwerpen afkomstig waren uit enig misdrijf.

Voorzover in de telastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in zijn verdediging geschaad.

5. Het bewijs

De rechtbank grondt haar beslissing dat verdachte het bewezen geachte heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat.

De rechtbank is van oordeel dat de door verdachte bij de behandeling ter zitting en het daar gevoerde laatste woord bepleite vrijspraak voor alle hem tenlastegelegde feiten wordt weersproken door de bewijsmiddelen, zoals deze later in de eventueel op te maken aanvulling zullen worden opgenomen. De rechtbank heeft geen reden om aan de juistheid en betrouwbaarheid van die, van de lezing van verdachte afwijkende, bewijsmiddelen te twijfelen.

De rechtbank ziet evenwel aanleiding om de volgende door de verdediging gevoerde bewijsverweren hieronder nader te bespreken.

Ten aanzien van het onder 1 tenlastegelegde:

De verdediging heeft ten aanzien van het onder 1 tenlastegelegde aangevoerd dat verdachte daarvan moet worden vrijgesproken omdat niet kan worden bewezen dat verdachte de goederen heeft gekocht met het oogmerk om zonder volledige betaling de beschikking over die goederen te verzekeren. De verdediging stelt daartoe dat verdachte geen blaam treft ten aanzien van het uitblijven van betalingen aan de desbetreffende leveranciers. Verdachte heeft Bouwcombinatie TJN per 1 november 2005 verkocht aan [persoon 4]. Dit bedrijf heeft daarna namens en op verzoek van La Garenne B.V. - een ander bedrijf van verdachte - bestellingen geplaatst bij de in de tenlastelegging genoemde leveranciers. Reden daarvoor was dat TJN Bouwcombinatie veelal zakelijk relaties had opgebouwd met de desbetreffende leveranciers en de goederen zodoende doorgaans voor een lagere prijs konden worden aangeschaft. Deze bestellingen zijn daarna door TJN Bouwcombinatie doorgefactureerd aan La Garenne B.V. Die facturen zijn blijkens de door de verdediging overgelegde stukken voldaan en daarbij betaald met behulp van activa afkomstig uit het eigen vermogen van [persoon 1], de toenmalige bestuurder van La Garenne. Dat verdachte daarbij namens TJN Bouwcombinatie optrad, is volgens de verdediging niet opmerkelijk, omdat het in de zakenwereld gebruikelijk is dat de nieuwe eigenaar van de onderneming in de activiteiten wordt bijgestaan door de oude eigenaar.

Dit verweer wordt verworpen.

De rechtbank neemt daarbij het volgende in aanmerking. Uit de aangiftes van de leveranciers is gebleken dat verdachte veelal een belangrijke en autonome rol heeft gespeeld bij de totstandkoming van de bestellingen van de goederen en de voltrekking van de leveringen daarvan. Hij trad daarbij vaak op – zowel voor als na de overname van Bouwcombinatie TJN – als koper van de goederen en gaf aan waar de goederen moesten worden afgeleverd. Bovendien presenteerde hij zich ook als bestuurder van Bouwcombinatie TJN. Verdachte tekende bovendien namens Bouwcombinatie TJN papieren die betrekking hadden op de leveringen van de goederen en verdachte heeft ook de schijn van betaling gewekt door betalingsmachtigingen aan de leveranciers af te geven die achteraf niet uitbetaald konden worden en als zij bij de bank ter incasso waren aangeboden door deze werden gestorneerd. Gelet hierop mochten de leveranciers ervan uitgaan dat verdachte namens Bouwcombinatie TJN optrad. Deze leveranciers hebben zodoende niets te maken met de door verdachte genoemde betalingsconstructie tussen La Garenne B.V. en Bouwcombinatie TJN en zij waren daarbij ook niet gehouden te onderzoeken hoe de betalingen zouden gaan geschieden. Afgezien daarvan acht de rechtbank deze betalingsconstructie ook niet aannemelijk. Reden daarvoor is ondermeer dat is gebleken dat noch Bouwcombinatie TJN noch [persoon 1], de toenmalige bestuurder van La Garenne B.V., noch La Garenne B.V. zelf zodanige activa bezat dat daarmee de desbetreffende rekeningen van de leveranciers zouden kunnen worden voldaan. De rechtbank verwijst hiervoor ondermeer naar de door [persoon 1] en [persoon 4] in het opsporingsonderzoek afgelegde verklaringen die zich in het dossier bevinden. Verder vindt de inhoud van de door verdediging overgelegde stukken ook geen steun in enig ander bewijsmiddel. Daarnaast heeft [persoon 4] tegenover de politie verklaard dat hij in de hoedanigheid van directeur van Bouwcombinatie TJN slechts diende als “katvanger” voor verdachte.

De rechtbank acht zodoende wel bewezen dat verdachte het oogmerk heeft gehad om zonder volledige betaling de beschikking over de goederen, zoals bedoeld in het onder 1 tenlastegelegde, te verzekeren.

Ten aanzien van het onder 5 subsidiair tenlastegelegde:

De raadsman heeft aangevoerd dat verdachte moet worden vrijgesproken van het onder 5 subsidiair tenlastgelegde witwassen van het geldbedrag van € 180.000,-, verkregen uit de oplichting van hypotheeknemer MoneYou B.V., nu de partner van verdachte, [persoon 5], in de tenlastegelegde periode van 4 mei 2007 tot en met 30 mei 2008 slechts een gedeelte van het geld, te weten een bedrag van € 60.201,20 aan bouwdepot, heeft ontvangen.

Dit verweer wordt verworpen. De rechtbank stelt daartoe allereerst vast dat uit de bewijsmiddelen volgt dat Moneyou B.V. door [persoon 5] en verdachte zijn opgelicht, teneinde een hypothecaire geldlening van in totaal circa € 180.000,- aan [persoon 5] te verstrekken. Verdachte en [persoon 5] hebben daarbij ondermeer gebruik gemaakt van een vals bankafschrift van [persoon 5], inhoudende valse mededelingen ten aanzien van haar kredietwaardigheid. Tevens is aan MoneYou B.V. een valse werkgeversverklaring overgelegd.

Voor zover is aangevoerd dat slechts een gedeelte van de lening in de tenlastegelegde peridoe is uitbetaald, doet zulks niet af aan het uit de stukken en ter terechtzitting gebleken gegeven dat een overig gedeelte, groot € 119.279,30 op 3 april 2007 door MoneYou aan [persoon 5] is uitbetaald en dat dit geldbedrag vervolgens is uitgeleend waarna het op 25 mei 2007, een datum gelegen binnen de tenlastegelegde periode, weer door [persoon 5] is terugontvangen. [persoon 5] heeft daarnaast op 4 mei 2005 het genoemde bouwdepot van MoneYou ontvangen. Derhalve staat voldoende vast dat [persoon 5] en verdachte in de tenlastegelegde periode over de totale som van de hypothecairelening hebben beschikt.

Ten aanzien van het onder 11 primair tenlastegelegde:

De verdediging heeft aangevoerd dat de onder 11 primair tenlastegelegde aangiftes voor de omzetbelasting niet onjuist zijn nu zij, in lijn met hetgeen is aangevoerd ten aanzien van het onder 1 tenlastegelegde, ondermeer zien op de betalingen van La Garenne B.V. aan Bouwcombinatie TJN voor de goederen die zijn besteld bij de leveranciers als bedoeld in het onder 1 tenlastegelegde en dat derhalve wel degelijk omzet is gedraaid. Om die reden zou vrijspraak moeten volgen.

De verdediging heeft daarnaast aangevoerd dat verdachte moet worden vrijgesproken omdat de aangiftes niet in Nederland, maar in Frankrijk zijn gedaan.

De rechtbank verwerpt het verweer, voor zover is aangevoerd dat de aangiftes omzetbelasting zien op een daadwerkelijke omzet, om de reden dat zij reeds bij de bespreking van het verweer ten aanzien van het onder 1 tenlastegelegde heeft overwogen dat het niet aannemelijk is dat TJN Bouwcombinatie de goederen heeft doorgefactureerd aan La Garenne B.V., en dat La Garenne de goederen op enige wijze heeft betaald.

Verder wordt ook het verweer ten aanzien van de pleegplaats verworpen, omdat naar vaste jurisprudentie als pleegplaats mede heeft te gelden de plek waar de belastingaangifte door de belastingdienst is ontvangen. Blijkens de stukken zijn de aangiften omzetbelasting telkens in Nederland door de belastingdienst ontvangen.

Ten aanzien van het onder 12 tenlastegelegde:

De verdachte heeft aangevoerd dat de contante opname van 12.500 euro op 30 april 2008 bij Espace Emeraude op een vergissing berust, omdat nimmer dergelijke grote bedragen contant kunnen worden opgenomen.

De rechtbank acht gelet op het verloop van de contante betalingen, zoals dat blijkt uit ambtshandeling 1123/24 aannemelijk dat de contante opnames beperkt zijn tot 1250 euro. Zij zal derhalve 11.250 euro in mindering brengen op het contante deel van de opnames.

6. De strafbaarheid van de feiten

De bewezen geachte feiten zijn volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.

7. De strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

8. Motivering van de straffen en maatregelen

De officier van justitie heeft bij requisitoir gevorderd dat verdachte ter zake van de door hem onder 1, 3 primair, 5 primair, 6, 11 primair en 12 bewezengeachte feiten zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 jaren, met aftrek van voorarrest. De officier van justitie heeft eveneens gevorderd dat verdachte terzake van de door hem bewezengeachte feiten zal worden veroordeeld tot openbaarmaking in het landelijke dagblad De Telegraaf van de door de rechtbank bewezengeachte onderdelen die zien op de flessentrekkerij en de oplichting. De officier van justitie heeft tevens gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot betaling van de hiervoor te maken kosten, met bepaling van vervangende hechtenis bij gebreke van betaling of verhaal.

De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.

Verdachte heeft zich in ernstige mate schuldig gemaakt aan frauduleus handelen. Verdachte heeft in een lange periode ten overstaande van een groot aantal leveranciers de schijn gewekt dat de door hem bestelde goederen na levering zouden worden betaald, terwijl deze leveranciers de betalingen uiteindelijk, ondanks diverse aanmaningen, niet hebben ontvangen. Hij heeft daarnaast bij een uitzendbureau de schijn gewekt dat hij en anderen werkzaamheden verrichtten, terwijl dat niet zo was en waarop het uitzendbureau op grond van een daartoe met verdachte zelf afgesloten inleenovereenkomst over een aanzienlijke periode salaris uitbetaalde voor niet-verrichte werkzaamheden, terwijl daarvoor ook geen verhaal bestond. Verdachte heeft ook aanzienlijk geldbedrag voor handen verkregen dat afkomstig was van de oplichting van een hypotheeknemer. Bovendien heeft verdachte onjuiste belastingaangiftes gedaan door op te geven dat zijn bedrijven een groot aantal facturen had voldaan, waarna die bedrijven van de Belastingdienst onterechte geldbedragen terugkregen in het kader van de teruggave omzetbelasting.

Naar het oordeel van de rechtbank kan in verband met het vorenstaande en gelet op de ernst, de omvang en de wijze van het frauduleus handelen niet worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een straf die een onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming met zich brengt. Verdachte heeft met zijn handelen in ernstige mate schade toegebracht aan het financieel economisch verkeer en daarbij het vertrouwen van verschillende deelnemers ernstig beschadigd.

Anderzijds spreekt in het voordeel van verdachte dat hij blijkens zijn documentatie niet eerder voor een strafbaar feit is veroordeeld. De rechtbank ziet daarin aanleiding om aan verdachte een gedeelte van de op te leggen gevangenisstraf voorwaardelijk niet uitvoerbaar te verklaren. Daarbij speelt ook een rol dat naar het oordeel van de rechtbank in dit geval van een voorwaardelijk gedeelte van die straf een preventieve werking kan uitgaan.

Voor zover de officier van justitie heeft gevorderd dat de rechtbank als bijkomende straf de openbaarmaking van het vonnis zal gelasten met veroordeling van verdachte in de kosten daarvan, overweegt de rechtbank daaromtrent als volgt. Hoewel de wet, gelet op de bewezengeachte feiten, de mogelijkheid daartoe biedt, zal de rechtbank deze bijkomende straf niet opleggen. Gelet op de aard en de omvang van de op te leggen straf is de rechtbank van oordeel dat aan openbaarmaking geen aanvullende preventieve betekenis is toe te kennen. Daarnaast is de rechtbank er ook niet van overtuigd dat opleggen van deze bijkomende straf een ander strafdoel zal dienen.

De rechtbank is van oordeel dat gelet op alle hiervoor genoemde omstandigheden aanleiding bestaat om bij de straftoemeting als na te melden af te wijken van hetgeen door de officier van justitie is gevorderd.

9. Ten aanzien van de benadeelde partijen

De rechtbank heeft reeds bij tussenbeslissing van 2 oktober 2008 beslist dat de zich in deze strafzaak gevoegde benadeelde partijen niet kunnen worden ontvangen in hun vordering en hen op de voet van artikel 333 van het Wetboek van Strafvordering niet-ontvankelijk verklaard.

De rechtbank heeft toen overwogen dat verdachte sedert 26 augustus 2004 in staat van faillissement verkeerd en dat schuldeisers slechts door indiening van hun vordering ter verificatie in het faillissement een titel kunnen verkrijgen.

Het faillissement van de verdachte was ook ten tijde van de indiening door CAD Accent B.V. van haar vordering nog niet beëindigd, zodat ook voor deze partij geldt dat zij in haar vordering niet ontvankelijk moet worden verklaard

10. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straffen zijn gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 47, 57, 326, 326a en 420bis van het Wetboek van Strafrecht en artikel 69 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen.

Deze wettelijke voorschriften zijn toepasselijk zoals geldend ten tijde van het bewezengeachte.

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

11. Beslissing

Verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in de vervolging van verdachte terzake van het onder 11 tenlastegelegde,voor zover het handelingen betreft die zouden zijn gepleegd voor 4 oktober 2005 en na 30 september 2006.

Verklaart het onder 1 sub d, 5 primair en 6 tenlastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart bewezen dat verdachte het onder 1, 3 primair, 5 subsidiair, 11 primair en 12 tenlastegelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 3 is aangegeven.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is telastegelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Het bewezenverklaarde levert op:

Ten aanzien van het onder 1 tenlastegelegde:

een beroep of gewoonte maken van het kopen van goederen met het oogmerk om zonder volledige betaling zich of een ander de beschikking over die goederen te verzekeren.

Ten aanzien van het onder 3 primair tenlasteglegde:

oplichting, meermalen gepleegd.

Ten aanzien van het onder 5 subsidiair en 12 tenlastegelegde:

witwassen, meermalen gepleegd.

Ten aanzien van het onder 11 primair tenlastegelegde:

opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist of onvolledig doen, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, meermalen gepleegd.

Verklaart het bewezene strafbaar.

Verklaart verdachte, [verdachte] daarvoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden.

Beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in overleveringsdetentie, in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering gebracht zal worden.

Beveelt dat een gedeelte, groot 6 maanden, van deze gevangenisstraf niet tenuitvoergelegd zal worden, tenzij later anders wordt gelast.

Stelt daarbij een proeftijd van 2 jaren vast.

De tenuitvoerlegging kan worden gelast indien veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit schuldig maakt.

Verklaart de benadeelde partij CAD Accent B.V. die zich in deze strafzaakheeft gevoegd niet-ontvankelijk in haar vordering.

Dit vonnis is gewezen door

mr. F.G. BAuduin, voorzitter,

mrs. G.H. Marcus en G.M. van Dijk, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. I. Ahmadali, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 18 december 2008.