Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2008:BF0824

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
11-09-2008
Datum publicatie
16-09-2008
Zaaknummer
Parketnummer 13-993081-06
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Schending van de Auteurswet. Zowel ' data(verkeer)' als ' capaciteit van bandbreedte' is geen goed in de zin van artikel 310 van het Wetboek van Strafrecht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJFS 2008, 224
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Parketnummer: 13/993081-06 (PROMIS)

Datum uitspraak: 11 september 2008

op tegenspraak

VONNIS

van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985,

ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens op het adres [adres] en aldaar feitelijk verblijvende.

De rechtbank heeft beraadslaagd naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van de politierechter op 24 juli 2008 en naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 28 augustus 2008.

1. Telastelegging

Aan verdachte is telastegelegd dat

1.

hij op een of meerdere tijdstippen, in of omstreeks de periode van 1 januari 2005 tot en met 28 september 2005 te Amsterdam althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening, heeft weggenomen electriciteit, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Woonstichting De Key, in elk geval aan een ander(en) dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben

verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel; immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) zich toegang verschaft tot een studentenflat gelegen aan de [adres 1] door gebruik te maken van een sleutel die verdachte en/of zijn mededader(s) van een derde heeft/hebben

ontvangen en tot gebruik van welke sleutel verdachten en/of zijn mededader(s) niet bevoegd was/waren, en vervolgens electriciteit weggenomen ten behoeve van het inwerkingstellen en/of gebruik maken van (een) computer(s) en/of computerserver(s) en/of (computer) apparatuur;

2.

hij op een of meerdere tijdstippen, in of omstreeks de periode 1 januari 2005 tot en met 31 januari 2005 te Amsterdam althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), opzettelijk en wederrechtelijk goederen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Woonstichting De Key, in elk geval aan (een) ander(en) dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), heeft vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt door een internetkabel, gelegen in een studentenflat aan de [adres 1], door te knippen en daarop (een) computer(s) en/of omputerserver(s) en/of (computer)apparatuur aan te sluiten;

3.

hij op een of meerdere tijdstippen, in of omstreeks de periode van 1 januari 2005 tot en met 28 september 2005 te Amsterdam althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander(en), met het oogmerk van wederrechtelijketoe-eigening, heeft weggenomen data(verkeer) en/of capaciteit van de bandbreedte van de internetaansluiting, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Woonstichting De Key, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s);

4.

hij op een of meerdere tijdstippen, in of omstreeks de periode van 1 januari 2005 tot en met 28 september 2005 te Amsterdam, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op een anders auteursrecht, immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) inbreuk gemaakt op de auteursrechten van:

-Barbra Streisand; en/of

-Mariah Carey; en/of

-Westlife en/of; en/of

-Chjristina Aguilera en/of;

-Tony Braxton; en/of

-Sugababes en Marvel productions ltd en/of;

-Dreamworks skg. en/of;

-Buena Vista Home Ent. Inc; en/of.

-Lakeshore Ent. Group LLC.; en/of

-Warner Bros en/of;

door films, muziek, en computerspellen, waaronder

- "Night of my Life" en/of, - "Come Tomorrow" en/of,

- Without Your Love" en/of,

- muziekstukken uit het Album "Guilty Pleasures 2005"van Barbra Steisand; en/of

- het muziekwerk van het album "The Worlds Greatest Love Songs: "My Love"van

Westlife; en/of

- het muziekwerk op het album The Worlds Greatest Love Songs: I Turn to

You"van Chistina Aguilera; en/of

- het muziekwerk op het album The Worlds Greatest Love Songs: Unbreak my

Heart van Tony Braxton; en/of

- het muziekwerk op de cd-single: "Push the Button" van Sugababes;

en/of

de films:

-"Elektra" en/of

-" The Ring 2" en/of

-"A Lot Like Love" en/of,

-"Million Dollar baby" en/of-"House of Wax"

op (een) computer(s) en/of computerserver(s) en/of (computer)apparatuur in een studentenflat gelegen aan de [adres 1] te plaatsen en voor uploaden door derden beschikbaar te stellen, terwijl dit uploaden ook daadwerkelijkheeft plaatsgevonden, in ieder geval door de mededader(s) van verdachte, zulks zonder toestemming van de rechthebbende(n).

2. Voorvragen

De raadsman van verdachte heeft bij pleidooi verzocht de officier van justitie niet-ontvankelijk te verklaren in de vervolging van verdachte wegens overschrijding van de op zijn redelijkheid te beoordelen termijn waarbinnen de behandeling van een strafzaak moet zijn afgerond met een eindvonnis. Hij heeft daartoe betoogd dat verdachte laatstelijk gehoord is op 19 oktober 2005 en het onderzoek formeel is afgesloten op 19 mei 2006, zodat berechting uiterlijk eind mei 2008 had dienen plaats te vinden.

De rechtbank is van oordeel dat de hiervoor bedoelde termijn is aangevangen op 28 september 2005, de datum waarop verdachte voor de eerste maal door de politie is verhoord. Vanaf dat moment moest verdachte rekening houden met een vervolging, die – wegens het ontbreken van omstandigheden die een langere termijn rechtvaardigen – op 28 september 2007 had moeten resulteren in rechterlijk vonnis. De redelijke termijn is derhalve met bijna 11 maanden overschreden. Deze enkele overschrijding van de redelijke termijn kan niet leiden tot de sanctie van niet-ontvankelijkheid van de officie van justitie. Wel zal de rechtbank hiermee rekening houden bij de strafoplegging.

3. Waardering van het bewijs

3.1 De rechtbank gaat uit van de hierna te noemen feiten en omstandigheden. Voorzover die voor het bewijs worden gebruikt is het onderliggende bewijsmiddel en de vindplaats daarvan telkens opgenomen in een voetnoot.

Feiten en omstandigheden

3.2 Aan de deelnemers van een beperkte chatgroep op internet liet verdachte op enig moment weten dat in een studentenflat, gelegen aan de [adres 1] te Amsterdam en waar hij kort als [functie] had gewerkt, een zeer snelle internetverbinding was aangelegd. Het betrof internetkabels met een capaciteit van 100 Mb. Verdachte, die de beschikking had over gekopieerde sleutels van de studentenflat, bood vervolgens een aantal anderen de gelegenheid computers op deze internetkabels aan te sluiten. Voor de eerste maal gebeurde dat in januari 2005 . In totaal zijn vijf computers boven de plafondplaten geplaatst en aangesloten op de internetkabels. Op deze wijze werd illegaal gebruik gemaakt van de internetverbinding van de studentenflat.

3.3 De huismeester, werkzaam bij woonstichting De Key die eigenaar is van de studentenflat, hoorde op 27 september 2005 in de gang van de flat een zoemend geluid. Na het losschroeven van een plafondplaat zag hij vijf computers staan die in werking waren. Hij zag dat de kabels waren doorgeknipt en met meerdere routers verbonden waren. Tevens zag hij dat stroom van het lichtnet werd afgetapt ten behoeve van de computers. Hij liet nog diezelfde dag de computers weghalen. Voor het vernielen, dan wel beschadigen van de internetkabels en het wegnemen van stroom heeft de woonstichting De Key geen toestemming gegeven.

3.4 Op 28 september 2005 zijn de vijf computers door de politie in beslag genomen en genummerd A1 tot en met A5. Bij het uitlezen van harddisks van computer ‘A2’ blijkt dat daarop films staan, getiteld Elektra, Ring 2, A Lot Like Love, Million Dollar Baby en House Of Wax.

3.5 [aangever 1] van de Nederlandse Vereniging van Producenten- en Importeurs van beeld- en geluidsdragers (NVPI) heeft namens de rechthebbenden aangifte gedaan van overtreding van de Auteurswet. Uit de aangifte blijkt dat Marvel Productions Ltd. de rechthebbende van de film Elektra is. De rechten van The Ring 2 berusten bij Dreamworks skg., de rechten van A Lot Like Love bij Buena Vista Home Ent. Inc. en die van Million Dollar Baby bij Lakeshore Ent. Group LLC. Warner Bros tenslotte, beschikt over de auteursrechten van de film House of Wax. Blijkens de aangifte geven de rechthebbenden aan derden geen toestemming die filmwerken te reproduceren, dan wel verveelvoudigingen daarvan te verspreiden.

Diefstal

3.6 Terzake de beschuldiging van diefstal is de rechtbank met de officier van justitie van oordeel dat “data(verkeer)” geen goed is in de zin van artikel 310 van het Wetboek van Strafrecht.

3.7 In tegenstelling tot de officier van justitie is de rechtbank echter van oordeel dat ook “capaciteit van bandbreedte”, de hoeveelheid data die tegelijkertijd via een bepaalde verbinding kunnen worden overgebracht, niet als zodanig is te kwalificeren. Door ongeoorloofd gebruik te maken van bandbreedte verliest de rechthebbende immers hierover niet noodzakelijkerwijs de feitelijke macht (vlg. HR 3 december 1996, NJ 1997, 574). Hoewel daarvan in deze zaak niet is gebleken, zal het illegale gebruik wellicht ten koste gaan van de snelheid van het internet. Deze snelheid – door de officier van justitie aangeduid als wezenskenmerk van een internetverbinding – kan evenmin als goed worden aangemerkt.

Inbreuk maken op auteursrechten

3.8 Ten aanzien van de beschuldiging dat verdachte tezamen en in vereniging met anderen inbreuk heeft gemaakt op auteursrechten, heeft de raadsman bepleit dat verdachte hooguit kan worden aangemerkt als medeplichtige.

3.9 Uit hetgeen onder 3.2 is overwogen, volgt echter dat verdachte degene is geweest die anderen heeft gewezen op het bestaan van de snelle internetverbinding en dat hij als enige toegang kon verschaffen tot de studentenflat. Anders gezegd: zonder verdachte hadden de computers nooit geplaatst kunnen worden. Uit de verklaring van verdachte ter terechtzitting blijkt voorts dat hij als beloning toegang kreeg tot alle vijf computers, wat hem in staat stelde thuis heel veel sneller muziek en films te downloaden. Daarnaast heeft verdachte deze computers ook in werking gehouden door, bij problemen, de computers met een remote te “resetten”. Dat gebeurde twee à drie keer per maand.

3.10 Zodoende was verdachte zeer nauw betrokken bij de installatie en het onderhoud van de computers waarop anderen muziek, films en spelletjes plaatsten ter verdere verspreiding. Dat verdachte daarmee bekend was, volgt alleen al uit het feit dat hij zelf heel veel van deze computers downloadde. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verdachte zich hiermee schuldig gemaakt aan het medeplegen van inbreuk maken op de auteursrechten van de onder 3.5 genoemde bedrijven.

3.11 Met betrekking tot de in de telastelegging opgenomen muziekstukken overweegt de rechtbank nog het volgende. In het dossier bevindt zich geen enkele lijst van uitgelezen harde schijven, waarop deze muziekstukken voorkomen, terwijl evenmin de in de aangiftes van NVPI (D 064) en Stichting STEMRA (D 068) genoemde lijst van Stichting BREIN zich in het dossier bevindt.

Daarnaast is onduidelijk wie de auteursrechten van genoemde muziekstukken bezitten. Dat deze zijn overgedaan aan Stichting STEMRA, zoals deze in haar aangifte beweert, komt de rechtbank ongeloofwaardig voor. Zij kan slechts, net als NVPI, optreden namens de rechthebbenden. In de aangifte van NVPI worden de artiesten genoemd als uitvoerend kunstenaar; dit maakt hen echter nog geen auteursrechthebbenden. Het bewijs daarvoor ontbreekt in elk geval. Voor de goede orde merkt de rechtbank op dat overtreding van de Wet op de naburige rechten niet is telastegelegd.

Bewezenverklaring

3.12. De rechtbank acht op grond van het vorenstaande wettig en overtuigend bewezen dat verdachte:

ten aanzien van het onder 1 telastegelegde:

in de periode van 1 januari 2005 tot en met 27 september 2005 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen elektriciteit, toebehorende aan Woonstichting De Key, waarbij verdachte en zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft door middel van een valse sleutel; immers hebben verdachte en zijn mededaders zich toegang verschaft tot een studentenflat gelegen aan de [adres 1] door gebruik te maken van een sleutel die verdachte van een derde heeft ontvangen en tot gebruik van welke sleutel verdachte en zijn mededaders niet bevoegd waren en hebben verdachte en zijn mededaders vervolgens elektriciteit weggenomen ten behoeve van het in werking stellen en gebruik maken van computers;

ten aanzien van het onder 2 telastegelegde:

in de periode van 1 januari 2005 tot en met 31 januari 2005 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk en wederrechtelijk een goed, toebehorende aan Woonstichting De Key, heeft beschadigd door een internetkabel, gelegen in een studentenflat aan de [adres 1], door te knippen;

ten aanzien van het onder 4 telastegelegde:

in de periode van 1 januari 2005 tot en met 27 september 2005 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op een anders auteursrecht, immers hebben verdachte en zijn mededader inbreuk gemaakt op de auteursrechten van:

- Marvel productions ltd en

- Dreamworks skg. en

- Buena Vista Home Ent. Inc en

- Lakeshore Ent. Group LLC. en

- Warner Bros

met betrekking tot de films:

- “Elektra” en

- “The Ring 2” en

- “A Lot Like Love” en

- “Million Dollar Baby en

- “House of Wax”

door een computer in een studentenflat gelegen aan de [adres 1] te plaatsen en voor uploaden beschikbaar te stellen, terwijl dit uploaden van die films ook daadwerkelijk heeft plaatsgevonden door de mededader van verdachte, zulks zonder toestemming van de rechthebbenden.

Voorzover in de telastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in zijn verdediging geschaad.

4. De strafbaarheid van de feiten

De bewezen geachte feiten zijn volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.

5. De strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

6. Motivering van de straffen en maatregelen

De officier van justitie heeft bij requisitoir gevorderd dat verdachte ter zake van de door hem onder 1, 2, 3 en 4 bewezen geachte feiten zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 maanden, met aftrek van voorarrest.

De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals van een en ander ter terechtzitting is gebleken.

De rechtbank is van oordeel dat aanleiding bestaat om bij de straftoemeting af te wijken van hetgeen door de officier van justitie is gevorderd en overweegt in dat verband dat de feiten weliswaar ernstig zijn, doch niet zodanig dat een vrijheidsstraf thans opportuun is. De rechtbank weegt daarbij mee dat verdachte, zoals blijkt uit het hem betreffende Uittreksel Justitiële Documentatie van 1 augustus 2008, geen documentatie heeft op het gebied van vermogensdelicten en de Auteurswet. Bovendien heeft verdachte sinds geruime tijd een vaste baan. De rechtbank vindt onder deze omstandigheden een werkstraf van 60 uur een passende sanctie.

Vanwege de – hiervoor genoemde – overschrijding van de redelijke termijn, die minder dan een jaar bedraagt, zal de rechtbank genoemde straf verminderen met 10%, zodat uiteindelijk een werkstraf van 54 uren zal worden opgelegd.

7. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 22c, 22d, 47, 57, 63 en 311 en 350 van het Wetboek van Strafrecht en artikel 31 van de Auteurswet.

Deze wettelijke voorschriften zijn toepasselijk zoals geldend ten tijde van het bewezengeachte.

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

8. Beslissing

Verklaart het onder 3 telastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart bewezen dat verdachte het onder 1, 2 en 4 telastegelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 3 is aangegeven.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is telastegelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Het bewezenverklaarde levert op:

ten aanzien van het onder 1 telastegelegde:

diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van een valse sleutel;

ten aanzien van het onder 2 telastegelegde:

medeplegen van opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, beschadigen;

ten aanzien van het onder 4 telastegelegde:

medeplegen van opzettelijk inbreuk maken op eens anders auteursrecht.

Verklaart het bewezene strafbaar.

Verklaart verdachte, [verdachte], daarvoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een taakstraf bestaande uit een werkstraf voor de duur van 54 uren, met bevel, voor het geval dat de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 27 dagen, met bevel dat de tijd die door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering is doorgebracht, bij de uitvoering van deze straf geheel in mindering zal worden gebracht naar de maatstaf van 2 uren per dag.

Beveelt dat verdachte de aanwijzingen en opdrachten opvolgt die hem in het kader van de tenuitvoerlegging van de taakstraf door of namens de reclassering worden gegeven.

Dit vonnis is gewezen door

mr. W.F. Korthals Altes, voorzitter,

mrs. D.J. Cohen Tervaert en J. Piena, rechters,

in tegenwoordigheid van R. Rog, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 11 september 2008.