Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2007:BD2765

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
28-12-2007
Datum publicatie
29-05-2008
Zaaknummer
383785 / KG ZA 07-2151 OdC/MV
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

De vorderingen van Yukos Finance BV om gedaagden in kort geding te veroordelen tot - onder meer - het ongedaan maken van in Yukos Finance BV genomen aandeelhouders- en bestuursbesluiten worden afgewezen omdat zij hierbij onvoldoende concreet en spoedeisend belang heeft.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Sector civiel recht, voorzieningenrechter

zaaknummer / rolnummer: 383785 / KG ZA 07-2151 OdC/MV

Vonnis in kort geding van 28 december 2007

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

YUKOS FINANCE B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

eiseres bij dagvaarding van 14 november 2007,

procureur mr. R.J. van Galen,

advocaten mrs. R.J. van Galen en B.F.H. Rumora-Scheltema,

tegen

1. [curator], in zijn hoedanigheid als curator in het faillissement van de rechtspersoon naar het recht van de Russische Federatie OAO YUKOS OIL COMPANY,

kantoorhoudende te Moskou (Russische Federatie),

niet verschenen,

2. de rechtspersoon naar vreemd recht

[gedaagde 1],

kantoorhoudende te Moskou (Russische Federatie),

3. [gedaagde 2],

wonende te Moskou (Russische Federatie),

4. [gedaagde 3],

wonende te Moskou (Russische Federatie),

gedaagden,

procureur van gedaagden sub 2 tot en met 4 mr. D.J. Oranje.

Partijen zullen hierna ook Yukos Finance en [curator], [gedaagde 1], [gedaagde 2] en [gedaagde 3] worden genoemd.

1. De procedure

Ter terechtzitting van 12 december 2007 heeft Yukos Finance gesteld en gevorderd overeenkomstig de in fotokopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding. [gedaagde 1], [gedaagde 2] en [gedaagde 3] hebben verweer gevoerd met conclusie tot weigering van de gevraagde voorziening. Na verder debat hebben partijen verzocht vonnis te wijzen.

2. De feiten

2.1. Op 1 augustus 2006 heeft de rechtbank te Moskou het faillissement uitgesproken van Yukos Oil Company, enig aandeelhouder van Yukos Finance. [curator] is tot curator benoemd.

2.2. Op 11 augustus 2006 heeft [curator] de bestuurders van Yukos Finance, te weten [bestuurder 1] en [bestu[bestuurder 2] ontslagen. Op 14 respectievelijk 30 augustus 2006 heeft [curator] [bestuurder 3] en [bestuurder 4] tot bestuurders van Yukos Finance benoemd.

2.3. Bij dagvaarding van 27 september 2006 hebben Yukos Finance, [bestuurder 1] en [bestuurder 2] een bodemprocedure aangespannen tegen [curator], [bestuurder 3] en [bestuurder 4]. Gevorderd is onder meer voor recht te verklaren dat alle door [curator] genomen aandeelhoudersbesluiten nietig zijn, alsmede de besluiten die door [bestuurder 3] en [bestuurder 4] in hun hoedanigheid als bestuurder van Yukos Finance zijn genomen. Voorts is gevorderd [curator], [bestuurder 3] en [bestuurder 4] te gebieden de gevolgen van hun besluiten ongedaan te maken en hen te verbieden in de toekomst dergelijke besluiten te nemen of andere (vertegenwoordigings)handelingen voor Yukos Finance of met betrekking tot de aandelen in Yukos Finance te verrichten.

2.4. In de onder 2.3. genoemde bodemprocedure is op 12 juli 2007 gepleit. Daarna is vonnis bepaald op 31 oktober 2007.

2.5. Op 13 juli 2007 heeft [curator] aangekondigd de aandelen in Yukos Finance op 15 augustus 2007 te zullen veilen. [gedaagde 1] heeft de aandelen op die veiling gekocht. Op 10 september 2007 is een akte tot overdracht van de aandelen aan [gedaagde 1] gepasseerd. Kort daarvoor heeft [curator] [bestuurder 3] en [bestuurder 4] als bestuurders van Yukos Finance ontslagen en [gedaagde 2] en [gedaagde 3] als bestuurders benoemd.

2.6. Op 31 oktober 2007 heeft de rechtbank Amsterdam vonnis gewezen in de onder 2.3. genoemde procedure. Onder 3.21 van dat vonnis is het volgende openomen:

Het voorgaande leidt tot de slotsom dat het Russische faillissementsvonnis waarbij [curator] tot curator in het faillissement van Yukos Oil is benoemd tot stand is gekomen op een wijze die niet in overeenstemming is met de Nederlandse beginselen van een behoorlijke procesorde en aldus strijdig is met de Nederlandse openbare orde. Het faillissementsvonnis kan om die reden niet worden erkend en de daaruit naar Russisch recht voortvloeiende bevoegdheden van de curator kunnen door [curator] in Nederland niet worden uitgeoefend. Dit brengt mee dat [curator] niet bevoegd was Yukos Oil in Nederland te vertegenwoordigen ter zake van de uitoefening van het stemrecht op de door haar gehouden aandelen in Yukos Finance. De door [curator] namens Yukos Oil genomen aandeelhoudersbesluiten, waaronder het besluit tot ontslag van [bestuurder 1] en [bestuurder 2] van 11 augustus 2006 en de besluiten tot benoeming van [bestuurder 3] en [bestuurder 4] als bestuurders van Yukos Finance, zijn dan ook niet genomen door het daartoe door de wet aangewezen orgaan van de vennootschap en derhalve nietig.

Dit brengt voorts mee dat [bestuurder 3] en [bestuurder 4] nooit tot bestuurders van Yukos Finance zijn benoemd, zodat ook alle door hen in die hoedanigheid genomen besluiten nietig zijn.

2.7. Het dictum van het vonnis van 31 oktober 2007 luidt als volgt:

De rechtbank:

- verklaart voor recht dat alle aandeelhoudersbesluiten met betrekking tot Yukos Finance, voor zover genomen door [curator] in zijn hoedanigheid van curator van Yukos Oil, daaronder begrepen doch niet beperkt tot het besluit tot ontslag van [bestuurder 1] en [bestuurder 2] als bestuurder van Yukos Finance B.V. d.d. 11 augustus 2006 alsmede de beweerdelijke besluiten tot benoeming van [bestuurder 3] en [bestuurder 4] als bestuurder van Yukos Finance, nietig zijn;

- verklaart voor recht dat alle besluiten genomen door [bestuurder 3] en/of [bestuurder 4] in hun vermeende hoedanigheid van bestuurder van Yukos Finance B.V. nietig zijn;

- gebiedt [curator] om onmiddellijk en onvoorwaardelijk medewerking te verlenen aan het ongedaan maken van (de gevolgen van) de door hem in Yukos Finance genomen aandeelhoudersbesluiten, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van

€ 10.000,00 voor iedere afzonderlijke overtreding en van € 1.000,00 voor iedere dag dat die overtreding voortduurt, tot een maximum van € 500.000,00;

- verbiedt [curator] enig recht met betrekking tot de aandelen Yukos Finance uit te oefenen of te doen uitoefenen zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 10.000,00 voor iedere afzonderlijke overtreding en van € 1.000,00 voor iedere dag dat die overtreding voortduurt, tot een maximum van € 500.000,00;

- gebiedt [bestuurder 3] en [bestuurder 4], zowel tezamen als elk afzonderlijk om onmiddellijk en onvoorwaardelijk medewerking te verlenen aan het ongedaan maken van (de gevolgen van) de door elk van hen of door hen gezamenlijk in Yukos Finance genomen bestuursbesluiten, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 10.000,00 voor iedere afzonderlijke overtreding en van € 1.000,00 voor iedere dag dat die overtreding voortduurt, tot een maximum van € 500.000,00;

- verbiedt [bestuurder 3] en [bestuurder 4] enig recht met betrekking tot hun vermeende vertegenwoordigingsbevoegdheid in Yukos Finance uit te oefenen of te doen uitoefenen zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 10.000,00 voor iedere afzonderlijke overtreding en van € 1.000,00 voor iedere dag dat die overtreding voortduurt, tot een maximum van € 500.000,00;

- veroordeelt [curator], [bestuurder 3] en [bestuurder 4] hoofdelijk in de proceskosten aan de zijde van [bestuurder 1] c.s., tot dit vonnis begroot op € 332,87 aan verschotten en € 1.808,00 aan salaris procureur;

- veroordeelt [bestuurder 3] in de kosten van de vertaling van de dagvaarding in de Russische taal, zijnde € 10.882,06;

- verklaart voornoemde ge- en verboden alsmede de proceskostenveroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;

- wijst het meer of ander gevorderde af.

2.8. [curator] heeft op 2 november 2007 hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van 31 oktober 2007. Op 1, 5 en 6 november 2007 heeft Yukos Finance sommaties aan [curator] (via diens raadsman) gezonden tot nakoming van de in het vonnis opgenomen geboden. Aan deze sommaties heeft [curator] niet voldaan.

2.9. Bij e-mails van 6, 7 en 8 november 2007 heeft Yukos Finance [gedaagde 1], [gedaagde 2] en [gedaagde 3] gewezen op het vonnis van 31 oktober 2007. In die e-mails zijn [gedaagde 2] en [gedaagde 3] – kort gezegd – gesommeerd hun onvoorwaardelijke medewerking te verlenen aan het ongedaan maken van de door hen in Yukos Finance genomen bestuursbesluiten, met machtiging aan Yukos Finance (zoals vertegenwoordigd door [bestuurder 1] en [bestuurder 2]) dit namens hen te doen. [gedaagde 1] is in die e-mails – kort gezegd – gesommeerd medewerking te verlenen aan het ongedaan maken van de door haar in Yukos Finance genomen aandeelhoudersbesluiten, met machtiging aan Yukos Finance een en ander namens haar te verrichten.

2.10. Op 24 oktober 2007 hebben [gedaagde 1], [gedaagde 3] en [gedaagde 2] (de laatste twee namens Yukos Finance) een verzoek ingediend bij de Ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam tot het gelasten van een onderzoek en een verzoek tot het treffen van onmiddellijke voorzieningen. Ter zitting van de Ondernemingskamer van 29 november 2007 is de ontvankelijkheid van deze verzoeken aan de orde gesteld. De Ondernemingskamer heeft hierover nog geen beschikking gegeven.

2.11. Op 12 november 2007 heeft de rechtbank te Moskou vonnis gewezen waarin is bepaald dat het faillissement van Yukos Oil Company is beëindigd. Volgens Yukos Finance is tegen dit vonnis door twee groepsvennootschappen tijdig hoger beroep ingesteld.

2.12. Op 17 december 2007 vindt een zitting plaats bij de kantonrechter van deze rechtbank naar aanleiding van een verzoek van Yukos Finance om de Kamer van Koophandel te gelasten tot herinschrijving van [bestuurder 1] en [bestuurder 2] als bestuurders in het handelsregister over te gaan. [gedaagde 1], [gedaagde 3] en [gedaagde 2] hebben zich in deze procedure als verweerders gesteld.

3. Het geschil

3.1. Yukos Finance vordert – kort gezegd – om:

(i) Yukos Finance (zoals vertegenwoordigd door [bestuurder 1] en [bestuurder 2]) te machtigen om in de plaats van [curator] alle handelingen te verrichten die nodig zijn voor het ongedaan maken van de door [curator] genomen aandeelhoudersbesluiten;

(ii) [gedaagde 3] en [gedaagde 2] – op straffe van dwangsommen – te gebieden hun medewerking te verlenen aan het ongedaan maken van de door hen in Yukos Finance genomen bestuursbesluiten, met machtiging van Yukos Finance (zoals vertegenwoordigd door [bestuurder 1] en [bestuurder 2]) in hun plaats alle bedoelde handelingen te verrichten;

(iii) [gedaagde 3] en [gedaagde 2] – op straffe van dwangsommen – te verbieden enig recht met betrekking tot hun vermeende vertegenwoordigingsbevoegdheid van Yukos Finance uit de oefenen;

(iv) [gedaagde 1] – op straffe van dwangsommen – te gebieden haar medewerking te verlenen aan het ongedaan maken van door haar in Yukos Finance genomen aandeelhoudersbesluiten, met machtiging van Yukos Finance (als vertegenwoordigd door [bestuurder 1] en [bestuurder 2]) in haar plaats alle bedoelde handelingen te verrichten;

(v) [gedaagde 1] – op straffe van dwangsommen – te verbieden enig recht met betrekking tot de aandelen Yukos Finance uit te oefenen.

3.2. Yukos Finance heeft hiertoe – samengevat weergegeven – het volgende gesteld. Uit het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 31 oktober 2007 volgt dat de benoeming van [gedaagde 3] en [gedaagde 2] nietig is. Uit overweging 3.21 van dat vonnis volgt dat de aandelenoverdracht aan [gedaagde 1] eveneens nietig is, omdat [curator] niet beschikkingsbevoegd was en dus niet aan de eisen van artikel 3:84 BW is voldaan. [curator] heeft nagelaten de gevolgen van de pseudo-benoeming van [gedaagde 3] en [gedaagde 2] ongedaan te maken. Ook andere uitvoeringshandelingen die een gevolg zijn van het optreden van [curator] dienen als gevolg van het vonnis van 31 oktober 2007 ongedaan te worden gemaakt. Omdat [curator] in Rusland verblijft, valt te vrezen dat de dwangsommen die zijn bepaald in dat vonnis niet kunnen worden verhaald. Yukos Finance vordert daarom in dit kort geding een machtiging om dit zelf te kunnen doen. Verder vordert zij [gedaagde 2], [gedaagde 3] en [gedaagde 1] te gebieden de bestuurs- en aandeelhoudersbesluiten die zij inmiddels hebben verricht ongedaan te maken, eveneens met machtiging van Yukos Finance om dit zelf te doen, omdat ook hier geldt dat dwangsommen onvoldoende als prikkel zullen werken.

Met het vonnis van 31 oktober 2007, waarin de verschillende ge- en verboden uitvoerbaar bij voorraad zijn verklaard, heeft de rechtbank beoogd een situatie te scheppen waarin tijdens het hoger beroep Yukos Finance zal worden bestuurd door [bestuurder 1] en [bestuurder 2]. Het zou onaanvaardbaar zijn de werking van dit vonnis te doorkruisen door de benoeming van [gedaagde 3] en [gedaagde 2]. Dit geldt ook voor [gedaagde 1]; zij was weliswaar geen partij bij het vonnis van 31 oktober 2007, maar het moet haar desalniettemin verboden worden de werking van dit vonnis te doorkruisen. Yukos Finance beroept zich in dit verband onder meer op de leden 1 en 2 van artikel 236 Rv.

Yukos Finance heeft een spoedeisend belang bij de gevraagde voorzieningen. Bij derden mag niet opnieuw twijfel worden gezaaid over de uitoefing van de aandeelhoudersrechten en de (bestuurs)vertegenwoordiging van Yukos Finance. Onduidelijkheid leidt tot ertoe dat Yukos Finance niet volledig aan het rechtsverkeer kan deelnemen.

3.3. [gedaagde 1], [gedaagde 3] en [gedaagde 2] hebben tegen de vordering verweer gevoerd. Op dit verweer wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. [curator] is niet ter terechtzitting verschenen. Wel heeft mr. S.A.H.J. Warringa, de raadsman van [curator], de voorzieningenrechter voorafgaand aan de terechtzitting (bij faxbericht van 7 december 2007) bericht dat het faillissement van Yukos Oil Company is geëindigd, de bevoegdheid van [curator] om als curator op te treden eveneens is geëindigd en dat Yukos Oil Company is opgehouden te bestaan. Hij heeft hieraan de conclusie verbonden dat dit kort geding ten aanzien van [curator] op grond van artikel 225 Rv is geschorst. Naar aanleiding hiervan is ter terechtzitting tussen de raadsman van Yukos Finance en de raadsman van de wel verschenen gedaagden discussie ontstaan over de vraag of [curator] (nog) als curator kan worden aangesproken. Weliswaar staat vast dat de rechtbank te Moskou een vonnis heeft gewezen waarin is bepaald dat het faillissement van Yukos Oil Company is geëindigd, maar volgens de raadsman van Yukos Finance is tegen dit vonnis hoger beroep ingesteld. Hij heeft ter terechtzitting stukken van dit hoger beroep ter inzage gegeven aan de raadsman van de wel verschenen gedaagden. De status van [curator] is hiermee in het ongewisse gebleven. In dit kort geding kan niet worden bepaald of hij nog als curator kan worden aangesproken. Schorsing van de procedure op voet van artikel 225 Rv is – daargelaten of dit in een kort geding mogelijk is – niet aan de orde omdat dit door [curator] (of door zijn procureur) ter terechtzitting had moeten worden verzocht. Aangezien [curator] niet ter zitting is verschenen en bij dagvaarding de bij de wet voorgeschreven formaliteiten in acht zijn genomen, zal tegen hem verstek worden verleend.

4.2. Yukos Finance heeft zich in dit geding beroepen op het vonnis van deze rechtbank van 31 oktober 2007. In dit vonnis is – kort gezegd – voor recht verklaard dat de aandeelhouders- en bestuursbesluiten genomen door [curator], [bestuurder 3] en/of [bestuurder 4] nietig zijn .Verder zijn zij – op straffe van dwangsommen – geboden reeds genomen besluiten ongedaan te maken en is het hun op straffe van dwangsommen verboden rechten met betrekking tot de aandelen Yukos Finance dan wel met betrekking tot hun vermeende vertegenwoordigingsbevoegdheid in Yukos Finance uit te oefenen.

4.3. Ten aanzien van de verschenen gedaagden wordt het volgende overwogen. Partijen twisten over de vraag of en in hoeverre de thans jegens [gedaagde 1], [gedaagde 3] en [gedaagde 2] gevorderde ge- en verboden toewijsbaar zijn op basis van het vonnis van 31 oktober 2007, waarbij zij geen partij waren. Beantwoording van deze vraag kan in dit kort geding echter in het midden blijven aangezien de gevorderde ge- en verboden te algemeen en te onbepaald van aard zijn om bij wijze van voorlopige voorziening te kunnen worden toegewezen. Noch in de dagvaarding noch ter zitting heeft Yukos Finance – desgevraagd – concreet gesteld welke bestuursbesluiten door [gedaagde 3] en [gedaagde 2] ongedaan moeten worden gemaakt en welke aandeelhoudersbesluiten door [gedaagde 1] ongedaan moeten worden gemaakt. Gesteld noch gebleken is dat [gedaagde 1], [gedaagde 3] of [gedaagde 2] voornemens zijn bepaalde aandeelhouders- of bestuursbesluiten te nemen. Het ontbreekt Yukos Finance dan ook aan een concreet (spoedeisend) belang bij de gevraagde voorzieningen. [gedaagde 1], [gedaagde 3] en [gedaagde 2] zijn weliswaar partij bij of betrokken bij een aantal lopende juridische procedures (een procedure bij de Ondernemingskamer, zie 2.10., een procedure bij de kantonrechter, zie 2.12., het hoger beroep tegen het vonnis van 31 oktober 2007, een procedure op grond van artikel 474g Rv bij deze rechtbank) maar desgevraagd heeft Yukos Finance uitdrukkelijk verklaard dat haar vorderingen in dit geding geen betrekking hebben op (het instellen en vervolgen van) die procedures. Yukos Finance heeft gedaagden toegegeven dat hun het optreden in lopende procedures niet kan worden ontzegd, aangezien dit in strijd zou zijn met artikel 17 Grondwet, waarin is bepaald dat niemand tegen zijn wil kan worden afgehouden van de rechter die de wet hem toekent, ook met betrekking tot de beoordeling van de ontvankelijkheid in die procedures. Andere voor redres in aanmerking komende aandeelhouders- of bestuursbesluiten van [gedaagde 1], [gedaagde 3] of [gedaagde 2] zijn gesteld noch gebleken. De jegens hen gevraagde voorziening zal dan ook worden geweigerd.

4.4. Ten aanzien van [curator] wordt het volgende overwogen. Gevorderd wordt Yukos Finance te machtigen in plaats van [curator] alle handelingen te verrichten die nodig zijn voor het ongedaan maken van (de gevolgen van) de door hem in Yukos Finance genomen aandeelhoudersbesluiten. Ook hier geldt dat Yukos Finance niet concreet heeft gesteld welke besluiten volgens haar ongedaan gemaakt moeten worden. Bovendien beschikt zij reeds over een titel, te weten het vonnis van 31 oktober 2007, in welk vonnis [curator] op straffe van dwangsommen is geboden om onmiddellijk en onvoorwaardelijk medewerking te verlenen aan het ongedaan maken van (de gevolgen van) de door hem in Yukos Finance genomen aandeelhoudersbesluiten. Yukos Finance heeft thans gesteld dat de desbetreffende dwangsommen moeilijk zijn te verhalen omdat [curator] in Rusland woonachtig is en kantoor houdt. Yukos Finance heeft dit echter niet aangetoond en zelfs niet aangetoond dat zij heeft geprobeerd dwangsommen te verhalen en ter zake waarvan. Op grond van het bovenstaande komt de vordering Yukos Finance te machtigen ongegrond voor. De jegens [curator] gevraagde voorziening zal dan ook worden geweigerd.

4.5. Yukos Finance zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [gedaagde 1], [gedaagde 3] en [gedaagde 2] worden begroot op:

- vast recht EUR 251,00

- salaris procureur 816,00

Totaal EUR 1.067,00

De kosten aan de zijde van [curator] worden begroot op nihil.

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. weigert de gevraagde voorzieningen,

5.2. veroordeelt Yukos Finance in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde 1], [gedaagde 3] en [gedaagde 2] tot op heden begroot op EUR 1.067,00, en aan de zijde van [curator] tot op heden begroot op nihil,

5.3. verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door R. Orobio de Castro, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. M. Veraart, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 28 december 2007.?