Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2007:BB3472

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
12-09-2007
Datum publicatie
12-09-2007
Zaaknummer
347400 / HA ZA 06-2512
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Hoofdzaak is gericht tegen herstructurering van Nederlandse Yukos-entiteiten. In incident wordt toestemming gevraagd o.a. de Russische Federatie in vrijwaring op te roepen. De rechtbank wijst de vordering af omdat niet gebleken is van een rechtsverhouding tussen de Russische Federatie en gedaagden in de hoofdzaak uit hoofde waarvan de Russische Federatie verplicht zou kunnen zijn de nadelige gevolgen van een veroordeling van gedaagden in de hoofdzaak te dragen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 347400 / HA ZA 06-2512

Vonnis in incident van 12 september 2007

in de zaak van

de vennootschap naar buitenlands recht OAO ROSNEFT, als rechtsopvolgster van de vennootschap naar buitenlands recht OAO YUGANSKNEFTEGAZ,

gevestigd te Moskou (Russische Federatie),

e i s e r e s in de hoofdzaak, v e r w e e r s t e r in het incident,

procureur mr. M. Deckers,

tegen

1. [gedaagde 1],

wonende te [woonplaats] (Verenigde Staten van Amerika),

g e d a a g d e in de hoofdzaak, e i s e r in het incident,

procureur mr. R.J. van Galen,

2. [gedaagde 2],

wonende te [woonplaats] (Verenigde Staten van Amerika),

g e d a a g d e in de hoofdzaak, e i s e r in het incident,

procureur mr. R.J. van Galen,

3. [gedaagde 3],

wonende te [woonplaats],

g e d a a g d e in de hoofdzaak, v e r w e e r d e r in het incident,

procureur mr. W.H. van Baren,

4. [gedaagde 4],

wonende te [woonplaats],

g e d a a g d e in de hoofdzaak, v e r w e e r d e r in het incident,

procureur mr. W.H. van Baren,

5. [gedaagde 5],

wonende te [woonplaats],

g e d a a g d e in de hoofdzaak, v e r w e e r d e r in het incident,

procureur mr. W.H. van Baren,

6. [gedaagde 6],

wonende te [woonplaats],

g e d a a g d e in de hoofdzaak, v e r w e e r s t e r in het incident,

procureur mr. W.H. van Baren,

7. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid TMF MANAGEMENT B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

g e d a a g d e in de hoofdzaak, v e r w e e r s t e r in het incident,

procureur mr. W.H. van Baren,

8. [gedaagde 8],

wonende te [woonplaats] (Verenigd Koninkrijk),

g e d a a g d e in de hoofdzaak, e i s e r in het incident,

procureur mr. R.J. van Galen,

9. [gedaagde 9],

wonende te [woonplaats] (Verenigd Koninkrijk),

g e d a a g d e in de hoofdzaak, v e r w e e r d e r in het incident,

procureur mr. P. Roorda,

10. [gedaagde 10],

wonende te [woonplaats] (Frankrijk),

g e d a a g d e in de hoofdzaak, e i s e r in het incident,

procureur mr. R.J. van Galen.

Eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident, wordt hierna Rosneft genoemd. Gedaagden in de hoofdzaak, eisers in het incident, sub 1, 2, 8 en 10, worden hierna gezamenlijk [gedaa[gedaagden A] c.s. genoemd. Gedaagden in de hoofdzaak, verweerders in het incident, sub 3, 4, 5, 6 en 7, worden hierna gezamenlijk [gedaagden B] c.s. genoemde. Gedaagde in de hoofdzaak, verweerder in het incident sub 9, wordt hierna [gedaagde 9] genoemd.

De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de gelijkluidende dagvaardingen van 12 april 2006;

- de incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring, met producties, van [gedaagden A] c.s.;

- de conclusie van antwoord in het incident tot oproeping in vrijwaring, van Rosneft;

- het op 25 juni 2007 gehouden pleidooi en het daarvan opgemaakte proces-verbaal, met de daarin vermelde stukken.

1.2. Tenslotte is vonnis bepaald in het incident.

Inleiding

2. Uit de tot dusverre in het geding gebrachte stukken en de tot dusverre betrokken stellingen en gevoerde verweren blijkt het volgende.

a. OAO Yuganskneftegaz (hierna: Yugansk), de rechtsvoorgangster van Rosneft, was een voormalige dochter van OAO Yukos Oil Company (hierna: Yukos Oil), kantoorhoudende te Moskou (Russische Federatie). Haar indirecte grootaandeelhouder was de Russische Federatie.

b. Yukos Oil houdt alle aandelen in Yukos Finance B.V. (hierna: Yukos Finance).

c. Tot 19 april 2005 hield Yukos Finance alle aandelen in Yukos International UK B.V. (hierna: Yukos International) en hield Yukos Finance aandelen in een aantal buitenlandse vennootschappen. Op die datum heeft Yukos Finance haar aandelen in de buitenlandse vennootschappen overgedragen aan Yukos International (die reeds aandelen hield in een aantal andere buitenlandse vennootschappen) en heeft Yukos Finance haar aandelen in Yukos International in ruil voor certificaten daarvan overgedragen aan Stichting Administratiekantoor Yukos International (hierna: Stichting AK), die op 14 april 2005 was opgericht (hierna: de herstructurering). Gedaagden zijn (gewezen) bestuurders van Yukos Finance, Yukos International en/of Stichting AK.

De hoofdzaak

3.1. Rosneft vordert bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad,

(i) te verklaren voor recht dat gedaagden door (medewerking aan) de ten processe bedoelde herstructurering onrechtmatig jegens Rosneft hebben gehandeld;

(ii) gedaagden hoofdelijk, des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, te veroordelen tot vergoeding van de schade die Rosneft daardoor heeft geleden, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet; en

(iii) gedaagden c.s. hoofdelijk, des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, te veroordelen in de kosten van het geding.

3.2. Rosneft legt hieraan, kort samengevat, ten grondslag dat door de (hiervoor onder 2.c weergegeven) herstructurering, die volgens haar is georkestreerd door Yukos Oil (en haar indirecte grootaandeelhouder GML Limited) en gericht is tegen de Russische autoriteiten, en de daarop gevolgde verkoop van de (aandelen in de) buitenlandse vennootschappen het verhaal van haar vordering op Yukos Oil wordt gefrustreerd.

Het incident

4.1. [gedaagden A] c.s. vorderen, na wijziging van eis, bij vonnis, voorzoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, te bepalen dat de Russische Federatie en de Baikalfinancegroup LLC (hierna: de Baikalfinancegroup) tegen een door de rechtbank te bepalen terechtzitting zullen worden gedagvaard, teneinde op de eis tot vrijwaring te antwoorden en voort te procederen, met veroordeling van Rosneft in de kosten van het incident.

4.2. [gedaagden A] c.s. leggen hieraan, kort samengevat, ten grondslag dat indien en voorzover wordt vastgesteld dat Rosneft vorderingen heeft op Yukos Oil, Yukos Finance, Yukos International en Stichting AK, deze vorderingen zijn veroorzaakt doordat de Russische Federatie en de Baikalfinancegroup door onrechtmatige handelingen hebben bewerkstelligd dat Yukos Oil haar crediteuren, in het bijzonder (toen nog) Yugansk, niet kon voldoen.

5. Rosneft voert gemotiveerd verweer.

6. [gedaagden B] c.s. en [gedaagde 9] refereren zich aan het oordeel van de rechtbank.

7.1. De rechtbank stelt voorop dat [gedaagden A] c.s. ter gelegenheid van het pleidooi, met toestemming van Rosneft, hun vordering strekkende tot verlof om Rosneft in vrijwaring op te roepen hebben ingetrokken omdat Rosneft Yugansk als eiseres in de hoofdzaak is opgevolgd.

7.2. De rechtbank stelt voorts voorop dat voor toewijzing van de onderhavige vordering sprake moet zijn van een rechtsverhouding tussen de Russische Federatie en de Baikalfinancegroup enerzijds en [gedaagden A] c.s. anderzijds, uit hoofde waarvan de Russische Federatie en de Baikalfinancegroup verplicht zouden kunnen zijn de nadelige gevolgen van een veroordeling van [gedaagden A] c.s. in de hoofdzaak te dragen.

Die door [gedaagden A] c.s. aan hun incidentele vordering ten grondslag gelegde rechtsverhouding betreft het door hen gestelde onrechtmatig handelen van de Russische Federatie en de Baikalfinancegroup, dat er in bestaat dat zij onrechtmatig zouden hebben bewerkstelligd dat Yukos Oil haar crediteuren, waaronder Yugansk, niet langer kon voldoen. Als gevolg van dit handelen is de vordering van Yugansk op Yukos Oil - waarvoor Yugansk verhaal zoekt op [gedaagden A] c.s. - onbetaald gebleven. De vordering van Yugansk op [gedaagden A] c.s. in de hoofdzaak is – aldus [gedaagden A] c.s. - derhalve direct afgeleid van de als gevolg van het onrechtmatig handelen van de Russische Federatie en de Baikalfinancegroup onbetaald gebleven vordering van Yugansk op Yukos Oil, zodat de Russische Federatie en de Baikalfinancegroup gehouden zijn [gedaagden A] c.s. ter zake van de nadelige gevolgen van een veroordeling in de hoofdzaak te vrijwaren.

Vervolgens moet onderzocht worden of deze gestelde onrechtmatige daad jegens Yukos Oil de Russische Federatie en de Baikalfinancegroup kan verplichten de nadelige gevolgen van een veroordeling van [gedaagden A] c.s. in de hoofdzaak te dragen.

Yugansk legt aan haar vordering in de hoofdzaak ten grondslag dat [gedaagden A] c.s. jegens haar onrechtmatig hebben gehandeld door middels de herstructurering het verhaal voor haar vordering op Yukos Oil te frustreren. Aldus vordert zij van [gedaagden A] c.s. geen betaling van haar vordering op Yukos Oil, maar veroordeling van [gedaagden A] c.s. tot betaling van het door haar als gevolg van eigen onrechtmatig handelen van [gedaagden A] c.s. geleden schade.

Onder deze omstandigheden kan niet worden aangenomen dat het gestelde onrechtmatige handelen van de Russische Federatie en de Baikalfinancegroup jegens Yukos Oil - ook indien juist - eerstgenoemden ertoe zou verplichten [gedaagden A] c.s. van de nadelige gevolgen van hun eventueel onrechtmatig handelen jegens Yugansk te vrijwaren. Het daarvoor benodigde causaal verband tussen het gestelde onrechtmatige handelen van de Russische Federatie en de Baikalfinancegroup jegens Yukos Oil en een eventueel door [gedaagden A] c.s. wegens hun eigen onrechtmatig handelen aan Yugansk in de hoofdzaak te betalen schadevergoeding ontbreekt, terwijl zonder nadere toelichting, die eveneens ontbreekt, evenmin is in te zien waarom het gestelde onrechtmatig handelen van de Russische Federatie en de Baikalfinancegroup jegens Yukos Oil, jegens [gedaagden A] c.s. een tot schadevergoeding verplichtende onrechtmatige daad oplevert.

Het voorgaande leidt tot de slotsom dat niet gebleken is van een rechtsverhouding tussen de Russische Federatie en de Baikalfinancegroup en [gedaagden A] c.s. uit hoofde waarvan eerstgenoemden verplicht zouden kunnen zijn de nadelige gevolgen van de in de hoofdzaak gevorderde veroordeling van [gedaagden A] c.s. te dragen.

7.3. Het gevorderde dient te worden afgewezen. De beslissing omtrent de kosten van het incident zal worden aangehouden totdat in de hoofdzaak zal worden beslist.

BESLISSING

De rechtbank:

in het incident:

- wijst het gevorderde af;

- houdt de beslissing omtrent de kosten van het incident aan;

in de hoofdzaak:

- bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 24 oktober 2007 voor conclusie van antwoord;

- houdt iedere verdere beslissing aan.

Gewezen door mrs. W. Tonkens-Gerkema, C.S. Naarden en A.W.H. Vink en in het openbaar uitgesproken op 12 september 2007.