Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2007:BA7769

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
21-06-2007
Datum publicatie
21-06-2007
Zaaknummer
371651 / KG ZA 07-1084 NB/LW
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Executiegeschil. Stadsnomaden zijn bij een eerder vonnis veroordeeld een NS terrein te ontruimen. Zij zijn na dat vonnis naar het uiterste puntje van het terrein verplaatst en stellen thans dat NS Vastgoed misbruik maakt van haar bevoegdheid om tot ontruiming over te gaan wegens het ontbreken van enig belang.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Sector civiel recht, voorzieningenrechter

zaaknummer / rolnummer: 371651 / KG ZA 07-1084 NB/LW

Vonnis in kort geding van 21 juni 2007

in de zaak van

1.[eiser1],

2.[eiser2]

3.[eiser3],

4. [eiser4],

5. [eiser5],

6. [eiser6]

7. [eiser7]

allen wonende te [woonplaats],

eisers bij dagvaarding van 8 juni 2007 en conceptdagvaarding (uitnodiging),

procureur mr. J.P.M. Seegers,

advocaat mr. J. van Broekhuijze te Ridderkerk,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

NS VASTGOED B.V.,

gevestigd te Utrecht,

gedaagde,

ten aanzien van eisers sub 4 tot en met 7 vrijwillig verschenen,

procureur mr. R.V.H. Jonker,

advocaten mr. J.M. Heikens en mr. M.C. Ten Kleij-Mulder te Arnhem.

Partijen zullen hierna de bewoners en NS Vastgoed B.V. genoemd worden.

De procedure

Ter terechtzitting van 13 juni 2007 hebben de bewoners gesteld en gevorderd overeenkomstig de in fotokopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding. NS Vastgoed B.V. heeft verweer gevoerd met conclusie tot weigering van de gevraagde voorziening. Na verder debat hebben partijen verzocht vonnis te wijzen.

De feiten

Bij vonnis van 18 april 2007 van deze rechtbank zijn in een bodemprocedure onder andere gedaagden sub 1 tot en met 4 veroordeeld om het braakliggend terrein aan de Westhavenweg/Nieuwe Hemweg te Amsterdam kadastraal bekend gemeente Amsterdam sectie A1 nrs. 577, 642 en 648 (hierna het terrein), te ontruimen en te verlaten en ter vrije beschikking te stellen van NS Vastgoed B.V.

Onder punt 2.11 van dat vonnis is overwogen dat een vordering tot ontruiming niet voor toewijzing in aanmerking komt wanneer NS Vastgoed B.V. als eigenaresse onvoldoende belang heeft bij haar vordering of wanneer zij onder de omstandigheden van het geval misbruik maakt van de haar toekomende bevoegdheid tot ontruiming. Daarvan kan sprake zijn indien NS Vastgoed B.V. haar bevoegdheid uitoefent met geen ander doel dan de bewoners te schaden of indien NS Vastgoed B.V., in aanmerking nemende de onevenredigheid tussen het belang bij de uitoefening en het belang (van de bewoners) dat daardoor wordt geschaad, naar redelijkheid niet tot die uitoefening had kunnen komen.

Op 20 april 2007 heeft de raadsman van de bewoners aan de raadsman van NS Vastgoed B.V. het volgende bericht, voor zover van belang:

“(..) Er blijken nog maar enkele nomaden op het terrein te verblijven. De meesten zijn inmiddels vertrokken. Men heeft mij verzekerd dat men het voornemen heeft om zich bij de uitspraak neer te leggen.(..)”

De openbare betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden op 3, 8 en 9 mei 2007. Bij exploot van 25 mei 2007 is de ontruiming van het terrein aangezegd.

De bewoners hebben zich eind mei 2007 verplaatst naar de uiterste punt van het terrein.

Het geschil

De bewoners vorderen - samengevat - NS Vastgoed B.V. te verbieden om het deel van het terrein te ontruimen waar zij naar toe zijn getrokken en dat het hun wordt toegestaan om verder op dat gedeelte van het terrein te verblijven dat niet gebruikt gaat worden voor het modderspeciedepot, met veroordeling van NS Vastgoed B.V. in de proceskosten.

De bewoners stellen hiertoe dat NS Vastgoed B.V. misbruik maakt van haar bevoegdheid tot executie van het vonnis van 18 april 2007 over te gaan. Zij hebben immers dat deel van het terrein ontruimd en verlaten waar NS Vastgoed B.V. voornemens is een modderspeciedepot te vestigen. Zij hebben zich verplaatst naar de uiterste punt van het terrein, nog voorbij het terrein dat aan de hondenvereniging wordt verhuurd. Die vereniging wordt niet ontruimd. De bewoners zijn bereid een redelijke huur- of gebruiksovereenkomst met NS Vastgoed B.V. aan te gaan. NS Vastgoed B.V. heeft geen enkel belang bij de ontruiming van dit deel van het terrein.

NS Vastgoed B.V. voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

De beoordeling

In een executiegeschil kan de voorzieningenrechter de tenuitvoerlegging van een vonnis slechts schorsen, indien hij van oordeel is dat de executant - mede gelet op de belangen aan de zijde van de geëxecuteerde die door de executie zullen worden geschaad - geen in redelijkheid te respecteren belang heeft bij gebruikmaking van zijn bevoegdheid tot tenuitvoerlegging over te gaan. Dat zal het geval kunnen zijn indien het te executeren vonnis klaarblijkelijk op een juridische of feitelijke misslag berust of indien de tenuitvoerlegging op grond van na dit vonnis voorgevallen of aan het licht gekomen feiten klaarblijkelijk aan de zijde van de geëxecuteerde een noodtoestand zal doen ontstaan, waardoor een onverwijlde tenuitvoerlegging niet kan worden aanvaard.

Bij vonnis van 18 april 2007 heeft de rechter in de bodemprocedure overwogen dat het gehele terrein dient te worden ontruimd. Niet gesteld of gebleken is dat het vonnis van 18 april 2007 op een juridische of feitelijke misslag berust. Dat het de bewoners niet bekend was dat ze ook het gedeelte van het terrein waar ze zich thans bevinden moeten ontruimen, heeft niet tot gevolg dat er sprake is van misbruik van recht. De bodemrechter heeft immers de belangen van partijen tegen elkaar afgewogen.

Daarnaast hebben de bewoners betoogd dat zij zich na de ontruiming nergens kunnen vestigen, wat een noodsituatie aan hun zijde zal opleveren. Met de omstandigheid dat de bewoners bij ontruiming het terrein dienen te verlaten en (wellicht) geen andere vestigingsplaats zullen hebben – hoe vervelend ook – was de bodemrechter reeds ten tijde van de uitspraak van 18 april 2007 bekend. Een noodsituatie als bedoeld onder 4.1. doet zich hier dan ook niet voor.

Ook overigens doen zich geen feiten of omstandigheden voor op grond waarvan NS Vastgoed B.V. in redelijkheid geen gebruik zou mogen maken van haar recht tot executie van het vonnis van 18 april 2007. Immers, niet kan worden gezegd dat NS Vastgoed B.V. in het geheel geen belang heeft bij de ontruiming van dat deel van het terrein, nu de aanwezigheid van de bewoners het bemoeilijkt om controlerend op te treden en effectieve beheersmaatregelen te nemen ter voorkoming van de schade veroorzaakt door de bewoners en/of derden, onder andere bestaande uit illegaal kappen en vervuiling door afval.

Al met al kan niet worden geoordeeld dat er omstandigheden zijn die een schorsing van de executie van het vonnis van 18 april 2007 rechtvaardigen. De vordering zal dan ook worden afgewezen.

De bewoners zullen als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van NS Vastgoed B.V. worden begroot op:

- vast recht EUR 251,00

- salaris procureur 816,00

Totaal EUR 1.067,00

De beslissing

De voorzieningenrechter

weigert de gevraagde voorziening,

veroordeelt de bewoners in de proceskosten, aan de zijde van NS Vastgoed B.V. tot op heden begroot op EUR 1.067,00,

verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. N.C.H. Blankevoort, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. L.E. van der Weij, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 21 juni 2007.?