Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2007:BA4890

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
10-05-2007
Datum publicatie
11-05-2007
Zaaknummer
366121 / KG ZA 07-566 P/JR
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

De voorzieningenrechter in kort geding heeft geoordeeld dat het belang van de Staat bij overdracht van de domeinnaam www.112.nl zo zwaarwegend is dat het belang van gedaagde bij behoud van die domeinnaam daarvoor zal moeten wijken. Gedaagde handelt onrechtmatig jegens de Staat door zijn weigering om mee te werken aan overdracht van de domeinnaam www.112.nl. en wordt in kort geding veroordeeld tot overdracht van die domeinnaam.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Sector civiel recht, voorzieningenrechter

zaaknummer / rolnummer: 366121 / KG ZA 07-566 P/JR

Vonnis in kort geding van 10 mei 2007

in de zaak van

STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties),

gevestigd te 's-Gravenhage,

eiser bij dagvaarding van 30 maart 2007,

procureur mr. P.N. van Regteren Altena,

advocaat mr. H.J.M. Boukema te ’s-Gravenhage,

tegen

[gedaagde],

wonende te [woonplaats],

gedaagde,

procureur mr. Q.J.A. Meijnen.

Partijen zullen hierna de Staat en [gedaagde] genoemd worden.

1. De procedure

Ter terechtzitting van 19 april 2007 heeft de Staat gesteld en gevorderd overeenkomstig de in fotokopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding, met dien verstande dat hij zijn eis heeft gewijzigd als na te melden. [gedaagde] heeft verweer gevoerd met conclusie tot weigering van de gevraagde voorziening. Na verder debat hebben partijen verzocht vonnis te wijzen.

2. De feiten

2.1. Artikel 1 van beschikking 91/396/EEG van 29 juli 1991 inzake invoering van een gemeenschappelijk Europees oproepnummer voor hulpdiensten, luidt:

“1. De Lid-Staten zorgen ervoor dat het nummer 112 als gemeenschappelijk Europees oproepnummer voor hulpdiensten wordt ingevoerd in openbare telefoonnetten en in toekomstige digitale netwerken met geïntegreerde diensten en openbare mobiele diensten.”

Het nummer 112 is in 1998 in Nederland ingevoerd.

2.2. [gedaagde] heeft op 16 januari 2001 de domeinnaam www.112.nl geregistreerd.

2.3. De Staat gebruikt de websites www.112sos.nl en www.sos112.nl .

2.4. Op 3 april 2007 heeft de Staat bij spoedinschrijving het 112-woordmerk laten inschrijven in het Merkenregister. Op 5 april 2007 heeft de Staat het Beneluxbeeldmerk 112 bij spoedinschrijving laten inschrijven.

3. Het geschil

3.1. De Staat vordert thans, na wijziging eis, – samengevat – [gedaagde] te verbieden vanaf de betekening van dit vonnis ieder gebruik van de aanduiding 112 als (onderdeel van een) domeinnaam, waarbij onder het gebruik tevens vervreemding of bewaring is te verstaan, maar waaronder niet wordt verstaan de domeinnaam www.heerink.112.nl, op straffe van een dwangsom van EUR 10.000,= per overtreding.

Verder vordert de Staat te bepalen dat, op de voet van artikel 3:300 van het Burgerlijk Wetboek (BW), dit vonnis dezelfde kracht heeft als een in wettige vorm opgemaakte akte van overdracht van de domeinnaam www.112.nl door [gedaagde] aan een door de Staat aan te wijzen natuurlijke persoon en voorts [gedaagde] te bevelen om binnen zeven dagen na betekening van dit vonnis bij de Stichting Internet Domeinregsitratie Nederland (hierna SIDN) een verzoek in te dienen, geheel in overeenstemming met de bij SIDN geldende regels, tot overdracht van voormelde domeinnaam aan een door de Staat aan te wijzen natuurlijke persoon, op straffe van een dwangsom van EUR 1.000,= per dag, met veroordeling van [gedaagde] in de kosten en de nakosten.

3.2. De Staat stelt hiertoe dat hij zich kan beroepen op het merkenrecht op de aanduiding 112 en dat hij om die reden recht heeft op de overeenstemmende domeinnaam.

Omdat de Staat de aanduiding 112 niet voert als teken ter onderscheiding van goederen of diensten van een onderneming is niet onwaarschijnlijk dat het Merkenregister de bij spoedinschrijving ingeschreven beeld- en woordmerken zal doorhalen. De Staat beroept zich dan ook ter bescherming van de aanduiding 112 tevens op de algemene onrechtmatigheidsactie, die de kenmerken van de in artikel 2.20 van het Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom (BVIE) beschreven merkenrechtelijke actie heeft.

[gedaagde] handelt door de registratie van de domeinnaam www.112.nl onrechtmatig jegens de Staat. De registratie is bovendien te kwader trouw omdat [gedaagde] wist of behoorde te weten dat 112 door de Staat voor hulpdiensten wordt gebruikt.

Verder geldt dat het particuliere, commerciële belang van [gedaagde] bij de exploitaie van een website met deze domeinnaam niet opweegt tegen het belang van de Staat bij een ordelijke informatievoorziening aan de burgers.

[gedaagde] zet de consument, die de website www.112.nl wil bezoeken op het verkeerde been. De burgers worden derhalve in verwarring gebracht en het handelen van [gedaagde] is in die zin als een vorm van misleidende reclame te beschouwen.

Bovendien is sprake van misbruik van bevoegdheid tot registratie van de domeinnaam, nu [gedaagde] deze bevoegdheid met geen ander doel uitoefent dan om de Staat te schaden.

Tot slot verhindert [gedaagde] dat de Staat volledig aan zijn verplichtingen uit de beschikking inzake invoering van 112 kan voldoen, hetgeen eveneens onrechtmatig is. De Staat heeft getracht met [gedaagde] tot overeenstemming inzake overdracht van de domeinnaam te komen, maar dit is niet gelukt omdat [gedaagde], anders dan hij thans stelt, een vergoeding van EUR 24.000,= vraagt.

De Staat heeft dus recht en belang bij onverwijlde overdracht van de domeinnaam.

3.3. Ter afwering van de vordering heeft [gedaagde] het volgende aangevoerd. Per vergissing linkte de domeinnaam www.112.nl door naar een pornografische website, maar dit is inmiddels hersteld. De domeinnaam linkt nu door naar een startpagina waarop allerlei links naar 112-gerelateerde websites staan. De Staat heeft derhalve geen spoedeisend belang meer bij haar vorderingen.

Bovendien heeft de Staat reeds jaren laten verstrijken zonder gebruik te willen maken van de domeinnaam www.112.nl.

[gedaagde] heeft de Staat te kennen gegeven dat hij voor EUR 2.500,= bereid was de website over te dragen. De Staat is hier toen niet op ingegaan. Inmiddels is [gedaagde] niet meer bereid de domeinnaam voor dit bedrag over te dragen.

De stelling van de Staat dat [gedaagde] hem zou beletten een verdragsverplichting behoorlijk na te komen is onjuist, aangezien bedoeld verdrag op de Staat geenszins de verplichting legt de domeinnaam www.112.nl in te voeren.

Het Benelux Merkenbureau zal naar alle waarschijnlijkheid de door de Staat met spoed ingeschreven merken doorhalen, omdat ze niet worden gebruikt ter onderscheiding van goederen of diensten van een onderneming. 112 is een beschrijvend teken en het staat een ieder vrij dat teken te gebruiken.

Verder geldt dat de Staat voldoende andere mogelijkheden, dan via www.112.nl, heeft om de burgers te informeren over hulpdiensten.

Ook lijdt de Staat geen schade door het gebruik van www.112.nl door [gedaagde], aangezien het alarmnummer gewoon bereikbaar is en de website doorlinkt naar sites over hulpdiensten. Van misbruik van bevoegdheid is dan ook geen sprake.

Voor een belangenafweging is in dit geval geen plaats, omdat het hier betreft de verhouding tussen burger en de Staat.

Tot slot beperkt de Staat met haar vorderingen het in artikel 10 van het EVRM gewaarborgde recht op vrijheid van meningsuiting van [gedaagde].

4. De beoordeling

4.1. Het verweer van [gedaagde] dat de Staat geen spoedeisend belang bij haar vorderingen heeft, wordt verworpen. Het feit dat de website www.112.nl thans niet meer doorlinkt naar een website met pornografische inhoud, maar naar een zogenoemde startpagina, doet aan de spoedeisendheid van de vordering van de Staat tot overdracht van de domeinnaam niet af, te meer daar partijen reeds in 2002 begonnen zijn met onderhandelingen over overdracht van de domeinnaam.

4.2. De Staat heeft aan zijn vorderingen primair ten grondslag gelegd dat [gedaagde] met het gebruik van de domeinnaam www.112.nl op grond van het bepaalde in artikel 2.20 lid 1 onder c en d BVIE inbreuk maakt op de aan de Staat toekomende merkrechten. Zoals de Staat echter ook zelf heeft verklaard, is voorshands aannemelijk dat het Merkenbureau tot doorhaling van de ter spoedinschrijving bij het Merkenbureau aangeboden beeld- en woordmerken zal besluiten. Onder deze omstandigheden wordt dan ook geoordeeld dat de Staat geen merkenrechtelijke bescherming toekomt.

4.3. Het gebruik van een aanduiding die geen merk is kan echter onder omstandigheden toch onrechtmatig zijn. De verdere beoordeling van het geschil spitst zich dan ook toe op de vraag of [gedaagde] onrechtmatig jegens de Staat handelt door de bestreden domeinnaam te doen registreren. Tussen partijen is niet in geschil dat de aanduiding 112 bij de burgers algemeen bekend is als het algemene telefoonnummer voor hulpdiensten van de overheid. Het telefoonnummer is sinds 1998 in Nederland in gebruik. [gedaagde] heeft de domeinnaam www.112.nl sinds 2001 in gebruik.

Het staat dan ook vast dat [gedaagde] vóór de registratie van de domeinnaam www.112.nl wist dat de aanduiding 112 door de overheid gebruikt werd als telefoonnummer voor hulpdiensten.

Vervolgens dient te worden beoordeeld of [gedaagde] onrechtmatig jegens de Staat handelt door zijn weigering om – al dan niet tegen een billijke vergoeding – mee te werken aan overdracht van de domeinnaam aan de Staat, althans een door de Staat aan te wijzen natuurlijk persoon.

Vaststaat dat de huidige activiteiten van [gedaagde], voor zover het de bestreden domeinnaam betreft, thans beperkt zijn tot de link naar een startpagina met 112-gerelateerde links. Het moet er daarom voor worden gehouden dat [gedaagde] geen zwaarwegend belang heeft bij behoud van de domeinnaam, anders dan in het kader van de mogelijkheid de domeinnaam door overdracht te gelde te maken.

Daartegenover staat het belang van de Staat bij overdracht van de domeinnaam. [gedaagde] kan niet gevolgd worden in zijn stelling dat van een belangenafweging geen sprake zou kunnen zijn in de verhouding tussen burger en de Staat.

De Staat heeft een onmiskenbaar belang om de burgers goed en snel te kunnen informeren, in het bijzonder op het gebied van hulpdiensten. De algemene bekendheid van de aanduiding 112 brengt mee dat burgers geneigd zullen zijn de domeinnaam www.112.nl te associëren met een website van de overheid. De omstandigheid dat, zoals [gedaagde] heeft aangevoerd, de overheid zich ook zou kunnen bedienen van andersluidende domeinnamen om de burgers te informeren, zoals nu ook gebeurt, doet niet af aan het feit dat de burger in eerste instantie de domeinnaam www.112.nl, derhalve zonder toevoegingen zoals sos of overheid, zal hanteren bij het zoeken naar officiële informatie van de overheid en onder de huidige omstandigheden derhalve terecht komt bij de website van [gedaagde] en niet bij die van de Staat. Dit is een zo zwaarwegend belang van de Staat dat het belang van [gedaagde] daarvoor zal moeten wijken

De Staat heeft bovendien ter zitting verklaard geen bezwaar te hebben tegen het gebruik door [gedaagde] van de domeinnaam www.heerink.112.nl, en heeft dienovereenkomstig zijn eis verminderd.

Onder deze omstandigheden wordt geoordeeld dat [gedaagde], die zich ervan bewust was of behoorde te zijn dat hij in strijd handelde met het belang van de Staat, onrechtmatig handelt jegens de Staat door zijn weigering om mee te werken aan overdracht van de domeinnaam.

4.4. Ook het beroep van [gedaagde] op artikel 10 van het EVRM treft geen doel. [gedaagde] wordt immers geenszins de mogelijkheid ontnomen om zijn mening vrijelijk te uiten, maar slechts om dit te doen via www.112.nl.

4.5. Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de vorderingen van de Staat toewijsbaar zijn als na te melden, waarbij de dwangsom zal worden gematigd en gemaximeerd.

De overige gronden van de Staat behoeven daarom geen bespreking meer.

Aangezien, zoals gevorderd, bepaald wordt dat bij gebreke van tijdige overdracht door [gedaagde] van de domeinnaam aan een door de Staat aan te wijzen natuurlijke persoon dit vonnis op de voet van artikel 3:300 BW dezelfde kracht heeft als een in wettige vorm opgemaakte akte van overdracht, bestaat er geen grond voor het verbinden van een dwangsom aan deze veroordeling.

4.6. [gedaagde] zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van de Staat worden begroot op:

- dagvaarding EUR 84,31

- vast recht 251,00

- salaris procureur 816,00

Totaal EUR 1.151,31

4.7. Hoewel de nakosten nog niet zijn gemaakt, staat dit er niet aan in de weg om deze als hierna te melden voorwaardelijk toe te wijzen.

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. verbiedt [gedaagde] vanaf zeven dagen na betekening van dit vonnis ieder gebruik van de aanduiding 112 als (onderdeel van een) domeinnaam, waarbij onder het gebruik tevens vervreemding of bewaring is te verstaan, maar waaronder niet wordt verstaan de domeinnaam www.heerink.112.nl, op straffe van een dwangsom van EUR 5.000,= voor iedere dag of gedeelte daarvan dat [gedaagde] dit verbod overtreedt, met een maximum van EUR 100.000,=,

5.2. veroordeelt [gedaagde] om binnen zeven dagen na betekening van dit vonnis bij SIDN een verzoek in te dienen, in overeenstemming met de bij SIDN geldende regels, tot overdracht van de domeinnaam www.112.nl aan een door de Staat aan te wijzen natuurlijke persoon,

5.3. bepaalt dat bij gebreke van tijdige voldoening aan de veroordeling onder 5.2. dit vonnis op de voet van artikel 3:300 BW dezelfde kracht heeft als een in wettige vorm opgemaakte akte van overdracht van de domeinnaam www.112.nl door [gedaagde] aan een door de Staat aan te wijzen natuurlijke persoon,

5.4. veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van de Staat tot op heden begroot op EUR 1.151,31,

5.5. veroordeelt [gedaagde] om, indien hij niet binnen veertien dagen na dagtekening van de aanschrijving tot vrijwillige voldoening aan dit vonnis heeft voldaan, aan de Staat te voldoen aan nakosten EUR 131,= zonder betekening van dit vonnis, te verhogen met EUR 68,= ingeval dit vonnis wel is betekend aan [gedaagde],

5.6. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.7. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.Y.C. Poelmann, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. J.O. Rutten, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 10 mei 2007.?