Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2006:AZ4443

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
27-09-2006
Datum publicatie
14-12-2006
Zaaknummer
333421
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Bodemzaak
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Aanneemovereenkomst; vervalste e-mail; algemene voorwaarden met arbitragebeding niet van toepassing, beroep op onbevoegdheid rechtbank afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 333421 / HA ZA 06-140

Vonnis in incident van 27 september 2006

in de zaak van

A,

wonende te,

eiser in de hoofdzaak,

verweerder in het incident,

procureur mr. P.H. Boekel,

tegen

B,

wonende te,

gedaagde in de hoofdzaak,

eiser in het incident,

procureur mr. A. van Hees.

Partijen zullen hierna A en B genoemd worden.

De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis in incident van 12 april 2006.

Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.

De beoordeling in het incident

Bij voornoemd tussenvonnis is B in de gelegenheid gesteld voor de rol van 10 mei 2006 bij akte te reageren op het verweer van A dat de e-mail van 27 juni 2003 zou zijn vervalst. B heeft hier geen gebruik van gemaakt.

Nu de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden RVOI 2001 (hierna: de AV) door A is betwist en het verweer dat voornoemde e-mail van 27 juni 2003 zou zijn vervalst door B niet is weersproken, is niet althans onvoldoende vast komen staan dat de AV, waaronder het arbitragebeding, van toepassing zijn op de tussen partijen afgesloten aanneemovereenkomst. Nu B onvoldoende feiten en omstandigheden heeft gesteld, die tot het oordeel kunnen leiden dat de rechtbank onbevoegd is kennis te nemen van het geschil, zal de vordering worden afgewezen.

B zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van dit incident.

De beslissing

De rechtbank

in het incident

- wijst de vordering af;

- veroordeelt B in de op het incident gevallen kosten, tot aan deze uitspraak aan de zijde van A begroot op € 452,- (vierhonderdtweeënvijftig euro);

in de hoofdzaak

- verwijst de zaak naar de rol van woensdag 8 november 2006 voor het nemen van conclusie van antwoord aan de zijde van B.

Dit vonnis is gewezen door mr. J. Thomas en in het openbaar uitgesproken op 27 september 2006.?