Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBAMS:2004:AO7341

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
09-04-2004
Datum publicatie
09-04-2004
Zaaknummer
13/127478.03
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank Amsterdam verwijst de zaak van een minderjarige verdachte van groepsverkrachting terug naar de rechter-commissris teneinde een triple-onderzoek te doen verrichten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Parketnummer: [nummer]

Datum uitspraak: 9 april 2004

op tegenspraak

INTERLOCUTOIR VONNIS

van de rechtbank Amsterdam, vierde meervoudige kamer A, in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op 25 september 1987,ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens op het [adres], [woonplaats], [gedetineerd].

De rechtbank heeft beraadslaagd naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 29 maart 2004.

1. Telastelegging

Aan verdachte is telastegelegd hetgeen staat omschreven in de dagvaarding, waarvan een kopie als bijlage aan dit vonnis is gehecht. De in die dagvaarding vermelde telastelegging geldt als hier ingevoegd.

2. Overwegingen

Onder de beraadslaging is gebleken dat het onderzoek niet volledig is geweest. Uit de gedragsdeskundigenrapportages van [deskundige 1], psycholoog / psychotherapeut en [deskundige 2], psychiater, respectievelijk d.d. 20 februari 2004 en 16 februari 2004, blijkt dat bij verdachte sprake is van een gebrekkige ontwikkeling van de geestesvermogens, een verhoogd recidiverisico en dat behandeling van verdachte niet en zelfs gecontraïndiceerd is. Deze conclusies vervullen de rechtbank met grote zorg. Alvorens deze conclusie over te nemen, acht de rechtbank het dan ook -zorgvuldigheidshalve- aangewezen dat over de verdachte nogmaals wordt gerapporteerd, ditmaal in de vorm van een zogenaamde triple-rapportage, zodat het onderzoek zo diepgaand mogelijk zal worden uitgevoerd, en tevens op die manier de Raad voor de Kinderbescherming bij de zaak wordt betrokken en kan adviseren.

Het onderzoek ter terechtzitting zal in verband daarmee dienen te worden hervat en geschorst, teneinde de zaak terug te verwijzen naar de rechter-commissaris voor een triple-onderzoek.

Om de klemmende reden dat genoemd onderzoek niet binnen één maand zal zijn voltooid, zal de hervatting van het onderzoek ter terechtzitting binnen negentig dagen moeten plaatsvinden.

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

3. Beslissing

Heropent en schorst het onderzoek ter terechtzitting.

Stelt de stukken in handen van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank, teneinde een triple-onderzoek als hiervoor bedoeld te doen verrichten en voorts al datgene te doen wat de rechter-commissaris in het belang van het onderzoek acht.

Beveelt dat het onderzoek zal worden hervat op een nog nader te bepalen terechtzitting, doch in elk geval binnen negentig dagen na de dag van deze uitspraak, wegens de klemmende reden dat het niet is te verwachten dat het voornoemd onderzoek binnen één maand voltooid zal zijn.

Beveelt de oproeping van verdachte, diens raadsman en ouders tegen een nader te bepalen tijdstip.

Dit vonnis is gewezen door

mr. A.C. Enkelaar, voorzitter,

mrs. J. Kloosterhuis en A.P. van der Linden, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. K. Meijer, griffier

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 9 april 2004.