Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBALM:2011:BQ1105

Instantie
Rechtbank Almelo
Datum uitspraak
06-04-2011
Datum publicatie
13-04-2011
Zaaknummer
118455 / KG ZA 11-37
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

De grondslag van de vordering tot afgifte van de twee geschoonde kopieschijven is de tussen partijen gesloten vaststellingsovereenkomst. Toewijzing van deze vordering

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ALMELO

Sector civiel recht

zaaknummer: 118455 / KG ZA 11-37

datum vonnis: 6 april 2011 (yc)

Vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank Almelo, rechtdoende in kort geding, in de zaak van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

The Backbone B.V.,

gevestigd te Hengelo,

eiseres,

verder te noemen Backbone,

advocaat: mr. E.P. Cornel te Enschede,

tegen

[gedaagde]

wonende te [plaats],

gedaagde,

verder te noemen [gedaagde],

advocaat: mr. M. R. Jansen te Amersfoort.

1. Het procesverloop

Backbone heeft gevorderd als vermeld in de dagvaarding. Bij brief van 21 maart 2011 heeft [gedaagde] twee producties in het geding gebracht. De zaak is behandeld ter terechtzitting van

25 maart 2011. Ter zitting zijn verschenen: [X], technisch (statutair) directeur van Backbone, vergezeld door mr. Cornel en [gedaagde] vergezeld door mr. Jansen.

De standpunten zijn toegelicht. Het vonnis is bepaald op vandaag.

2. De vaststaande feiten

2.1 In deze zaak staat het volgende vast.

2.2 Backbone drijft een onderneming die zich bezig houdt met het beheer van IT-systemen.

2.3 [gedaagde] was als netwerkspecialist werkzaam bij Backbone op basis van een arbeidsovereenkomst, welke arbeidsovereenkomst op initiatief van [gedaagde] met ingang van

1 oktober 2007 is beëindigd.

2.4 In artikel 16 van de arbeidsovereenkomst was onder andere bepaald dat de werknemer zowel tijdens als na het eindigen van de dienstbetrekking verplicht is tot volstrekte geheimhouding omtrent alle bedrijfsaangelegenheden in de ruimste zin van het woord. Voorts was in dit artikel bepaald dat op schrift gestelde bescheiden die via het bedrijf zijn verkregen, eigendom blijven van het bedrijf en dat het verboden is deze bescheiden mee naar huis te nemen, te vermenigvuldigen of aan derden te geven, voor zover de werkzaamheden dit niet noodzakelijk maken.

2.5 [gedaagde] heeft kort voor de indiening van zijn ontslag grote hoeveelheden data verstuurd van de computers van Backbone naar zijn internetaansluiting thuis en aldaar opgeslagen.

2.6 Backbone heeft conservatoir bewijsbeslag gelegd op de computers en andere gegevensdragers van [gedaagde].

2.7 Backbone heeft vervolgens een bodemprocedure gestart bij de rechtbank Almelo, sector kanton, locatie Enschede (hierna te noemen: kantonrechter). Tegen de tussenvonnissen van de kantonrechter van 8 april 2008 en 6 mei 2008 heeft Backbone hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof Arnhem.

2.8 In de appèlprocedure bij het gerechtshof Arnhem is door partijen een vaststellingsovereenkomst gesloten, welke door dat hof is vastgelegd in het proces-verbaal

d.d. 29 mei 2009. In het proces-verbaal staat onder andere dat partijen het volgende zijn overeengekomen:

“1. De in het bodemvonnis van 23 december 2008 in het dictum onder 5.3 vermelde twee harde schijven blijven berusten onder deurwaarder H.J. Bekman;

2. Van de onder 1 vermelde kopie schijven zullen twee nieuwe kopieën worden gemaakt door [R], in aanwezigheid van beide partijen, te weten [X] namens The Backbone en [gedaagde];

3. Van de onder 2 vermelde kopie schijven zullen de privé bestanden van [gedaagde] door [R] worden verwijderd, waarna de geschoonde kopie schijven aan The Backbone ter beschikking zullen worden gesteld;

4. De onder 3 vermelde verwijdering van de privé bestanden van [gedaagde] zal plaatsvinden op een zodanige wijze, door middel van speciale, door [R] te bepalen tools, dat deze privé bestanden niet meer toegankelijk zijn voor The Backbone;

5. Aan het bovenstaande zal uiterlijk 1 september (2009; toevoeging van de voorzieningenrechter) uitvoering worden gegeven;

……”.

2.9 Backbone heeft bij akte d.d. 16 februari 2010 haar eis in hoger beroep aangevuld door te vorderen [gedaagde] te veroordelen tot afgifte van de twee kopieschijven die zich bevinden onder de deurwaarder G.J. Bekman te Almelo.

2.10 Het gerechtshof Arnhem heeft bij arrest van 15 juni 2010 het vonnis van de kantonrechter van 8 april 2008 vernietigd en heeft opnieuw rechtdoende [gedaagde] veroordeeld

– kort weergegeven – om Backbone inzage te geven in de nieuw gekopieerde schijven bij de bewaarder Bekman, waarop zich uitsluitend (bedrijfs)gegevens van Backbone bevinden, zulks op straffe van een dwangsom. De eis van Backbone om [gedaagde] te veroordelen tot afgifte van de twee kopieschijven heeft het gerechtshof buiten beschouwing gelaten.

2.11 Na het arrest van het gerechtshof Arnhem van 15 juni 2010 is de bodemprocedure bij de kantonrechter door Backbone voortgezet. Backbone heeft in deze bodemprocedure haar vordering aangevuld door (onder andere) te vorderen dat [gedaagde] wordt veroordeeld om aan Backbone de twee geschoonde kopieschijven af te geven. De grondslag van deze aanvullende vordering was niet de tussen partijen gesloten vaststellingsovereenkomst van

29 mei 2009. Deze vordering (en ook alle andere vorderingen van Backbone) heeft de kantonrechter afgewezen. Tegen dit eindvonnis van de kantonrechter heeft Backbone hoger beroep ingesteld, welk hoger beroep voor het eerst ter rolle van het gerechtshof Arnhem zal dienen op 26 april 2011.

2.12 De originele twee schijven bevinden zich nog steeds onder de deurwaarder Bekman.

3. De standpunten van partijen

Backbone

3.1 Backbone vordert bij vonnis, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

- [gedaagde] te gebieden om binnen drie dagen na betekening van dit vonnis aan deurwaarder

G.J. Bekman te Almelo onvoorwaardelijk opdracht te geven over te gaan tot afgifte aan

mr. Cornel van de twee geschoonde kopieschijven als bedoeld in het proces-verbaal van dading d.d. 29 mei 2009, welke kopieschijven zich bevinden onder deurwaarder Bekman;

- te bepalen dat [gedaagde] bij overtreding van dit gebod een dwangsom verbeurt van € 1.000,-- per dag, met een maximum van € 100.000,--;

- [gedaagde] te veroordelen in de kosten van dit geding, te vermeerderen met de nakosten ten belope van € 131,--, één en ander te voldoen binnen veertien dagen na dagtekening van het vonnis, en voor het geval voldoening van de (na)kosten niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt, te vermeerderen met de wettelijke rente over zowel de kostenveroordeling als de (na)kosten, te rekenen vanaf bedoelde termijn voor voldoening.

3.2 Backbone stelt daartoe dat [gedaagde] de tussen partijen gesloten vaststellingsovereenkomst van 20 mei 2009 niet is nagekomen, nu [gedaagde] de geschoonde kopieschijven niet aan Backbone heeft afgegeven. Backbone voert aan dat zij niet tot executie kan overgaan van het proces-verbaal waarin de vaststellingsovereenkomst is vastgelegd, omdat de formulering op het punt van de afgifte van de geschoonde kopieschijven vaag is. Volgens Backbone heeft [gedaagde] uitdrukkelijke instructies gegeven aan de deurwaarder Bekman om niet tot afgifte van de twee geschoonde kopieschijven aan Backbone over te gaan. Backbone stelt dat zij spoedeisend belang heeft bij afgifte van deze schijven.

[gedaagde]

3.3 [gedaagde] voert verweer tegen de vordering van Backbone en concludeert primair tot integrale afwijzing van de vordering, met veroordeling van Backbone in de kosten van het geding. Subsidiair vordert [gedaagde] de door Backbone gevorderde dwangsom af te wijzen, althans te matigen.

3.4 [gedaagde] stelt daartoe – voor zover relevant – dat Backbone geen belang, laat staan spoedeisend belang, heeft bij haar vordering tot afgifte van de twee geschoonde kopieschijven. Verder voert [gedaagde] aan dat, indien de voorzieningenrechter van oordeel is dat Backbone wel voldoende spoedeisend belang heeft haar vordering, deze vordering dient te worden afgewezen. [gedaagde] stelt daartoe dat de afgifte van de twee geschoonde kopieschijven geen onderdeel is (geweest) van de tussen partijen gemaakte afspraken die in de vaststellingsovereenkomst zijn opgenomen. [gedaagde] stelt dat hij deze schijven niet wil afgeven, omdat hij zich wil verweren tegen een eventuele onrechtmatige daadsvordering van Backbone. Verder stelt [gedaagde] dat bij afgifte ook de door hem reeds aangekondigde discussie zal ontstaan omtrent het antwoord op de vraag of de op de twee geschoonde kopieschijven opgeslagen gegevens (nog) identiek zijn aan de originele gegevens.

4. De beoordeling

Spoedeisendheid

4.1 Backbone heeft gesteld dat zij spoedeisend belang heeft bij haar vordering. Zij heeft daartoe gesteld dat zij de twee geschoonde kopieschijven uitvoerig wenst te onderzoeken voor het opstellen van haar memorie van grieven, teneinde haar eis in het hoger beroep nader aan te kunnen vullen. Backbone dient haar memorie van grieven op 26 april 2011 bij het gerechtshof Arnhem in te dienen. Voorts heeft Backbone gesteld dat zij door onderzoek van de kopieschijven wil weten of zij delen van haar administratie mist, nu zij niet weet of [gedaagde] bestanden heeft weggekopieerd. [gedaagde] heeft betwist dat Backbone belang heeft bij haar vordering, nu Backbone inzage heeft in de door haar bedoelde kopieschijven. Backbone heeft hierop gesteld dat inzage praktisch onmogelijk is, omdat zij de bestanden op de twee geschoonde kopieschijven niet kan raadplegen nu daar sturingsprogramma’s voor vereist zijn, welke programma’s wegens technische redenen niet kunnen worden gedownload. Deze stelling van Backbone heeft [gedaagde] niet (onderbouwd) betwist, zodat de voorzieningenrechter ervan uitgaat dat inzage van de geschoonde kopieschijven praktisch onmogelijk is. Backbone heeft dan ook naar het oordeel van de voorzieningenrechter voldoende spoedeisend belang bij haar vordering.

Afgifte

4.2 De grondslag van de vordering van Backbone om [gedaagde] te gebieden aan de deurwaarder Bekman onvoorwaardelijk opdracht te geven om onverwijld over te gaan tot afgifte van de twee geschoonde kopieschijven, is de tussen partijen gesloten vaststellingsovereenkomst van 29 mei 2009. [gedaagde] heeft de vordering van Backbone betwist door naar voren te brengen dat partijen daarbij niet zijn overeengekomen dat [gedaagde] de twee geschoonde kopieschijven aan Backbone zou afgeven. De voorzieningenrechter overweegt hierover als volgt. Vast staat dat partijen in de appèlprocedure bij het gerechtshof Arnhem een vaststellingsovereenkomst hebben gesloten die in het proces-verbaal van 29 mei 2009 is vastgelegd. Deze vaststellingsovereenkomst is door beide partijen ondertekend. Partijen hebben bij deze vaststellingsovereenkomst afgesproken dat “de geschoonde kopieschijven aan

The Backbone ter beschikking zullen worden gesteld”. De taalkundige betekenis van de woorden “ter beschikking stellen” is overhandigen dan wel afgeven. [gedaagde] heeft niet adequaat toegelicht waarom partijen volgens hem niet kunnen zijn overeengekomen dat de twee geschoonde kopieschijven aan Backbone daadwerkelijk worden afgegeven, terwijl de taalkundige betekenis van hetgeen partijen hebben afgesproken dat wel met zich meebrengt. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter zijn partijen dan ook overeengekomen dat de twee geschoonde kopieschijven aan Backbone zullen worden afgegeven. Behalve dat de taalkundige betekenis van de woorden “ter beschikking” stellen met zich meebrengt dat partijen hebben afgesproken dat de twee geschoonde kopieschijven aan Backbone zullen worden afgegeven, is het ook logisch dat partijen hebben afgesproken dat juist deze schijven zullen worden afgegeven aan Backbone. Ten eerste betreft het immers de kopieschijven die zullen worden afgegeven. De originele schijven blijven bij deurwaarder Bekman, zodat achteraf eventueel nog kan worden nagegaan of de op de twee geschoonde kopieschijven opgeslagen gegevens identiek zijn aan de gegevens die daar bij afgifte op stonden. Verder is inzage van de kopieschijven – zoals door Backbone is gesteld – praktisch onmogelijk wegens technische redenen. Wat er ook zij van de overige verweren, [gedaagde] zal gelet op het voorgaande – nu partijen zijn overeengekomen dat de twee geschoonde kopieschijven als bedoeld in het proces-verbaal van dading d.d. 29 mei 2009 aan Backbone zullen worden afgegeven en Backbone daar ook belang bij heeft – worden veroordeeld om binnen drie dagen na betekening van dit vonnis aan de deurwaarder Bekman onvoorwaardelijk opdracht te geven om onverwijld over te gaan tot afgifte van de hier bedoelde kopieschijven aan

mr. Cornel. Nu Backbone al een geruime tijd heeft moeten wachten op afgifte van deze twee kopieschijven en dus ook lange tijd met de onzekerheid heeft moeten leven of haar administratie wel compleet is, zal worden bepaald dat [gedaagde] bij overtreding van het hiervoor weergegeven verbod een eenmalige dwangsom van € 50.000,-- zal verbeuren.

Rente over de proceskosten en de nakosten

4.3 Backbone vordert wettelijke rente over de proceskosten en de nakosten. [gedaagde] is echter pas wettelijke rente verschuldigd over de proceskosten en de nakosten vanaf de datum van verzuim. De voorzieningenrechter zal daarom bepalen dat [gedaagde] de wettelijke rente over de proceskosten en de nakosten is verschuldigd indien deze kosten niet binnen veertien dagen na betekening van het vonnis zijn voldaan.

5. De beslissing

De voorzieningenrechter:

I. gebiedt [gedaagde] om binnen drie dagen na betekening van dit vonnis aan deurwaarder

G.J. Bekman te Almelo onvoorwaardelijk opdracht te geven om onverwijld over te gaan tot afgifte aan mr. E.P. Cornel, raadsman van Backbone, van de twee geschoonde kopieschijven als bedoeld in het proces-verbaal van dading d.d. 29 mei 2009, welke zich bevinden onder deurwaarder G.J. Bekman;

II. bepaalt dat indien [gedaagde] dit gebod overtreedt, hij een eenmalige dwangsom verbeurt van

€ 50.000,--;

III. veroordeelt [gedaagde] in de kosten van deze procedure, tot op heden aan de zijde van Backbone begroot op € 647,26 aan verschotten en € 950,-- aan salaris van de advocaat;

IV. veroordeelt [gedaagde] in de nakosten van deze procedure ten bedrage van € 131,--, indien en voor zover [gedaagde] niet binnen een termijn van veertien dagen na aanschrijving aan dit vonnis heeft voldaan, met bepaling dat indien de proceskosten en de nakosten niet binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis zijn betaald, gedaagde daarover de wettelijke rente is verschuldigd vanaf dat moment tot aan de dag der algehele voldoening;

V. verklaart dit tot zover vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

VI. wijst het anders of meer gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen te Almelo door mr. M.L.J. Koopmans, voorzieningenrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 6 april 2011 in tegenwoordigheid van de griffier.