Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBALM:2011:BQ0561

Instantie
Rechtbank Almelo
Datum uitspraak
31-03-2011
Datum publicatie
07-04-2011
Zaaknummer
: 367344 EJ VERZ 11-1405
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Reorganisatie

Werkgever heeft niet dan wel onvoldoende onderbouwd gesteld waarom de personele bezetting op die specifieke afdeling, moet worden verminderd.

Werkgever heeft op geen enkele wijze aannemelijk gemaakt dat de functies niet-uitwisselbare functies zijn

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ALMELO

Sector Kanton

Locatie Enschede

Zaaknummer : 367344 EJ VERZ 11-1405

Beschikking van de kantonrechter d.d. 31 maart 2011 in de zaak van:

De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Benchmark Electronics B.V.,

statutair gevestigd en kantoorhoudende te Almelo,

verzoekster,

hierna te noemen Benchmark,

gemachtigde: mr. Ph. C. Kleyn van Willigen, advocaat te Almelo,

tegen

[verweerster],

wonende te [plaats],

verweerster,

hierna te noemen: [verweerster],

gemachtigde: mr. B.J. Bloemendal (Das Rechtsbijstand).

1. de procedure

1.1 Benchmark heeft middels een verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 28 februari 2011 verzocht de arbeidsovereenkomst met [verweerster] te ontbinden vóór 1 april 2011.

1.2 Namens [verweerster] is een verweerschrift ingediend, ingekomen ter griffie op 28 maart 2011.

1.3 Benchmark heeft bij brief van 29 maart 2011 nog een aantal producties in het geding gebracht. Ook namens [verweerster] is bij faxbericht van 23 maart 2011 nog een tweetal producties in het geding gebracht.

1.4 Het verzoek is behandeld ter zitting van 30 maart 2011, waar Benchmark zich heeft laten vertegenwoordigen door de heren [X] en [Y], bijgestaan door

mr. Kleyn van Willigen. [verweerster] is verschenen, bijgestaan door mr. Boemendal.

2. feiten

De navolgende feiten, die enerzijds zijn gesteld en anderzijds niet, dan onvoldoende gemotiveerd zijn weersproken, worden als vaststaand aangenomen.

2.1 [verweerster], geboren op […] 1965, is op 1 november 1984 in dienst getreden van de rechtsvoorganger van Benchmark. De functie die [verweerster] laatstelijk heeft vervuld is die van Soldering Technician (oftewel printmonteuse). Het salaris van [verweerster] bedraagt € 1.210,61 bruto per maand, te vermeerderen met vakantiegeld en een 13e maand, op basis van een part-time dienstverband.

2.2 Benchmark maakt deel uit van een wereldwijde onderneming waarvan het hoofdkantoor is gevestigd in de USA. Benchmark bedient onder meer hightech bedrijven in de industrie, luchtvaart en defensie. De kerncompetentie van Benchmark zit in het leveren van toegevoegde waarde in de keten van complexe en innovatieve projecten van conceptfase, via ontwikkeling en productie tot distributie.

2.3 In verband met het wegvallen van een vijftal klanten van Benchmark, te weten [F] en de klanten A t/m D (zo aangeduid omdat het Benchmark contractueel verboden is hun namen bekend te maken), en de daarmee gepaard gaande productievermindering wenst Benchmark een reorganisatie door te voeren per 1 april 2011. In verband daarmee heeft Benchmark een reorganisatieplan, gedateerd op 29 september 2010, opgesteld en advies gevraagd aan de ondernemingsraad. De ondernemingsraad heeft advies uitgebracht op 7 december 2010. Op 10 december 2010 heeft het bestuur van Benchmark naar aanleiding van het door de ondernemingsraad gegeven advies een besluit genomen. De ondernemingsraad heeft op dit uitvoeringsbesluit op 13 december 2010 schriftelijk gereageerd.

2.4 Benchmark heeft met een drietal vakbonden een Sociaal Plan opgesteld. Dit is getekend op 8 december 2010.

2.5 Benchmark heeft [verweerster] bij brief van 16 december 2010 op de hoogte gesteld van de reorganisatie en daarmee het vervallen van haar arbeidsplaats per 1 april 2011. Bij brief van 21 januari 2011 heeft Benchmark [verweerster] een concept beëindigingsovereenkomst, gebaseerd op het van toepassing zijnde Sociaal Plan toegestuurd. [verweerster] heeft met deze beëindigingsovereenkomst niet ingestemd.

3. het geschil

3.1 het verzoek

3.1.1 Benchmark verzoekt de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst te ontbinden op grond van gewichtige redenen per 1 april 2011, in welk geval Benchmark bereid is om aan [verweerster] een eenmalige vergoeding van € 30.982,60 bruto te betalen.

3.1.2 Benchmark heeft aan haar verzoek, kort en zakelijk weergegeven, het navolgende ten grondslag gelegd. In verband met de te verwachten productievermindering per 1 april 2011 door het wegvallen van een vijftal grote klanten van Benchmark dient een reorganisatie te worden doorgevoerd, zoals aangekondigd in het reorganisatieplan, met welk plan de ondernemingsraad heeft ingestemd. Als gevolg van de sterke productievermindering en navenante omzetdaling, onderbouwd door middel van stukken overgelegd bij verzoekschrift, komt de arbeidsplaats van [verweerster] per 1 april 2011 te vervallen. Haar functie is, anders dan [verweerster] heeft gesteld, niet uitwisselbaar met die van Soldering Specialist.

3.2 het verweer

3.2.1 [verweerster] heeft geconcludeerd tot afwijzing van het verzoek met veroordeling van Benchmark in de kosten van de procedure. Subsidiair heeft zij, in geval van ontbinding verzocht een vergoeding toe te kennen conform de kantonrechtersformule met voor de factor c 1,5 punten.

3.2.2 [verweerster] heeft aan haar verweer, kort en zakelijk weergegeven, het navolgende ten grondslag gelegd.

Benchmark heeft bij het doorvoeren van de door haar beoogde reorganisatie niet voldaan aan de in het Ontslagbesluit genoemde criteria, zoals dat geldt bij ontslagen op grond van bedrijfseconomische redenen. Ook indien Benchmark ervoor kiest ontbinding door de kantonrechter te verzoeken, dient Benchmark zich aan het Ontslagbesluit te conformeren.

Benchmark heeft op geen enkele wijze inzichtelijk gemaakt waarom de reorganisatie, op de door haar voorgestelde wijze, moet worden doorgevoerd. [verweerster] ziet het assemblagewerk dat zij uitvoert voor onder meer klant D alleen maar toenemen. Bovendien werkt er nog steeds een uitzendkracht op haar afdeling. Mogelijk is er binnen afzienbare tijd een toename van werk, nu Benchmark nieuwe klanten in de medische- en vliegtuigbranche werft.

Klant [F], wier vertrek verantwoordelijk is voor het grootste deel van het omzetverlies van Benchmark levert geen werk voor de afdeling Manufacturing en leidt dus niet tot vermindering van het assemblage/soldeerwerk.

De enkele omstandigheid dat de ondernemingsraad heeft ingestemd en/of een Sociaal Plan tot stand is gekomen, betekent nog niet dat daarmee de reorganisatie als noodzakelijk gegeven vaststaat, laat staan dat daarmee vaststaat dat de functie van [verweerster] dient te komen vervallen.

3.2.3 Benchmark heeft voorts nagelaten inzicht te geven in de onderling uitwisselbare functies en toepassing van het afspiegelingsbeginsel. [verweerster] is werkzaam als Soldering Technician, welke functie feitelijke hetzelfde is als die van Soldering Specialist. Die laatste functie bestond tot enkele maanden geleden niet bij Benchmark. Er is ook geen verschil in functiebeschrijving, althans er bestaat van de functie Soldering Specialist überhaupt geen functiebeschrijving. Voor zover Benchmark betoogt dat de Specialist ‘ook’ de opleiding op niveau 3 heeft en dat ‘het’ verschil maakt, merkt [verweerster] op dat die opleiding 2 à 3 dagen duurt, binnen het eigen bedrijf. [verweerster] heeft die opleiding ook grotendeels gedaan, maar om de laatste 2 onderdelen te halen was nooit tijd, ondanks de toezeggingen die haar ter zake zijn gedaan. Feitelijk verricht zij in ieder geval hetzelfde werk als de ‘Soldering Specialist’.

3.2.4 [verweerster] heeft moeten constateren dat er nog steeds een uitzendkracht in dezelfde functie als die van [verweerster] werkzaam is.

Uitgaande van een uitwisselbare functie waarbij niet alleen de Soldering Technicians maar ook de Soldering Specialists worden meegenomen, komt [verweerster] niet als eerste voor ontslag in aanmerking. Voorts merkt [verweerster] op dat het er op lijkt dat Benchmark in strijd heeft gehandeld met het bepaalde in artikel 7: 646 en 648 BW nu het vooral parttime werkende vrouwen zijn die zijn ingedeeld in de functiecategorie Soldering Technician en de fulltime werkenden - overwegend - mannen, in de ‘nieuwe’ functie van Soldering Specialist.

4. de beoordeling

4.1 Gesteld noch gebleken is dat aan het verzoek een omstandigheid ten grondslag ligt ter zake waarvan in de wet een opzegverbod is opgenomen.

4.2 Wat er ook zij van de noodzaak om over te gaan tot een reorganisatie en bijbehorende personeelsinkrimping; Benchmark heeft niet dan wel onvoldoende onderbouwd waarom de personele bezetting op de afdeling Manufactoring (waar de Soldering Specialist en Technicians werkzaam zijn) moet worden gereduceerd, en meer in het bijzonder waarom de functie van [verweerster] komt te vervallen.

4.3 Desgevraagd is namens Benchmark uitgelegd dat de klanten [F] en A t/m D voor Benchmark feitelijk geen (qua omvang of intensiteit relevante) werkzaamheden met zich brengen voor de afdeling Soldering. Klant D levert wel werk voor die afdeling maar desgevraagd kon Benchmark niet duidelijk maken waarom op de afdeling Manufactoring een omvangrijke personeelsinkrimping moet worden doorgevoerd, zoals door Benchmark is beoogd. De gegeven verklaring dat de omzetdaling ‘over all’ tot een personeelsinkrimping op meerdere plaatsen in de organisatie dient te leiden en in beginsel alle werknemers over en weer inzetbaar zijn is daartoe niet voldoende. Niet alleen wordt daarmee geheel voorbij gegaan aan het Ontslagbesluit waarvan in geval van ontbindingen wegens reorganisaties toch enige reflexwerking uitgaat, maar Benchmark meet daarmee ook met twee maten. Immers enerzijds stelt zij dat niet gekeken dient te worden naar welke afdelingen/aard van werkzaamheden getroffen worden door het wegvallen van [F] (de grootste klant die wegvalt) en 4 kleinere klanten, omdat de werknemer overal inzetbaar (moet) zijn.

Anderzijds stelt Benchmark dat de functie Soldering Techtnician en Specialist niet onderling uitwisselbaar zijn.

Het verzoek dient derhalve reeds bij gebrek aan een deugdelijke onderbouwing te worden afgewezen.

4.4 Voorts heeft Benchmark op geen enkele wijze aannemelijk gemaakt dat de functies Soldering Technician en Soldering Specialist niet-uitwisselbare functies zijn. Benchmark heeft niet bestreden dat de functie Soldering Specialist als zodanig pas enkele maanden geleden binnen het bedrijf is ‘ingevoerd’

en heeft niet onderbouwd waaruit het verschil bestaat, anders dan het gegeven dat de als Specialist gekwalificeerde werknemers een 2-3 daagse opleiding hebben gevolgd. Of dat met zich brengt dat van niet-uitwisselbaarheid van beide functies dient te worden gesproken, wordt door de kantonrechter ten zeerste betwijfeld. Dat betekent dat voor zover er werknemers op genoemde afdeling zouden moeten afvloeien, ook de Specialist meegenomen dient te worden bij toepassing van het afspiegelingsbeginsel. Dat is ten onrechte nagelaten. Derhalve is niet controleerbaar of [verweerster] terecht voor ontslag is voorgedragen. Ook om die reden dient het verzoek te worden afgewezen.

Nu is nagelaten een complete personeelslijst van de Soldering Technicians en Soldering Specialists in het geding te brengen, is niet controleerbaar of van eventuele discriminatie naar geslacht dan wel parttime werkenden sprake is.

4.5 Nu het verzoek wordt afgewezen zal Benchmark, als zijnde de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van de procedure.

5. de beschikking

Wijst het verzoek af.

Veroordeelt Benchmark in de kosten van de procedure aan de zijde van [verweerster] begroot op € 400,00 terzake van salaris gemachtigde.

Aldus gegeven door mr. E.W. de Groot, kantonrechter te Enschede, op 31 maart 2011 in aanwezigheid van de griffier.