Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBALM:2010:BM7402

Instantie
Rechtbank Almelo
Datum uitspraak
11-06-2010
Datum publicatie
11-06-2010
Zaaknummer
111622 / KG ZA 10-124
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Komt aan eiseres op grond van de tussen partijen gesloten cateringovereenkomsten het exclusieve recht toe om tijdens voetbalwedstrijden van FC Twente de publiekscatering in de gehele Grolsch Veste te verzorgen, dat wil zeggen de gecreëerde en de nog te creëren verkooppunten, als door eiseres gesteld en door gedaagde is betwist? De voorzieningenrechter oordeelt van niet en wijst de vordering van eiseres tot nakoming van de overenkomsten door gedaagde, alsmede het gevorderde voorschot op schadevergoeding, af.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ALMELO

Sector civiel recht

zaaknummer: 111622 / KG ZA 10-124

datum vonnis: 11 juni 2010 (lm)

Vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank Almelo, rechtdoende in kort geding, in de zaak van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[Eiseres],

gevestigd te Hengelo,

eiseres,

verder te noemen [eiseres],

advocaat: mr. E.T.J.A.M. Nijkamp te Hengelo,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

De Twentse Catering Groep Beheer B.V.,

gevestigd te Enschede,

gedaagde,

verder te noemen TCG,

advocaat: mr. R.F.A. Rorink te Enschede.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding met producties;

- de nadien door beide partijen ingediende producties;

- de mondelinge behandeling; ter zitting zijn verschenen [naam] en [naam] namens [eiseres] vergezeld door mr. Nijkamp en [naam] namens TCG vergezeld door mr. Rorink;

1.2. Ten slotte hebben partijen vonnis verzocht.

2. De feiten

2.1. [Eiseres] verzorgt sinds juli 1998 de publiekscatering tijdens voetbalwedstrijden van

FC Twente. Daaraan ligt een cateringovereenkomst, “Pachtovereenkomst Publieksverkooppunten Arke Stadion” genaamd, ten grondslag die partijen in maart 1998 hebben gesloten voor de duur van tien jaar (met aansluitend een optie van vijf jaar).

2.2. In november 1999 hebben partijen voor de duur van vijftien jaar een aanvullende overeenkomst, “Overeenkomst publieksverkooppunt Arke Stadion” genaamd, gesloten. Achtergrond voor het sluiten van deze aanvullende overeenkomst, waarbij de overeenkomst van maart 1998 op enkele punten werd aangepast, was de door partijen geconstateerde omstandigheid dat de gemeente Enschede ook standplaatsen bij het stadion uitgaf en dat supportersverenigingen drank en etenswaren verkochten vanuit suppertercafés.

2.3. In 2008 is het voetbalstadion, thans Grolsch Veste geheten, uitgebreid van 13.000 naar 23.000 zitplaatsen en is een tweede ring in het stadion gerealiseerd. De exploitatie van de publiekscatering vanuit de verkooppunten vanuit de tweede ring is in handen van TCG (inmiddels, na overname door de besloten vennootschap FC Twente ’65 BV een volle dochter van Stichting FC Twente ’65).

2.4. Stichting FC Twente heeft het voornemen het stadion wederom uit te breiden. Daartoe zal de tweede ring verder worden uitgebouwd.

2.5. [Eiseres] heeft TCG herhaaldelijk kenbaar gemaakt tijdens voetbalwedstrijden van

FC Twente de exploitatie te willen verzorgen van alle gecreëerde en nog te creëren verkooppunten in het stadion.

3. Het geschil

3.1. [Eiseres] vordert -samengevat weergegeven- veroordeling van TCG tot nakoming van de met [eiseres] gesloten overeenkomsten van maart 1998 en november 1999, in die zin dat [eiseres] met ingang van het voetbalseizoen 2010/2011 in de gelegenheid wordt gesteld exclusief de publiekscatering te verzorgen tijdens voetbalwedstrijden in het gehele stadion Grolsch Veste, op straffe van verbeurte van een dwangsom, alsmede veroordeling van TCG tot betaling van een voorschot op schadevergoeding, met veroordeling van TCG in de kosten van dit geding.

3.2. [Eiseres] legt aan haar vordering ten grondslag dat op grond van de tussen partijen in maart 1998 en november 1999 gesloten overeenkomsten, aan haar, voor de resterende loopduur van laatstgenoemde overeenkomst, het exclusieve recht toekomt de publiekscatering te verzorgen voor het gehele stadion Grolsch Veste. Door [eiseres] niet in de gelegenheid te stellen die publiekscatering voor het gehele stadion, dat wil zeggen inclusief de tweede ring, te verzorgen, komt TCG haar verplichtingen die voortvloeien uit voornoemde overeenkomsten niet na. [Eiseres] stelt schade te lijden en vordert een voorschot op schadevergoeding van € 100.000,-.

3.3. TCG verweert zich en concludeert tot afwijzing van de vordering, met veroordeling van [eiseres] in de kosten en stelt daartoe - zakelijk weergegeven- dat er tussen haar en TCG nimmer overeenstemming is bereikt over het exclusief verzorgen van de publiekscatering in de gehele Grolsch Veste.

3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. [Eiseres] heeft gelet op de gestelde gevolgen van de niet nakoming door TCG van de voor haar uit de overeenkomsten van maart 1998 en november 1999 voortvloeiende verplichtingen én het naderende voetbalseizoen 2010/2011 voldoende aannemelijk gemaakt dat zij een spoedeisend belang heeft bij haar vordering. Van [eiseres] kan niet worden verlangd dat zij een bodemprocedure afwacht.

4.2. Het geschil tussen partijen spitst zich toe op de vraag of aan [eiseres] op grond van de gesloten overeenkomsten van maart 1998 en november 1999 het exclusieve recht toekomt om tijdens voetbalwedstrijden de publiekscatering in de gehele Grolsch Veste, dat wil zeggen de gecreëerde en de nog te creëren verkooppunten, toekomt, zoals door [eiseres] gesteld en door TCG is betwist.

4.3. In de, voor de beoordeling van het geschil, relevante bepalingen van beide voornoemde overeenkomsten tussen partijen, staat het volgende:

In de overeenkomst van maart 1998:

“TCG verpacht voor de tijd van tien jaar ingaande 1-7-1998 en eindigend 30-6-2008 met aansluitend een optie van 5 jaar de 8 publieke verkoopunits inclusief de totale verkoop in en om het Arke Stadion voor food en drinks ten behoeve van de publiekscatering tijdens wedstrijddagen onder de volgende voorwaarden:

(…)

i. TCG en FC Twente zullen geen standplaatsen in en om het stadion innemen of verpachten voor food en drinks voor publieke verkoop.

j. Deze overeenkomst is geldig voor alle voetbalwedstrijden in het Arke Stadion.

(…)”

In de aanvullende overeenkomst van november 1998:

“(…)

c. Indien de cafés van de Vriendenkring en Vak P dicht gaan, wordt de huur op jaarbasis met een bedrag van f 10.000,00, ex BTW verhoogd. Als één dicht gaat, is er een vermindering van f 5.000,00. Onder “dichtgaan”wordt niet verstaan het dicht zijn tijdens de voetballoze maanden juni en juli.

(…)

e. Bij brief van 18 februari 1999 die als bijlage I aan deze overeenkomst wordt gehecht heeft de Stichting FC Twente jegens TCG benadrukt dat het tijdens de wedstrijden van FC Twente niet is toegestaan in het supportershome vak P en van de Vriendenkring etenswaren te verkopen.

f. Het in het contract van maart 1998 dat als bijlage II aan dit contract is gehecht bepaalde in lid i is hiermede geregeld. Het hiervoren staande treedt in de plaats van lid i.”

(…)

i. Voorts verwijst TCG in dit verband naar de met FC Twente gesloten cateringovereenkomst gedateerd februari 1998. In het bijzonder wordt verwezen naar het slot van bepaling 1.1, waarbij een kanttekening wordt gemaakt op het exclusieve recht.

(…)

l. Bij vergroting van het aantal plaatsen in het Stadion zullen wederzijdse accountants de hoogte van de meerprijs bepalen die door PPC aan TCG moeten worden betaald. Indien zij hier niet uitkomen, zullen zij gezamenlijk een derde accountant benoemen. De uitkomst hiervan zal voor partijen bindend zijn.

(…)”

4.4. Voor wat betreft de uitleg van een overeenkomst dient niet alleen gelet te worden op de bewoordingen van de overeenkomst, maar komt het tevens aan op de zin die partijen over en weer redelijkerwijs aan elkaars verklaringen en gedragingen mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten .

4.5. Zoals blijkt uit de tekst van onder meer de hierboven onder 4.3. aangehaalde bepalingen van beide overeenkomsten hebben partijen bij overeenkomst van maart 1998 afgesproken dat [eiseres], onder met name genoemde voorwaarden, tijdens voetbalwedstrijden de totale verkoop van food en drinks ten behoeve van de publiekscatering in het stadion mag verzorgen. Bij overeenkomst van november 1999 is die afspraak tussen partijen in zoverre aangepast dat verkoop door [eiseres] van food en drinks ten behoeve van de publiekscatering tijdens voetbalwedstrijden niet is toegestaan in het supportershome Vak P en van de Vriendenkring. Voor zover derhalve al op grond van de overeenkomst van maart 1998 een aan [eiseres] toekomend exclusief recht van verkoop van food en drinks ten behoeve van de publiekscatering tijdens wedstrijden zou kunnen en moeten worden aangenomen, hetgeen door TCG uitdrukkelijk wordt betwist, dat kan in ieder geval niet (nog langer) worden aangenomen uit hetgeen partijen hebben afgesproken in de aanvullende overeenkomst van november 1999. Partijen hebben in bepaling e. van die overeenkomst immers expliciet afgesproken dat het [eiseres] niet is toegestaan tijdens wedstrijden vanuit het supportershome Vak P en van de Vriendenkring etenswaren te verkopen en ingevolge bepaling f. van de aanvullende overeenkomst is bepaling i. van de overeenkomst van maart 1998 vervallen. Voorts hebben zij in dat verband, onder bepaling i. van de aanvullende overeenkomst, verwezen naar het slot van bepaling 1.1. van de tussen TCG en FC Twente overeengekomen cateringovereenkomst. Ingevolge die bepaling heeft het door FC Twente aan TCG verleende exclusieve recht om de catering te verzorgen in het nieuwe stadioncomplex van FC Twente geen betrekking op de in het stadion aanwezige bedrijfsruimten die aan derden zullen worden verhuurd en het spelershome, het vriendenkring- en vak P-home. Uit de tekst van de bepalingen van beide overeenkomsten kan derhalve niet worden geconcludeerd dat aan [eiseres] een exclusief recht is verleend om de catering vanuit de gecreëerde verkooppunten in het gehele stadion te verzorgen.

4.6. Evenmin kan uit de tekst van de overeenkomsten tot exclusiviteit worden geconcludeerd voor de nog te creëren verkooppunten. Ook uit de gedragingen van partijen kan niet worden afgeleid dat beide er vanuit gingen dat een exclusief recht aan [eiseres] is verleend voor de na het sluiten van de aanvullende overeenkomst nog te creëren verkooppunten. Zo blijkt zowel uit de door [eiseres] overgelegde brieven van 21 augustus 2007 en 9 november 2007 van TCG aan FC Twente ’65 dat zij ervan uitgaat dat FC Twente de afspraken, inclusief de aan [eiseres] verleende rechten met betrekking tot de bestaande verkooppunten zal eerbiedigen. In die brieven staat niets geschreven over gemaakte afspraken tussen TCG en [eiseres] over nog te creëren verkooppunten, dit terwijl de inhoud van de brieven wel betrekking heeft op de verzorging van de catering in het per 2008 nieuw te bouwen deel van het stadion. Ook de houding van [eiseres] laat geen andere conclusie toe dan dat zij er blijkbaar vanuit ging dat aan haar geen exclusief recht voor verkoop toekomt. Zij heeft zich, gelet op de stellingen van partijen en hetgeen ter zitting is gebleken, ook niet voortdurend ondubbelzinnig op het standpunt gesteld dat aan haar dat exclusieve recht toekomt. Opvallend in dit verband is dat [eiseres], bij schrijven van haar raadsman, TCG eerst per februari 2010 in gebreke stelt en aansprakelijk stelt voor alle schade die [eiseres] mocht lijden indien TCG haar verplichtingen uit de onderhavige overeenkomsten niet nakomt.

4.7. Tot slot. Voor zover [eiseres] heeft willen betogen dat uit de tekst van bepaling l. van de aanvullende overeenkomst blijkt dat aan haar een exclusief recht is verleend, kan dat betoog niet slagen. Immers, ingevolge die bepaling hebben partijen afgesproken dat bij vergroting van het aantal plaatsen, waarbij het begrip plaatsen, zoals door TCG ter zitting onbetwist is gesteld, dient te worden geïnterpreteerd als toeschouwersplaatsen, wederzijdse accountants zullen worden ingeschakeld teneinde de hoogte van de meerprijs van de door [eiseres] aan TCG verschuldigde huur te bepalen. Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter vloeit daaruit voort dat er nadere financiële afspraken tussen partijen dienen te worden gemaakt indien het aantal toeschouwersplaatsen wordt uitgebreid, aangezien dan te verwachten is dat ook de verkoop van de catering door [eiseres] en dus de opbrengst zal stijgen. Een exclusief recht ten behoeve van het verzorgen van de publiekscatering voor de te creëren verkooppunten vloeit hieruit geenszins voort, laat staan dat op dit moment al sprake is van een perfecte overeenkomst waarvan nakoming gevraagd kan worden.

4.8. Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter moet er, reeds gelet op het voorgaande, vanuit worden gegaan dat TCG op grond van hetgeen partijen zijn overeengekomen [eiseres] niet in de gelegenheid hoefde en hoeft te stellen om tijdens voetbalwedstrijden van FC Twente de publiekscatering in het gehele stadion Grolsch Veste te verzorgen. TCG pleegt door [eiseres] daartoe niet in de gelegenheid te stellen derhalve geen wanprestatie jegens haar en kan dus ook niet worden veroordeeld tot nakoming daarvan.

De vordering van [eiseres], inclusief de gevorderde voorziening tot betaling van een voorschot op de gestelde geleden schade, dient te worden afgewezen.

4.9. [Eiseres] dient als de in het ongelijk gestelde partij te worden veroordeeld in de kosten van dit geding, voor zover deze aan de zijde van TCG zijn gemaakt.

5. De beslissing

De voorzieningenrechter:

5.1. wijst af de vorderingen van [eiseres];

5.2. veroordeelt [eiseres] in de kosten van dit geding, tot op deze uitspraak aan de zijde van TCG begroot op € 263,- aan verschotten en € 1.421,- aan salaris van de advocaat.

5.3. verklaart onderdeel 5.2. van dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen te Almelo door mr. Stoové, voorzieningenrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 11 juni 2010, in tegenwoordigheid van mr. Morskieft, griffier.