Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBALM:2010:508

Instantie
Rechtbank Almelo
Datum uitspraak
20-05-2010
Datum publicatie
19-05-2020
Zaaknummer
08-004311-01
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Vordering verlenging TBS. Verlenging termijn van terbeschikkingstelling met een termijn van 2 jaar.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ALMELO

Parketnummer: 08/004311-01

Sasnummer: 10/128

BESLISSING VERLENGING T.B.S.

De rechtbank te Almelo, meervoudige raadkamer voor strafzaken:

Op 19 maart 2010 is ter griffie van deze rechtbank ingekomen een vordering

d.d. 19 maart 2010 van de officier van justitie in het arrondissement Almelo, strekkende tot verlenging met twee jaar van de termijn van terbeschikkingstelling van:

[betrokkene] ,

geboren te Almelo op [geboortedatum] 1973,

verblijvende in FPC de Beuken/ Hoeve Boschoord te Boschoord, Boylerstraat 4.

Bij arrest van het gerechtshof te Arnhem d.d. 26 maart 2002, na bewezenverklaring van de misdrijven:

  • -

    “verkrachting”

  • -

    “feitelijke aanranding van de eerbaarheid”,

  • -

    “feitelijke aanranding van de eerbaarheid”, meermalen gepleegd

  • -

    “diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak”,

is de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege opgelegd, welke terbeschikkingstelling laatstelijk bij beslissing van deze rechtbank van 29 mei 2008 werd verlengd voor de tijd van twee jaar, en waarvan de termijn, behoudens nadere voorziening, zal eindigen op 14 mei 2010.

De vordering is op de openbare terechtzitting van 6 mei 2010 door voormelde raadkamer behandeld. Hierbij zijn gehoord:

de officier van justitie, de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsman mr. S.O. Roosjen, advocaat te Drachten, alsmede [naam 1] , getuige-deskundige. Van de behandeling is proces-verbaal opgemaakt.

De rechtbank heeft kennis genomen van de stukken waaronder:

  • -

    het op 23 februari 2010 op grond van artikel 509o Wetboek van Strafvordering uitgebrachte advies, ondertekend door drs. [naam 2] , hoofd orthopedagogisch behandelcentrum ’t Wold Trajectum Hoeve Boschoord, drs. [naam 1] , Behandelverantwoordelijke/GZ-psycholoog, dr. [naam 3] , Eerste Geneeskundige Trajectum en drs. [naam 4] , Psychiater;

  • -

    de in artikel 509o Wetboek van Strafrecht bedoelde wettelijke aantekeningen.

Uit voornoemd advies in samenhang met de wettelijke aantekeningen, komt, zakelijk weergegeven, onder meer het volgende naar voren.

In de afgelopen twee jaren heeft betrokkene een positieve ontwikkeling doorgemaakt, hetgeen geresulteerd heeft in zijn huidige verblijf op de resocialisatieafdeling. Hier zal worden getoetst in welke mate betrokkene de geleerde vaardigheden vanuit de behandeling kan toepassen in een open setting. Hierbij hoort ook een verdere stapsgewijze uitbreiding van het verlof. Op basis van de bevindingen zal dan worden toegewerkt naar een uitplaatsing binnen een vorm van begeleid wonen (24-uurs zorg) door middel van een TBS-inkoopconstructie. Dit proces zal, gezien de psychopathologie en de verstandelijke handicap van betrokkene nog geruime tijd in beslag nemen. Het is belangrijk om hem niet te overvragen door een te hoog tempo aan te nemen in de opbouw van verantwoordelijkheden die betrokkene moet gaan dragen. Op basis van het bovenstaande wordt geadviseerd om de TBS-maatregel met twee jaar te verlengen.

Tijdens de behandeling van de vordering door de raadkamer heeft de getuige-deskundige, mevrouw [naam 1] volhard bij het advies en daaraan, zakelijk weergegeven, het volgende toegevoegd:

“Een verlenging van de maatregel met een jaar lijkt mij niet verstandig omdat over een jaar de terbeschikkingstelling zeker niet (voorwaardelijk) beëindigd kan worden. Betrokkene komt van ver. Hij is bij ons bezig met zijn tweede behandelpoging. Hij zal naar verwachting pas aan het eind van dit jaar geplaatst worden binnen een vorm van begeleid wonen (ZON). Over een jaar kan het verloop van deze plaatsing nog niet goed geëvalueerd worden omdat betrokkene dan nog maar kort op zijn nieuwe plek verblijft. Daarnaast is betrokkene altijd zeer gespannen voor de zitting. Een verlenging met twee jaar verdient ook vanuit dat oogpunt aanbeveling.

De officier van justitie heeft ter zitting gepersisteerd bij zijn vordering.

De raadsman mr. Roosjen, voornoemd, en betrokkene voeren verweer tegen de vordering. Zij verzoeken de rechtbank om de maatregel te verlengen met een jaar.

De rechtbank overweegt allereerst dat betrokkene een compliment verdient. Hij heeft zich in de afgelopen periode zeer goed ingezet, hetgeen heeft geresulteerd in een plaatsing op de resocialisatieafdeling. Dat neemt niet weg dat naar het oordeel van de rechtbank de terbeschikkingstelling behoort te worden verlengd, omdat de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen dit eist en de terbeschikkingstelling is opgelegd ter zake van een misdrijf dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. De rechtbank komt tot dit oordeel op grond van het voornoemde verlengingsadvies van de kliniek.

Anders dan zijn raadsman acht de rechtbank een verlenging van de maatregel met twee jaar noodzakelijk. De rechtbank overweegt in dit verband dat op grond van de rapportage en de verklaring van de deskundige ter zitting aannemelijk is geworden dat een geleidelijke aanpak het meest in het belang is van betrokkene, gelet op diens de psychopathologie en verstandelijke beperking. Het ingezette traject heeft naar het oordeel van de rechtbank de meeste kans van slagen indien betrokkene dit in zijn eigen tempo voort kan zetten. Een verlenging met twee jaren is vanuit dat oogpunt het meest aangewezen.

Daarbij komt dat betrokkene naar verwachting pas aan het eind van dit jaar binnen een instelling voor begeleid wonen zal worden geplaatst. Om deze nieuwe plaatsing goed te kunnen evalueren, is een verlenging met twee jaar noodzakelijk.

Gelet op artikelen 38d, 38e van het Wetboek van Strafrecht, alsmede de artikelen 509o, 509p, 509s (juncto 509l, 509m) en 509t van het Wetboek van Strafvordering.

B E S L I S S E N D E :

Verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling, zoals hierboven nader omschreven, voor de tijd van twee jaar.

Aldus gewezen door mr. Blomhert, voorzitter, mrs. Vogel en Teekman, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Falkmann, griffier,

en in het openbaar uitgesproken op 20 mei 2010.

Deze beschikking is ondertekend door de voorzitter en de griffier.