Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBALM:2009:BL5425

Instantie
Rechtbank Almelo
Datum uitspraak
20-10-2009
Datum publicatie
24-02-2010
Zaaknummer
104668/FT RK 09.686
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

WSNP-verzoek niet-ontvankelijk. Ontbreken beredeneerde verklaring

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Module Rechtsbijstand en schuldhulpverlening 2009/253

Uitspraak

RECHTBANK ALMELO

Sector civiel recht

zaaknummer: 104668/ FT RK 09.686

datum vonnis: 20 oktober 2009 (sr)

Vonnis van de rechtbank Almelo, enkelvoudige kamer voor burgerlijke zaken, op het verzoek van:

[x],

wonende te [woonplaats]

verzoeker,

verder te noemen [x].

Het procesverloop

Bij brief d.d. 7 augustus 2009 heeft [x] een verzoekschrift ingediend de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling uit te spreken.

Bij brief d.d. 11 augustus 2009 heeft de rechtbank [x] gewezen op het feit dat bij zijn verzoekschrift een verklaring als bedoeld in artikel 285 van de Faillissementswet ontbreekt. De rechtbank heeft [x] een termijn tot 11 september 2009 gegund om de ontbrekende gegevens te verstrekken.

Op 25 september 2009 is ter griffie de verklaring als bedoeld in artikel 285 Faillissementswet ingekomen.

De zaak is behandeld ter terechtzitting van 6 oktober 2009. Ter zitting is [x] verschenen, vergezeld van zijn [vriendin]. Van de behandeling heeft de griffier aantekeningen gemaakt.

Het vonnis is bepaald op vandaag.

De beoordeling

De overwegingen van de rechtbank

Bij het verzoekschrift van [x] ontbreekt een verklaring als bedoeld in artikel 285 van de Faillissementswet. De rechtbank heeft [x] een termijn tot 11 september 2009 gegund om deze verklaring alsnog te overleggen. De verklaring is echter eerst op 25 september 2009 ter griffie ingekomen. Nu voornoemde verklaring niet binnen de gestelde termijn is ontvangen, voldoet het verzoekschrift niet aan de daaraan gestelde wettelijke eisen. [x] zal dan ook niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn verzoek.

Ten overvloede overweegt de rechtbank dat bij voornoemde verklaring een met redenen omklede verklaring dat er geen reële mogelijkheden zijn om tot een buitengerechtelijke schuldregeling te komen, alsmede over welke aflossingsmogelijkheden de schuldenaar beschikt, ontbreekt.

Uit telefonische navraag bij de Stadsbank is gebleken dat [x] zich in 2007 bij de Stadsbank heeft gemeld voor een aanvraag schuldhulpverlening en het openen van een budgetbeheerrekening. [x] heeft de in dit verband gemaakte betalingsafspraken niet kunnen nakomen omdat sprake was van wisselende inkomsten. [x] heeft in 2008 en 2009 een aantal maanden helemaal geen inkomsten gehad en heeft toen enkel de zorgtoeslag ontvangen. Ondanks diverse verzoeken van de Stadsbank heeft [x] nagelaten te zorgen voor een inkomen en/of uitkering op minimaal bijstandsniveau. Eerst in augustus 2009 is een inkomen van € 1.312,82 binnengekomen. De Stadsbank heeft derhalve geen minnelijke regeling aan de schuldeisers kunnen aanbieden. Nu er geen sprake is van een weigering of een verzuim van de Stadsbank zou [x] derhalve, indien de artikel 285-verklaring wel binnen de gestelde termijn zou zijn overgelegd, wegens het ontbreken van de beredeneerde verklaring niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn verzoek.

De beslissing:

de rechtbank:

verklaart [x] niet-ontvankelijk in zijn verzoek.

Gewezen door mr. A.R. van der Winkel, lid van genoemde kamer, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van dinsdag 20 oktober 2009, in tegenwoordigheid van de griffier.