Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBALM:2009:BK1787

Instantie
Rechtbank Almelo
Datum uitspraak
22-10-2009
Datum publicatie
03-11-2009
Zaaknummer
106087 / KG ZA 09-332
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Man weigert medewerking te verlenen aan taxatie van de voormalige echtelijke woning.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK ALMELO

Sector civiel recht

zaaknummer: 106087 / KG ZA 09-332

datum vonnis: 22 oktober 2009 (ps)

Vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank Almelo, rechtdoende in kort geding, in de zaak van:

[de vrouw],

wonende te [woonplaats],

eiseres,

verder te noemen: de vrouw,

advocaat: mr. S.L. Geeraths te Almelo,

tegen

[de man],

wonende te [woonplaats],

gedaagde,

verder te noemen: de man,

in persoon.

Het procesverloop

Eiseres heeft gevorderd als vermeld in de dagvaarding.

De zaak is behandeld ter terechtzitting van 20 oktober 2009. Ter zitting zijn verschenen: eiseres vergezeld van mr. E. Nijhoff, die in plaats van mr. Geeraths is verschenen, en gedaagde, in persoon. De standpunten zijn toegelicht.

Het vonnis is bepaald op vandaag.

De beoordeling van het geschil en de motivering van de beslissing

Vaststaande feiten

1.1 De man en de vrouw hebben een affectieve relatie gehad, welke inmiddels is beëindigd. Zij hebben gezamenlijk in eigendom de onroerende zaak staande en gelegen te [adres] (verder te noemen: de woning) verworven. De man is thans woonachtig in deze woning.

1.2 Na het uiteengaan van partijen zijn er meerdere procedures tussen partijen gevoerd. De vrouw is daarin bijgestaan door advocaat mr. [A]. Ingevolge haar inkomenspositie heeft de vrouw met mr. [A] afgesproken dat zij de openstaande nota’s ad in totaal

€ 32.850,89, exclusief rente en kosten, zou voldoen zodra voornoemde woning zou zijn verkocht. Partijen zijn nadien overeengekomen dat de man mogelijk ook in de woning kan blijven wonen waarbij hij de vrouw zal uitkopen. Zulks heeft er toe geleid dat mr. [A] een procedure aanhangig heeft gemaakt tegen de vrouw.

De vordering van de vrouw

2.1 De vrouw heeft gesteld dat in de procedure tussen haar en mr. [A] de vrije verkoopwaarde van het verhaalsobject (de woning) in geschil is. De vrouw dient daarom op korte termijn een recente taxatie te overleggen. De man heeft niet inhoudelijk gereageerd op herhaalde verzoeken van de vrouw tot het verlenen van medewerking aan de taxatie.

2.2 De vrouw vordert thans de man te veroordelen, uitvoerbaar bij voorraad, te gehengen en te gedogen en ook voor het overige al zijn medewerking te verlenen aan een taxatie van de onroerende zaak staande en gelegen te [adres], kadastraal bekend [woonplaats] sectie [], ter grootte van 6 are en 50 centiare door een door de vrouw aan te wijzen onafhankelijk makelaar binnen twee dagen na betekening van dit vonnis, zulks op straffe van een dwangsom van € 500,-- per dag of gedeelte van de dag dat de man daarmee in gebreke blijft, alsmede de man in de kosten van het geding te veroordelen.

Het verweer van de man

3. De man heeft gesteld dat er in het verleden reeds drie taxaties hebben plaatsgevonden en dat er geen spoedeisend belang is bij nog een taxatie. De man heeft verder te kennen gegeven wel aan de taxatie te willen meewerken, doch enkel wanneer het taxatierapport uitsluitend gebruikt zal worden in de procedure tussen de vrouw en mr. [A] en wanneer de vrouw haar medewerking verleent aan het aanvragen van een woonlastenfaciliteit.

De overwegingen van de voorzieningenrechter

4.1 Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is voldoende gebleken dat de vrouw spoedeisend belang heeft bij de onderhavige vordering. De procedure tussen de vrouw en mr. [A] staat reeds voor repliek aan de zijde van mr. [A], zodat de vrouw binnen korte termijn dupliek zal moeten indienen, waartoe zij het taxatierapport wenst te gebruiken. De voorzieningenrechter zal overgaan tot de materiële beoordeling van het geschil.

4.2 Voldoende is gebleken dat de vrouw in het kader van de procedure die aanhangig is tussen de vrouw en mr. [A] belang heeft bij een recent taxatierapport. Van een redelijk belang aan de zijde van de man om medewerking aan de taxatie te weigeren is de voorzieningenrechter niet gebleken. De man hoeft enkel aan de makelaar toegang te verschaffen tot de woning, die eigendom is van beide partijen, terwijl de vrouw de kosten van de taxatie zal dragen. Wanneer de vrouw het taxatierapport op een later tijdstip mocht gebruiken voor een doel waartegen de man bezwaar heeft, kan de man dán daartegen verweer voeren. Eventueel gebruik van het rapport anders dan in de procedure tussen de vrouw en mr. [A] kan in de onderhavige procedure in ieder geval niet tot afwijzing van de vordering leiden.

4.3 Gelet op het bovenstaande zal de voorzieningenrechter het gevorderde toewijzen, met dien verstande dat het totaal aan te verbeuren dwangsommen zal worden gemaximeerd.

4.4 Als de overwegend in het ongelijk gestelde partij zal de man worden veroordeeld in de kosten van dit geding.

De beslissing

De voorzieningenrechter:

I. Veroordeelt de man te gehengen en te gedogen en al zijn medewerking te verlenen aan een taxatie van de onroerende zaak staande en gelegen te [adres], kadastraal bekend [woonplaats] sectie [], ter grootte van 6 are en 50 centiare door een door de vrouw aan te wijze onafhankelijk makelaar binnen twee dagen na betekening van dit vonnis, zulks op straffe van een dwangsom van € 500,-- per dag of gedeelte van de dag dat de man daarmee in gebreke blijft, met een maximum van € 10.000,--.

II. Veroordeelt de man in de kosten van dit geding, tot op deze uitspraak aan de zijde van vrouw begroot op € 347,98 aan verschotten en € 527,-- aan salaris van de advocaat, waarvan op de voet van artikel 243 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering te betalen aan de griffier van dit gerecht:

€ 85,98 aan explootkosten

€ 196,50 aan in debet gesteld griffierecht

€ 527,-- aan het salaris van de advocaat

aan de advocaat van de vrouw

€ 65,50 aan niet in debet gesteld griffierecht

III. Verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad.

IV. Wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen te Almelo door mr. U. van Houten, voorzieningenrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 22 oktober 2009, in tegenwoordigheid van de griffier.