Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBALM:2000:AA5482

Instantie
Rechtbank Almelo
Datum uitspraak
11-02-2000
Datum publicatie
04-07-2001
Zaaknummer
37472 KG ZA 94 - 2000
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

ARRONDISSEMENTSRECHTBANK TE ALMELO

Kort Geding

zaaknummer: 37472 kg za 94 van 2000

datum uitspraak vonnis: 11 april 2000 (lf)

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Pride Klima B.V. ,

gevestigd te Hengelo (O),

eiseres,

hierna te noemen Pride Klima ,

procureur: mr. R.J. Leijssen,

tegen

[Gedaagde],

wonende te [Woonplaats gedaagde],

gedaagde,

hierna te noemen [Gedaagde] ,

procureur: mr. H.G.M. van Zutphen.

Wij, president van de arrondissementsrechtbank te Almelo, rechtdoende in kort geding.

Gehoord partijen en gezien de stukken.

Overwegen ten aanzien van:

het verloop van de procedure:

Pride Klima heeft gevorderd overeenkomstig de in deze zaak uitgebrachte dagvaarding. Ter zitting van 4 april 2000 heeft zij haar standpunten doen toelichten door haar procureur. [Gedaagde] heeft bij monde van zijn procureur verweer gevoerd en een eis in voorwaardelijke reconventie ingesteld. Pride Klima heeft zich verzet tegen deze eis. Zij heeft aangegeven eerst ter zitting kennis te hebben genomen van het voornemen van [Gedaagde] om een eis in reconventie in te stellen.

Wij zijn van oordeel dat het verzet van Pride Klima gegrond is. Partijen dienen elkaar op voorhand te informeren over een in te stellen eis in reconventie. Dit is in deze zaak niet gebeurd. De eis in voorwaardelijke reconventie wordt derhalve buiten beschouwing gelaten.

het geschil van partijen, de beslissing en de motivering:

1. In dit geding wordt uitgegaan van de volgende feiten:

Pride Klima is een bedrijf dat zich voornamelijk bezighoudt met het schoonmaken en onderhouden van ventilatiekanalen. [Gedaagde] is op [Datum indiensttreding] bij Pride Klima in dienst getreden in de functie van reinigingsmedewerker en elektromonteur. [Gedaagde] heeft een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd getekend. De arbeidsovereenkomst bepaalt in artikel 8 dat het de werknemer verboden is om gedurende 10 jaar na beëindiging van de overeenkomst binnen het werkgebied van de werkgever een concurrerende bedrijfsactiviteit te drijven, mede te drijven dan wel op enigerlei wijze hetzij direct hetzij indirect betrokken te zijn.

[Gedaagde] heeft per 1 april 2000 opgezegd bij Pride Klima. Hij is voornemens een dienstbetrekking te aanvaarden bij Bacol B.V. te Rotterdam. Bacol is een bedrijf dat zich bezig houdt met de installatie van luchtkanalen. Bacol houdt zich evenals Pride Klima ook bezig met het reinigen van luchtkanalen. Het werkgebied van beide bedrijven is voor een groot deel hetzelfde en omvat heel Nederland.

2. Pride Klima vordert in kort geding [Gedaagde] te veroordelen om zich, op straffe van een dwangsom, te onthouden van elke concurrerende activiteit en in het bijzonder geen werkzaamheden te verrichten voor een concurrerend bedrijf als Bacol, of een andere firma die zich op hetzelfde gebied beweegt als Pride Klima.

3. [Gedaagde] voert verweer tegen de vordering van Pride Klima en concludeert tot afwijzing hiervan.

4. Pride Klima legt aan haar vordering het door [Gedaagde] ondertekende concurrentiebeding ten grondslag. Zij stelt dat het concurrentiebeding tussen partijen gelding heeft. Zij vreest door het aanvaarden van een betrekking door [Gedaagde] bij Bacol, schade te zullen lijden nu [Gedaagde] kennis heeft van het klantenbestand van Pride en van het procédé dat door Pride Klima wordt gebruikt bij het reinigen van de luchtkanalen. Dit procédé is gepatenteerd. [Gedaagde] verweert zich door te stellen dat het beding niet meer bestaat nu hij een andere functie is gaan vervullen bij Pride. Het concurrentiebeding is bovendien te zwaar gaan drukken op [Gedaagde]. Voorts stelt [Gedaagde] dat het concurrentiebeding niet geldig is nu het niet aan de eisen van artikel 7:653 lid 2 BW voldoet.

5. Wij zijn van oordeel dat het beding zoals dat tussen partijen is overeengekomen, afgezien van de veel te lange duur, in beginsel gelding heeft tussen partijen. Pride Klima stelt niet zonder grond dat zij [Gedaagde] kan houden aan het beding. Vaststaat dat Bacol zich op hetzelfde werkterrein beweegt als Pride Klima en dat het werkgebied hetzelfde is. De stelling van [Gedaagde] dat het beding geen werking heeft omdat hij bij Pride Klima een andere functie is gaan vervullen dan de functie waar het beding voor is gesloten, gaat naar ons oordeel niet op. [Gedaagde] heeft inderdaad een functiewijziging gehad. Hij is in dienst getreden als elektromonteur en reinigingsmedewerker, na een aantal maanden is hij bij Pride Klima een coördinerende functie gaan vervullen. [Gedaagde] heeft echter aangegeven dat hij bij Bacol de functie van monteur gaat vervullen. Strikt genomen heeft het beding dan nog gelding aangezien het ook geldt voor de functie van monteur.

6. De stelling dat het concurrentiebeding te zwaar op [Gedaagde] drukt vinden wij erg zwaar aangezet. [Gedaagde] wordt door het beding niet belemmerd in de uitoefening van zijn beroep. Hij is elektromonteur en kan als zodanig bij veel bedrijven aan de slag. Ter zitting is gebleken dat er bedrijven zijn die hem in dienst willen nemen.

7. Ondanks het voorgaande wijzen wij de vordering van Pride Klima echter niet toe.

Naar ons voorlopig oordeel mist Pride Klima voldoende belang om [Gedaagde] aan het concurrentiebeding te houden.

Ter zitting is aannemelijk geworden dat [Gedaagde]’s functie van reinigingsmedewerker ongeschoolde arbeid inhoudt die door iedereen verricht kan worden. Gesteld noch gebleken is verder dat [Gedaagde] op de hoogte is van speciale bedrijfsgeheimen van Pride Klima of specifieke, exclusief bij Pride Klima bekende kennis van het reinigen van ventilatiekanalen. Het daarbij gebruikte speciale reinigingspoeder van Pride Klima is door een patent beschermd en het gebruik ervan kan niet door [Gedaagde] worden bevorderd. Ook is onvoldoende aannemelijk geworden dat [Gedaagde] bijzondere kennis heeft van het klantenbestand van Pride Klima en van de prijzen die Pride Klima haar klanten rekent. Het klantenbestand is tamelijk breed en namen en adressen kunnen zonder al te veel moeite in een Gele Gids worden gevonden. Daar komt bij dat het [Gedaagde] ook zonder concurrentiebeding verboden is klanten van zijn voormalige werkgever uit te spannen.

Evenmin is gesteld of gebleken welke exclusieve of speciale kennis [Gedaagde] als electromonteur bij Pride Klima heeft verworven, kennis die hij ten nadele van Pride Klima bij Bacol zou kunnen gebruiken.

Dit alles leidt tot de slotsom dat er een onevenredigheid zit tussen het belang van Pride Klima om vast te houden aan het concurrentiebeding en het belang van [Gedaagde] om over te stappen naar een andere baan. De betrekkingen van [Gedaagde] bij zowel Pride Klima als Bacol zijn honorabel, maar er zijn er dertien in een dozijn van.

Wij zijn van oordeel dat het beding [Gedaagde] te zeer benadeelt in verhouding tot het belang dat Pride Klima heeft en dat Pride Klima zich in redelijkheid niet op het beding kan beroepen. [Gedaagde] kan bij Bacol een functie krijgen waarbij de arbeidsvoorwaarden beter zijn dan de voorwaarden die hij had bij Pride Klima. [Gedaagde] heeft ruim een jaar gewerkt bij Pride Klima. Het grootste gedeelte van dit jaar was hij niet meer als reinigingsmedewerker of als monteur werkzaam, doch als coördinator. De vordering van Pride Klima wordt dan ook afgewezen. Wij zijn van oordeel dat [Gedaagde] onbillijk wordt benadeeld door het inroepen van het concurrentiebeding.

8. Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen achten wij termen aanwezig om de proceskosten te compenseren. Ieder der partijen draagt zijn of haar eigen kosten.

RECHTDOENDE IN KORT GEDING:

I. Wijzen de vordering van Pride Klima af.

II. Bepalen dat partijen de eigen kosten van dit geding dragen.

Aldus gewezen te Almelo door mr. Drewes, president en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 11 april 2000 , in tegenwoordigheid van de griffier.