Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBALK:2011:BV0962

Instantie
Rechtbank Alkmaar
Datum uitspraak
19-12-2011
Datum publicatie
16-01-2012
Zaaknummer
380357 \ CV EXPL 11-4048
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Kern van het geschil is of de consument onder de gegeven omstandigheden tot ontbinding van de koopovereenkomst mocht overgaan.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Prg. 2012/88
TvC 2013, afl. 2, p. 95
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ALKMAAR

Sector Kanton - locatie [plaats]

zaak/rolnr.: 380357 \ CV EXPL 11-4048 BL

Uitspraakdatum: 19 december 2011

Vonnis in de zaak van:

[naam], wonend te [plaats]

eisende partij

verder ook te noemen: [koper]

gemachtigde: N.C.M. Hooimeijer-Consten, werkzaam bij D.A.S. Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringmaatschappij N.V. te Amsterdam

tegen

1.de vennootschap onder firma [vof], gevestigd [adres]

2.[naam], vennoot van gedaagde partij sub 1, wonend [adres]

3.[naam], vennoot van gedaagde partij sub 1, wonend [adres]

4.[naam], vennoot van gedaagde partij sub 1, wonend [adres]

5.[naam] van gedaagde partij sub 1, wonend [adres]

gedaagde partijen

verder ook te noemen in enkelvoud: [de vof]

gedaagde partij sub 4 verschenen, mede namens gedaagde partijen sub 1, 2, 3 en 5

Het procesverloop

1. [koper] heeft een vordering ingesteld, zoals omschreven in de dagvaarding d.d. 30 augustus 2011. [de vof] heeft bij antwoord verweer gevoerd. Na beraad heeft de kantonrechter bij vonnis van 10 oktober 2011 een verschijning van partijen ter terechtzitting bevolen. Die zitting heeft plaats¬gevonden op 17 november 2011, waar [koper] in persoon is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde, en waar [de vof] is verschenen bij gedaagde partij sub 4. Van deze comparitie heeft de griffier aantekeningen gehouden. De inhoud van de processtukken geldt als hier ingelast. Ten slotte is vandaag uitspraak bepaald.

De vaststaande feiten

2. [koper] heeft op 24 september 2010 van [de vof] gekocht acht stoelen, die aan [koper] zijn geleverd. De verkoopprijs bedroeg € 956,00 en is door [koper] voldaan.

3. Op 5 november 2010 heeft [koper] per e-mail aan [de vof] gemeld dat strepen in de bekleding van meerdere stoelen zijn ontstaan en [de vof] uitgenodigd de stoelen te komen bekijken en het probleem te verhelpen.

4. [de vof] heeft [koper] per e-mail van 18 januari 2011 aangeboden om nieuwe (andere) stoelen te komen uitzoeken, omdat de door [koper] gekochte stoelen niet meer leverbaar zijn.

5. [koper] heeft per e-mail van 23 januari 2011 aan [de vof] laten weten dat zij geen passende vervangende andere stoelen heeft kunnen vinden in de showroom van [de vof] en geen genoegen neemt met de aangeboden tegoedbon. Daarom heeft [koper] [de vof] verzocht binnen twee weken het aankoopbedrag terug te betalen.

6. [de vof] heeft per e-mail van 31 januari 2011 aan [koper] laten weten geen geld terug te betalen. Daarbij heeft [de vof] herhaald dat [koper] de mogelijkheid heeft nieuwe stoelen uit te zoeken of voor een tegoedbon kan kiezen.

7. [koper] heeft bij brief van haar gemachtigde d.d. 11 maart 2011 [de vof] voor de laatste maal in de gelegenheid gesteld om de stoelen te vervangen voor stoelen van gelijk type en model. Vervolgens heeft [koper] bij brief van 22 maart 2011 de koopovereenkomst buitengerechtelijk ontbonden.

8. Bij brief van 2 mei 2011 heeft [de vof] aangeboden de stoelen ter reparatie aan de leverancier aan te bieden.

Het geschil

9. [koper] vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, hoofdelijke veroordeling van [de vof] tot terugbetaling van de aankoopsom ad € 956,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 5 april 2011, en een bedrag van € 150,00 voor buitengerechtelijke kosten, met veroordeling van [de vof] in de proceskosten.

10. [koper] stelt hiertoe, kort weergegeven, het volgende. [de vof] is tekortgeschoten in de nakoming van haar contractuele verplichtingen. De stoelen vertoonden binnen zes maanden na aankoop gebreken die [koper] redelijkerwijs niet hoefde te verwachten. [de vof] is ondanks herhaald verzoek niet overgegaan tot kosteloos herstel of vervanging van de stoelen. [de vof] verkeerde daardoor in verzuim en [koper] heeft de koopovereenkomst buitengerechtelijk ontbonden.

11. [de vof] concludeert tot afwijzing van de vordering van [koper]. Op het verweer van [de vof] zal hierna bij de beoordeling nader worden ingegaan.

De beoordeling

12. De kantonrechter stelt voorop dat deze zaak betrekking heeft op een consumentenkoop in de zin van artikel 7:5 Burgerlijk Wetboek (BW). [de vof] betwist niet dat de bekleding van de geleverde stoelen de door [koper] gestelde strepen vertoont. Mede in aanmerking genomen het feit dat [de vof], in verband met die strepen, [koper] heeft aangeboden andere stoelen uit te zoeken neemt de kantonrechter als vaststaand aan dat de door [de vof] geleverde stoelen niet die eigenschappen bezitten die [koper] mocht verwachten en de stoelen daarmee niet voldoen aan de overeenkomst.

13. Het gaat in deze zaak om beantwoording van de vraag of [koper] onder de gegeven omstandigheden tot ontbinding van de koopovereenkomst mocht overgaan. [de vof] meent van niet, omdat zij aan haar verplichtingen heeft voldaan door, zoals in haar bedrijf te doen gebruikelijk, [koper] aan te bieden andere, vervangende stoelen uit te zoeken of een tegoedbon voor het aankoopbedrag. Dit verweer slaagt niet. De kantonrechter overweegt daarover het volgende.

14. Wanneer, zoals in deze kwestie, vaststaat dat het afgeleverde niet aan de overeenkomst beantwoordt dan kan koper op grond van het bepaalde in artikel 7:21 lid 1 BW (voor zover in deze zaak relevant) herstel of vervanging eisen. [de vof] heeft op 18 januari 2011 aangegeven dat de geleverde stoelen niet vervangen kunnen worden door stoelen van gelijk type, omdat deze niet meer leverbaar zijn. Verder blijkt uit de stukken dat [de vof] pas op 2 mei 2011, na de buitengerechtelijke ontbinding, herstel van de stoelen heeft aangeboden, terwijl [koper] al op 5 november 2010 haar klachten aan [de vof] kenbaar heeft gemaakt. Alleen al daarom moet geoordeeld worden dat [de vof] haar verplichting tot herstel of vervanging van de afgeleverde zaak niet binnen een redelijke termijn is nagekomen, waartoe [de vof] op grond van artikel 7:21 lid 3 BW verplicht is. [koper] mocht daarom gebruik maken van haar wettelijke bevoegdheden, waaronder die tot ontbinding van de overeenkomst zoals bepaald in artikel 7:22 lid 1 sub a in verbinding met artikel 7:22 lid 2 BW. Niet is gesteld of gebleken dat de afwijking gezien haar geringe betekenis de ontbinding met haar gevolgen niet rechtvaardigt.

15. Dat [de vof] kiest voor een andere wijze van klachtafhandeling, en voor vervanging van de stoelen afhankelijk was van haar leverancier zijn omstandigheden die voor haar rekening en risico komen.

16. De slotsom is dat [koper] op goede gronden de koopovereenkomst heeft ontbonden. Dit brengt mee dat voor partijen een verbintenis tot ongedaanmaking van de al door hen ontvangen prestaties ontstaat. [de vof] dient daarom de koopsom aan [koper] terug te betalen en [koper] dient de stoelen aan [de vof] terug te geven.

17. Gelet op het voorgaande zal de vordering tot terugbetaling van de koopsom ad € 956,00 worden toegewezen. Ook de gevorderde wettelijke rente daarover vanaf 5 april 2011 wordt toegewezen, omdat vaststaat dat de gemachtigde van [koper] bij brief van 22 maart 2011 [de vof] heeft gesommeerd de na de namens hen ingeroepen ontbinding van de overeenkomst terug te betalen koopsom binnen 14 dagen terug te betalen en dat [de vof] dat niet heeft gedaan. Daarmee is [de vof] in ieder geval per 5 april 2011 in verzuim.

18. Ook de in overeenstemming met de gebruikelijke landelijke richtlijnen (Rapport Voorwerk II) gevorderde buitengerechtelijke kosten worden toegewezen, omdat is gebleken van voldoende incassowerkzaamheden om de gevorderde vergoeding te rechtvaardigen.

19. [de vof] krijgt ongelijk en wordt daarom in de proceskosten veroordeeld.

De beslissing

De kantonrechter:

Veroordeelt [de vof] hoofdelijk, des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, om aan [koper] tegen kwijting te betalen € 1.106,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 956,00 vanaf 5 april 2011 tot de dag van betaling.

Veroordeelt [de vof], hoofdelijk als voormeld, in de proceskosten, die tot heden voor [koper] worden vastgesteld op een bedrag van € 528,53 (€ 126,53 voor explootkosten,

€ 202,00 voor vastrecht en € 200,00 voor salaris van de gemachtigde van [koper]).

Verklaart deze veroordeling(en) uitvoerbaar bij voorraad.

Wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.H. Gisolf, kantonrechter, bijgestaan door de griffier en op 19 december 2011 in het openbaar uitgesproken.

De griffier De kantonrechter