Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBALK:2009:BK7613

Instantie
Rechtbank Alkmaar
Datum uitspraak
24-12-2009
Datum publicatie
24-12-2009
Zaaknummer
115624
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Geschil met een gemeente over de kleur van het dak van een dorpshuis. Vordering tot verwijdering van de dakbedekking wordt afgewezen, onder meer omdat eiser geen spoedeisend belang heeft bij de vordering.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK TE ALKMAAR

Sector civiel recht

FV/HE

KG nummer: 115624/KG ZA 09-463

datum: 24 december 2009

Vonnis van de voorzieningenrechter, rechtdoende in kort geding

in de zaak van:

1. EISER SUB 1 ,

wonende te [woonplaats],

2. de besloten vennootschap EISER SUB 2,

gevestigd en kantoor houdende te [vestigingsplaats],

EISERS IN KORT GEDING bij dagvaarding van 10 december 2009,

advocaat mr. M.P.J. Appelman te Purmerend,

tegen:

de publiekrechtelijke rechtspersoon GEMEENTE KOGGENLAND,

zetelende te De Goorn, gemeente Koggenland,

GEDAAGDE IN KORT GEDING,

advocaat mr. W.J.M. Loomans te Hoorn.

Partijen zullen verder ieder afzonderlijk ook worden genoemd "Eiser sub 1 ", "Eiseres sub 2" respectievelijk "de gemeente". Eisers zullen hierna gezamenlijk in enkelvoud ook worden aangeduid als "Eiser sub 1 en 2".

1. HET VERLOOP VAN HET GEDING

Ter terechtzitting van 15 december 2009 heeft Eiser sub 1 en 2 gesteld en gevorderd overeenkomstig de in fotokopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding.

De gemeente heeft de vordering bestreden.

Na verder debat hebben partijen de stukken, waaronder van de zijde van Eiser sub 1 en 2 de originele dagvaarding en van de zijde van de gemeente pleitnotities, overgelegd en vonnis gevraagd.

De inhoud van alle stukken wordt als hier ingelast beschouwd.

2. DE UITGANGSPUNTEN

2.1 De gemeente is onder meer eigenaar van de percelen []74 en 76A te [] (hierna ook: de percelen). Eiser sub 1 en 2 is eigenaar van de percelen []n 80, 81 en 81A te []. Deze percelen bevinden zich naast, respectievelijk tegenover de percelen van de gemeente.

2.2 De gemeente is onder meer doende om op de percelen een peuterspeelzaal en een dorpshuis te bouwen.

2.3 Medio 2008 hebben partijen afspraken met elkaar gemaakt die verband hielden met de bouwplannen van de gemeente. Deze afspraken zijn neergelegd in brief van de gemeente aan Eiser sub 1 . Deze brief is op 22 juli 2008 door partijen ondertekend. De inhoud van die brief (hierna: de overeenkomst) luidt, voor zover in dit kort geding van belang, als volgt:

"Vooruitlopend op de bouwaanvraag voor perceel [] 76A is met u een aantal wijzigingen besproken. U heeft aangegeven dat als deze wijzigingen in de bouwaanvraag verwerkt zijn, het bouwplan voor u geen reden tot bezwaar bevat. De uit deze wijziging voortvloeiende meerkosten van architect en constructeur (...) neemt u voor uw rekening.

De heer eiser sub 1 is voornemens om in zijn hoedanigheid van eigenaar van het perceel [] 81A een bouwaanvraag, (...), aan te vragen. De gemeente zal, (...), haar medewerking verlenen door de benodigde procedures op te starten. (...).

Tevens is afgesproken dat indien het huidige pand [] 81A gesloopt wordt, de erfafscheiding tussen 81A en 76A overeenkomstig het gebruik als schoolplein, en voor rekening van de eigenaar van 81A hersteld wordt."

2.4 In de aanvraag bouwvergunning d.d. 26 juni 2008 is aangegeven dat de dakbedekking van het dorpshuis aluminium van kleur zou zijn. Op 20 januari 2009 is de bouwvergunning verleend.

2.5 Begin oktober 2009 kwam Eiser sub 1 en 2 tot de ontdekking dat voormelde dakbedekking niet een aluminium kleur had, maar een groene kleur.

2.6 Bij brief van 30 oktober 2009 berichtte de gemeente aan de raadsman van

Eiser sub 1 en 2 dat de werkzaamheden aan de dakbedekking gestaakt zijn.

2.7 Op 4 november 2009 heeft de gemeente een gewijzigde bouwaanvraag ingediend. Hierin is opgenomen dat de dakbedekking kopergroen van kleur is. Diezelfde dag heeft de gemeente de vergunning verleend. Eiser sub 1 en 2 heeft op 14 december 2009 bezwaar ingesteld tegen de desbetreffende beschikking.

3. DE VORDERING EN DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

3.1 Eiser sub 1 en 2 vordert, samengevat en onder veroordeling van de gemeente in de kosten van het geding,

I primair de gemeente te veroordelen zich voorlopig te onthouden van het

voortzetten van de bouwwerkzaamheden aan het dorpshuis,

2. subsidiair de gemeente te veroordelen zich voorlopig te onthouden van het bedekken van het dak van het dorpshuis met kopergroene dakbedekking en, voor zover die bedekking reeds is aangebracht, deze te verwijderen of te bedekken

met een afdekzeil,

3.zowel primair als subsidiair op straffe van een dwangsom van euro 50.000,-- per gehele of gedeeltelijke overtreding van het gebod, alsmede op straffe van een dwangsom van euro 10.000,-- per dag of gedeelte van een dag dat de overtreding

voortduurt, zulks ter keuze van Eiser sub 1 en 2.

3.2 Eiser sub 1 en 2 legt aan de vordering, samengevat, het volgende ten grondslag. De gemeente heeft aan Eiser sub 1 en 2 de toezegging gedaan dat het dak van het dorpshuis een aluminium kleur zou hebben. Op 15 juli 2008 hebben partijen de kleurstelling en het materiaalgebruik besproken, waarbij aan Eiser sub 1 en 2 een kopie van de kleurenstaal werd overhandigd. Vervolgens is de overeenkomst van 22 juli 2008 tot stand gekomen. Door het dak thans te voorzien van een groenkleurige dakbedekking, handelt de gemeente in strijd met de overeenkomst. De gemeente heeft zich niet een betrouwbare gesprekspartner getoond, door willens en wetens gemaakte afspraken over de kleur te ontkennen en naderhand snel te repareren met een bouwvergunning die in turbostand is aangevraagd en verleend.

De gemeente handelt niet alleen in strijd met de overeenkomst, maar ook onrechtmatig en in strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Dit gedrag is een gemeente onwaardig, alles aldus Eiser sub 1 en 2.

3.3 De gemeente heeft verweer gevoerd op gronden die, voor zover voor de beslissing van belang, hierna aan de orde komen.

4.DE GRONDEN VAN DE BESLISSING

4.1 De primaire vordering van Eiser sub 1 en 2 komt neer op een veroordeling van de gemeente om alle bouwwerkzaamheden aan het dorpshuis te staken. Vast staat dat Eiser sub 1 en 2 bezwaar heeft tegen de kleur van de dakbedekking. Omdat eveneens vast staat dat het dak inmiddels gereed is, heeft Eiser sub 1 en 2 ten aanzien van het dak geen belang bij het door hem gevorderde verbod. Omdat Eiser sub 1 en 2 heeft nagelaten te stellen dat en waarom de gemeente ook de overige werkzaamheden omtrent het dorpshuis zou dienen te staken, is de primaire vordering niet toewijsbaar.

4.2 Subsidiair vordert Eiser sub 1 en 2 allereerst dat de gemeente zich dient te onthouden van het bedekken van het dorpshuis met kopergroene dakbedekking. Zoals hiervoor reeds werd overwogen, is het dak gereed. Daarom kan ook deze subsidiaire vordering niet worden toegewezen.

4.3 In de subsidiaire vordering ligt tevens besloten een vordering tot het verwijderen van de kopergroene dakbedekking of het bedekken van het dak met een afdekzeil. De gemeente bestrijdt dat Eiser sub 1 en 2 een spoedeisend belang heeft bij deze vordering. Ter zitting heeft Eiser sub 1 en 2 verklaard dat de spoedeisendheid is gelegen in het feit dat hij voornemens is om op het naastgelegen perceel een woning te bouwen. Eiser sub 1 en 2 heeft echter nagelaten voldoende inzichtelijk te maken dat het al dan niet kunnen bouwen van die woning op enigerlei wijze beïnvloed wordt door de kleur van het dak van het dorpshuis. In zoverre slaagt derhalve het betoog van de gemeente.

4.4 Inhoudelijk heeft de gemeente zich op het standpunt gesteld dat partijen nimmer zijn overeengekomen dat het dak een aluminium kleur zou hebben en dat het haar vrij staat om naderhand te kiezen voor een andere kleur.

Vooropgesteld wordt dat in de overeenkomst van 22 juli 2008 niets is opgenomen over de kleurstelling van het dak. Eiser sub 1 en 2 stelt dat het ook niet noodzakelijk was om daarover iets op papier te zetten, gelet op het feit dat de gemeente hem op 15 juli 2008 een kleurenstaal heeft laten zien en hem heeft toegezegd dat de dakbedekking een aluminium kleur zou hebben. Hiertegenover is van de zijde van de gemeente verklaard dat zij Eiser sub 1 en 2 enkel een kleurenstaal heeft laten zien, omdat Eiser sub 1 en 2 wilde weten wat de kleur van het dak zou zijn en omdat Eiser sub 1 en 2 vreesde voor schittering van het dak. Eiser sub 1 en 2 heeft zelf als productie 5 bij dagvaarding een e-mail van 20 juli 2008 in het geding gebracht, waarin Eiser sub 1 en 2 schrijft twijfels te hebben over de dakbedekking, "vooral van schittering door zon op het dak." Op grond hiervan is de juistheid van het betoog van de gemeente voldoende aannemelijk.

Daar komt bij dat Eiser sub 1 en 2 er, in het licht van het verweer van de gemeente, niet in is geslaagd voldoende aannemelijk te maken dat de gemeente op

15 juli 2008 een rechtens afdwingbare toezegging heeft gedaan omtrent de kleur van de dakbedekking.

Bovendien heeft te gelden dat het de gemeente in haar hoedanigheid van eigenaar van het perceel vrij staat om de bouwplannen te wijzigen. Immers is niet gebleken dat de gemeente zou hebben toegezegd niet tot een dergelijke wijziging over te gaan. Verder is van belang dat gesteld noch gebleken is dat er sprake was van uitzonderlijke omstandigheden die de gemeente hadden moeten beletten om de bouwplannen te wijzigen.

4.5 Op grond van al het voorgaande, bestaat er geen aanleiding om de gemeente te gebieden het dak de groene dakbedekking te verwijderen of te voorzien van een dakzeil, nog daargelaten dat Eiser sub 1 en 2 heeft verzuimd te stellen wat zijn belang daarbij precies zou zijn.

4.6 Eiser sub 1 en 2 wordt, als de in het ongelijk gestelde partij, veroordeeld in de kosten van het geding.

5. DE BESLISSING

De voorzieningenrechter:

- weigert de gevorderde voorziening;

- veroordeelt Eiser sub 1 en 2 in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van de gemeente begroot op euro 262,- aan verschotten en op euro 816,- aan salaris advocaat;

- verklaart dit vonnis ten aanzien van de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Gewezen door mr.drs. J.H.A.C. Everaerts, voorzieningenrechter van de Rechtbank te Alkmaar en uitgesproken door mr. E.J. van der Molen ter openbare terechtzitting van 24 december 2009 in tegenwoordigheid van mr. F. Vermeij, griffier.

Ukunt tegen dit vonnis in hoger beroep gaan bij het Gerechtshof te Amsterdam. U kunt dit hoger beroep instellen binnen vier weken na de dag van de uitspraak.

Het beroep moet namens u worden ingesteld door een advocaat. Als u in aanmerking wilt komen voor door de overheid (gedeeltelijk) gefinancierde rechtsbijstand, dan kan uw advocaat daartoe namens u een verzoek indienen bij de Raad voor de Rechtsbijstand.

Bij dit verzoek moet een 'verklaring omtrent inkomen en vermogen' worden overgelegd. Zo'n verklaring kunt u verkrijgen bij de afdeling Burgerzaken van het gemeentehuis of bij de sociale dienst in uw gemeente. In plaats van een door de aanvrager van rechtsbijstand over te leggen verklaring van de burgemeester over zijn inkomen en vermogen kan er nu worden volstaan met het opgeven van het sofinummer, op basis waarvan de Raad informatie inwint bij de belastingdienst. In civiele zaken waarin zonder advocaat wordt geprocedeerd geldt dat aan de griffie in plaats van een verklaring van de burgemeester een verklaring van de raad (opgesteld op basis van de door de belastingdienst verstrekte gegevens) wordt overgelegd. Afhankelijk van die draagkracht wordt een zogenaamde toevoeging verstrekt onder oplegging van een eigen bijdrage. Die bijdrage is afhankelijk van de hoogte van de draagkracht.

Als het vonnis uitvoerbaar bij voorraad is verklaard, dan geldt het vonnis al wel, zolang op het (eventuele) beroep niet is beslist.