Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBALK:2008:BD5601

Instantie
Rechtbank Alkmaar
Datum uitspraak
25-06-2008
Datum publicatie
27-06-2008
Zaaknummer
102975 / KV RK 08-382
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Indicatie van de inhoud: Verzoek conservatoir beslag onroerende zaak afgewezen, in verband met ontbreken grond voor de vrees voor verduistering. Verzoek conservatoir derdenbeslag afgewezen, omdat een bankrekening geen vordering of roerende zaak is.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK TE ALKMAAR

Sector civiel recht

FV/LJS

KV RK nummer: 102975/KV RK 08-382

datum: 25 juni 2008

Beschikking van de voorzieningenrechter,

in de zaak van:

de besloten vennootschap STER VIDEOTHEKEN ORGANISATIE B.V.,

gevestigd te Bolsward,

VERZOEKSTER,

procureur mr. A. de Groot,

advocaat mr. J.O. Hovinga te Leeuwarden,

tegen:

Ronald Johan [GEREKWESTREERDE],

wonende te Wervershoof,

GEREKWESTREERDE.

Partijen worden hierna ook genoemd "Ster" respectievelijk "[gerekwestreerde]".

1. HET VERLOOP VAN HET GEDING

Op 20 juni 2008 is bij het bureau voorzieningenrechter van deze rechtbank ingekomen een verzoekschrift van de advocaat van Ster, strekkende tot het leggen van conservatoir beslag ten laste van [gerekwestreerde] op een onroerende zaak en onder derden.

Na telefonisch overleg met de griffier is Ster in de gelegenheid gesteld om het verzoek via haar procureur in te dienen en om het verzoek te wijzigen.

Vervolgens is diezelfde dag een gewijzigd verzoekschrift ingekomen via de procureur.

Op 23 juni 2008 is Ster, wederom na overleg met de griffier, in de gelegenheid gesteld om het verzoek te wijzigen. Diezelfde dag heeft Ster nogmaals een gewijzigd verzoekschrift ingediend.

Een afschrift van het laatste verzoek is aan deze beslissing gehecht.

2. DE GRONDEN VAN DE BESLISSING

2.1 Ster legt aan haar verzoek, samengevat, het volgende ten grondslag. Partijen zijn een franchiseovereenkomst met elkaar aangegaan. [gerekwestreerde] heeft die overeenkomst opgezegd bij brief van 28 mei 2006. Omdat deze opzegging in strijd is met de overeenkomst, is [gerekwestreerde] aan Ster een gefixeerde boete van

[euro] 100.000,-- verschuldigd. De opzegging heeft er tevens toe geleid dat Ster verplicht was tot het terugkopen van inventaris voor een bedrag van [euro] 56.950,--. [gerekwestreerde] moet dit bedrag aan Ster betalen. Bovendien laat [gerekwestreerde] een aantal facturen onbetaald en heeft Ster aan de nieuwe exploitant van de videotheek een vergoeding van [euro]18.000,-- moeten betalen wegens de erbarmelijke staat waarin de winkel is achtergelaten door [gerekwestreerde]. Op grond van het voorgaande wenst Ster beslag te leggen onder de Coöperatieve Rabobank Noord-Holland Noord U.A.(hierna: de Rabobank) en op het aandeel van [gerekwestreerde] in de onroerende zaak aan de [adresgegevens] te [plaatsnaam].

2.2 Met betrekking tot het gevraagde verlof om, zoals de voorzieningenrechter begrijpt, beslag te mogen leggen op het aandeel van [gerekwestreerde] in de eigendom van de onroerende zaak geldt het volgende. Artikel 725 Rv in samenhang met het bepaalde in artikel 711, eerste en tweede lid, brengt met zich dat Ster dient aan te tonen dat er vrees voor verduistering van de onroerende zaak bestaat en de grond waarop die vrees berust. Aanvankelijk had Ster in het verzoekschrift zich over de vrees voor verduistering in het geheel niet uitgelaten. Vervolgens heeft zij in het gewijzigde verzoek van 20 juni 2008 volstaan met te stellen dat er vrees voor verduistering bestond. Waar die vrees voor verduistering op is gebaseerd, bleek daaruit echter niet. In het verzoekschrift van 23 juni 2008 heeft Ster gesteld dat [gerekwestreerde] voornemens is om de onroerende zaak aan het verhaal van zijn schuldeisers, waaronder Ster, te onttrekken om de verhaalsmogelijkheden teniet te doen. Ster heeft niet onderbouwd waarop zij dit baseert. Daarom is de voorzieningenrechter van oordeel dat Ster onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er sprake is van gegronde vrees voor verduistering. Het verzoek van Ster wordt op basis van het voorgaande afgewezen.

2.3 Ten aanzien van het beslag onder de Rabobank overweegt de voorzieningenrechter het volgende. Ster vraagt in het verzoekschrift van 23 juni 2008 om beslag te mogen leggen op de rekeningen die Ster bij de Rabobank heeft. Artikel 718 Rv bepaalt dat een schuldeiser conservatoir beslag onder derden kan leggen op de in artikel 475 Rv bedoelde goederen. Uit laatstgenoemd artikel vloeit voort dat Ster beslag kan leggen op vorderingen die [gerekwestreerde] op de Rabobank mocht hebben of uit een ten tijde van het beslag reeds bestaande rechtsverhouding rechtstreeks zal verkrijgen en op aan [gerekwestreerde] toebehorende roerende zaken die onder de Rabobank berusten en die geen registergoederen zijn. Een bankrekening als zodanig is niet aan te merken als een vordering van [gerekwestreerde] op de Rabobank. Evenmin is een bankrekening een roerende zaak. Daarom wordt ook dit verzoek van Ster afgewezen.

2.4 Al het voorgaande leidt tot na te melden beslissing.

3. DE BESLISSING

De voorzieningenrechter:

- wijst het verzoek af.

Gegeven door mr. L.J. Saarloos voorzieningenrechter van de Rechtbank te Alkmaar op 25 juni 2008, bijgestaan door

mr. F. Vermeij, griffier.