Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBALK:2008:BD0235

Instantie
Rechtbank Alkmaar
Datum uitspraak
22-04-2008
Datum publicatie
23-04-2008
Zaaknummer
14.810448-07
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Meerdere (pogingen tot) berovingen van o.a. toeristen door groepje minderjarige en meerderjarige jongeren in Enkhuizen. Geen toepassig van het minderjarigenstrafrecht. Niet ontvankelijkverklaring Duitse vordering van -niet verschenen- benadeelde partij. Toepassing van art.36f Sr.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK ALKMAAR

Sector straf

Parketnummer : 14.810448-07

Datum uitspraak : 22 april 2008

TEGENSPRAAK

VERKORT VONNIS van de rechtbank Alkmaar, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak van het

OPENBAAR MINISTERIE

tegen:

[verdachte],

geboren te [woonplaats] op [geboortedatum],

gedetineerd in de penitentiaire inrichting Noord-Holland Noord, Huis van Bewaring Zwaag te Zwaag.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van

8 april 2008.

De rechtbank heeft kennisgenomen van

- de vordering van de officier van justitie, die ertoe strekt dat de rechtbank

- de verdachte zal vrijspreken van het onder 1 primair tenlastegelegde;

- het onder 1 subsidiair, 2, 3, 4, 5, 6, 7 en 8 tenlastegelegde bewezen zal verklaren;

- de verdachte zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 14 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en met de bijzondere voorwaarde dat verdachte zich zal houden aan de aanwijzingen van Reclassering Nederland, ook als dit inhoudt het meewerken aan een COVA+ training en/of een training agressiebeheersing, met aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht;

- de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] zal toewijzen met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel;

- de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] zal toewijzen met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel;

- de benadeelde partij [slachtoffer 3] niet-ontvankelijk zal verklaren in haar vordering;

- hetgeen door de verdachte en mr. K.R. Hofmann-Kuijl, raadsvrouw van de verdachte,

naar voren is gebracht.

1. TENLASTELEGGING

Aan de verdachte is, nadat een vordering van de officier van justitie strekkende tot wijziging van de tenlastelegging is toegelaten, ten laste gelegd, dat

1.

hij op of omstreeks 22 september 2007, te Enkhuizen (op of aan de Nieuwstraat)

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

een gsm-telefoon, merk Sony, en/of ongeveer 35 euro, althans een geldbedrag

en/of een rode pet, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende

aan [slachtoffer 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte

en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld

en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 4],

gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te

maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn

mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het

gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin

bestond(en) dat verdachte en/of verdachtes mededader(s) (als groep) naar die

[slachtoffer 4] zijn/is toegegaan en/of die [slachtoffer 4] hebben/heeft ingesloten

en/of die [slachtoffer 4] hebben/heeft vastgepakt en/of die [slachtoffer 4] een mes,

althans een scherp en/of puntig voorwerp, op de keel hebben/heeft gezet en/of

die [slachtoffer 4] op de grond hebben/heeft gegooid en/of om geld hebben/heeft

geroepen en/of die [slachtoffer 4] hebben/heeft getrapt;

Subsidiair, indien het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op een of meer tijdstip(pen) op of omstreeks de periode van 22 september 2007 te Enkhuizen, (telkens) op of aan de openbare weg, de Nieuwstraat, in elk geval (telkens) op of aan een openbare weg, (telkens) openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer 4] en/of [slachtoffer 5], welk geweld (telkens) bestond uit het slaan en/of het stampen en/of het schoppen en/of het trappen en/of het duwen en/of uit het om/bij de nek en/of de/het licha(a)m(en) vastpakken en/of grijpen van die/deze [slachtoffer 4] en/of [slachtoffer 5] en/of het tonen van een mes, althans een op een mes gelijkend voorwerp aan die/deze [slachtoffer 4] en/of [slachtoffer 5];

Meer subsidiair, indien het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op een of meer tijdstip(pen) op of omstreeks 22 september 2007 te Enkhuizen, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk [slachtoffer 4] en/of [slachtoffer 5] heeft mishandeld door genoemde [slachtoffer 4] een of meerma(a)l(en) op/tegen het hoofd, en/of (elders) op/tegen het lichaam te schoppen en/of te trappen en/of door genoemde [slachtoffer 5] een of meerma(a)l(en) op/tegen het gezicht, althans het hoofd en/of (elders) op/tegen het lichaam te slaan en/of te stampen en/of te schoppen en/of te trappen, waardoor die/deze [slachtoffer 4] en/of [slachtoffer 5] (telkens) letsel heeft/hebben bekomen en/of pijn heeft/hebben ondervonden;

2.

hij op of omstreeks 23 september 2007 te Enkhuizen (op of aan de Dijk)

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen

door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 6] heeft gedwongen tot de afgifte

van in totaal 7 euro, althans een of meer geldbedragen, in elk geval van enig

goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 6], in elk geval aan een ander

of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat verdachte

en/of verdachtes mededader(s) (als groep) naar die [slachtoffer 6] zijn/is toegegaan

en/of die [slachtoffer 6] hebben/heeft ingesloten en/of een mes, althans een scherp en/of

puntig voorwerp, op korte afstand van die [slachtoffer 6] hebben/heeft gehouden en/of

getoond en/of die [slachtoffer 6] hebben/heeft getracht te fouilleren en/of op dwingende

manier om geld hebben/heeft gevraagd;

3.

hij op of omstreeks 23 september 2007 te Enkhuizen (op of aan de

Ooievaarsteeg) ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen geld en/of

goederen, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 7], in elk geval

aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en daarbij

die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en/of te doen vergezellen en/of te

doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 7], te

plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te

maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn

mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het

gestolene te verzekeren,

en/of

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen

door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 7] te dwingen tot de

afgifte van geld en/of goederen, in elk geval van enig goed, geheel of ten

dele toebehorende aan die [slachtoffer 7], in elk geval aan een ander of anderen dan

aan verdachte en/of zijn mededader(s),

met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen (als groep) naar die [slachtoffer 7] zijn/is toegegaan en/of die [slachtoffer 7] hebben/heeft ingesloten en/of een

mes, althans een scherp en/of puntig voorwerp, hebben/heeft getrokken en/of

aan die [slachtoffer 7] hebben/heeft voorgehouden en/of daarbij hebben/heeft geroepen

"Je geld, je geld", althans woorfden van een dergelijke strekking,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

4.

hij op of omstreeks 23 september 2007 te Enkhuizen (op of aan de

Ooievaarsteeg)

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een

portemonnee, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan

[slachtoffer 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn

mededader(s),

welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld

en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 1], gepleegd met het oogmerk om

die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij

betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de

vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat

verdachte en/of diens mededader(s) (als groep) naar die [slachtoffer 1] zijn/is

toegelopen en/of die de [slachtoffer 1] hebben/heeft ingesloten en/of een mes, althans

een scherp en/of puntig voorwerp, hebben/heeft getrokken en/of aan die

[slachtoffer 1] voorgehouden en/of hebben/heeft geroepen dat zij/hij geld wilde(n) en/of

die [slachtoffer 1] hebben/heeft vastgegrepen en/of op de rug van die [slachtoffer 1] zijn/is

gesprongen en/of die [slachtoffer 1] op de grond hebben/heeft gegooid en/of geduwd

en/of gewerkt en/of die [slachtoffer 1] hebben/heeft geschopt en/of geslagen;

5.

hij op of omstreeks 23 september 2007 te Enkhuizen (op of aan de weg Tussen

Twee Havens) ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een of meer

tas(sen) en/of geld, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 8] en/of

[slachtoffer 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of

zijn mededader(s), en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan

en/of te doen vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met

geweld tegen die [slachtoffer 8] en/of die [slachtoffer 2], te plegen met het oogmerk om die

diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping

op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht

mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

en/of

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen

door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 8] en/of [slachtoffer 2] te

dwingen tot de afgifte van een of meer tas(sen) en/of geld, in elk geval van

enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan naam die [slachtoffer 8] en/of die

[slachtoffer 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn

mededader(s),

met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, (als groep) die [slachtoffer 8]

en/of die [slachtoffer 2] hebben/heeft ingesloten en/of deze(n) hebben/heeft

vastgepakt en/of aan die tas(sen) hebben/heeft gerukt en/of een mes, althans

een scherp en/of puntig voorwerp, aan deze persoon/personen hebben/heeft

voorgehouden en/of tegen en/of in de richting van die persoon/personen

hebben/heeft gehouden en/of (daarbij) dreigend/dwingend hebben/heeft geroepen:

"Give it to me" en/of "Give me the money", althans woorden van een dergelijke

strekking,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

6.

hij op of omstreeks 24 september 2007 te Enkhuizen ter uitvoering van het door

verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of

anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een tas, geheel

of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 9], in elk geval aan een ander of

anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en daarbij die voorgenomen

diefstal te doen voorafgaan en/of te doen vergezellen en/of te doen volgen van

geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 9], te plegen met het

oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om

bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de

vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

en/of

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen

door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 9] te dwingen tot de

afgifte van een tas, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele

toebehorende aan naam die [slachtoffer 9], in elk geval aan een ander of anderen dan

aan verdachte en/of zijn mededader(s),

met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, (als groep) die

[slachtoffer 9] hebben/heeft ingesloten en/of haar hebben/heeft vastgepakt en/of aan

die tas hebben/heeft gerukt,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

7.

hij op of omstreeks 24 september 2007 te Enkhuizen

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen

door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 3] heeft gedwongen tot de

afgifte van een (schouder)tas (met daarin onder meer een portemonnee, geld,

verzekeringspapieren, een identiteitskaart, een telefoon, een fotocamera en/of

een handschoen), in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende

aan die [slachtoffer 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte

en/of zijn mededader(s),

en/of

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een (schouder)tas (met daarin onder meer een portemonnee, geld, verzekeringspapieren, een identiteitskaart, een telefoon, een fotocamera en/of een handschoen), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende [slachtoffer 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 3], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat verdachte

en/of verdachtes mededader(s) (als groep) naar die [slachtoffer 3] zijn/is

toegelopen en/of die [slachtoffer 3] hebben/heeft ingesloten en/of die [slachtoffer 3]

hebben/heeft vastgepakt en/of (dreigend) hebben/heeft geroepen "Give me your

bag", of woorden van gelijke strekking en/of die [slachtoffer 3] haar keel

hebben/heeft dichtgedrukt;

8.

hij in of omstreeks de periode van 22 september 2007 tot en met 24 september

2007 in de gemeente Enkhuizen een of meer wapens van categorie I, onder sub 1,

te weten een stiletto, voorhanden heeft gehad en/of heeft gedragen en/of heeft

vervoerd.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zullen deze worden verbeterd. De verdachte is hierdoor niet geschaad in de verdediging.

2. VRIJSPRAAK

Naar het oordeel van de rechtbank is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte onder 1 primair is ten laste gelegd.

De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

3. BEWEZENVERKLARING

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande, dat

1. subsidiair

hij op 22 september 2007 te Enkhuizen, op de openbare weg, de Nieuwstraat, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer 4] en [slachtoffer 5], welk geweld bestond uit het slaan en/of het stompen en/of het schoppen en/of het trappen en/of uit het om de nek vastpakken en/of grijpen van die [slachtoffer 4] en [slachtoffer 5].

2.

hij op 23 september 2007 te Enkhuizen tezamen en in vereniging met anderen met het oogmerk om zich en/of anderen wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld [slachtoffer 6] heeft gedwongen tot de afgifte van in totaal 7 euro toebehorende aan [slachtoffer 6], welke bedreiging met geweld hierin bestond dat verdachte en verdachtes mededaders als groep naar die [slachtoffer 6] zijn toegegaan en die [slachtoffer 6] hebben ingesloten en verdachte en/of verdachtes mededader(s) een mes op korte afstand van die [slachtoffer 6] hebben/heeft gehouden en die [slachtoffer 6] hebben/heeft getracht te fouilleren en op dwingende

manier om geld hebben/heeft gevraagd;

3.

hij op 23 september 2007 te Enkhuizen (op of aan de Ooievaarsteeg) ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met anderen,

met het oogmerk om zich en/of ander wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld [slachtoffer 7] te dwingen tot de afgifte van geld toebehorende aan die [slachtoffer 7], met zijn mededaders als groep naar die [slachtoffer 7] is toegegaan en een mes heeft aan die [slachtoffer 7] heeft voorgehouden en daarbij heeft geroepen "Je geld, je geld", terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

4.

hij op 23 september 2007 te Enkhuizen (op of aan de Ooievaarsteeg) tezamen en in vereniging met een anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een portemonnee, toebehorende aan [slachtoffer 1], welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 1], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat verdachte en diens mededaders als groep naar die [slachtoffer 1] zijn/is toegelopen en verdachte en/of diens mededader(s) een mes aan die [slachtoffer 1] hebben/heeft voorgehouden en hebben/heeft geroepen dat zij/hij geld wilde(n) en die [slachtoffer 1] hebben/heeft vastgegrepen en op de rug van die [slachtoffer 1] zijn/is gesprongen en die [slachtoffer 1] op de grond hebben/heeft gewerkt en die [slachtoffer 1] hebben/heeft geschopt en geslagen;

5.

hij op 23 september 2007 te Enkhuizen (op of aan de weg Tussen Twee Havens) ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met anderen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een

tas en geld, toebehorende aan [slachtoffer 8] en [slachtoffer 2], en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en/of te doen vergezellen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 8] en/of die [slachtoffer 2], te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken met zijn mededaders die [slachtoffer 8] en die [slachtoffer 2] heeft vastgepakt en aan die tas heeft gerukt en een mes aan deze [slachtoffer 2] heeft voorgehouden en dreigend/dwingend heeft geroepen "Give it to me" en "Give me the money", terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

6.

hij op 24 september 2007 te Enkhuizen ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een tas toebehorende aan [slachtoffer 9], en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en/of te doen vergezellen van geweld tegen die [slachtoffer 9], te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken, met zijn mededaders die [slachtoffer 9] heeft vastgepakt en aan die tas heeft gerukt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

7.

hij op 24 september 2007 te Enkhuizen tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een tas met daarin een portemonnee, geld, verzekeringspapieren, een identiteitskaart, een telefoon, een fotocamera en een handschoen, toebehorende [slachtoffer 3], welke diefstal werd vergezeld van geweld tegen die [slachtoffer 3], gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken welk geweld hierin bestond dat verdachte en/of verdachtes mededaders die [slachtoffer 3] hebben/heeft vastgepakt en hebben/heeft geroepen "Give me your bag", en die [slachtoffer 3] haar keel hebben/heeft dichtgedrukt;

8.

hij in de periode van 22 september 2007 tot en met 24 september 2007 in de gemeente Enkhuizen een wapen van categorie I, onder sub 1, te weten een stiletto, voorhanden heeft gehad en heeft gedragen.

Hetgeen meer of anders is tenlastegelegd is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

4. BEWIJS

De rechtbank grondt de beslissing dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan, op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat.

De bewijsmiddelen worden slechts gebruikt ten aanzien van het feit waarop zij blijkens hun inhoud betrekking hebben.

5. STRAFBAARHEID VAN HET BEWEZEN VERKLAARDE

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.

Het bewezen verklaarde levert op:

Ten aanzien van feit 1 subsidiair:

Het openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen.

Ten aanzien van feit 2:

Afpersing, terwijl het feit werd gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Ten aanzien van feit 3:

Poging tot afpersing, terwijl het feit werd gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Ten aanzien van feit 4:

Diefstal voorafgegaan en/of vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken, terwijl het feit werd gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Ten aanzien van feit 5:

Poging tot diefstal voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken, terwijl het feit werd gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Ten aanzien van feit 6:

Poging tot diefstal voorafgegaan en/of vergezeld van geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken, terwijl het feit werd gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Ten aanzien van feit 7:

Diefstal vergezeld van geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, terwijl het feit werd gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Ten aanzien van feit 8:

Handelen in strijd met artikel 13, eerste lid van de Wet wapens en munitie, strafbaar gesteld bij artikel 55, eerste lid van de Wet wapens en munitie.

6. STRAFBAARHEID VAN DE VERDACHTE

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit.

De verdachte is dus strafbaar.

7. MOTIVERING VAN DE STRAF.

De rechtbank heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het bewezen verklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan en op grond van de persoon van de verdachte.

De rechtbank heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen:

Verdachte heeft zich binnen een tijdsbestek van enkele dagen schuldig gemaakt aan

een groot aantal feiten, de meeste met een gewelddadig karakter. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen. Vervolgens heeft verdachte samen met zijn mededaders telkens met geweld danwel bedreiging met geweld een persoon gedwongen tot afgifte van een geldbedrag, gepoogd een persoon te dwingen tot afgifte van geld, een persoon beroofd van zijn portemonnee, gepoogd twee personen te beroven, gepoogd een persoon te beroven en een persoon beroofd van haar tas met inhoud. Deze feiten vonden veelal plaats op initiatief van verdachte, waarbij hij met name zijn oog liet vallen op toeristen, nu hij daardoor beperkt risico liep zijn slachtoffers nogmaals tegen te komen. Door zijn handelen heeft verdachte de slachtoffers grote angst aangejaagd. Ook heeft hij slachtoffers materiële schade toegebracht. Naar de ervaring leert, kampen slachtoffers van zulke misdrijven in psychisch opzicht nog geruime tijd met de gevolgen daarvan. Daarnaast heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan verboden wapenbezit, een feit dat een onaanvaardbaar risico voor de veiligheid van personen met zich brengt. Bovengenoemde feiten dragen in sterke mate bij aan de gevoelens van onrust en onveiligheid in de maatschappij.

Met betrekking tot de persoon van de verdachte heeft de rechtbank in het bijzonder gelet op:

- het op naam van de verdachte staand Uittreksel Justitiële Documentatie, gedateerd 31 oktober 2007, waaruit blijkt dat de verdachte reeds eerder terzake van onder meer vermogensdelicten tot een voorwaardelijke vrijheidsbenemende straf en een werkstraf is veroordeeld. De verdachte heeft de strafbare feiten gepleegd binnen de lopende proeftijd van een eerdere veroordeling. Deze straffen en deze proeftijd hebben verdachte er kennelijk niet van kunnen weerhouden te recidiveren;

- het over de verdachte uitgebrachte voorlichtingsrapport gedateerd 18 januari 2008 en het over verdachte uitgebracht aanvullend adviesrapport van M. Henrotte, als reclasseringswerkster verbonden aan Reclassering Nederland;

- het over de verdachte uitgebrachte psychologisch rapport gedateerd 5 februari 2008, van R. Brandsma, psycholoog.

Het psychologisch rapport, voornoemd, houdt onder meer het volgende in:

Bij betrokkene wordt een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens vastgesteld in de vorm van lichte zwakzinnigheid, een achterstand in de persoonlijkheidsontwikkeling en uit dit geheel voortvloeiende agressie regulatieproblemen en delinquent gedrag. Betrokkene heeft vanuit zijn emotionele beperkingen en verstandelijke handicap onvoldoende besef van wat zijn gedrag voor anderen betekent en wat de gevolgen voor zowel zichzelf als de slachtoffers zijn. Zonder na te denken kan hij dan zijn egocentrische impulsen volgen waarbij ook de innerlijke kritische functies onvoldoende zijn gedrag sturen. Bovendien is hij naïef en beïnvloedbaar door leeftijdsgenoten. Betrokkenes gebrekkige ontwikkeling is van dien aard, omvang en invloed dat hij als verminderd toerekeningsvatbaar beschouwd kan worden.

Betrokkenes beperkte begrip van de wereld om hem heen, van zijn eigen gedrag en van de consequenties daarvan, in combinatie met zijn egocentrische gewetensfunctie, beperkte agressieregulatie en probleemoplossende capaciteiten, alsook zijn beperkte leervermogen met mentale rigiditeit geven een verhoogde kans op recidive.

Geadviseerd wordt stichting MEE een passende plek voor betrokkene te laten zoeken. Voor het juridische kader wordt ter overweging gegeven een leerstraf Training agressiebeheersing en een deels voorwaardelijke gevangenisstraf met bijzondere voorwaarden, waaronder opvolgen van aanwijzingen van de bij voorkeur jeugdreclassering William Schrikkerstichting. Waarbij de belangrijkste aanwijzing is om mee te werken aan vrijwillige plaatsing in een door stichting MEE uitgezochte, passende instelling.

Ter terechtzitting heeft de raadsvrouwe verzocht om toepassing van artikel 77c van het Wetboek van Strafrecht. Zij heeft hiertoe onder meer het volgende aangevoerd. Verdachte had nog geen drie maanden voorafgaand aan de onderhavige feiten de leeftijd van 18 jaren bereikt. Hij was dus nog maar net meerderjarig. Voorts laat toepassing van het minderjarigenstrafrecht ruimte om naast een eventueel op te leggen jeugddetentie een taakstraf op te leggen. De uitvoering van een taakstraf zou een positief effect kunnen hebben op de ontwikkeling van verdachte.

De rechtbank wijst dit verzoek af en overweegt daartoe als volgt. Verdachte was ten tijde van het hem tenlastegelegde 18 jaren oud zodat in beginsel het meerderjarigenstrafrecht van toepassing is. De rechtbank ziet noch in de persoon van verdachte noch in de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan aanleiding af te wijken van voornoemde hoofdregel. Weliswaar geeft de psycholoog in zijn rapport de voorkeur aan begeleiding van verdachte door de jeugdreclassering doch blijkens het aanvullend adviesrapport van Reclassering Nederland zal de begeleiding worden overgedragen aan de volwassenreclassering. Voorts is de rechtbank van oordeel dat de in de rapportages met betrekking tot de persoon van verdachte geschetste problematiek als zodanig niet samenhangt met diens leeftijd.

De rechtbank is, gelet op het vorenstaande, van oordeel dat oplegging van een gedeeltelijk voorwaardelijke vrijheidsstraf, zoals door de officier van justitie is gevorderd, passend en geboden is, een en ander op de wijze zoals hierna in de rubriek BESLISSING zal worden aangegeven.

8. BENADEELDE PARTIJEN

Ten aanzien van feit 4:

De benadeelde partij [slachtoffer 1], heeft vóór de aanvang van de terechtzitting in het geding over de strafzaak bij de officier van justitie opgave gedaan van de inhoud van de vordering tot vergoeding van € 35,00 wegens schade die de verdachte met zijn mededaders aan de benadeelde partij heeft toegebracht, vermeerderd met de wettelijke rente met ingang vanaf het moment van het ontstaan van de schade.

Uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken dat de vordering van de benadeelde partij van zodanig eenvoudige aard is dat deze zich leent voor behandeling in deze strafzaak.

Nu voorts is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor in de rubriek BEWEZENVERKLARING onder 4 bewezen verklaarde strafbare feit, door de handelingen van de verdachte - ook al zijn andere daders daarbij betrokken - rechtstreeks schade heeft geleden tot een bedrag van € 35,00 kan de vordering tot dat bedrag worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente met ingang vanaf het moment van het ontstaan van de schade.

De verdachte dient daarnaast te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

De verdachte is niet tot vergoeding gehouden voor zover het toewijsbare reeds door de mededaders aan de benadeelde partij is voldaan.

Ten aanzien van feit 5:

Op de terechtzitting heeft zich in het geding over de strafzaak als benadeelde partij gevoegd: [slachtoffer 2] in verband met een vordering tot vergoeding van € 752,40 wegens schade die de verdachte met zijn mededaders aan de benadeelde partij heeft toegebracht.

Niet is komen vast te staan dat de door de benadeelde partij gevorderde schade het rechtstreekse gevolg is geweest van het hiervoor in de rubriek BEWEZENVERKLARING onder 5 bewezen verklaarde strafbare feit.

Gelet hierop zal de rechtbank bepalen dat de benadeelde partij in haar vordering niet ontvankelijk is.

Ten aanzien van feit 7:

De benadeelde partij [slachtoffer 3], heeft vóór de aanvang van de terechtzitting in het geding over de strafzaak bij de officier van justitie opgave gedaan van de inhoud van de vordering tot vergoeding van een niet nader gespecificeerd bedrag aan schade die de verdachte met zijn mededaders aan de benadeelde partij heeft toegebracht.

Nu deze benadeelde partij een Duits formulier, niet zijnde een formulier als bedoeld in artikel 51b lid 1 van het Wetboek van strafvordering, heeft ingevuld, geen schadebedrag heeft opgegeven en niet ter terechtzitting is verschenen dient zij niet-ontvankelijk te worden verklaard in haar vordering.

De rechtbank komt met betrekking deze benadeelde partij tot het oordeel dat op grond van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht in redelijkheid een vergoeding van

€ 300,00 kan worden toegewezen.

De verdachte dient daarnaast te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

De verdachte is niet tot vergoeding gehouden voor zover het toewijsbare reeds door de mededaders aan de benadeelde partij is voldaan.

9. SCHADEVERGOEDING ALS MAATREGEL

De rechtbank heeft tot het opleggen van de hierna te noemen maatregelen besloten omdat de verdachte naar het oordeel van de rechtbank jegens de slachtoffers [slachtoffer 1] en [slachtoffer 3] naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door de in de rubriek BEWEZENVERKLARING respectievelijk onder 4 en 7 bewezen verklaarde strafbare feiten is toegebracht aan de benadeelden.

De toepassing van hechtenis, bij gebreke van voldoening van het verschuldigde bedrag, heft de opgelegde verplichting niet op.

10. TOEGEPASTE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN

De op te leggen straf en maatregelen zijn gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 36f, 45, 57, 141, 312 en 317 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 13 en 55 van de Wet op de wapens en munitie.

Deze wettelijke voorschriften worden toegepast zoals geldend ten tijde van het bewezenverklaarde.

11. BESLISSING

De rechtbank:

Verklaart niet wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte het onder 1 primair ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart bewezen, dat de verdachte het ten laste gelegde, zoals hierboven in de rubriek BEWEZENVERKLARING aangeduid, heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders tenlaste is gelegd dan hierboven in de rubriek BEWEZENVERKLARING bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verstaat dat het bewezen verklaarde oplevert de hierboven in de rubriek STRAFBAARHEID VAN HET BEWEZENVERKLAARDE vermelde strafbare feiten.

Verklaart de verdachte voor het bewezen verklaarde strafbaar.

Veroordeelt de verdachte voor het bewezen verklaarde tot een gevangenisstraf voor de tijd van 14 (veertien) maanden.

Beveelt dat van deze straf een gedeelte, groot 6 (zes) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij later anders wordt beslist.

Stelt daarbij een proeftijd van twee jaren vast.

De tenuitvoerlegging kan worden gelast indien:

- de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit schuldig maakt.

- de veroordeelde gedurende de proeftijd de hierna vermelde bijzondere voorwaarde niet naleeft.

Stelt als bijzondere voorwaarde:

- dat de veroordeelde zich zal gedragen naar de aanwijzingen, die de veroordeelde zullen worden gegeven door of namens Reclassering Nederland, zolang deze instelling dit, in overleg met de officier van justitie te Alkmaar noodzakelijk oordeelt, ook indien dit inhoudt het meewerken aan een COVA+ training en/of een training agressiebeheersing en/of een door stichting MEE bepaalde behandeling.

Verstrekt aan de genoemde instelling opdracht om aan de veroordeelde hulp en steun te verlenen bij de naleving van deze bijzondere voorwaarde.

Bepaalt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijke gedeelte van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht.

Wijst toe de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1].

Veroordeelt de verdachte tot het betalen van een bedrag van € 35,00 (vijfendertig euro) als schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 23 september 2007 tot aan de dag van voldoening.

Veroordeelt de verdachte voorts in de kosten die de benadeelde partij tot op heden heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

De tot heden gemaakte kosten begroot de rechtbank op nihil.

Bepaalt dat de verdachte niet tot betaling gehouden is indien en voor zover de verschuldigde bedragen reeds door de mededaders zijn voldaan.

Legt aan de verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [slachtoffer 1] te betalen een som geld ten bedrage van € 35,00 (vijfendertig euro), bij gebreke van betaling en van verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 1 dag.

Bepaalt dat betalingen aan de benadeelde partij in mindering strekken op de betaling aan de Staat.

Bepaalt dat betalingen aan de Staat in mindering strekken op de betaling aan de benadeelde partij.

Verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 2] niet ontvankelijk in haar vordering.

Verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 3] niet ontvankelijk in haar vordering.

Legt aan de verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [slachtoffer 3] te betalen een som geld ten bedrage van € 300,00 (driehonderd euro), bij gebreke van betaling en van verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 1 dag.

Bepaalt dat betalingen aan de benadeelde partij in mindering strekken op de betaling aan de Staat.

Bepaalt dat betalingen aan de Staat in mindering strekken op de betaling aan de benadeelde partij.

Dit vonnis is gewezen door

mr. F.J. Lourens, voorzitter,

mr. F.A. Egter van Wissekerke en mr. K.G.F. van der Kraats, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. M.C. André-van Rijn, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 22 april 2008.