Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBALK:2007:BB7297

Instantie
Rechtbank Alkmaar
Datum uitspraak
25-10-2007
Datum publicatie
07-11-2007
Zaaknummer
98317 / KV RK 07-680
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Verzoek op basis van artikel 1019e lid 1 Rv deels toegewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK TE ALKMAAR

Sector civiel recht

FV/EJM

KV RK nummer: 98317/KV RK 07-680

datum: 25 oktober 2007

Beschikking van de voorzieningenrechter,

in de zaak van:

de besloten vennootschap SCANABOUW B.V.,

statutair gevestigd en kantoor houdende te Huissen, gemeente Lingewaard,

VERZOEKSTER,

procureur mr. A.W.J. Castelijns,

advocaat mr. E.M. Matser te Nijmegen,

tegen:

1. de besloten vennootschap DE LEEUW PROJECTONTWIKKELING B.V.,

statutair gevestigd en kantoor houdende te Schagen,

2. de besloten vennootschap AANNEMERSBEDRIJF DE LEEUW B.V.,

statutair gevestigd te 't Zand, gemeente Zijpe, kantoor houdende te Schagen,

3. GEREKWESTREERDE SUB 3,

wonende te Broek op Langedijk, gemeente Langedijk,

4. GEREKWESTREERDE SUB 4,

wonende te Broek op Langedijk, gemeente Langedijk,

5. GEREKWESTREERDE SUB 5,

wonende te Opperdoes, gemeente Medemblik,

6. GEREKWESTREERDE SUB 6,

wonende te Opperdoes, gemeente Medemblik,

GEREKWESTREERDEN.

Verzoekster wordt hierna ook genoemd "Scanabouw". Gerekwestreerden sub 1 en 2 worden ieder afzonderlijk ook aangeduid als "De Leeuw Projectontwikkeling" respectievelijk "Aannemersbedrijf De Leeuw". Gerekwestreerden sub 3 en 4 worden hierna gezamenlijk ook genoemd "[familie 1]" en gerekwestreerden sub 5 en 6 worden hierna gezamenlijk ook "[familie 2]" genoemd.

1. HET VERLOOP VAN HET GEDING

Op 23 oktober 2007 is bij het bureau voorzieningenrechter van deze rechtbank ingekomen een verzoekschrift van Scanabouw, strekkende tot het afgeven van een bevel tegen gerekwestreerden, zoals bedoeld in artikel 1019e lid 1 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (RV).

Een afschrift van het verzoek is aan deze beschikking gehecht.

2. DE GRONDEN VAN DE BESLISSING

2.1 Scanabouw verzoekt om, kort gezegd, gerekwestreerden ieder afzonderlijk te bevelen om iedere verveelvoudiging en openbaarmaking van haar ontwerpen te staken en gestaakt te houden, in het bijzonder door het (doen) bouwen van woonhuizen met toepassing van haar ontwerpen te staken en gestaakt te houden. Tevens vraagt Scanabouw om de gerekwestreerden afzonderlijk te veroordelen tot betaling van een dwangsom van [euro] 10.000,-- aan haar, voor iedere dag of gedeelte van een dag dat zij in strijd met het bevel handelen. Verder verzoekt Scanabouw om de termijn voor het instellen van de eis in de hoofdzaak te bepalen op één maand na betekening van dit bevel.

2.2 Scanabouw baseert haar verzoek op de volgende feiten en omstandigheden:

a. De activiteiten van Scanabouw bestaan hoofdzakelijk uit het ontwerpen en

produceren van woonhuizen en andere gebouwen in houtbouw, vrijwel

uitsluitend op individuele basis.

b. Scanabouw heeft uit hoofde van twee overeenkomsten met De Leeuw

Projectontwikkeling twee woonhuizen ontworpen ten behoeve van [familie 1] en

[familie 2] en met in achtneming van hun wensen. Het woonhuis van [familie 1]

moet gebouwd worden aan de [adres 1] te Barsingerhorn en dat van [familie 2] aan de [adres 2] [familie 1] en [familie 2] hebben de twee laatste

ontwerpen van Scanabouw van 29 januari 2007 goedgekeurd. Op basis van deze

ontwerpen heeft de gemeente Niedorp bouwvergunningen verleend.

c. Op verzoek van De Leeuw Projectontwikkeling heeft Scanabouw offertes

opgesteld. Scanabouw heeft de bouwpakketten voor de bouw van het woonhuis

van [familie 1] aangeboden voor een bedrag van [euro] 110.000,-- (exclusief BTW) en

voor het woonhuis van [familie 2] voor een bedrag van [euro] 132.500 (exclusief

BTW).

d. Op 25 juni 2007 heeft Aannemersbedrijf De Leeuw laten weten dat van de

offerte voor de levering van het bouwpakket van [familie 2] geen gebruik zal

worden gemaakt. [familie 1] heeft op 28 juni 2007 aan Scanabouw bericht dat ook

zij geen gebruik zal maken van de offerte van Scanabouw.

f. Scanabouw heeft gerekwestreerden hierna schriftelijk bericht dat bouwen

volgens haar ontwerpen en ander gebruik van haar ontwerpen in strijd is met het

auteursrecht op die ontwerpen.

g. Scanabouw heeft geconstateerd dat De Leeuw Projectontwikkeling /

Aannemersbedrijf De Leeuw op of omstreeks 16 oktober 2007 is begonnen met

het plaatsen van bouwelementen ten behoeve van [familie 2] Deze

bouwelementen zijn conform het ontwerp van Scanabouw, terwijl de

bouwelementen niet door De Leeuw of Scanabouw zijn vervaardigd.

2.3 Scanabouw stelt zich op het standpunt dat zij er recht op heeft dat de bouw van de woonhuizen en ieder ander gebruik van haar ontwerpen onmiddellijk moet worden verboden. De ontwerpen zijn auteursrechtelijk beschermd en gerekwesteerden maken inbreuk op dat auteursrecht. Ook stelt Scanabouw dat uitstel van uitvaardiging van het bevel tot staking van de inbreuk tot onherstelbare schade zou leiden.

2.4 De voorzieningenrechter overweegt het volgende. Voorop staat dat de voorzieningenrechter een bevel zoals door Scanabouw is verzocht, kan uitvaardigen ten einde een dreigende inbreuk op de auteursrechten van Scanabouw te voorkomen. Een dergelijk bevel kan, zonder gerekwestreerden te horen, worden gegeven indien uitstel onherstelbare schade voor Scanabouw zou veroorzaken. Ten aanzien van De Leeuw Projectontwikkeling, Aannemersbedrijf De Leeuw en [familie 2] is aan voormelde vereisten voldaan. Scanabouw heeft immers vooralsnog voldoende aannemelijk gemaakt dat de ontwerpen auteursrechtelijk beschermd zijn en dat zij met de bouw van de woning voor [familie 2] inbreuk op die auteursrechten maken. Ook heeft Scanabouw voldoende aannemelijk gemaakt dat uitstel van het bevel onherstelbare schade zou veroorzaken. In dit kader heeft Scanabouw immers naar voren gebracht dat de bouw van de woonhuizen geschiedt door middel van skeletbouw en dat de bouwtijd daardoor waarschijnlijk slechts enkele weken zal duren. Verder stelt Scanabouw in dit verband dat een bevel tot staking van de inbreuk minder effectief zal worden, naar mate de bouw vordert. In aanvulling op het voorgaande voert Scanabouw aan dat de inbreuk geschiedt door middel van onroerende zaken, ten aanzien waarvan geen (afgifte tot) vernietiging of onbruikbaarmaking kan worden gevorderd. Omdat aan de vereisten is voldaan, wordt het verzoek ten aanzien van De Leeuw Projectontwikkeling, Aannemersbedrijf De Leeuw en [familie 2] toegewezen, met dien verstande dat aan de gevorderde dwangsom een maximum wordt verbonden.

2.5 Het verzoek kan ten aanzien van [familie 1] niet worden toegewezen. Immers, uit de hiervoor onder 2.2. weergegeven feiten en omstandigheden blijkt weliswaar dat Scanabouw een ontwerp heeft gemaakt voor een woning van [familie 1] en dat [familie 1] van haar offerte geen gebruik heeft gemaakt, maar niet gebleken is dat ook voor [familie 1] thans een woning wordt gebouwd met behulp van het ontwerp van Scanabouw of dat er op andere wijze gebruik wordt gemaakt van dat ontwerp. Een dreigende inbreuk op het auteursrecht door of ten behoeve van [familie 1] is daarom niet aannemelijk geworden.

3. DE BESLISSING

De voorzieningenrechter:

- beveelt De Leeuw Projectontwikkeling, Aannemersbedrijf De Leeuw en [familie 2] ieder afzonderlijk om met onmiddellijke ingang iedere verveelvoudiging en iedere openbaarmaking van de ontwerpen van Scanabouw te staken en gestaakt te houden, in het bijzonder door het (doen) bouwen van woonhuizen met toepassing van de ontwerpen van Scanabouw te staken en gestaakt te houden;

- veroordeelt De Leeuw Projectontwikkeling, Aannemersbedrijf De Leeuw en [familie 2] ieder afzonderlijk tot betaling aan Scanabouw van een onmiddellijk opeisbare dwangsom van [euro] 10.000,-- voor iedere dag of gedeelte van een dag dat zij in strijd met voormeld bevel handelen, met een maximum van [euro] 100.000,--;

- bepaalt de termijn voor het instellen van de eis in de hoofdzaak in de zin van artikel 1019i Rv op één maand na betekening van deze beschikking;

- wijst af het meer of anders verzochte.

Gegeven door mr. E.J. van der Molen, voorzieningenrechter van de Rechtbank te Alkmaar op 25 oktober 2007, bijgestaan door mr. F. Vermeij, griffier.