Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBALK:2007:BA2353

Instantie
Rechtbank Alkmaar
Datum uitspraak
03-04-2007
Datum publicatie
05-04-2007
Zaaknummer
14/810513-06
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte heeft in een redelijk kort tijdbestek een reeks overvallen gepleegd. De modus operandus was bij nagenoeg alle overvallen gelijk.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK ALKMAAR

Parketnummer : 14/810513-06

Datum uitspraak : 3 april 2007

TEGENSPRAAK, NA AANHOUDING VERSCHENEN

VERKORT VONNIS van de rechtbank Alkmaar, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak van het

OPENBAAR MINISTERIE

tegen:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1981,

thans gedetineerd in P.I. Noord-Holland Noord – HvB Zuyder Bos te Heerhugowaard.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 20 maart 2007.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie, die ertoe strekt dat de rechtbank het tenlastegelegde onder 1 tot en met 10 zal bewezen verklaren en de verdachte zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van veertig maanden met aftrek van de tijd die door verdachte in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, waarvan een gedeelte groot tien maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren. Naast de algemene voorwaarde verbonden aan de proeftijd, vordert de officier van justitie de vaststelling van de bijzondere voorwaarde dat verdachte zich zal houden aan de aanwijzingen gegeven door of namens Brijder Justitiële Verslavingszorg. Ten aanzien van de benadeelde partijen vordert de officier van justitie als volgt, met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel:

- [Snackbar 1]: toewijzing € 700,-subsidiair 14 dagen vervangende hechtenis;

- [Slachtoffer 2]: toewijzing € 605,- subsidiair 12 dagen vervangende hechtenis, voor het overige niet-ontvankelijk;

- [Tankstation 2]: toewijzing € 1.119,10 subsidiair 22 dagen vervangende hechtenis, voor het overige niet ontvankelijk;

- [Slachtoffer 8]: toewijzing € 1.000,- subsidiair 20 dagen vervangende hechtenis;

- [Tankstation 3]: toewijzing € 100,-, subsidiair 2 dagen vervangende hechtenis;

- [Snackbar 3]: toewijzing € 360,- subsidiair 7 dagen vervangende hechtenis;

- [Slachtoffer 11]: toewijzing € 500,- subsidiair 10 dagen vervangende hechtenis;

- [Tankstation 4]: toewijzing € 284,15 subsidiair 5 dagen vervangende hechtenis, voor het overige niet ontvankelijk;

- [Slachtoffer 13]: toewijzing € 1000,- subsidiair 20 dagen vervangende hechtenis;

- [Slachtoffer 15]: toewijzing € 1000,- subsidiair 20 dagen vervangende hechtenis, voor het overige niet-ontvankelijk;

Tevens heeft de rechtbank kennis genomen van hetgeen door de verdachte en mr. H. Teunisse, raadsman van de verdachte, naar voren is gebracht.

1. TENLASTELEGGING

Aan de verdachte is, nadat een vordering van de officier van justitie strekkende tot nader omschrijving van de tenlastelegging is toegelaten, ten laste gelegd, dat

1.

hij op of omstreeks 19 oktober 2006 in de gemeente Anna Paulowna (in of uit een snackbar gelegen aan [adres 1]) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van (ongeveer) 700,= euro, althans enig geldbedrag, in ieder geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [snackbar 1], althans [slachtoffer 1], in ieder geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] (werkzaam in die snackbar), gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heter daad, aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(-en) dat verdachte (voorzien van een koevoet, althans een stuk gereedschap, en met

(werk-)handschoenen aan):

- die snackbar is binnengegaan en/of

- in die snackbar direct op de kassa is toegelopen en/of

- (vervolgens) tegen genoemde [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3], die zich in de buurt van

die kassa bevond(-en), meermalen, althans eenmaal, op dreigende toon heeft

gezegd: "Geef me de la" en/of "Geef je la", althans woorden van gelijke aard

en/of strekking, en/of

- (vervolgens) toen genoemde [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] niet direct reageerde(-n),

om de toonbank/bar is heengelopen, richting die kassa en/of richting dan

wel langs die [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3], en/of

- (vervolgens) op (zeer) korte afstand van genoemde [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] is

blijven staan en een dreigende houding heeft aangenomen door onder andere

zijn handen in zijn jaszakken te houden en/of

- (vervolgens) (nogmaals) tegen genoemde [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] meermalen,

althans eenmaal, op dreigende toon heeft gezegd: "Geef me de kassalade"

en/of "Maak de kassa open, nu", althans woorden van gelijke aard en/of

strekking, en/of

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde

[slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

2.

hij op of omstreeks 21 oktober 2006 in de gemeente Enkhuizen (in of uit een benzinestation gelegen aan [adres 2]) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van (ongeveer) 173,= euro, althans enig geldbedrag, in ieder geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [tankstation 1], althans "[B.V.1]", in ieder geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld

en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 4] (werkzaam in dat benzinestation) en/of [slachtoffer 5] (een klant van dat benzinestation), gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heter daad, aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(-en) dat verdachte (voorzien van een koevoet, althans een stuk gereedschap):

- dat benzinestation is binnengegaan en/of

- in dat benzinestation direct op de kassa is toegelopen en/of

- (vervolgens) genoemde [slachtoffer 5], die voor die kassa stond, heeft weggeduwd

en/of opzij geschoven en/of

- (vervolgens) zich over de toonbank/balie heeft heengebogen, richting die

kassa, en/of

- (vervolgens) tegen genoemde [slachtoffer 4], die zich achter die kassa bevond,

meermalen, althans eenmaal, op dreigende toon heeft gezegd: "Geld", althans

woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

- (vervolgens) zich (nader) over de toonbank/balie heeft heengebogen, richting

die kassa, en/of (daarbij) genoemde [slachtoffer 5] (nog meer) heeft weggeduwd en/of

opzij geschoven en/of

- (vervolgens) met zijn hand(-en) aan (een deksel van) die kassa(-lade) heeft

getrokken en/of deze heeft stuk getrokken en/of

- (daarbij) genoemde [slachtoffer 4] en/of [slachtoffer 5] dreigend een (deel van een) koevoet,

althans een stuk gereedschap, heeft getoond en/of

- (uiteindelijk) die kassa(-lade) heeft gepakt en/of

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde

[slachtoffer 4] en/of [slachtoffer 5] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

3.

hij op of omstreeks 22 oktober 2006 in de gemeente Schagen (in of uit een benzinestation gelegen aan [adres 3]) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van (ongeveer) 620,= euro, althans enig geldbedrag, in ieder geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan "[Tankstation 2]", althans [N], in ieder geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] (werkzaam in dat benzinestation), gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heter daad, aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(-en) dat verdachte (voorzien van een koevoet, althans een stuk gereedschap):

- dat benzinestation is binnengegaan en/of

- in dat benzinestation direct op de kassa is toegelopen en/of

- (vervolgens) tegen genoemde [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7], die zich in de buurt van

die kassa bevond(-en), meermalen, althans eenmaal, op dreigende toon heeft

gezegd: "Doe nu je kas open" en/of "Kassa open alsjeblieft", althans woorden

van gelijke aard en/of strekking, en/of

- (vervolgens) op een dreigende manier zijn arm(-en) en/of hand(-en) op de

toonbank/balie heeft gelegd en/of zich voorover heeft gebogen, richting die

kassa, en/of

- (vervolgens) toen genoemde [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] niet direct reageerde(-n),

om de toonbank/balie is heengelopen, richting die kassa en/of richting dan

wel langs die [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7], en/of op (zeer) korte afstand van die

[slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] is blijven staan en/of

- (vervolgens) (nogmaals) tegen genoemde [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] meermalen,

althans eenmaal, op dreigende toon heeft gezegd: "Als je niet gewond wilt

raken, dan doe je nu de kas open" en/of "Kassa open alsjeblieft als je niet

gewond wilt raken. Ik waarschuw een keer", althans woorden van gelijke aard

en/of strekking, en/of

- (daarbij) genoemde [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] dreigend een (deel van een)

koevoet, althans een stuk gereedschap, heeft getoond en/of

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde

[slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

4.

hij op of omstreeks 24 oktober 2006 in de gemeente Alkmaar (in of uit een snackbar gelegen aan [adres 4]) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van (ongeveer) 300,= euro, althans enig geldbedrag, in ieder geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [snackbar 2], althans de [B], in ieder geval aan een ander of anderen dan aan verdachte,

welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 8] (werkzaam in die snackbar), gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heter daad, aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(-en) dat verdachte (voorzien van een koevoet, althans een stuk gereedschap):

- die snackbar is binnengegaan en/of

- in die snackbar direct op de kassa is toegelopen en/of

- (vervolgens) tegen genoemde [slachtoffer 8], die zich in de buurt van

die kassa bevond, meermalen, althans eenmaal, op dreigende toon heeft

gezegd: "Dit is een overval. Je doet wat ik zeg, want anders..." en/of

"De geldla moet open", althans woorden van gelijke aard en/of strekking,

en/of

- (vervolgens en/of daarbij) genoemde [slachtoffer 8] dreigend een (deel

van een) koevoet, althans een stuk gereedschap, heeft getoond en/of

- (vervolgens) met die koevoet, althans met dat stuk gereedschap, een slaande

beweging heeft gemaakt in de richting van (het hoofd van) die [slachtoffer 8] en/of

- (vervolgens) (nogmaals) tegen genoemde [slachtoffer 8] meermalen,

althans eenmaal, op dreigende toon heeft gezegd: "Je doet niks. Doe de la

open, doe nu die la open" en/of "Doe de kassa open, schiet op", althans

woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

- (vervolgens) zich over de toonbank/bar heeft heengebogen, richting die

kassa, en/of

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde

[slachtoffer 8] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

5.

hij op of omstreeks 26 oktober 2006 in de gemeente Bergen (Noord-Holland) (in of uit een benzinestation gelegen aan de [adres 5]) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van (ongeveer) 401,15 euro, althans enig geldbedrag, in ieder geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan "[tankstation 3]", althans [slachtoffer 9] en/of zijn broer(-s), in ieder geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 10] (werkzaam in dat benzinestation), gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heter daad, aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(-en) dat verdachte (voorzien van een koevoet, althans een stuk gereedschap):

- dat benzinestation is binnengegaan en/of

- in dat benzinestation direct op de kassa is toegelopen en/of

- (vervolgens) genoemde [slachtoffer 10], die zich in de buurt van die kassa bevond,

dreigend een (deel van een) koevoet, althans een stuk gereedschap, heeft

getoond en/of (dit deel van) deze koevoet, althans dit stuk gereedschap,

dreigend voor die [slachtoffer 10] omhoog heeft gehouden en/of

- (vervolgens) genoemde [slachtoffer 10], die de kassabalie was ingelopen, is achterna

gelopen en/of (daarna) in de deuropening van deze balie is blijven staan

en/of

- (vervolgens) tegen genoemde [slachtoffer 10], die zich op dat moment bij de kassa

bevond, meermalen, althans eenmaal, op dreigende toon heeft gezegd: "Ik

waarschuw maar een keer, doe open die kassa" en/of "Opschieten", althans

woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

- (daarbij) (steeds) (dat deel van) die koevoet, althans dat stuk gereedschap,

dreigend voor genoemde [slachtoffer 10] omhoog heeft gehouden en/of

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde

[slachtoffer 10] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

6.

hij op of omstreeks 28 oktober 2006 in de gemeente Wieringermeer (in of uit een snackbar gelegen aan de [adres 6]) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van (ongeveer) 360,= euro, althans enig geldbedrag, in ieder geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [snackbar 3], althans [M.B.], in ieder geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 11] (werkzaam in die snackbar), gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heter daad, aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(-en) dat

verdachte (voorzien van een steenbeitel, althans een stuk gereedschap):

- die snackbar is binnengegaan en/of

- in die snackbar direct op de kassa is toegelopen en/of

- (vervolgens) zich over de toonbank/bar heeft heengebogen, richting die

kassa, en/of die kassa heeft opengemaakt en/of geld uit die kassa heeft

gepakt, althans heeft geprobeerd te pakken, en/of

- (vervolgens) toen genoemde [slachtoffer 11], die zich in de buurt van die kassa

bevond, tegen verdachte zei dat hij (kort gezegd) daarmee moest stoppen

en/of het gepakte geld moest terugleggen, die [slachtoffer 11] op dreigende toon heeft

toegevoegd: "Pas maar op" en/of "Ik waarschuw niet", althans woorden van

gelijke aard en/of strekking, en/of

- (daarbij) genoemde [slachtoffer 11] dreigend een (deel van een) steenbeitel, althans

een stuk gereedschap, heeft getoond, althans die [slachtoffer 11] duidelijk heeft

gemaakt dat hij iets in zijn hand(-en) had, en/of

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde

[slachtoffer 11] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

7.

hij op of omstreeks 11 november 2006 te Bergen, gemeente Bergen (provincie Noord-Holland), tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(-s) voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met elkaar, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een hoeveelheid geld en/of een of meer goed(-eren), geheel of ten dele toebehorende aan "[versmarkt]" (gevestigd aan de [adres 7]), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(-s), welke voorgenomen diefstal zou worden voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 12] (werkzaam in genoemde versmarkt), te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heter daad, aan zichzelf en/of zijn mededader(-s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van de te stelen hoeveelheid geld en/of een of meer goed(-eren) te verzekeren, tezamen en in vereniging met zijn mededader(-s), althans alleen, het volgende heeft gedaan:

- verdachte en/of zijn mededader(-s) is/zijn naar Bergen gereden en/of

- verdachte en/of zijn mededader(-s) is/zijn "[versmarkt]" binnengegaan

en/of

- verdachte en/of zijn mededader(-s) is/zijn in genoemde versmarkt op de kassa

toegelopen, waarachter zich genoemde [slachtoffer 12] bevond, en/of

- verdachte en/of zijn mededader(-s) heeft/hebben op dreigende toon tegen die

[slachtoffer 12] gezegd: "Een overval, je geld, kassa open", althans woorden van

gelijke (dwingende) aard en/of strekking, en/of

- verdachte en/of zijn mededader(-s) heeft/hebben die [slachtoffer 12] (daarbij) een

steenbeitel, althans een stuk gereedschap, getoond en/of deze beitel,

althans dit stuk gereedschap, dreigend voor die [slachtoffer 12] omhoog gehouden

en/of

- verdachte en/of zijn mededader(-s) heeft/hebben zich (nader) naar de kassa

bewogen en/of voorovergebogen en/of (vervolgens) geprobeerd de kassa te

openen en/of geld uit de kassa weg te nemen en/of

- verdachte en/of zijn mededader(-s) heeft/hebben (daarbij) geprobeerd om die

[slachtoffer 12] te slaan en/of met die [slachtoffer 12] geworsteld,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

8.

hij op of omstreeks 11 november 2006 (op een tijdstip gelegen na het onder 7 ten laste gelegde) in de gemeente Alkmaar (in of uit een benzinestation gelegen aan [adres 7]) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van (ongeveer) 984,15 euro, althans enig geldbedrag, in ieder geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan "[tankstation 4]", althans [J.B.], in ieder geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 13] (werkzaam in dat benzinestation), gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heter daad, aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(-en) dat

verdachte (voorzien van een steenbeitel, althans een stuk gereedschap):

- dat benzinestation is binnengegaan en/of

- in dat benzinestation direct op de kassa is toegelopen en/of

- (vervolgens) tegen genoemde [slachtoffer 13], die zich in de buurt van die kassa

bevond, meermalen, althans eenmaal, op dreigende toon heeft gezegd: "Maak

de kassa open", althans woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

- (daarbij) genoemde [slachtoffer 13] dreigend een (deel van een) steenbeitel, althans

een stuk gereedschap, heeft getoond en/of deze beitel, althans dit stuk

gereedschap, dreigend omhoog heeft geheven en/of, terwijl verdachte

ondertussen over de toonbank/balie heen leunde, met deze beitel, althans dit

stuk gereedschap, dreigend een zwaaiende beweging heeft gemaakt in de

richting van (het gezicht van) die [slachtoffer 13] en/of

- (uiteindelijk) de kassalade (met kracht) (verder) heeft opengerukt en/of

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde

[slachtoffer 13] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

9.

hij in of omstreeks de periode van 22 november 2006 tot en met 23 november 2006 in de gemeente Den Helder (op of aan [adres 8]) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto (merk: Nissan, type: Sunny, kenteken: [KENTEKEN]) (met inhoud, onder andere bestaande uit een (honden-)ketting), in ieder geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 14], in ieder geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, waarbij verdachte het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel.

10.

hij op of omstreeks 24 november 2006 in de gemeente Heerhugowaard (in of uit een benzinestation gelegen aan de [adres 9]) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van (ongeveer) 200,= euro, althans enig geldbedrag, in ieder geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [tankstation 5], althans [B.V.2], in ieder geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 15] (werkzaam in dat benzinestation), gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heter daad, aan zichzelf hetzij de vlucht

mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(-en) dat verdachte (voorzien van een (honden-)ketting, althans een stuk gereedschap of een hard voorwerp):

- dat benzinestation is binnengegaan en/of

- in dat benzinestation direct op de kassa is toegelopen en/of

- (vervolgens) toen genoemde [slachtoffer 15] door een deur de ruimte achter die kassa

wilde betreden en/of (vervolgens) die deur wilde sluiten, die [slachtoffer 15] is

achterna gelopen en/of deze deur (met kracht) heeft open geduwd en/of open

gehouden en/of

- (vervolgens) tegen genoemde [slachtoffer 15] meermalen, althans eenmaal, op dreigende

toon heeft gezegd: "Dit is een overval, dit is een overval", althans woorden

van gelijke aard en/of strekking, en/of

- (daarbij) genoemde [slachtoffer 15] dreigend een (deel van een) (honden-)ketting,

althans een stuk gereedschap of een hard voorwerp, heeft getoond en/of met

deze ketting, althans met dit stuk gereedschap of harde voorwerp, een of

meer dreigende bewegingen heeft gemaakt in de richting van die [slachtoffer 15] en/of

die [slachtoffer 15] (daarbij) heeft toegevoegd: "Ik ga je slaan, ik ga je slaan",

althans woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

- (vervolgens) toen verdachte en/of genoemde [slachtoffer 15] in de ruimte achter die

kassa stond(-en), tegen die [slachtoffer 15] meermalen, althans eenmaal, op dreigende

toon heeft gezegd: "Doe de la open", althans woorden van gelijke aard en/of

strekking, en/of

- (uiteindelijk) (met kracht) die kassa heeft geopend en/of (vervolgens) (met

kracht) het (veiligheids-)glas van de kassaruimte heeft vernield en/of

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde

[slachtoffer 15] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zullen deze worden verbeterd. De verdachte is hierdoor niet geschaad in de verdediging.

2. BEWEZENVERKLARING

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande, dat

1.

hij op 19 oktober 2006 in de gemeente Anna Paulowna, in een snackbar gelegen aan [adres 1], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van ongeveer 700,= euro, toebehorende aan [snackbar 1], welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3], werkzaam in die snackbar, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, welke bedreiging met geweld hierin bestond dat verdachte, voorzien van een koevoet, en met werkhandschoenen aan:

- die snackbar is binnengegaan en

- in die snackbar direct op de kassa is toegelopen en

- vervolgens tegen genoemde [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3], die zich in de buurt van die kassa bevonden, op dreigende toon heeft gezegd: "Geef me de la", althans woorden van gelijke aard en/of strekking, en

- vervolgens toen genoemde [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] niet direct reageerden, om de toonbank is heengelopen, richting die kassa en langs die [slachtoffer 2] en richting die [slachtoffer 3], en

- vervolgens op zeer korte afstand van genoemde [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] is blijven staan en een dreigende houding heeft aangenomen door onder andere zijn handen in zijn jaszakken te houden en

- vervolgens nogmaals tegen genoemde [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3], op dreigende toon heeft gezegd: "Geef me de kassalade" en/of "Maak de kassa open, nu", althans woorden van gelijke aard en strekking, en

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde

[slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

2.

hij op 21 oktober 2006 in de gemeente Enkhuizen, in een benzinestation gelegen aan [adres 2], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van 173,= euro, toebehorende aan [tankstation 1], welke diefstal werd vergezeld van bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 4], werkzaam in dat benzinestation, en [slachtoffer 5], een klant van dat benzinestation, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, welke bedreiging met geweld hierin bestond dat verdachte, voorzien van een koevoet:

- dat benzinestation is binnengegaan en

- in dat benzinestation direct op de kassa is toegelopen en

- vervolgens genoemde [slachtoffer 5], die voor die kassa stond, heeft weggeduwd en

- vervolgens zich over de toonbank heeft heengebogen, richting die kassa, en

- vervolgens tegen genoemde [slachtoffer 4], die zich achter die kassa bevond, op dreigende toon heeft gezegd: "Geld", althans woorden van gelijke aard en strekking en

- vervolgens zich nader over de toonbank heeft heengebogen, richting die kassa, en daarbij genoemde [slachtoffer 5] nog meer heeft weggeduwd en

- vervolgens met zijn handen aan een deksel van die kassalade heeft getrokken en

- daarbij genoemde [slachtoffer 4] dreigend een deel van een koevoet, heeft getoond en

- uiteindelijk die kassalade heeft gepakt en

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde [slachtoffer 4] en [slachtoffer 5] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

3.

hij op 22 oktober 2006 in de gemeente Schagen, in een benzinestation gelegen aan [adres 3], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van 620,= euro, toebehorende aan "[Tankstation 2]", welke diefstal werd vergezeld van bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 6] en [slachtoffer 7], werkzaam in dat benzinestation, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, welke bedreiging met geweld hierin bestond dat verdachte, voorzien van een koevoet:

- dat benzinestation is binnengegaan en

- in dat benzinestation direct op de kassa is toegelopen en

- vervolgens tegen genoemde [slachtoffer 6] en [slachtoffer 7], die zich in de buurt van die kassa bevonden, op dreigende toon heeft gezegd: "Doe nu je kas open" en/of "Kassa open alsjeblieft", en

- vervolgens op een dreigende manier zijn armen op de toonbank heeft gelegd en zich voorover heeft gebogen, richting die kassa, en

- vervolgens toen genoemde [slachtoffer 6] en [slachtoffer 7] niet direct reageerden, om de toonbank is heengelopen, richting die kassa, en op zeer korte afstand van die [slachtoffer 6] en [slachtoffer 7] is blijven staan en

- vervolgens nogmaals tegen genoemde [slachtoffer 6] en [slachtoffer 7] op dreigende toon heeft gezegd: "Als je niet gewond wilt raken, dan doe je nu de kas open" en "Kassa open alsjeblieft als je niet gewond wilt raken. Ik waarschuw een keer", en

- daarbij genoemde [slachtoffer 6] en [slachtoffer 7] dreigend een deel van een koevoet, heeft getoond, en

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

4.

hij op 24 oktober 2006 in de gemeente Alkmaar, in een snackbar gelegen aan [adres 4]) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van 300,= euro, toebehorende aan [snackbar 2], welke diefstal werd vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 8], werkzaam in die snackbar, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestonden dat verdachte, voorzien van een koevoet:

- die snackbar is binnengegaan en

- in die snackbar direct op de kassa is toegelopen en

- vervolgens tegen genoemde [slachtoffer 8], die zich in de buurt van die kassa bevond, op dreigende toon heeft gezegd: "Dit is een overval. Je doet wat ik zeg, want anders..." en "De geldla moet open", en

- daarbij genoemde [slachtoffer 8] dreigend een deel van een koevoet, heeft getoond en

- vervolgens met die koevoet, een slaande beweging heeft gemaakt in de richting van het lichaam van die [slachtoffer 8] en

- vervolgens nogmaals tegen genoemde [slachtoffer 8], op dreigende toon heeft gezegd: "Je doet niks. Doe de la open, doe nu die la open" en "Doe de kassa open, schiet op", en

- vervolgens zich over de toonbank heeft heengebogen, richting die kassa, en

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde [slachtoffer 8] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

5.

hij op 26 oktober 2006 in de gemeente Bergen (Noord-Holland) in een benzinestation gelegen aan de [adres 5], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van ongeveer 401,15 euro, toebehorende aan "[tankstation 3]", welke diefstal werd vergezeld van bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 10], werkzaam in dat benzinestation, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, welke bedreiging met geweld hierin bestond dat verdachte, voorzien van een koevoet:

- dat benzinestation is binnengegaan en

- in dat benzinestation direct op de kassa is toegelopen en

- vervolgens genoemde [slachtoffer 10], die zich in de buurt van die kassa bevond, dreigend een deel van een koevoet, heeft getoond en dit deel van deze koevoet, dreigend voor die [slachtoffer 10] omhoog heeft gehouden en

- vervolgens genoemde [slachtoffer 10], die de kassabalie was ingelopen, is achterna gelopen en daarna in de deuropening van deze balie is blijven staan en

- vervolgens tegen genoemde [slachtoffer 10], die zich op dat moment bij de kassa bevond, op dreigende toon heeft gezegd: "Ik waarschuw maar een keer, doe open die kassa" en "Opschieten", en

- daarbij steeds dat deel van die koevoet, dreigend voor genoemde [slachtoffer 10] omhoog heeft gehouden en

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde [slachtoffer 10] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

6.

hij op 28 oktober 2006 in de gemeente Wieringermeer, in een snackbar gelegen aan de [adres 6]) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van 360,= euro, toebehorende aan [snackbar 3], welke diefstal werd vergezeld en gevolgd van bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 11], werkzaam in die snackbar, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken en aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, welke bedreiging met geweld hierin bestond dat verdachte, voorzien van een steenbeitel:

- die snackbar is binnengegaan en

- in die snackbar direct op de kassa is toegelopen en

- vervolgens zich over de toonbank heeft heengebogen, richting die kassa, en die kassa heeft opengemaakt en geld uit die kassa heeft gepakt, en

- vervolgens toen genoemde [slachtoffer 11], die zich in de buurt van die kassa bevond, tegen verdachte zei dat hij daarmee moest stoppen, die [slachtoffer 11] op dreigende toon heeft toegevoegd: "Pas maar op" en

- daarbij genoemde [slachtoffer 11] dreigend een deel van een steenbeitel, heeft getoond, althans die [slachtoffer 11] duidelijk heeft gemaakt dat hij iets in zijn hand had, en

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde [slachtoffer 11] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

7.

hij op 11 november 2006 te Bergen, gemeente Bergen (provincie Noord-Holland), tezamen en in vereniging met een ander, ter uitvoering van het door verdachte en zijn mededader voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met elkaar, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een hoeveelheid geld toebehorende aan "[versmarkt]", gevestigd aan de [adres 7], welke voorgenomen diefstal zou worden vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 12], werkzaam in genoemde versmarkt, te plegen met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, tezamen en in vereniging met zijn mededader, het volgende heeft gedaan:

- verdachte en zijn mededader zijn naar Bergen gereden en

- verdachte en zijn mededader zijn "[versmarkt]" binnengegaan en

- verdachte en zijn mededader zijn in genoemde versmarkt op de kassa toegelopen, waarachter zich genoemde [slachtoffer 12] bevond, en

- verdachte heeft op dreigende toon tegen die [slachtoffer 12] gezegd: "Een overval, je geld, kassa open", en

- verdacht heeft die [slachtoffer 12] daarbij een steenbeitel, getoond en deze beitel, dreigend voor die [slachtoffer 12] omhoog gehouden en

- verdachte heeft zich nader naar de kassa voorovergebogen en vervolgens geprobeerd de kassa te openen en geld uit de kassa weg te nemen en

- verdachte en zijn mededader hebben daarbij geprobeerd om die [slachtoffer 12] te slaan en met die [slachtoffer 12] geworsteld,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

8.

hij op 11 november 2006, op een tijdstip gelegen na het onder 7 ten laste gelegde, in de gemeente Alkmaar, in een benzinestation gelegen aan [adres 7], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van 984,15 euro, toebehorende aan "[tankstation 4]", welke diefstal werd vergezeld van bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 13], werkzaam in dat benzinestation, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken en, welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestonden dat verdachte, voorzien van een steenbeitel:

- dat benzinestation is binnengegaan en

- in dat benzinestation direct op de kassa is toegelopen en

- vervolgens tegen genoemde [slachtoffer 13], die zich in de buurt van die kassa bevond, op dreigende toon heeft gezegd: "Maak de kassa open", en

- daarbij genoemde [slachtoffer 13] dreigend een deel van een steenbeitel, heeft getoond en deze beitel, dreigend omhoog heeft geheven en, terwijl verdachte ondertussen over de toonbank heen leunde, met deze beitel, dreigend een zwaaiende beweging heeft gemaakt in de richting van het gezicht van die [slachtoffer 13], en

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde

[slachtoffer 13] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

9.

hij in de periode van 22 november 2006 tot en met 23 november 2006 in de gemeente Den Helder, op [adres 8], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto, merk: Nissan, type: Sunny, kenteken: [KENTEKEN], met inhoud, onder andere bestaande uit een hondenketting, toebehorende aan [slachtoffer 14], waarbij verdachte het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel.

10.

hij op 24 november 2006 in de gemeente Heerhugowaard, in een benzinestation gelegen aan de [adres 9], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van ongeveer 200,= euro, toebehorende aan [tankstation 5], welke diefstal werd vergezeld van bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 15], werkzaam in dat benzinestation, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, welke bedreiging met geweld hierin bestond dat verdachte, voorzien van een hondenketting,:

- dat benzinestation is binnengegaan en

- in dat benzinestation direct op de kassa is toegelopen en

- vervolgens toen genoemde [slachtoffer 15] door een deur de ruimte achter die kassa wilde betreden en die deur wilde sluiten, die [slachtoffer 15] is achterna gelopen en deze deur met kracht heeft open geduwd en

- vervolgens tegen genoemde [slachtoffer 15], op dreigende toon heeft gezegd: "Dit is een overval, dit is een overval", en

- daarbij genoemde [slachtoffer 15] dreigend een deel van een hondenketting, heeft getoond en met deze ketting, dreigende bewegingen heeft gemaakt in de richting van die [slachtoffer 15] en die [slachtoffer 15] daarbij heeft toegevoegd: "Ik ga je slaan, ik ga je slaan", en

- vervolgens toen verdachte en genoemde [slachtoffer 15] in de ruimte achter die kassa stonden, tegen die [slachtoffer 15] op dreigende toon heeft gezegd: "Doe de la open", en

- met kracht die kassa heeft geopend en vervolgens met kracht het veiligheids-glas van de kassaruimte heeft vernield en

- aldus, en gelet ook op verdachtes postuur en manier van doen, voor genoemde [slachtoffer 15] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

Hetgeen meer of anders is tenlastegelegd is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

3. BEWIJS

De rechtbank grondt de beslissing dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan,

op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat.

De bewijsmiddelen worden slechts gebruikt ten aanzien van het feit waarop zij blijkens hun inhoud betrekking hebben.

4. STRAFBAARHEID VAN HET BEWEZEN VERKLAARDE

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.

Het bewezen verklaarde levert op:

Feit 1, 2, 3, 5, 6, 8 en 10:

Telkens:

Diefstal, vergezeld van bedreiging met geweld tegen personen, met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken

Feit 4:

Diefstal, vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken

Feit 7:

Poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken

Feit 9:

Diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels

5. STRAFBAARHEID VAN DE VERDACHTE

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit.

De verdachte is dus strafbaar.

6. MOTIVERING VAN DE STRAF

De rechtbank heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het bewezen verklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan en op grond van de persoon van de verdachte.

De rechtbank heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen:

Verdachte heeft in een redelijk kort tijdbestek een reeks overvallen gepleegd. De modus operandus was bij nagenoeg alle overvallen gelijk. Verdachte zocht een tankstation dan wel snackbar uit, vergewiste zich ervan dat er een vrouw achter de toonbank stond, ging naar binnen en eiste, onder dreiging van een koevoet, dan wel een steenbeitel, dan wel een hondenketting, het geld uit de kassalade op. Eenmaal heeft verdachte daarbij geweld gebruikt. In totaal heeft verdachte een bedrag van ruim € 3.700,- buitgemaakt. Tevens heeft verdachte gepoogd samen met een ander met geweld een overval te plegen op een supermarkt. De mannelijke winkelier liet zich niet onbetuigd en werkte, samen met zijn dochter, de overvallers de winkel uit. Bij de laatste overval maakte verdachte gebruik van een auto die hij kort tevoren had gestolen. Het bij de overvallen buitgemaakte geld besteedde verdachte voornamelijk aan drugs.

Verdachte heeft ter zitting blijk gegeven berouw te voelen en zich te realiseren wat hij de slachtoffers heeft aangedaan. Feit blijft dat het hier geen incident betreft, maar dat er acht overvallen hebben plaatsgevonden en één poging daartoe. Dit zijn zeer ernstige feiten die de rechtbank verdachte zwaar aanrekent.

Niet alleen uit de door hen bij de politie afgelegde verklaringen, maar ook uit de toelichtingen op de ingediende vorderingen van de benadeelde partijen is gebleken dat deze feiten door de vele slachtoffers als zeer bedreigend zijn ervaren. Enkele slachtoffers hebben als gevolg van hetgeen hen is aangedaan deskundige hulp moeten zoeken. Daarnaast brengen de bewezen verklaarde feiten bij de burgers in het algemeen angstgevoelens en gevoelens van onveiligheid teweeg.

Met betrekking tot de persoon van de verdachte heeft de rechtbank in het bijzonder gelet op:

-het op naam van de verdachte staand uittreksel uit het Algemeen Documentatieregister, gedateerd 27 november 2006, waaruit blijkt dat de verdachte eerder met Justitie in aanraking is geweest.

- het over de verdachte uitgebrachte voorlichtingsrapport gedateerd 22 januari 2007 van mevrouw M. Kuipers als reclasseringswerker verbonden aan Brijder Verslavingszorg

Het voorlichtingsrapport gedateerd 22 januari 2007 houdt onder meer het volgende in:

Momenteel volgt [verdachte] de toegeleiding naar de Verslaafden Begeleidings Afdeling (VBA) in Zuyder Bos. Hij heeft nog een beperkt inzicht in oorzaken van het middelengebruik, maar staat open om hier aan te werken. Wij adviseren naast een onvoorwaardelijk deel een aanzienlijk deel van de gevangenisstraf voorwaardelijk op te leggen met als bijzondere voorwaarde een toezicht bij de reclassering.

Met het advies in dit rapport kan de rechtbank zich verenigen.

De rechtbank is, gelet op het vorenstaande, van oordeel dat oplegging van een gedeeltelijk voorwaardelijke vrijheidsstraf van na te noemen duur op haar plaats is. Overeenkomstig het advies van de Reclassering Nederland, zal de rechtbank hieraan de bijzondere voorwaarde verbinden dat verdachte zich gedurende de proeftijd zal dienen te gedragen naar de aanwijzingen van de Reclassering. Het thans opgelegde verplichte reclasseringscontact dient verdachte te steunen in de opbouw van een delictvrij bestaan. Voorts acht de rechtbank de oplegging van een forse voorwaardelijke vrijheidsstraf en de dreiging van een eventuele tenuitvoerlegging daarvan bij terugval aangewezen om verdachte ervan te weerhouden te recidiveren.

7. BENADEELDE PARTIJEN

7.1

De benadeelde partij [Snackbar 1], t.a.v. [slachtoffer 1], [adres en woonplaats slachtoffer 1], heeft vóór aanvang van de terechtzitting in het geding over de strafzaak bij de officier van justitie opgave gedaan van de inhoud van de vordering tot vergoeding van € 700,- wegens schade die de verdachte aan de benadeelde partij heeft toegebracht.

Uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken dat de vordering van de benadeelde partij van zodanig eenvoudige aard is dat deze zich leent voor behandeling in deze strafzaak.

Nu voorts is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor in de rubriek BEWEZENVERKLARING onder 1 bewezen verklaarde strafbare feit, door de handelingen van de verdachte, rechtstreeks schade heeft geleden tot het gevorderde bedrag kan de vordering worden toegewezen.

De verdachte dient daarnaast te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

7.2

De benadeelde partij [slachtoffer 2], [adres en woonplaats slachtoffer 2], heeft vóór aanvang van de terechtzitting in het geding over de strafzaak bij de officier van justitie opgave gedaan van de inhoud van de vordering tot vergoeding van € 1.650,- wegens schade die de verdachte aan de benadeelde partij heeft toegebracht.

Uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken dat de vordering van de benadeelde partij, voor zover die de materiële schade en een gedeelte van de immateriële schade betreft, van zodanig eenvoudige aard is dat deze zich leent voor behandeling in deze strafzaak.

Nu voorts is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor in de rubriek BEWEZENVERKLARING onder 1 bewezen verklaarde strafbare feit, door de handelingen van de verdachte, rechtstreeks schade heeft geleden tot een bedrag van

€ 605,-, te weten € 105,- materiële schadevergoeding en € 500,- immateriële schadevergoeding, kan de vordering tot dat bedrag worden toegewezen.

De verdachte dient daarnaast te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

Naar het oordeel van de rechtbank is de vordering voor het overige niet van zo eenvoudige aard dat die vordering zich leent voor behandeling in dit strafgeding. Gelet hierop zal de rechtbank bepalen dat de benadeelde partij in dat deel van de vordering niet ontvankelijk is. De benadeelde partij kan dit deel van de vordering desgewenst bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

7.3

De benadeelde partij [Tankstation 2], t.a.v. [adres en woonplaats tankstation 2], heeft vóór aanvang van de terechtzitting in het geding over de strafzaak bij de officier van justitie opgave gedaan van de inhoud van de vordering tot vergoeding van € 1.619,- wegens schade die de verdachte aan de benadeelde partij heeft toegebracht.

Uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken dat de vordering van de benadeelde partij, voor zover die de materiële schade en een gedeelte van de immateriële schade betreft, van zodanig eenvoudige aard is dat deze zich leent voor behandeling in deze strafzaak.

Nu voorts is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor in de rubriek BEWEZENVERKLARING onder 3 bewezen verklaarde strafbare feit, door de handelingen van de verdachte, rechtstreeks schade heeft geleden tot een bedrag van

€ 1.119,10, te weten € 619,10 materiële schadevergoeding en € 500,- immateriële schadevergoeding, kan de vordering tot dat bedrag worden toegewezen.

De verdachte dient daarnaast te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

Naar het oordeel van de rechtbank is de vordering voor het overige niet van zo eenvoudige aard dat die vordering zich leent voor behandeling in dit strafgeding. Gelet hierop zal de rechtbank bepalen dat de benadeelde partij in dat deel van de vordering niet ontvankelijk is. De benadeelde partij kan dit deel van de vordering desgewenst bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

7.4

De benadeelde partij [slachtoffer 8], [adres en woonplaats slachtoffer 8], heeft vóór aanvang van de terechtzitting in het geding over de strafzaak bij de officier van justitie opgave gedaan van de inhoud van de vordering tot vergoeding van € 1.000,- wegens schade die de verdachte aan de benadeelde partij heeft toegebracht.

Uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken dat de vordering van de benadeelde partij, voor zover die een gedeelte van de immateriële schade betreft, van zodanig eenvoudige aard is dat deze zich leent voor behandeling in deze strafzaak.

Nu voorts is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor in de rubriek BEWEZENVERKLARING onder 4 bewezen verklaarde strafbare feit, door de handelingen van de verdachte, rechtstreeks schade heeft geleden tot een bedrag van

€ 500,-, kan de vordering tot dat bedrag worden toegewezen.

De verdachte dient daarnaast te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

Naar het oordeel van de rechtbank is de vordering voor het overige niet van zo eenvoudige aard dat die vordering zich leent voor behandeling in dit strafgeding. Gelet hierop zal de rechtbank bepalen dat de benadeelde partij in dat deel van de vordering niet ontvankelijk is. De benadeelde partij kan dit deel van de vordering desgewenst bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

7.5

De benadeelde partij [tankstation 3], t.a.v. [slachtoffer 9], [adres en woonplaats slachtoffer 9], heeft vóór aanvang van de terechtzitting in het geding over de strafzaak bij de officier van justitie opgave gedaan van de inhoud van de vordering tot vergoeding van € 100,- wegens schade die de verdachte aan de benadeelde partij heeft toegebracht.

Uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken dat de vordering van de benadeelde partij van zodanig eenvoudige aard is dat deze zich leent voor behandeling in deze strafzaak.

Nu voorts is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor in de rubriek BEWEZENVERKLARING onder 5 bewezen verklaarde strafbare feit, door de handelingen van de verdachte, rechtstreeks schade heeft geleden tot het gevorderde bedrag kan de vordering worden toegewezen.

De verdachte dient daarnaast te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

7.6

De benadeelde partij [snackbar 3], t.a.v. [M.B.], [adres en woonplaats M.B], heeft vóór aanvang van de terechtzitting in het geding over de strafzaak bij de officier van justitie opgave gedaan van de inhoud van de vordering tot vergoeding van € 360,- wegens schade die de verdachte aan de benadeelde partij heeft toegebracht.

Uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken dat de vordering van de benadeelde partij van zodanig eenvoudige aard is dat deze zich leent voor behandeling in deze strafzaak.

Nu voorts is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor in de rubriek BEWEZENVERKLARING onder 6 bewezen verklaarde strafbare feit, door de handelingen van de verdachte, rechtstreeks schade heeft geleden tot het gevorderde bedrag kan de vordering worden toegewezen.

De verdachte dient daarnaast te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

7.7

De benadeelde partij [slachtoffer 11], [adres en woonplaats slachtoffer 11], heeft vóór aanvang van de terechtzitting in het geding over de strafzaak bij de officier van justitie opgave gedaan van de inhoud van de vordering tot vergoeding van € 500,- wegens schade die de verdachte aan de benadeelde partij heeft toegebracht.

Uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken dat de vordering van de benadeelde partij van zodanig eenvoudige aard is dat deze zich leent voor behandeling in deze strafzaak.

Nu voorts is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor in de rubriek BEWEZENVERKLARING onder 6 bewezen verklaarde strafbare feit, door de handelingen van de verdachte, rechtstreeks schade heeft geleden tot het gevorderde bedrag kan de vordering worden toegewezen.

De verdachte dient daarnaast te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

7.8

De benadeelde partij [tankstation 4], t.a.v [J.B.], [adres en woonplaats J.B.], heeft vóór aanvang van de terechtzitting in het geding over de strafzaak bij de officier van justitie opgave gedaan van de inhoud van de vordering tot vergoeding van € 624,15 wegens schade die de verdachte aan de benadeelde partij heeft toegebracht.

Uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken dat de vordering van de benadeelde partij, voor zover het een bedrag van € 284,15 terzaek van het gestolen geld en de schade aan de kassa betreft, van zodanig eenvoudige aard is dat deze zich leent voor behandeling in deze strafzaak.

Nu voorts is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor in de rubriek BEWEZENVERKLARING onder bewezen verklaarde strafbare feit, door de handelingen van de verdachte, rechtstreeks schade heeft geleden tot een bedrag van

€ 284,15, kan de vordering tot dat bedrag worden toegewezen.

De verdachte dient daarnaast te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

Naar het oordeel van de rechtbank is de vordering voor het overige niet van zo eenvoudige aard dat die vordering zich leent voor behandeling in dit strafgeding. Gelet hierop zal de rechtbank bepalen dat de benadeelde partij in dat deel van de vordering niet ontvankelijk is. De benadeelde partij kan dit deel van de vordering desgewenst bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

7.9

De benadeelde partij [slachtoffer 13], [adres en woonplaats slachtoffer 13], heeft vóór aanvang van de terechtzitting in het geding over de strafzaak bij de officier van justitie opgave gedaan van de inhoud van de vordering tot vergoeding van € 1.000,- wegens schade die de verdachte aan de benadeelde partij heeft toegebracht.

Uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken dat de vordering van de benadeelde partij, voor zover die een gedeelte groot € 500,- betreft, van zodanig eenvoudige aard is dat deze zich leent voor behandeling in deze strafzaak.

Nu voorts is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor in de rubriek BEWEZENVERKLARING onder 8 bewezen verklaarde strafbare feit, door de handelingen van de verdachte, rechtstreeks schade heeft geleden tot een bedrag van

€ 500,-, kan de vordering tot dat bedrag worden toegewezen.

De verdachte dient daarnaast te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

Naar het oordeel van de rechtbank is de vordering voor het overige niet van zo eenvoudige aard dat die vordering zich leent voor behandeling in dit strafgeding. Gelet hierop zal de rechtbank bepalen dat de benadeelde partij in dat deel van de vordering niet ontvankelijk is. De benadeelde partij kan dit deel van de vordering desgewenst bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

7.10

De benadeelde partij [slachtoffer 15], [adres en woonplaats slachtoffer 15], heeft vóór aanvang van de terechtzitting in het geding over de strafzaak bij de officier van justitie opgave gedaan van de inhoud van de vordering tot vergoeding van € 4.504,-wegens schade die de verdachte aan de benadeelde partij heeft toegebracht.

Uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken dat de vordering van de benadeelde partij, voor zover die een gedeelte van de immateriële schade betreft, van zodanig eenvoudige aard is dat deze zich leent voor behandeling in deze strafzaak.

Nu voorts is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor in de rubriek BEWEZENVERKLARING onder 10 bewezen verklaarde strafbare feit, door de handelingen van de verdachte, rechtstreeks schade heeft geleden tot een bedrag van

€ 500,-, kan de vordering tot dat bedrag worden toegewezen.

De verdachte dient daarnaast te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

Naar het oordeel van de rechtbank is de vordering voor het overige niet van zo eenvoudige aard dat die vordering zich leent voor behandeling in dit strafgeding. Gelet hierop zal de rechtbank bepalen dat de benadeelde partij in dat deel van de vordering niet ontvankelijk is. De benadeelde partij kan dit deel van de vordering desgewenst bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

8. SCHADEVERGOEDING ALS MAATREGEL

De rechtbank heeft tot het opleggen van de hierna te noemen maatregelen besloten omdat de verdachte naar het oordeel van de rechtbank jegens de benadeelden [Snackbar 1] (t.a.v. [slachtoffer 1]), [slachtoffer 2], [Tankstation 2] (t.a.v. [I.B.]), [slachtoffer 8], [tankstation 3] (t.a.v. [slachtoffer 9]), [snackbar 3] (t.a.v. [M.B.]), [slachtoffer 11], [tankstation 4] (t.a.v. [J.B.]), [slachtoffer 13] en [slachtoffer 15], naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door de in de rubriek BEWEZENVERKLARING onder de bewezen verklaarde strafbare feiten is toegebracht aan de benadeelden.

De toepassing van hechtenis, bij gebreke van voldoening van het verschuldigde bedrag, heft de opgelegde verplichting niet op.

9. TOEGEPASTE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN

De op te leggen straf en maatregelen zijn gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 36f, 45, 57, 311 en 312 van het Wetboek van Strafrecht.

10. BESLISSING

De rechtbank:

Verklaart bewezen, dat de verdachte het ten laste gelegde, zoals hierboven in de rubriek BEWEZENVERKLARING aangeduid, heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders tenlaste is gelegd dan hierboven in de rubriek BEWEZENVERKLARING bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verstaat dat het bewezen verklaarde oplevert de hierboven in de rubriek STRAFBAARHEID VAN HET BEWEZENVERKLAARDE vermelde strafbare feiten.

Verklaart de verdachte voor het bewezen verklaarde strafbaar.

Veroordeelt de verdachte voor het bewezen verklaarde tot een gevangenisstraf voor de tijd van veertig maanden.

Beveelt dat van deze straf een gedeelte, groot tien maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij later anders wordt beslist.

Stelt daarbij een proeftijd van twee jaren vast.

De tenuitvoerlegging kan worden gelast indien:

- de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit schuldig maakt.

- de veroordeelde gedurende de proeftijd de hierna vermelde bijzondere voorwaarde niet naleeft.

Stelt als bijzondere voorwaarde:

- dat de veroordeelde zich zal gedragen naar de aanwijzingen, die de veroordeelde zullen worden gegeven door of namens Brijder Verslavingszorg, zolang deze instelling dit, in overleg met de officier van justitie te Alkmaar noodzakelijk oordeelt.

Verstrekt aan de genoemde instelling opdracht om aan de veroordeelde hulp en steun te verlenen bij de naleving van deze bijzondere voorwaarde.

Bepaalt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijk gedeelte van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht.

Wijst toe de vordering van de benadeelde partij [Snackbar 1], t.a.v [slachtoffer 1], [adres en woonplaats slachtoffer 1].

Veroordeelt de verdachte tot het betalen van een bedrag van € 700,- (zevenhonderd euro) als schadevergoeding.

Veroordeelt de verdachte voorts in de kosten die de benadeelde partij tot op heden heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

De tot heden gemaakte kosten begroot de rechtbank op nihil.

Legt aan de verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van de benadeelde, genaamd [Snackbar 1] (t.a.v. [slachtoffer 1]) te betalen een som geld ten bedrage van € 700,- (zevenhonderd euro), bij gebreke van betaling en van verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 14 dagen.

Bepaalt dat betalingen aan de benadeelde partij in mindering strekken op de betaling aan de Staat.

Bepaalt dat betalingen aan de Staat in mindering strekken op de betaling aan de benadeelde partij.

Wijst toe de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] tot het hierna te noemen bedrag.

Veroordeelt de verdachte tot het betalen van een bedrag van € 605,- (zeshonderdvijf euro) als schadevergoeding.

Veroordeelt de verdachte voorts in de kosten die de benadeelde partij tot op heden heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

De tot heden gemaakte kosten begroot de rechtbank op nihil.

Verklaart de benadeelde partij in het overige deel van de vordering niet ontvankelijk.

Legt aan de verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [slachtoffer 2] te betalen een som geld ten bedrage van € 605,-, (zeshonderdvijf euro), bij gebreke van betaling en van verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 12 dagen.

Bepaalt dat betalingen aan de benadeelde partij in mindering strekken op de betaling aan de Staat.

Bepaalt dat betalingen aan de Staat in mindering strekken op de betaling aan de benadeelde partij.

Wijst toe de vordering van de benadeelde partij [Tankstation 2] (t.a.v. [I.B.]), [adres en woonplaats tankstation 2], tot het hierna te noemen bedrag.

Veroordeelt de verdachte tot het betalen van een bedrag van € 1.119,10 (eenduizend eenhonderd negentien euro en 10 eurocent) als schadevergoeding.

Veroordeelt de verdachte voorts in de kosten die de benadeelde partij tot op heden heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

De tot heden gemaakte kosten begroot de rechtbank op nihil.

Verklaart de benadeelde partij in het overige deel van de vordering niet ontvankelijk.

Legt aan de verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van de benadeelde, genaamd [Tankstation 2] (t.a.v. [I.B]) te betalen een som geld ten bedrage van € 1.119,10, (eenduizend eenhonderd negentien euro en 10 eurocent), bij gebreke van betaling en van verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 22 dagen.

Bepaalt dat betalingen aan de benadeelde partij in mindering strekken op de betaling aan de Staat.

Bepaalt dat betalingen aan de Staat in mindering strekken op de betaling aan de benadeelde partij.

Wijst toe de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 8], [adres en woonplaats slachtoffer 8], tot het hierna te noemen bedrag.

Veroordeelt de verdachte tot het betalen van een bedrag van € 500,- (vijfhonderd euro) als schadevergoeding.

Veroordeelt de verdachte voorts in de kosten die de benadeelde partij tot op heden heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

De tot heden gemaakte kosten begroot de rechtbank op nihil.

Verklaart de benadeelde partij in het overige deel van de vordering niet ontvankelijk.

Legt aan de verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [slachtoffer 8] te betalen een som geld ten bedrage van € 500,- (vijfhonderd euro), bij gebreke van betaling en van verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 10 dagen.

Bepaalt dat betalingen aan de benadeelde partij in mindering strekken op de betaling aan de Staat.

Bepaalt dat betalingen aan de Staat in mindering strekken op de betaling aan de benadeelde partij.

Wijst toe de vordering van de benadeelde partij [tankstation 3] (t.a.v. [slachtoffer 9]), [adres en woonplaats slachtoffer 9].

Veroordeelt de verdachte tot het betalen van een bedrag van € 100,- (eenhonderd euro) als schadevergoeding.

Veroordeelt de verdachte voorts in de kosten die de benadeelde partij tot op heden heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

De tot heden gemaakte kosten begroot de rechtbank op nihil.

Legt aan de verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van de benadeelde, genaamd [tankstation 3] (t.a.v. [slachtoffer 9]) te betalen een som geld ten bedrage van € 100,-, (eenhonderd euro), bij gebreke van betaling en van verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van twee dagen.

Bepaalt dat betalingen aan de benadeelde partij in mindering strekken op de betaling aan de Staat.

Bepaalt dat betalingen aan de Staat in mindering strekken op de betaling aan de benadeelde partij.

Wijst toe de vordering van de benadeelde partij [snackbar 3] (t.a.v. [M.B.]), [adres en woonplaats snackbar 3]

Veroordeelt de verdachte tot het betalen van een bedrag van € 360,- (driehonderdzestig euro) als schadevergoeding.

Veroordeelt de verdachte voorts in de kosten die de benadeelde partij tot op heden heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

De tot heden gemaakte kosten begroot de rechtbank op nihil.

Legt aan de verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van de benadeelde, genaamd [snackbar 3] (t.a.v. [M.B.]) te betalen een som geld ten bedrage van € 360,- (driehonderdzestig euro), bij gebreke van betaling en van verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 7 dagen.

Bepaalt dat betalingen aan de benadeelde partij in mindering strekken op de betaling aan de Staat.

Bepaalt dat betalingen aan de Staat in mindering strekken op de betaling aan de benadeelde partij.

Wijst toe de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 11], [adres en woonplaats slachtoffer 11]

Veroordeelt de verdachte tot het betalen van een bedrag van € 500,- (vijfhonderd euro) als schadevergoeding.

Veroordeelt de verdachte voorts in de kosten die de benadeelde partij tot op heden heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

De tot heden gemaakte kosten begroot de rechtbank op nihil.

Legt aan de verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [slachtoffer 11] te betalen een som geld ten bedrage van € 500,- (vijfhonderd euro), bij gebreke van betaling en van verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 10 dagen.

Bepaalt dat betalingen aan de benadeelde partij in mindering strekken op de betaling aan de Staat.

Bepaalt dat betalingen aan de Staat in mindering strekken op de betaling aan de benadeelde partij.

Wijst toe de vordering van de benadeelde partij [tankstation 4] (t.a.v. [J.B]), [adres en woonplaats tankstation 4], tot het hierna te noemen bedrag.

Veroordeelt de verdachte tot het betalen van een bedrag van € 284,15 (tweehonderd vierentachtig euro) als schadevergoeding.

Veroordeelt de verdachte voorts in de kosten die de benadeelde partij tot op heden heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

De tot heden gemaakte kosten begroot de rechtbank op nihil.

Verklaart de benadeelde partij in het overige deel van de vordering niet ontvankelijk.

Legt aan de verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van de benadeelde, genaamd [tankstation 4] (t.a.v. [J.B.]) te betalen een som geld ten bedrage van € 284,15 (tweehonderd vierentachtig euro en 15 eurocent), bij gebreke van betaling en van verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 5 dagen.

Bepaalt dat betalingen aan de benadeelde partij in mindering strekken op de betaling aan de Staat.

Bepaalt dat betalingen aan de Staat in mindering strekken op de betaling aan de benadeelde partij.

Wijst toe de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 13], [adres en woonplaats slachtoffer 13], tot het hierna te noemen bedrag.

Veroordeelt de verdachte tot het betalen van een bedrag van € 500,- (vijfhonderd euro) als schadevergoeding.

Veroordeelt de verdachte voorts in de kosten die de benadeelde partij tot op heden heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

De tot heden gemaakte kosten begroot de rechtbank op nihil.

Verklaart de benadeelde partij in het overige deel van de vordering niet ontvankelijk.

Legt aan de verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [slachtoffer 13] te betalen een som geld ten bedrage van € 500,- (vijfhonderd euro), bij gebreke van betaling en van verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 10 dagen.

Bepaalt dat betalingen aan de benadeelde partij in mindering strekken op de betaling aan de Staat.

Bepaalt dat betalingen aan de Staat in mindering strekken op de betaling aan de benadeelde partij.

Wijst toe de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 15], [adres en woonplaats slachtoffer 15], tot het hierna te noemen bedrag.

Veroordeelt de verdachte tot het betalen van een bedrag van € 500,- (vijfhonderd euro) als schadevergoeding.

Veroordeelt de verdachte voorts in de kosten die de benadeelde partij tot op heden heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak moet maken.

De tot heden gemaakte kosten begroot de rechtbank op nihil.

Verklaart de benadeelde partij in het overige deel van de vordering niet ontvankelijk.

Legt aan de verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [slachtoffer 15] te betalen een som geld ten bedrage van € 500,- (vijfhonderd euro), bij gebreke van betaling en van verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 10 dagen.

Bepaalt dat betalingen aan de benadeelde partij in mindering strekken op de betaling aan de Staat.

Bepaalt dat betalingen aan de Staat in mindering strekken op de betaling aan de benadeelde partij.

Dit vonnis is gewezen door

mr. J.M. Vos, voorzitter,

mr. F.J. Lourens en mr. G.D.M. Hoedemaker, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. M. van Randeraat, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 3 april 2007.