Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBALK:2006:AY4704

Instantie
Rechtbank Alkmaar
Datum uitspraak
03-04-2006
Datum publicatie
20-07-2006
Zaaknummer
192841 CV EXPL 05-2594
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Een loonbedrijf heeft in opdracht van de gemeente freeswerkzaamheden uitgevoerd waarbij schade is toegebracht aan kabel die in eigendom toebehoort aan KPN. De kantonrechter oordeelt dat de gemeente schadeplichtig is jegens KPN, omdat de gemeente de wijze van uitvoering van de werkzaamheden heeft bepaald en heeft nagelaten de positionering van de kabels te onderzoeken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK ALKMAAR

Sector Kanton

Locatie Hoorn

Zaaknr/rolnr.: 192841 CV EXPL 05-2594

Uitspraakdatum: 3 april 2006

Vonnis in de zaak van:

De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid KPN Telecom B.V. voorheen genaamd PTT Telecom B.V. gevestigd en kantoorhoudende te ‘s-Gravenhage

eisende partij

verder ook te noemen: KPN

gemachtigde: Groenewegen & Partners Gerechtsdeurwaarders te Amsterdam

tegen

de rechtspersoonlijkheid bezittende gemeente Gemeente Noorder-Koggeland gevestigd en kantoorhoudende te Midwoud aan het adres Korteling 1

gedaagde partij

verder ook te noemen: gemeente Noorder-Koggenland

gemachtigde: mr. P. Reijnen werkzaam op de afdeling Algemeen Juridische Zaken van de gemeente Noorder-Koggenland.

Het procesverloop

KPN heeft een vordering ingesteld, zoals omschreven in de dagvaarding met producties d.d. 4 augustus 2005.

Gemeente Noorder-Koggenland heeft bij antwoord met producties verweer gevoerd.

Vervolgens is gediend van repliek en dupliek met producties.

KPN heeft zich bij akte nog uitgelaten over de door gemeente Noorder-Koggenland bij dupliek overgelegde producties.

Ingevolge tussenvonnis van 19 december 2005 is een comparitie van partijen gelast welke is gehouden op 6 maart 2006.

De inhoud van de processtukken geldt als hier ingelast.

Ten slotte is heden uitspraak bepaald.

Het geschil en de beoordeling daarvan

Het geschil komt – kort en zakelijk samengevat – op het volgende neer. In opdracht van de gemeente Noorder-Koggenland heeft Loonbedrijf De Wit & Zoon rond 17 maart 2003 freeswerkzaamheden uitgevoerd waarbij ter hoogte van het adres Molenstraat 20 te Benningbroek schade is toegebracht aan een kabel welke in eigendom toebehoort aan KPN. KPN acht de gemeente Noorder-Koggenland aansprakelijk voor de door haar geleden schade. KPN grondt haar vordering op onrechtmatige daad, stellende dat de Gemeente Noorder-Koggenland zelfstandig aansprakelijk is voor door KPN geleden schade. KPN heeft deze vordering gebaseerd op het bepaalde in artikel 6:162 jo 6:170/6:171 BW. De gemeente Noorder-Koggenland heeft gemotiveerd verweer gevoerd. Primair is de gemeente Noorder-Koggenland van mening dat zij niet aansprakelijk is voor de door KPN gestelde schade. De gewraakte freeswerkzaamheden behoren immers niet tot haar bedrijfsactiviteiten en het loonbedrijf heeft de werkzaamheden volledig zelfstandig uitgevoerd. In dit verband heeft de gemeente Noorder-Koggenland verwezen naar het arrest van de Hoge Raad van 21 december 2001 (NJ 2002,75). Subsidiair is de gemeente Noorder-Koggenland van mening dat zij voldoende zorgvuldigheid in acht heeft genomen zodat zij niet onrechtmatig heeft gehandeld jegens KPN.

De kantonrechter overweegt in de eerste plaats dat het beschadigen van andermans eigendommen in zijn algemeenheid als een onrechtmatige daad dient te worden aangemerkt hetgeen aansprakelijkheid oplevert voor de aldus ontstane schade, tenzij de schade de veroorzaker van de schade niet kan worden toegerekend. Zo’n situatie doet zich hier naar het oordeel van de kantonrechter niet voor.

Ter gelegenheid van de tussen partijen op 6 maart 2006 gehouden comparitie is gebleken dat het Loonbedrijf De Wit & Zoon de gewraakte freeswerkzaamheden weliswaar heeft uitgevoerd, maar dat de wijze waarop – plaats en diepte van de werkzaamheden – volledig is bepaald door de gemeente Noorder-Koggenland. Namens de gemeente Noorder-Koggenland is een Klic-melding gedaan en tevens is in een bestek precies aangegeven op welke wijze de freeswerkzaamheden moesten plaatsvinden. Het vereiste grondonderzoek is door de gemeente uitgevoerd en het Loonbedrijf De Wit & Zoon heeft daar geen enkele bemoeienis mee gehad. Zij heeft slechts op aanwijzing van de gemeente Noorder-Koggenland gefreesd.

Als vaststaand dient dan ook te worden aangenomen dat het aan de freeswerkzaamheden voorafgaande onderzoek – teneinde vast te stellen of zich ter plaatse geen kabels en/of leidingen bevinden welke door de te verrichten werkzaamheden beschadigd zouden kunnen worden – volledig onder de eigen verantwoordelijkheid van de gemeente Noorder-Koggenland is uitgevoerd.

Namens de gemeente Noorder-Koggenland is gesteld dat het een project betrof waarbij zo’n 80 bomen zijn gekapt. Bij alle bomen zijn proefsleuven gemaakt op grond waarvan is gebleken dat de kabel op een diepte van 60 cm lag. Ter plaatse van de schade kon evenwel in verband met de aanwezigheid van een betonnen brugvleugel geen proefsleuf worden gemaakt. Naar de mening van de gemeente Noorder-Koggenland kon de kavel aldaar dan ook niet verder worden gevolgd. De gemeente Noorder-Koggenland is er vervolgens vanuit gegaan dat de situatie ter plaatse niet anders was dan bij de andere bomen. Dit bleek later niet het geval aangezien – naar de mening van de gemeente Noorder-Koggenland – de kabels over de boomwortels heen waren gelegd.

De kantonrechter stelt voorop dat de gemeente Noorder-Koggenland bij een onderzoek zoals het onderhavige in het algemeen rekening ermee dient te houden dat de positionering van kabels door allerlei oorzaken kan verschillen dan wel aan verandering onderhevig kan zijn, te meer in een geval waarin het gaat om kabels die tientallen jaren geleden zijn neergelegd en zeker in een situatie waarin zich een bijzondere omgevingsfactor voordoet.

Niet valt in redelijkheid in te zien dat de gemeente Noorder-Koggenland ter plaatse – indien een proefsleuf niet tot de mogelijkheden behoorde – niet op andere wijze zich van de positionering van de doorlopende kabel had kunnen en moeten vergewissen. Extra voorzichtigheid was immers geboden door de aanwezigheid van de betonnen brugvleugel. Naar het oordeel van de kantonrechter had de gemeente Noorder-Koggenland niet mogen nalaten in ieder geval ter plekke enig onderzoek te doen naar de diepte-ligging van de kabel om zodoende de nodige voorzorgsmaatregelen te kunnen treffen.

Dit nalaten acht de kantonrechter jegens KPN onzorgvuldig hetgeen – ook los van artikel 6:170/6:171 BW – in ieder geval onrechtmatig geacht kan worden op grond van artikel 6:162 BW.

De gemeente Noorder-Koggenland is dan ook tot schadevergoeding verplicht. De gemeente Noorder-Koggenland heeft weliswaar tegen de hoogte van de gevorderde schadevergoeding bezwaar gemaakt, doch hetgeen dienaangaande door de gemeente Noorder-Koggenland naar voren is gebracht biedt de kantonrechter onvoldoende reden om de hoogte van de schade in twijfel te trekken.

De vordering van KPN komt dan ook voor toewijzing in aanmerking. Ook de meegevorderde wettelijke rente zal worden toegewezen, evenals de vergoeding voor de buitengerechtelijke incassowerkzaamheden. Hiertegen is geen zelfstandig verweer gevoerd. De buitengerechtelijke kosten zullen worden toegewezen overeenkomstig het rapport Voorwerk II.

De gemeente Noorder-Koggenland zal als de in het ongelijk gestelde partij met de proceskosten worden belast.

De beslissing

De kantonrechter:

Veroordeelt gemeente Noorder-Koggenland om aan KPN tegen kwijting te betalen een bedrag van € 1.134,39, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 902,81 vanaf 4 augustus 2005 tot de dag van betaling.

Veroordeelt gemeente Noorder-Koggenland in de proceskosten, die tot heden voor KPN worden vastgesteld op een bedrag van € 567,93 [inclusief BTW indien en voorzover door gemeente Noorder-Koggenland verschuldigd], waaronder begrepen een bedrag van € 350,00 voor salaris van de gemachtigde van KPN [waarover gemeente Noorder-Koggenland geen BTW verschuldigd is].

Verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. drs. J.H.A.C. Everaerts, kantonrechter, bijgestaan door de griffier en op3 april 2006in het openbaar uitgesproken.