Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:PHR:2021:813

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum conclusie
15-06-2021
Datum publicatie
14-09-2021
Zaaknummer
19/04296
Formele relaties
Arrest gerechtshof: ECLI:NL:GHSHE:2019:4867
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2021:1235
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
-
Inhoudsindicatie

Geen middelen ingediend, verdachte n-o. Samenhang met vijf andere zaken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Conclusie

PROCUREUR-GENERAAL

BIJ DE

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

Nummer 19/04296

Zitting 15 juni 2021

CONCLUSIE

T.N.B.M. Spronken

In de zaak

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1980,

hierna: de verdachte.

1 Inleiding

1.1.

De verdachte is bij arrest van 16 september 2019 door het gerechtshof 's-Hertogenbosch wegens “medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder D van de Opiumwet gegeven verbod”, veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 35 maanden, met aftrek van de tijd doorgebracht in voorarrest.

1.2.

Er bestaat samenhang met de zaken 19/04267 ( [medeverdachte 1] ), 19/04263 ( [medeverdachte 6] ), 19/04368 ( [medeverdachte 2] ), 19/04445 ( [medeverdachte 3] ) en 19/04339 ( [medeverdachte 5] ). In deze zaken zal ik vandaag ook concluderen.

2 Ontvankelijkheid van het beroep

2.1.

Het cassatieberoep is ingesteld namens de verdachte. De aanzegging als bedoeld in art. 435 lid 1 Sv is blijkens de akte van uitreiking op 9 september 2020 uitgereikt aan een huisgenoot op het BRP- adres van de verdachte.1 De in het tweede lid van art. 437 Sv gestelde termijn van twee maanden liep af op 9 november 2020. Gedurende deze termijn is geen schriftuur houdende middelen van cassatie binnengekomen.

2.2.

Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, kan hij ingevolge art. 437 lid 2 Sv niet in zijn cassatieberoep worden ontvangen.

3 Conclusie

3.1.

Deze conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad de verdachte niet-ontvankelijk zal verklaren in het ingestelde cassatieberoep.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

1 Blijkens de BRP-bevraging door de Hoge Raad van 27 augustus 2020 is het BRP-adres van de verdachte sinds 19 januari 2016 [a-straat 1] [plaats] , het adres waarop de akte is uitgereikt.