Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:PHR:2015:601

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum conclusie
17-03-2015
Datum publicatie
19-05-2015
Zaaknummer
13/05833
Formele relaties
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2015:1248, Contrair
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
-
Inhoudsindicatie

Profijtontneming. Het middel klaagt terecht dat de berekening van het aantal hennepplanten per vierkante meter en de daaraan te relateren opbrengst onjuist is. Dat behoeft echter niet tot cassatie te leiden. Indien wordt uitgegaan van de in het middel gepresenteerde berekening en van de door het Hof vastgestelde kiloprijs en aftrekbare kosten, had een zodanige oogst geleid tot een geschat w.v.v. van € 11.415,-. In aanmerking genomen dat het Hof het bedrag ter ontneming van het w.v.v. - met inbegrip van een korting vanwege de overschrijding van de redelijke termijn a.b.i. art. 6.1 EVRM - heeft bepaald op € 10.000,00, heeft verdachte geen rechtens te respecteren belang bij vernietiging, waarbij geldt dat in dit bedrag ook bij de aangepaste berekening een korting vanwege de termijnoverschrijding begrepen zit.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Conclusie

Nr. 13/05833

Mr. Harteveld

Zitting 17 maart 2015

Conclusie inzake:

[betrokkene]

1. Het Gerechtshof Den Haag heeft bij arrest van 13 november 2013 betrokkene ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel de verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 10.000,-.

2. Namens betrokkene is beroep in cassatie ingesteld. Mr. A.R. Kellermann, advocaat te Amsterdam, heeft bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld.

3.1. Het middel klaagt over de motivering van de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel.

Het middel keert zich blijkens de toelichting in het bijzonder tegen het oordeel van het Hof dat moet worden uitgegaan van twintig hennepplanten per vierkante meter. Er is volgens de steller van het middel sprake van een onjuiste berekening van het aantal hennepplanten per vierkante meter en als gevolg daarvan van een onjuiste schatting van de opbrengst.

3.2. Het Hof heeft hieromtrent, verwijzend naar het in hoger beroep te dien aanzien gevoerde verweer, in zijn arrest het volgende overwogen:

“Anders dan de raadsman heeft betoogd wordt uitgegaan van één kweekruimte waarin 20 hennepplanten per m2 zijn geteeld. Volgens het BOOM-rapport levert dat 25,7 gram x 157 = 4.035 gram per oogst op, derhalve afgerond 4 kilogram.

De gemiddelde kiloprijs van hennep is blijkens het BOOM-rapport € 3.199,-.

De totale opbrengst komt derhalve neer op 4 kilogram x € 3.199,- = € 12.796,-.

De afschrijvingskosten bedragen € 150,- en de variabele bedragen € 789,71 per oogst.

De totale kosten bedragen hierdoor € 939,71.

Gelet op bovenstaande stelt het hof het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vast op (€ 12.796,- - € 939,71 =) € 11.856,29.”

3.3. De bewijsvoering houdt onder meer het volgende in:

“3. Het proces-verbaal aantreffen hennepkwekerij d.d. 19 april 2010, van de Regiopolitie Haaglanden met nr. PL2010077061 en 1506-2009-11273. Dit proces-verbaal houdt onder meer in - zakelijk weergegeven - als relaas van de betreffende verbalisant (bijlage blz. 15-21):

(…)

Ik zag dat de kweekruimte een afmeting had van ongeveer 2 bij 3,5 meter. In totaal stonden er 157 plantenbakken, met daarin in totaal 157 hennepplanten (20 potten per m2).

(…)

4. Het Rapport Berekening wederrechtelijk verkregen voordeel ex artikel 36e 2e lid Sr d.d. 30 augustus 2010, opgesteld en ondertekend door [verbalisant], onder meer inhoudende -zakelijk weergegeven- als relaas van de betreffende verbalisant:

(…)

Uitgaande van 157 hennepplanten en een totale kweekoppervlakte van 7 vierkante meter en de gegevens vanuit het rapport BOOM komt het aantal planten dat per vierkante meter werd gekweekt uit op 20 hennepplanten. De opbrengst per plant is dan volgens het rapport van BOOM 2 5,7 gram.

(…)

5. Een geschrift, te weten een bijlage Wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij bij binnenteelt onder kunstlicht, Standaardberekeningen en normen, van het Bureau Ontneming Openbaar Ministerie (2005) voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven - :

Een tabel waarin is opgenomen dat de opbrengst per hennepplant 25,7 gram bedraagt uitgaande van 20 hennepplanten per vierkante meter.”

3.4. Het Hof heeft bij de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel tot uitgangspunt genomen dat de veroordeelde een geslaagde oogst heeft gehad van 157 hennepplanten en dat deze hennepplanten een opbrengst van 25,7 gram hennep per plant hebben opgeleverd. Het uitgangspunt dat een hennepplant 25,7 gram hennep oplevert is - zoals volgt uit de door het Hof aan zijn oordeel ten grondslag gelegde rapportage van BOOM (bewijsmiddel 5) - enkel toepasselijk indien uitgegaan wordt van een kwekerij waarin 20 planten er per vierkante meter werden geteeld.

3.5. Het Hof gaat inderdaad uit van 20 planten per vierkante meter. Blijkens de inhoud van de voorgaande geciteerde overweging en bewijsvoering ontleent het hof dat aantal aan het proces-verbaal aantreffen hennepkwekerij en het Rapport Berekening wederrechtelijke verkregen voordeel. Beide bewijsmiddelen reppen van een hoeveelheid van 20 hennepplanten per vierkante meter. Echter, deze zelfde bewijsmiddelen specificeren elk een hoeveelheid van 157 hennepplanten en een kweekoppervlakte van 7 vierkante meter. Uitgaande van die gegevens leert een snelle berekening dat, gelet op de hoeveelheid planten en de totale kweekoppervlakte, geen sprake kan zijn geweest van minder dan 22,4 planten per vierkante meter

3.6. 's Hofs oordeel dat de geoogste hennepplanten 25,7 gram hennep per plant hebben opgeleverd terwijl deze 157 planten, zoals het Hof blijkens de gebezigde bewijsmiddelen heeft vastgesteld, zijn geteeld op een totale kweekoppervlakte van 7 vierkante meter, is tegen die achtergrond in het licht van hetgeen de verdediging in dat verband in hoger beroep naar voren heeft gebracht en zonder nadere motivering, die ontbreekt, niet begrijpelijk. Dat brengt mee dat de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel ontoereikend gemotiveerd is.1

4. Het middel is terecht voorgesteld.

5. Gronden waarop de Hoge Raad gebruik zou moeten maken van zijn bevoegdheid de bestreden uitspraak ambtshalve te vernietigen heb ik niet aangetroffen.

6. Deze conclusie strekt tot vernietiging van het bestreden arrest en tot zodanige op art. 440 Sv gebaseerde beslissing als de Hoge Raad gepast voorkomt.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

1 Vgl. HR 12 oktober 2010, ECLI:NL:HR:2010:BN4232.