Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:PHR:2014:2448

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum conclusie
04-11-2014
Datum publicatie
07-01-2015
Zaaknummer
13/00303
Formele relaties
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2015:5, Gevolgd
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
-
Inhoudsindicatie

Verdachte n-o in het cassatieberoep, nu niet tijdig door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie is ingediend.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Conclusie

Nr. 13/00303

Zitting: 4 november 2014

Mr. Vellinga

Conclusie inzake:

[verdachte]

1. Namens verdachte is beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch d.d. 26 november 2012.

2. Er bestaat samenhang tussen de zaken met de nummers 13/00291, 13/00300 en 13/00303. In al deze zaken zal ik vandaag concluderen.

3. De verdachte heeft tijdig beroep in cassatie doen instellen. Namens hem zijn geen middelen van cassatie ingediend.1

4. Ingevolge art. 437, tweede lid, Sv, dient op straffe van niet-ontvankelijkheid binnen twee maanden na betekening van de aanzegging als bedoeld in art. 435, eerste lid, Sv door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie te zijn ingediend. Nu bij de Hoge Raad niet tijdig een schriftuur is ingediend, dient verdachte niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep te worden verklaard.

5. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van verdachte in zijn cassatieberoep.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

1 Zie in dat verband ook de brief van verdachtes raadsman d.d. 30 december 2013 waarin wordt medegedeeld dat namens de verdachte geen schriftuur houdende middelen van cassatie zal worden ingediend.